De kleuren van de wandelroutes zijn essentieel om de perfecte route door de natuur in Spanje te kiezen. Niet iedereen kent echter de betekenis van deze kleuren, dus laten we een korte uitleg geven van de kleuren wit, geel, rood en groen die je tegenkomt tijdens het wandelen in Spanje. Het is belangrijk om deze kleurcodes te begrijpen om veilig en doelgericht te kunnen wandelen in Spanje.
Wandelen heeft fysieke en emotionele voordelen. Het brengt je dichter bij de natuur, laat je ademen en zorgt voor ontspanning. Er is voor iedereen een geschikte wandelroute. Korte wandelroutes zijn ideaal voor ontspanning en verkwikking. Ze zijn meestal minder dan 10 km lang en perfect voor gezinnen, ouderen of wie even wil ontsnappen aan de drukte van het dagelijks leven.
Voor avontuurlijke wandelaars zijn langere wandelroutes een uitdaging en bieden ze de kans om dieper de natuur in te gaan. Routes variëren van 10 tot meer dan 50 km en vragen goede conditie en voorbereiding. De beloning: adembenemende uitzichten, gevarieerde landschappen en intens gevoel van vrijheid en ontdekking.
De kleuren van de wandelroutes zijn meer dan alleen een visuele aanwijzing. Ze vertellen je essentiële informatie over de lengte en de moeilijkheidsgraad van de route. Laten we eens kijken naar de kleuren van de in Spanje voorkomende wandelroutes.
Wit-groen: lokale wandelroutes
De wit-groene markering duidt op een lokale wandelroute met een lengte van minder dan 10 kilometer. Deze routes zijn perfect voor een ontspannen wandeling in de natuur, zonder al te veel inspanning. Ze zijn ideaal voor gezinnen met kinderen, ouderen of voor degenen die gewoon willen genieten van de buitenlucht zonder al te veel uitdaging.
Wit-geel: middelgrote wandelroutes
De wit-gele markering geeft aan dat de route een middelgrote afstand heeft, tussen de 10 en 50 kilometer. Deze routes bieden een uitdaging voor de meer ervaren wandelaars, maar zijn nog steeds toegankelijk voor beginners met een redelijke conditie. Ze laten je dieper de natuur intrekken en bieden een gevarieerde ervaring met verschillende landschappen en uitzichten.
Wit-rood: grote wandelroutes
De wit-rode markering is gereserveerd voor de grote wandelroutes, met een lengte van meer dan 50 kilometer. Deze routes zijn een echte uitdaging en vereisen een goede voorbereiding, conditie en uitrusting. Ze bieden een onvergetelijke ervaring voor de avontuurlijke wandelaar, met de kans om door afgelegen gebieden te trekken en diep in de natuur te duiken.
De wit-rode markering wordt op Europees niveau gebruikt voor het aangeven van de GR-paden die niet alleen langer zijn dan 50 kilometer, maar ook vaak door verschillende landen gaan.
Klassieke markeringen
Bij alle kleuren moet je ook rekening houden met de vorm van de kleuren. Als deze horizontaal boven elkaar staan getekend is er niets aan de hand en zit je op het goede pad. Bij een richtingverandering zie je twee kleuren tekens boven elkaar. Als dezelfde kleuren ziet, maar dan gekruist, dan weet je dat je de verkeerde richting op loopt.
Spanje is een waar wandelparadijs, met een verscheidenheid aan landschappen en routes die elke wandelaar zullen bekoren. Van de indrukwekkende Pyreneeën tot de schilderachtige kustlijnen en de uitgestrekte woestijnen, Spanje heeft het allemaal.
Naakt zijn in de privésfeer van je eigen huis kan een bevrijdende en ontspannende ervaring zijn. Het geeft je de gelegenheid om in contact te komen met je lichaam en een gevoel van gemak en rust te ervaren. Echter, de wettigheid van naaktheid in huis is een onderwerp dat vaak vragen oproept. Daarom vragen we ons af: wat zegt de Spaanse wet over rondlopen zonder kleding in je eigen woning?
Het Spaanse Wetboek van Strafrecht behandelt de kwestie van naaktheid in de privésfeer. Volgens artikel 185 is naaktheid in huis niet illegaal, zolang het niet op een obscene manier wordt gedaan. De wet stelt dat iemand die “obscene handelingen uitvoert of laat uitvoeren door een ander in de aanwezigheid van minderjarigen of personen met een handicap, met als doel hen seksueel te prikkelen of de openbare rust te verstoren” kan worden bestraft met een gevangenisstraf van zes maanden tot een jaar of een geldboete van zes tot twaalf maanden.
Het Europees Hof voor de Rechten van de Mens heeft ook diverse uitspraken gedaan over naaktheid in de context van de vrijheid van meningsuiting en het recht op privacy. In 2007 oordeelde het Hof dat naaktheid op zichzelf geen vorm van expressie is en dat landen het recht hebben om het te reguleren in het algemeen belang. In 2011 oordeelde het Hof echter dat naaktheid op openbare plaatsen kan worden beschermd door de vrijheid van meningsuiting, afhankelijk van de context en de bedoeling van de naakte persoon.
Kortom, naaktheid in huis is niet illegaal, tenzij het wordt gedaan op een obscene of uitlokkende manier, vooral in de aanwezigheid van minderjarigen of kwetsbare personen. De wet is bedoeld om de rechten en waardigheid van kwetsbare groepen te beschermen.
Zoals hierboven vermeld, stelt artikel 185 van het Spaanse Wetboek van Strafrecht boetes en gevangenisstraffen in voor degenen die “obscene handelingen uitvoeren of laten uitvoeren in de aanwezigheid van minderjarigen of personen met een handicap, met als doel hen seksueel te prikkelen of de openbare rust te verstoren.” Dit wordt gezien als een misdrijf tegen de openbare zedelijkheid.
Voor dit misdrijf kan een gevangenisstraf van zes maanden tot een jaar worden opgelegd. Als alternatief voor een gevangenisstraf kan er een geldboete worden opgelegd van zes tot twaalf maanden.
Het is belangrijk op te merken dat de context van de naaktheid en de intentie van de persoon cruciaal zijn bij het bepalen of er sprake is van een overtreding. Naaktheid in de privésfeer van je eigen huis, zonder obscene of uitlokkende bedoelingen, wordt over het algemeen niet als illegaal beschouwd.
Welkom op onze taalreis door Spanje met enkele fascinerende Nederlandse uitdrukkingen die rechtstreeks verband houden met Spanje of het Spaanse leven. Deze uitdrukkingen geven niet alleen kleur aan de taal, maar bieden ook een interessant inzicht in hoe Spanje cultureel wordt waargenomen in de Nederlandse taal.
Het Spaans is een van de meest gesproken talen ter wereld en uiteraard heeft dat, naast het Engels, ook een invloed op de Nederlandse taal. Daarbij komt dat Nederland en Spanje in de geschiedenis nauw met elkaar zijn verbonden, waardoor er soms eeuwenoude uitdrukkingen met daarin de woorden Spanje of Spaans nu nog steeds gebruikt worden. Laten we de onderstaande 15 bekende en minder bekende uitdrukkingen eens nader bekijken!
1. “Dat is geen Spaans voor me”
Deze uitdrukking wordt gebruikt om aan te geven dat iets erg moeilijk te begrijpen is. Hoewel Spaans een wereldtaal is, kan het voor niet-sprekers klinken als een onbegrijpelijke reeks woorden – net zoals elk complex onderwerp voor een leek kan zijn.
2. “Leven als een God in Frankrijk (of Spanje)”
Deze bekende uitdrukking wordt vaak gebruikt om een leven in luxe en comfort te beschrijven. Hoewel de meest voorkomende variant “in Frankrijk” wordt gebruikt, komt “in Spanje” ook voor, vooral als men denkt aan het ontspannen leven aan de Spaanse zonovergoten Costa’s.
3. “Het Spaans benauwd krijgen”
Deze uitdrukking verwijst naar een gevoel van grote angst of benauwdheid. Het interessante is dat ‘Spaans’ hier niet direct gerelateerd is aan het land Spanje, maar eerder voortkomt uit de Spaanse Inquisitie, een periode die in de Nederlandse geest gekoppeld is aan verstikkende controle en angst.
4. “Spaanse vlieg”
‘Spaanse vlieg’ is geen vlieg, maar een kever, en de term wordt in Nederland soms gebruikt om een vermeend afrodisiacum aan te duiden. Deze uitdrukking geeft de exotische en enigszins mysterieuze allure weer die Spanje in de verbeelding kan hebben.
5. “Een Spaanse aak”
Een minder bekende uitdrukking, maar interessant genoeg om te noemen. Een ‘Spaanse aak’ refereert aan een oud type schip, en in de uitdrukking gebruikt men het om een groot en log persoon te beschrijven. Het weerspiegelt de historische invloed van Spanje op de scheepvaart en hoe deze in de taal is verankerd. Deze uitdrukking kan ook verwijzen naar een Spaanse boom, de “Acer campestre” of Spaanse aak, ook bekend als veldesdoorn.
6. “De Spaanse marge nemen”
Deze uitdrukking wordt gebruikt om aan te duiden dat iemand een flinke speling neemt, hetzij in tijd of in metingen, en refereert aan de wijde marges die traditioneel in het Spaanse handelsverkeer gebruikt werden.
7. “Een Spaanse furie”
Deze term verwijst naar hevige, ongecontroleerde woede en is afgeleid van de heftige aanvallen door Spaanse troepen in Nederland tijdens de Tachtigjarige Oorlog, met name tijdens het beleg van steden zoals Antwerpen.
8. “Op zijn Spaans”
Dit betekent iets doen op een onconventionele of slinkse manier. Het kan soms ook verwijzen naar de manier waarop iets op een sierlijke of overdreven manier wordt gedaan, wat de flamboyante aspecten van de Spaanse cultuur reflecteert.
9. “Spaanse peper gebruiken”
Deze uitdrukking wordt figuurlijk gebruikt om aan te geven dat iemand kracht of pit toevoegt aan een gesprek of situatie, vergelijkbaar met hoe Spaanse peper gerechten pittiger maakt.
10. “Een Spaanse prins uithangen”
Deze zegswijze wordt gebruikt voor iemand die zich belangrijker of deftiger voordoet dan hij in werkelijkheid is, vergelijkbaar met hoe sommige historische Spaanse prinsen bekend stonden om hun pompeuze gedrag.
11. “Spaans voor gevorderden”
Deze uitdrukking wordt vaak humoristisch gebruikt om aan te duiden dat iets erg ingewikkeld of moeilijk te begrijpen is. Het benadrukt dat, net als de Spaanse taal voor sommigen, de situatie of het onderwerp niet makkelijk te doorgronden is.
12. “De Spaanse vloot inschakelen”
Dit betekent dat je erg veel moeite doet of veel middelen inschakelt om iets te bereiken, vaak meer dan eigenlijk nodig is. Het refereert aan de grote en machtige Spaanse Armada uit de geschiedenis.
13. “Een Spaans graantje meepikken”
Deze zegswijze gebruikt men wanneer iemand op een slimme of toevallige manier voordeel haalt uit een situatie. Het kan gerelateerd zijn aan de tijden dat Spanje rijkdommen uit haar koloniën importeerde en anderen daar een deel van probeerden te krijgen.
14. “Dat is een Spaanse muur”
Deze uitdrukking wordt gebruikt om een onoverkomelijk obstakel of een zeer solide barrière te beschrijven. Het verwijst naar de sterke verdedigingswerken die Spanje in het verleden bouwde.
15. “Zich de Spaanse laarzen aantrekken”
Dit betekent zich voorbereiden op een zeer zware of strenge taak. Het is afgeleid van het martelwerktuig ‘Spaanse laarzen’, dat gebruikt werd om bekentenissen af te dwingen tijdens de Inquisitie.
Deze uitdrukkingen tonen hoe taal culturele percepties en historische gebeurtenissen kan vastleggen. Spanje, met zijn rijke geschiedenis en levendige cultuur, blijft een bron van inspiratie, niet alleen voor reizigers en geschiedenisliefhebbers, maar ook voor de sprekende kunst van de Nederlandse taal.
De Red de Hospederías de Extremadura is een initiatief in de autonome gemeenschap van Extremadura, Spanje. Dit netwerk, bestaande uit een reeks historische gebouwen die zijn omgetoverd tot gastvrije viersterrenhotels, biedt reizigers een unieke kans om de rijke geschiedenis en cultuur van de regio te ervaren, terwijl ze genieten van modern comfort.
De Red de Hospederías de Extremadura is een project gestart door de regionale overheid van Extremadura met als doel het bevorderen van toerisme en het behoud van historisch erfgoed. Elk van de hospederías is gevestigd in een zorgvuldig gerestaureerd gebouw dat van cultureel of historisch belang is, zoals kloosters, paleizen of herenhuizen. Deze accommodaties bieden hoogwaardige faciliteiten en diensten, en zijn strategisch gelegen in gebieden van natuurlijke schoonheid of historisch belang.
In feite doen deze hospederías denken aan de bekende door de Spaanse staat gerunde Paradores hotels, waarvan er binnenkort 100 te vinden zijn in Spanje en een in Portugal, daar hebben we HIER al eens over geschreven. In de autonome regio Aragón hebben ze ook Hospederías, waar we HIER al eens over geschreven hebben.
Het project van de Red de Hospederías de Extremadura begon in de vroege jaren 2000 als een onderdeel van een breder plan om toerisme te stimuleren en tegelijkertijd te investeren in het behoud van historische gebouwen. Door deze gebouwen een nieuwe functie te geven, kon men zowel het culturele erfgoed van de regio beschermen als een nieuwe bron van inkomsten creëren.
Hier is een korte beschrijving van elk van de acht hospederías met een link naar hun respectievelijke websites:
Beeld: Hospederías de Extremadura
Hospedería Conventual de Alcántara
De Hospedería Conventual de Alcántara is gevestigd in een majestueus klooster uit de 15e eeuw, gelegen in het historische stadje Alcántara in Extremadura. Dit prachtig gerenoveerde hotel combineert de serene grandeur van zijn monastieke verleden met moderne luxe, waardoor gasten een unieke en onvergetelijke verblijfservaring wordt geboden. Website
Beeld: Hospederías de Extremadura
Hospedería Valle del Ambroz
Dit historische hotel ligt in het hart van de prachtige Ambroz Vallei, een gebied bekend om zijn rijke geschiedenis en natuurlijke schoonheid. Het biedt comfortabele accommodatie in een gebouw dat rijk is aan historisch karakter, met moderne voorzieningen die perfect geïntegreerd zijn in de oude architectuur. De hospedería is een uitstekende uitvalsbasis voor het verkennen van de omliggende bossen, rivieren en oude dorpjes. Website
Beeld: Hospederías de Extremadura
Hospedería Valle del Jerte
Gelegen in de beroemde Jerte Vallei, bekend om zijn adembenemende kersenbloesem in de lente, biedt deze hospedería een charmante mix van traditionele architectuur en moderne gemakken. Gasten kunnen de nabijgelegen kersenboomgaarden verkennen, evenals de vele natuurlijke zwembaden en wandelpaden die het gebied rijk is. De kamers bieden prachtig uitzicht over de vallei, waardoor dit een perfecte plek is voor natuurliefhebbers en rustzoekers. Website
Beeld: Hospederías de Extremadura
Hospedería Puente de Alconétar
Dit hotel, gevestigd in een indrukwekkend 15e-eeuws paleis in Garrovillas de Alconétar, combineert luxueuze voorzieningen met de charme van historische architectuur. De kamers zijn smaakvol ingericht, veel met uitzicht op de schilderachtige binnenplaats of de oude stad. De omgeving is rijk aan cultureel erfgoed, met veel Romeinse en middeleeuwse sites in de buurt. Website
Beeld: Hospederías de Extremadura
Hospedería Hurdes Reales
Deze hospedería, gelegen in het hart van het natuurreservaat Las Hurdes, is de ideale locatie voor liefhebbers van het buitenleven. Het hotel biedt comfort in een landelijke setting, met activiteiten zoals wandelen, vogels kijken en het verkennen van de lokale cultuur. De kamers bieden een panoramisch uitzicht op de omliggende bergen en valleien, wat zorgt voor een vredige en revitaliserende ervaring. Website
Beeld: Hospederías de Extremadura
Hospedería Mirador de Llerena
Dit hotel bevindt zich in een prachtig gerestaureerd 16e-eeuws gebouw in Llerena, een stad bekend om zijn rijke historische en artistieke erfgoed. Het biedt elegante kamers en uitstekende faciliteiten, waaronder een uitstekend restaurant dat lokale gerechten serveert. De hospedería is ook een perfecte uitvalsbasis voor het verkennen van de Romeinse en Moorse invloeden in de regio. Website
Beeld: Hospederías de Extremadura
Hospedería Sierra de Gata
Gelegen in het pittoreske Sierra de Gata-gebergte, combineert deze hospedería landelijke charme met comfort. Het is een ideale plek voor wie wil ontsnappen aan de drukte van het dagelijks leven en genieten van de natuur. De faciliteiten zijn ontworpen om gasten een gezellige en warme sfeer te bieden, van de stenen open haarden tot de comfortabel ingerichte kamers. Website
Beeld: Hospederías de Extremadura
Hospedería Monfragüe
Dit hotel is gelegen in het hart van het Nationaal Park Monfragüe, een van de meest waardevolle ecologische gebieden in Europa. De hospedería is een perfecte plek voor natuurliefhebbers en biedt directe toegang tot een scala aan buitenactiviteiten, waaronder vogels kijken, wandelen en fotografie. Het interieur van het hotel reflecteert de natuurlijke omgeving met een inrichting die is geïnspireerd door de lokale fauna en flora. Website
Deze netwerken van hospederías zijn niet alleen een kans om te verblijven in historisch belangrijke locaties, maar bieden ook een diepgaande blik in het culturele en natuurlijke erfgoed van Extremadura.
In Spanje zijn er heel wat achternamen die eindigen op ‘ez’, zoals Rodríguez, Sánchez, Pérez en Fernández. Volgens het Spaanse Statistiekbureau (INE) is García de meest voorkomende achternaam in Spanje, met meer dan 1,4 miljoen mensen die deze achternaam als eerste of tweede achternaam dragen. Maar waarom zijn er zoveel Spaanse achternamen die eindigen op ‘ez’ en wat betekent dat?
De meest verspreide theorie is dat het achtervoegsel ‘ez’ werd toegevoegd aan andere namen om de ouders van een persoon te identificeren. Dus iemand met de achternaam Álvarez was de zoon van een Álvaro, en een Fernández had een vader met de naam Fernando. De oorsprong van het achtervoegsel ‘ez’ blijft echter een raadsel.
Bekend is dat het gebruik van het patroniem (vadersnaam) ‘ez’ al in de 8e en 9e eeuw wijdverbreid was in Navarra. García Íñiguez was de naam van de koning van Navarra die in 851 of 852 zijn vader Íñigo opvolgde. Alfaro de Prado stelt dat de formule zo populair werd dat hij zich over het hele Spaanse vasteland verspreidde. Vandaag de dag bestaan er talrijke achternamen die eindigen op ‘ez’ en die van generatie op generatie zijn doorgegeven.
De populairste achternamen in Spanje
Volgens het INE waren op 1 januari 2023 de meest voorkomende achternamen in Spanje:
GARCÍA – 1.449.647
RODRÍGUEZ – 926.207
GONZÁLEZ – 921.956
FERNÁNDEZ – 902.331
LÓPEZ – 865.941
MARTÍNEZ – 828.051
SÁNCHEZ – 813.023
PÉREZ – 774.072
GÓMEZ – 490.272
MARTÍN – 480.907
García
García is een patroniem dat is afgeleid van de Germaanse mannennaam ‘Gard’, wat ‘beschermer’ betekent. Het werd oorspronkelijk gebruikt om de zoon van iemand met de naam García aan te duiden. García is de meest voorkomende achternaam in heel Spanje en wordt vooral veel aangetroffen in de regio’s Extremadura, Castilla-La Mancha en Andalusië.
Rodríguez
Rodríguez is een variant van de naam Rodrigo, die is afgeleid van de Germaanse woorden ‘hrod’ (roem) en ‘ric’ (rijk). Het was oorspronkelijk een patroniem dat ‘zoon van Rodrigo’ betekende. Rodríguez is de op een na meest voorkomende achternaam in Spanje en komt vooral veel voor in de regio’s Galicië, Asturië en Cantabrië.
González
González is een patroniem dat is afgeleid van de naam Gonzalo, een Spaanse vorm van de Germaanse naam ‘Gunþi-salaz’, wat ‘strijder’ betekent. Oorspronkelijk duidde het op de zoon van iemand met de naam Gonzalo. González is een veelvoorkomende achternaam in heel Spanje, maar komt het meest voor in de noordelijke regio’s zoals Asturië en Cantabrië.
Andere populaire achternamen
Naast García, Rodríguez en González zijn er nog verschillende andere veelvoorkomende Spaanse achternamen die eindigen op ‘ez’, zoals Fernández, López ,Martínez, Sánchez, Pérez en Gómez. Deze achternamen volgen hetzelfde patroon als García, Rodríguez en González, waarbij ze oorspronkelijk werden gebruikt om de zoon van een persoon met een bepaalde voornaam aan te duiden.
Veel automobilisten hebben vragen over de wettelijke vereisten rondom het meenemen van reservebrillen in personenwagen in Spanje. Sommigen zijn zich niet bewust van de specifieke regelgeving, terwijl anderen denken dat het verplicht is om een extra bril bij je te hebben. Gaat het om fake news of is er echt een verplichting voor brildragers om altijd een reservebril bij zich te hebben?
Volgens het Algemeen Reglement voor Bestuurders is het voor bestuurders in Spanje verplicht om hun bril of lenzen te dragen wanneer ze achter het stuur zitten. Echter, er is geen verplichting opgenomen om ook een reservebril mee te nemen in het voertuig. Hoewel het aan te raden is om een reservebril bij de hand te hebben, is het dus niet wettelijk verplicht.
Meer dan 20 jaar geleden was het wel degelijk verplicht voor Spaanse bestuurders om een reservebril in de auto te hebben. Deze regel is echter al lang geleden komen te vervallen, maar er heerst bij veel automobilisten nog steeds verwarring over deze kwestie, ook omdat sommige media dit steeds weer aankaarten.
Alhoewel het niet wettelijk vereist is, is het wel sterk aan te raden om een reservebril in de auto te hebben. Dit voorkomt ongemakken en mogelijke verkeersboetes als uw primaire bril onverhoopt kapot gaat of kwijt raakt tijdens het rijden.
Hoe weet de politie dat je een bril moet dragen?
De verkeerspolitie van de Guardia Civil kan tijdens verkeerscontroles vaststellen of een bestuurder een bril of lenzen nodig heeft om veilig te kunnen rijden. Dit doen ze door de bestuurder te ondervragen over zijn of haar gezichtsvermogen en eventueel een eenvoudige oogtest uit te voeren.
In het rijbewijs van een bestuurder staat vermeld of deze persoon verplicht is om een bril of lenzen te dragen tijdens het autorijden. De Guardia Civil kan dit dus eenvoudig controleren tijdens een routinecontrole door naar de achterkant van een rijbewijs naar de codes te kijken.
De letters naast de icoontjes van de voertuigen staan voor de verschillende rijbewijscategorieën. De B staat voor personenauto en AM staat voor bromfiets. Naast de rubrieken staan twee data: wanneer je het rijbewijs voor een rubriek gehaald hebt en tot wanneer die rubriek geldig is.
De cijfercodes die op het rijbewijs staan hebben te maken met bepaalde voorwaarden waar je aan moet voldoen. Deze zijn in Spanje overigens hetzelfde als in andere EU-landen zoals Nederland en België. Dat betekent dat als een agent een buitenlands, maar EU-rijbewijs controleert, de cijfercodes ook voor de buitenlandse automobilist gelden en deze ook bij een overtreding beboet kan worden.
Wat betreft brillen en contactlenzen gaat het om twee codes. Cijfercode 01.01 betekent dat de rijbewijshouder een bril moet dragen. Cijfercode 01.02 betekent dat de rijbewijshouder contactlenzen draagt. Cijfercode 01.06 betekent dat de rijbewijshouder zowel met bril als met contactlenzen mag rijden. En dan heb je ook nog cijfercode 01.05 wat betekent dat iemand met een ooglap mag rijden of cijfercode 01.07 met een specifiek gezichtshulpmiddel.
Alleen met de laatste cijfercode (01.06) mag de automobilist dus een bril of contactlenzen dragen, in de andere twee gevallen (01.01 en 01.02) is dat dus niet het geval. Zit je achter het stuur met een bril op terwijl je volgens je rijbewijs alleen met contactlenzen mag rijden (01.02) of rij je met contactlenzen terwijl je volgens je rijbewijs alleen met een bril op mag rijden (01.01), dan kun je een boete van 200 euro krijgen voor een zware overtreding (infracción caractèr grave).
Lang voordat er zonnepanelen op daken van huizen werden geplaatst, waren de zonneboilers in Spanje al te zien. Vooral in het zuiden van het land was het niet ongewoon om een boiler met zonnepanelen op daken te zien. In het Spaans heet deze ‘colector solar térmico’ en zijn ze een alternatief om warm water via zonnewarmte te genereren.
Een zonneboiler is een duurzame manier om warm water te produceren door gebruik te maken van zonne-energie. Het systeem bestaat uit een zonnecollector die op het dak wordt geïnstalleerd en een opslagtank waarin het verwarmde water wordt bewaard voor gebruik in de woning. Dit systeem heeft verschillende voordelen, waaronder een vermindering van de CO2-uitstoot en de besparing op energiekosten.
Een zonneboiler kan in Spanje een bijzonder aantrekkelijke optie zijn vanwege het klimaat. Het grootste deel van het land heeft meer dan 300 dagen zon per jaar, wat betekent dat er voldoende zonne-energie beschikbaar is om een zonneboiler effectief te laten werken. Bovendien is Spanje toegewijd aan het stimuleren van duurzame energiebronnen, waaronder zonne-energie.
Er zijn echter ook bepaalde regelgevingen waarmee rekening gehouden moet worden bij de installatie van een zonneboiler in Spanje. Een van de belangrijkste regels is dat de installatie moet worden uitgevoerd door een erkend bedrijf dat beschikt over de nodige certificeringen en vergunningen. Dit zorgt ervoor dat het systeem veilig en efficiënt wordt geïnstalleerd.
Daarnaast zijn er ook specifieke wetten in Spanje die betrekking hebben op de installatie van zonne-energiesystemen, waaronder zonneboilers. Zo moet de installatie worden gemeld bij het regionale energieagentschap en moet er een inspectie worden uitgevoerd om te zorgen dat het systeem voldoet aan alle vereisten. Ook moeten zonneboilers worden onderhouden en geïnspecteerd door erkende professionals om ervoor te zorgen dat het systeem veilig en efficiënt blijft werken.
Mogelijke nadelen
Het zijn niet alleen maar voordelen, want er zijn ook enkele nadelen van het plaatsen van een zonneboiler. Het is namelijk een grote investering om een zonneboiler te kopen en te installeren met een bedrag tussen de 2.000 en 4.000 euro. Daarnaast kun je het warme water dat je niet gebruikt niet, zoals bij overtollige elektriciteit van zonnepanelen, terugleveren aan het elektriciteitsnet. Ook zul je een aanvullend warmwatersysteem nodig hebben in het geval de zonneboiler niet genoeg warm water levert. Ook is een zonneboiler geen mooi gezicht op het dak, maar dat zijn zonnepanelen ook niet altijd.
Types zonneboilers
Er zijn verschillende soorten zonneboilers op de markt, elk met hun eigen specifieke kenmerken en voordelen. Hieronder volgt een korte omschrijving van de meest voorkomende types:
Thermosifon zonneboiler: Dit type zonneboiler maakt gebruik van natuurlijke convectie om het verwarmde water te laten circuleren. De zonnecollector wordt op het dak geïnstalleerd en het verwarmde water stijgt op en wordt opgeslagen in een tank die zich lager bevindt dan de collector.
Compacte zonneboiler: Dit type zonneboiler bestaat uit een geïntegreerd systeem van zonnecollectoren en een opslagtank in één compacte unit. Het is een goede optie voor huizen met beperkte ruimte voor de installatie van een zonneboiler.
Heat pipe zonneboiler: Dit type zonneboiler maakt gebruik van heat pipes, die gevuld zijn met een vloeistof die snel verdampt bij lage temperaturen. De verdampte vloeistof stijgt op naar de condensator, waar het weer vloeibaar wordt en warmte afgeeft aan het water dat in de opslagtank zit.
Zonneboiler met terugloopsysteem: Dit type zonneboiler maakt gebruik van een speciaal terugloopsysteem dat ervoor zorgt dat het water niet oververhit raakt en de zonnecollector niet beschadigd wordt bij hoge temperaturen.
Zonneboiler met warmtepomp: Dit type zonneboiler combineert de zonne-energie met een warmtepomp die de resterende energie uit de omgeving haalt om het water verder op te warmen. Het is een efficiënte manier om het water nog warmer te maken en om het hele jaar door warm water te hebben.
Terugverdientijd en gebruiksduur
Als de installatie goed gedimensioneerd is kan de investering in slechts 9 jaar worden terugverdiend, een periode die volgens sommigen tussen de 6 en 7 jaar duurt. Met de huidige subsidies kan de terugverdientijd worden teruggebracht tot 2 of 3 jaar omdat, afhankelijk van de plaats van verblijf, verschillende incentives van de publieke overheden kunnen worden verkregen.
De meeste experts zijn het erover eens dat de levensduur van een zonneboiler ongeveer 25 jaar bedraagt, hoewel er ook gevallen bekend zijn van systemen die in de jaren 80 zijn geïnstalleerd en meer dan 40 jaar functioneren.
Op de drukke straten van Spaanse steden is het een veel voorkomend beeld: auto’s die geparkeerd staan in tegenovergestelde richting van het verkeer. Bestuurders die op zoek zijn naar een parkeerplek, aarzelen niet om de tegenovergestelde rijbaan te blokkeren, ook al moeten ze daarvoor een paar meter tegen de rijrichting in rijden. Deze praktijk is niet alleen illegaal, maar vormt ook een aanzienlijk risico voor andere weggebruikers.
Deze illegale handeling wordt niet alleen beschouwd als een verkeersovertreding, maar kan ook ernstige juridische gevolgen hebben. Als een politieagent of verkeersagent deze manoeuvre opmerkt, riskeert de bestuurder een boete van € 500 en een aftrek van zes punten van het (Spaanse) rijbewijs. Dit wordt gezien als een zeer ernstige overtreding die zelfs strafrechtelijke gevolgen kan hebben.
Zelfs wanneer de auto al tegen de rijrichting in geparkeerd staat, vermindert het risico op een boete niet. Agenten kunnen de bestuurder een lichte overtreding opleggen, ongeacht of deze wel of niet in de auto aanwezig is. Dit betekent een boete van € 100 zonder puntenaftrek op het rijbewijs.
Naast het risico op boetes, brengt het parkeren tegen de rijrichting in ook een groter gevaar met zich mee voor verkeersongevallen. Andere bestuurders verwachten geen voertuigen in deze positie en kunnen onvoldoende tijd hebben om te reageren, wat kan leiden tot ongevallen.
Het negeren van verkeersregels en het onveilig parkeren kunnen de verkeersveiligheid ernstig in gevaar brengen. Bestuurders die tegen de rijrichting in geparkeerd staan, kunnen andere weggebruikers in gevaar brengen, zoals voetgangers, fietsers en andere automobilisten.
Het Reglement Verkeersregels is duidelijk over deze kwestie: op stedelijke wegen moeten voertuigen zo dicht mogelijk bij de rechterrand van de rijbaan geparkeerd worden, tenzij het een eenrichtingsweg is, waar ook aan de linkerkant geparkeerd mag worden.
Op eenrichtingswegen is het toegestaan om aan beide zijden van de weg te parkeren, zolang de auto’s in de rijrichting staan. Dit geldt echter niet voor tweerichtingsverkeer, waar alleen aan de rechterkant geparkeerd mag worden.
Wanneer we in Spanje op de weg rijden, vallen ons vaak kleine stickers of symbolen op de achterkant van auto’s op. Sommigen zijn gemakkelijk te herkennen, zoals milieustickers, de zwarte Osborne stier, een vlag van een Spaanse regio of de Spaanse vlag en zelfs baby aan boord stickers. Maar er zijn ook andere symbolen die minder duidelijk zijn en ons nieuwsgierig maken naar hun betekenis. In dit artikel kijken we echter naar een ander veel gebruikt symbool, dat van een mensachtig figuur met opgeheven armen.
Een symbool op de achterkant van een auto kan een breed scala aan betekenissen hebben. Het kan gaan om een identificatie, een waarschuwing, een milieu-indicatie of zelfs een modestatement. In de praktijk zijn veel symbolen die op auto’s worden geplaatst officiële markeringen die worden vereist door verkeersautoriteiten of overheden.
Een ander interessant symbool dat je misschien bent tegengekomen, is het zogenaamde Indalosymbool. Dit oude symbool wordt vaak gezien als een geluksbrenger en beschermende kracht voor reizigers. Veel Spanjaarden, en zelfs buitenlanders, plaatsen het Indalo symbool op de achterkant van hun auto’s in de hoop dat het hen veiligheid en bescherming biedt tijdens hun reizen. Het is een oude traditie die wortel heeft geschoten in de moderne tijd en nu een populair fenomeen is geworden.
Het Indalo symbool vindt zijn oorsprong in prehistorische rotstekeningen die zijn gevonden in de provincie Almería in Andalusië. Deze tekeningen, die dateren uit de bronstijd en de ijzertijd, beelden een mensachtig figuurtje uit met opgeheven armen. De exacte betekenis ervan is onderwerp van veel discussie en speculatie.
Het symbool wordt vaak geassocieerd met de culturen van de Iberiërs en de Moren, die in deze regio’s woonden vóór de komst van de Spanjaarden. Sommige experts geloven dat het symbool een afbeelding is van een beschermende geest of goedheiligman die voorspoed en veiligheid moest brengen.
In de moderne tijd is het Indalo symbool opnieuw omarmd als een icoon van de provincie Almería en wordt het gezien als een geluksbrenger en beschermende kracht. Het wordt vaak gebruikt in souvenirs, sieraden en andere kunstvoorwerpen uit deze Andalusische provincie.
Daarnaast is het plaatsen van het Indalo symbool op auto’s ook een manier om de rijke culturele erfenis van de regio te omarmen en te vieren. Het symbool is een verbinding met de oude tradities en geschiedenis van de streek, en het tonen ervan is een eerbetoon aan die wortels.
Een veelvoorkomend symbool op Spaanse auto’s is de bekende rood-gele gekleurde “diana”-sticker, een cirkel bestaande uit drie concentrische ringen in de kleuren van de Spaanse vlag. Dit symbool, bekend als de “escarapela española”, is een krachtige uiting van Spaanse trots en nationale identiteit die teruggaat tot de tijd van de Spaanse Onafhankelijkheidsoorlog in de 19e eeuw. We hebben het dus niet over de zwarte Osborne stier, maar over een rood-gele schietschijf-sticker.
De “escarapela española” is een traditioneel Spaans patriottisch embleem dat dateert uit de periode van de Spaanse Onafhankelijkheidsoorlog tegen de Franse overheersing in de vroege 19e eeuw. Het werd toen gebruikt als een onderscheidend teken door de Spaanse strijders en burgers om hun trouw aan de Spaanse zaak te tonen. Het ronde ontwerp, bestaande uit rode en gele concentrische ringen, is afgeleid van de ‘koek’ in de heraldiek, een ronde schijf die vaak wordt gebruikt in nationale emblemen over de hele wereld.
Voor veel Spanjaarden vertegenwoordigt de “escarapela española” de essentie van hun nationale identiteit en trots. Het dragen of vertonen van dit embleem wordt gezien als een manier om de eenheid en soevereiniteit van Spanje te eren en te vieren. Het is een krachtig symbool dat vaak wordt gebruikt door degenen die hun onvoorwaardelijke liefde voor hun land willen uitdrukken.
Hoewel het primaire doel van de “escarapela española” is om de nationale identiteit en trots uit te dragen, wordt het soms ook geassocieerd met politieke standpunten of protesten tegen een regering. Sommigen zien het dragen van dit symbool als een kritiek op de huidige politieke situatie of als een oproep tot verandering. Dit is echter niet de algemeen geaccepteerde betekenis, die vooral gericht is op het vieren van de Spaanse eenheid en soevereiniteit.
De “escarapela española” wordt ook gebruikt als een luchtvaartkundig onderscheidingsteken om de nationaliteit van Spaanse militaire vliegtuigen en luchtvaarttuigen aan te geven. Omdat deze voertuigen te snel vliegen om een volledige vlag te kunnen dragen, fungeert de “escarapela española” als een compacte verwijzing naar de Spaanse identiteit.
Naast in de luchtvaart wordt de “escarapela española” ook gebruikt als een nationaal embleem op andere militaire voertuigen en uitrustingen, zoals tanks, gepantserde voertuigen en marineschepen. Het was ook een veelvoorkomend onderdeel van militaire uniformen, hoewel het gebruik ervan in de late 19e eeuw is afgenomen vanwege veranderende modetendensen.
De Iberische ham is een van de lekkernijen op de Spaanse tafel, een van de grote gastronomische schatten van het land. Jamón Ibérico is een delicatesse en bovendien is het consumeren ervan gezond. Nu komen de kerstdagen eraan en hoewel de jaren voorbij gaan, blijft de Spaanse menukaart deze ham serveren als een van de onmisbare gerechten. Het is in feite een van de meest geconsumeerde voedingsmiddelen met kerst, samen met lam, schaaldieren en turrón. Maar hoe snij je een Spaanse ham en belangrijker nog, hoe bewaar je deze het beste?
Veel Spanje bezoekers besluiten een vaak dure Iberische ham mee te nemen naar hun eigen land om daarna met hun handen in het haar te staan, omdat ze niet weten hoe ze het moesten snijden en bewaren. Het is namelijk een hele kunst om dat goed te doen, iets wat belangrijk is omdat deze hammen vaak erg duur zijn. Daarom een uitleg van het snijden en bewaren van een Jamón Ibérico.
Benodigdheden kopen
Het is ten eerste belangrijk om goed materiaal te hebben, zoals dit speciale hamsnijmes om de fijnste en dunste plakken ham te snijden. Het is ook handig en soms zelfs beter om een Spaanse hamhouder van hout te hebben, zoals deze die hier te koop is. En als je helemaal luxe wilt gaan, dan kun je deze hamhouder met uitschuifbare lade inclusief drie hamsnijmessen kopen. Vooral deze laatste optie is makkelijk en daarnaast ook een leuk kado voor de echte SpanjeFan. Heb je in Spanje nog geen ham gekocht, dan kan dat ook HIER inclusief een hamhouder en hamsnijmes, een totaalpakket dus.
Schoonmaken ham
Met de ham al juist geplaatst in de hamhouder en de benodigdheden zoals het hamsnijmes klaar, maken we de ham schoon. Met het puntmes moeten we een diepe snede maken van de poot van de ham tot de punt of het bot van de ham. Vanaf die lijn beginnen we het korstje en het gele spek schoon te maken. Dit moet je bewaren voor later gebruik.
Snijden ham
Sommige experts adviseren te beginnen met snijden bij de enkel, omdat deze minder vet heeft. Als het niet meteen wordt geconsumeerd, droogt het eerder uit. Anderen zijn echter van mening dat het beter is te beginnen bij het dikkere gedeelte, omdat de vette vloeistoffen door de zwaartekracht naar beneden vloeien en de enkel doordrenken, waardoor voorkomen wordt dat deze hard wordt.
We beginnen plakken te snijden. De grootte doet ertoe. Ze mogen niet groter zijn dan een creditcard. Het is van essentieel belang dat de hand waarmee je niet snijdt, altijd achter het gebied zit waar we met het mes snijden, om ongelukken te voorkomen.
Bewaren ham
Het lijkt erop dat we er nu zijn … nu eten en genieten. Maar nee, hoe we de Iberische ham bewaren is ook belangrijk. We willen voorkomen dat de ham uitdroogt en willen uitdroging en oxidatie tegen gaan. Om te beginnen: waar bewaar je een aangesneden ham? Omdat we een goede temperatuur willen garanderen, is het het beste om de ham op kamertemperatuur te laten, maar op een plek waar geen plotselinge temperatuurveranderingen plaatsvinden. Het moet een koele en droge plek zijn waar geen direct licht op valt.
Vervolgens moet het gedeelte dat in contact staat met de lucht worden afgedekt. In de eerste plaats hangt het af van het tijdstip van de volgende snede. Als we van plan zijn om in de komende 24-48 uur (niet langer) uit dezelfde ham te snijden, wordt geadviseerd deze af te dekken met goed uitgerekt huishoudfolie.
Maar voordat we dat folie gebruiken, het definitieve trucje: we maken een witvetlaag die als lijm zal werken. Waar komt dit vet vandaan? Toen we de ham aan het begin schoonmaakten, bewaarden we een deel van het bedekkingsvet, het vet dat je niet opeet. Maar niet de eerste gele, ransige vetlaag, maar de laag eronder met een wittere kleur.
We pakken dit hamvet bij het witste deel en wrijven het beetje bij beetje over het snijoppervlak en het gebied dat we hebben schoongemaakt, geven de experts bij Jamonlovers aan. Op die manier creëren we met het eigen vet van de ham een beschermende laag die helpt om de ham in goede staat te houden. Dit vet wordt niet weggegooid, maar bewaard voor de volgende keer.
Als we eenmaal de ham hebben geopend en niet van plan zijn deze in de komende 24-48 uur opnieuw te snijden, adviseren experts om de ham eerst te bedekken met de witte vetlaag en vervolgens met een zwarte, matte katoenen doek (geen plastic). Dat gezegd hebbende, zijn er hamdeskundigen die het bevochtigen van de ham met vet niet aanbevelen, omdat het volgens hen de smaak verandert. En er zijn er die het zelfs voor een paar uur niet eens aanbevelen om het met huishoudfolie te bedekken.
Met de hand snijden is beter
Het snijden van de ham met de hand is niet alleen een kwestie van traditie. Het snijden met een hamsnijmes heeft belangrijke voordelen:
Je hebt meer controle over de dikte van de plakken. Je kunt dunnere plakken snijden zonder het risico te lopen het vlees te beschadigen.
Je kunt de textuur en vezelrichting van het vlees beter aanvoelen. Zo kun je plakken snijden die malser en sappiger zijn.
Het is gemakkelijker om onregelmatige delen en randen netjes af te snijden.
Je kunt beter inspelen op verschillen in vleesstructuur en vetdooradering.
Om de beenham optimaal met de hand te kunnen snijden is een goede houding en techniek van groot belang:
Sta stabiel met het benen uit elkaar. Zet de ham iets schuin naar voren.
Houd het handvat van het hamsnijmes stevig maar ontspannen vast. Gebruik je pols, niet je hele arm.
Zet het mes dicht bij het uiteinde van de ham aan en snij in één vloeiende beweging naar je toe.
Laat het gewicht van het mes het werk doen, druk niet te hard.
Maak een rollende beweging met je pols bij het snijden voor een glad oppervlak.
Ondersteun de plakken ham met je vrije hand bij het snijden.
Met regelmatige oefening ontwikkel je de techniek die nodig is voor mooiere, sappigere plakken Iberische ham of Jamón Ibérico.
Hulphonden spelen een belangrijke rol in het leven van mensen met een beperking of ziekte. Ze zijn getraind om hun baasjes te helpen bij allerlei dagelijkse activiteiten en taken. In Spanje is er echter nogal wat verwarring rond de definitie van een hulphond en de rechten die ze hebben.
In Spanje is er geen nationale wetgeving rond hulphonden (perros de aistencia) Elke autonome regio heeft zijn eigen regels wat betreft de definitie van een hulphond, hoe ze gecertificeerd moeten worden en welke rechten ze hebben.
Over het algemeen worden enkel honden die getraind zijn door een gespecialiseerde organisatie om mensen met een handicap of ziekte te helpen, erkend als officiële hulphond. Het sleutelwoord hier is “getraind“. Honden die enkel emotionele ondersteuning bieden en geen specifieke training hebben gehad, worden doorgaans niet erkend.
Ook de nieuwe dierenwelzijnswet die in oktober 2023 van kracht is geworden, biedt geen duidelijke informatie over de wetten en regels voor hulphonden en emotionele steunhonden. Er wordt wel op meerdere plaatsen naar verwezen, maar specifiek wordt er niets omschreven in deze nieuwe wet die HIER geheel in het Spaans te lezen is.
Op de Spaanse website Dogpoint wordt aangegeven wat de regelgeving is in Spanje. Daarnaast staan er op DEZE pagina links naar de regels in elke autonome regio (alle tekst is in het Spaans).
Erkende hulphonden
De meeste Spaanse regio’s erkennen 5 types hulphonden:
Blindengeleidehonden (perros guía): getraind om blinden en slechtzienden te begeleiden.
Signaalhonden (perros señal): getraind om doven en slechthorenden te waarschuwen voor geluiden.
Servicehonden (perros de servicio): getraind om mensen met een fysieke handicap te helpen bij dagelijkse activiteiten.
Medische alert honden (perros de aviso/alerta médica): getraind om mensen met diabetes, epilepsie of andere ziektes te waarschuwen bij een aanval.
Autisme hulphonden (perros para personas con trastornos de espectro autista): getraind om mensen met autisme te beschermen en helpen bij noodsituaties.
De precieze definitie en rechten kunnen wel verschillen tussen regio’s. Het is altijd aangeraden de lokale of regionale wetgeving te consulteren.
Emotionele steunhonden
Emotionele steunhonden (perros de apoyo emocional) bieden gezelschap en troost, maar hebben geen specifieke training gekregen. Psychiatrische hulphonden (perros de asistencia psiquiátrica) daarentegen zijn wel opgeleid om psychiatrische episoden te detecteren en de effecten ervan te verlichten.
Noch emotionele steunhonden, noch psychiatrischehulphonden worden expliciet vermeld in de Spaanse wetgeving over hulphonden. In sommige regio’s, zoals Castilië en León, worden ze zelfs uitdrukkelijk uitgesloten.
Emotionele steunhonden spelen een belangrijke rol voor mensen met mentale gezondheidsproblemen zoals angst, depressie en eenzaamheid. Ze bieden troost en gezelschap. Helaas worden ze in Spanje niet erkend als officiëlehulphonden.
De huidige wetgeving in de meeste Spaanse regio’s vermeldt emotionele steunhonden niet eens. Als ze al vermeld worden, dan vaak om expliciet te zeggen dat ze géén officiële hulphonden zijn en dus ook niet dezelfde rechten genieten.
Helaas worden emotionele steunhonden dus nog altijd niet op dezelfde manier erkend als “echte” hulphonden. Hopelijk komt hier binnenkort verandering in.
Rechten hulp- en emotionele honden
Helaas verschillen de rechten van zowel erkende hulphonden als emotionele steunhonden nogal van regio tot regio in Spanje. Hieronder geven we een overzicht van de belangrijkste rechten.
Over het algemeen hebben officieel erkendehulphonden het recht om overal met hun baasje naartoe te gaan, inclusief:
Openbaar vervoer
Taxi’s
Winkels en supermarkten
Restaurants en cafés
Bioscopen en theaters
Ziekenhuizen en gezondheidscentra
Scholen en overheidsgebouwen
Daarnaast mogen ze ook niet geweigerd worden in hotels en vakantieverblijven. In sommige regio’s gelden ook nog bijkomende rechten, zoals gratis toegang tot bezienswaardigheden.
Helaas worden deze rechten lang niet overal gerespecteerd. Honden met een officieel certificaat worden nog steeds geweigerd op bepaalde plaatsen. Hier is dus nog werk aan de winkel.
Emotionele steunhonden hebben officieel geen speciale rechten in Spanje. Ze worden beschouwd als “gewone” huisdieren. Dit betekent dat ze overal geweigerd mogen worden waar huisdieren normaal gezien niet zijn toegelaten.
Enkel in die regio’s waar emotionele steunhonden wél expliciet zijn opgenomen in de definitie van hulphonden, genieten ze dezelfde rechten. Maar op dit moment is dat nergens het geval in Spanje.
Hopelijk verandert deze situatie binnenkort zodat ook mensen met emotionele steunhonden hun hond overal mogen meenemen. Want ook zij hebben nood aan de ondersteuning van hun trouwe viervoeter!
Menig lezer die in Spanje naar een broodzaak is geweest of de broodafdeling bij een supermarkt heeft bezocht, heeft zich weleens afgevraagd waarom er zoveel verschillende stokbroden zijn. In het Spaans worden deze meestal ‘barra de pan’ genoemd, in sommige gevallen ook weleens ‘pan francés’. Er zijn veel soorten stokbrood in Spanje, misschien wel meer dan in Frankrijk, het land dat bekendstaat als baguette-land. Laten we eens kijken naar de stokbroden in Spanje.
Ook in Spanje wordt dagelijks vaak vers brood gegeten. Dat kan een traditioneel rond brood, in het Spaans ‘pan de país’ zijn of een stokbrood, in het Spaans ‘barra de pan’. En er zijn veel soorten ‘barras de pan’ in Spanje. Bij de plaatselijke bakker, of beter gezegd broodverkoper, zie je vaak de volgende soorten stokbroden liggen:
BARRA DE LA DEHESA, een bijzonder brood met een mix van tarwe, soja en gerstemeel. Gemaakt met zuurdesem (masa madre) en 100% natuurlijk met een dubbel fermentatieproces.
BARRA TOSCANA, een zoutloos brood speciaal geschikt voor veganisten en vegetariërs. In punten afgewerkt en bebloemd. Met de aparte smaak van het rustieke brood van het mediterrane dieet. Het brood is kort houdbaar.
BAGUETTE GRAN RESERVA, volledig gebakken. Het recept bevat 10% zuurdesem, speciaal Cierzo-meel (Harina del Cierzo) en 75% hydratatie, wat een intense smaak geeft met een goed volume en een lange houdbaarheid.
BAGUETTE DEL HORNO, stokbrood uit de oven. Licht kruimig met een knapperige korst. Dit brood is speciaal geschikt voor veganisten en vegetariërs.
TRAMONTANA, een groot en zeer knapperig brood met losse honingraat kruimel voor de grotere sandwiches of plakken.
IBÉRICA, een rustiek brood met puntige afwerking en een met krokante korst. Dit brood is lang houdbaar.
De hierboven vermelde ‘barras de pan’ zijn slechts een kleine selectie want er zijn er nog veel meer zoals: Barra Cantábrica, Bastón Cantábrico, Barra Rústica, Barra Premium O Forno Calego, Rústica de Leña (letterlijk: rustiek brandhout), Bastón (letterlijk: wandelstok), Piemonte, Baguette Tahoma, etc.
Welk stokbrood wordt het?
De keuze voor het stokbrood dat je uiteindelijk koopt, wordt meestal bepaald uit gewoonte of op gevoel. Een persoonlijke keuze op gevoel kan zijn als je kijkt naar:
VORM: dun, dikker, dik; afgerond met punten; rond, plat en breder in het midden.
AFWERKING: ambachtelijke en rustieke uitstraling; bebloemd of met (sesam)zaad; harde korst en binnenzijde zacht of kruimig.
SAMENSTELLING DEEG: soort graan en meel; textuur; verhouding meel, gist, zuurdesem en vocht (hydratatie); gebruik van regionaal graan.
SPECIALITEITEN: lange houdbaarheid; gluten- of lactosevrij; fermentatieproces (soms dubbel); gebakken in meerdere lagen waardoor meer honingraat-kruimig.
Bakker of broodverkoper?
Stokbrood wordt traditioneel veel gegeten in Zuid-Europa: Spanje, Frankrijk en Italië. Elk land heeft voor het stokbrood zo zijn eigen benamingen. Ook de diverse broodfabrieken hebben vaak nog hun eigen namen voor de ‘barras de pan’ en de traditionele ronde “pan de país”.
Dit maakt het niet makkelijk om voor het brood een juiste keuze te maken in de grote ‘supermercados’ of bij de plaatselijke broodverkoper of bakker om de hoek. Ook bij de broodverkoper kan het personeel meestal geen uitleg geven wat het verschil is tussen de diverse soorten ‘barras de pan’.
Dat komt doordat er bijna geen bakkers meer zijn die nog zelf het brood bakken. De broden komen als diepgevroren halfproduct van de broodfabrieken en de broodverkoper werkt ze dan af in de oven (horno): 20 minuten ontdooien bij kamertemperatuur en daarna 20 minuten in de oven op 210 graden.
De naam voor bakker is ‘panadero’ die zijn brood verkoopt bij de ‘panaderia’. Op veel plaatsen zie je in Spanje de ‘despachos de pan’ (ook wel eens ‘punto de pan caliente’ genoemd) wat geen bakkers zijn, maar broodverkopers die je eigenlijk het meeste ziet in Spanje. Echte bakkers zijn steeds zeldzamer.
Oorsprong stokbrood
Stokbrood is de Nederlandse naam voor de Franse broodsoort ‘baguette’, wat “stokje” betekent. Door Franse bakkers wordt het ook wel “Weens brood” genoemd omdat de oorsprong van de bereidingswijze ligt in de 19e eeuw en uit Oostenrijk komt. In Nederland en België denkt men bij stokbrood echter direct aan Frankrijk. Sinds 2022 is het stokbrood door de UNESCO erkend als immaterieel cultureel erfgoed.
De naam ‘baguette’ komt echter niet door de lange vorm. Bij het ontstaan ervan werd een lange sliert deeg om een stok gedraaid, boven het vuur gehangen en zo gebakken. Het standaard gewicht van een ‘baguette’ is 250 gram. De prijs van stokbrood werd in Frankrijk, door overheidssubsidie, laag gehouden om dit voedsel betaalbaar te maken voor het “gewone volk”.
Waarom is stokbrood uitgevonden?
Men beweert dat het is ontstaan tijdens de Franse Revolutie toen men besloot tot één standaard gewicht voor brood. Napoleon zou hebben gekozen voor de lange vorm, zodat het brood makkelijker te dragen was door zijn soldaten. Het langste stokbrood, het huidige record van 122 meter, werd echter niet in stokbroodland Frankrijk, maar in Italië gebakken.
In Frankrijk zijn er verschillende soorten ‘baguettes’, zoals de ‘Ficelle’ (hele smalle Baguette), de ‘Flute’ (de lichtste) en de ‘Campagne’ (boerenbrood). Standaard is het stokbrood wit. Er bestaat ook volkoren stokbrood gemaakt van volkorenmeel met de hele graankorrel, dus met meer vezels, ijzer en B-vitamines. Volkoren is een gezondere keuze, ook voor de darmen door de langzame koolhydraten die een langer verzadigd gevoel geven waardoor je minder eet.
De originele Franse witte ‘baguette’ heeft een productietijd van 60 uur omdat het deeg dan op smaak komt door vrijkomende bacteriën. In Nederland, België en ook in Spanje worden de stokbroden in twee uur gemaakt door middel van extra gist en broodverbeteraars.
Wist je dat wit stokbrood beter en gezonder is dan croissants, maar dat het veel zout bevat en minder waardevolle mineralen levert? Wit stokbrood is dus zeker niet het gezondste brood, maar wel het meest gegeten stokbrood.
Een paar gouden adviezen:
Bewaar het brood niet in de koelkast, waardoor het snel uitdroogt en verouderd.
In een dichte plastic zak kan het stokbrood circa twee dagen bewaard worden, maar wordt de korst snel zacht.
Het stokbrood is langer te bewaren door invriezen en het voor gebruik dan even in de oven opwarmen voor een lekkere, krokante korst.
De truc is het stokbrood met water wat nat te maken en 5 minuten af te bakken in een voorverwarmde oven van 200 graden.
Welke ‘barra de pan’ gaat het morgen worden in Spanje?
In dit artikel bekijken we hoe je kunt weten of iemand staat ingeschreven (empadronado) op jouw adres in Spanje, ook al woont diegene daar niet. We bespreken waarom het belangrijk is om te weten wie er staat ingeschreven, hoe je iemand kunt uitschrijven en wat de regels zijn rondom inschrijvingen.
Om te weten of iemand staat ingeschreven op jouw adres kun je een bewijs van inschrijving opvragen bij de gemeente. Er zijn twee documenten die je kunt opvragen:
Certificaat van inschrijving: Een certificaat van inschrijving (certificado de empadronamiento) is een officieel bewijs dat aantoont dat je op dat adres woont. Het wordt gebruikt voor officiële zaken zoals een paspoort aanvragen. Dit is een officieel document (documento oficial).
Uittreksel basisregistratie personen: Een uittreksel (volante de empadronamiento) laat zien welke personen volgens de gemeente op jouw adres wonen. Dit is dus handig om te controleren of er mensen staan ingeschreven die er niet horen te wonen. Dit is slechts een informatief document (documento informativo).
Deze documenten kun je op verschillende manieren opvragen: Persoonlijk bij de gemeente, online via de website van de gemeente, telefonisch bij de gemeente. Iedere gemeente heeft zijn eigen regels, dus check van tevoren wat de mogelijkheden zijn en welke documenten je moet laten zien om jezelf te identificeren. Vaak heb je een identiteitsbewijs nodig zoals een ID-kaart of paspoort (en in veel gevallen ook een NIE-nummer).
Waarom is het belangrijk om dit weten?
Er zijn een aantal redenen waarom het goed is om te weten wie er allemaal staat ingeschreven op jouw adres. Wanneer je weet wie er precies staat ingeschreven, voorkom je verrassingen en fraude. Niemand kan zich zomaar inschrijven zonder dat je het weet. Voor veel officiële zaken, zoals een paspoort of uitkering aanvragen, heb je een uittreksel nodig. Dan moet de inschrijving kloppen.
Alleen ingeschreven inwoners mogen stemmen voor de gemeenteraadsverkiezingen. Met een juiste inschrijving wordt het stemrecht gewaarborgd. Kortom, een actueel bewijs van inschrijving geeft zekerheid over wie er wel en niet staat ingeschreven op jouw adres.
Stappen om iemand uit te schrijven
Wil je iemand uitschrijven die niet bij je woont? Dan zijn dit de stappen:
Aanvraag indienen
Maak een afspraak bij de gemeente of doe het online (met DigiD)
Vul het aanvraagformulier in voor uitschrijving
Geef aan wie je wilt uitschrijven en naar welk adres diegene verhuist
Documenten
Lever de volgende documenten in:
Jouw identiteitsbewijs
Het bewijs van inschrijving van de persoon
Een bewijs van diens nieuwe adres (huurcontract of koopakte)
Na controle schrijft de gemeente de persoon uit en ontvang je een bevestiging. Door deze stappen te volgen schrijf je iemand correct uit en voorkom je problemen.
Boetes voor foutieve inschrijvingen
Wanneer iemand staat ingeschreven op een adres waar diegene niet woont, kan dat leiden tot een boete. De boetes kunnen flink oplopen, dus wees altijd eerlijk en zorg dat de gegevens kloppen.
Ingeschreven staan zonder er te wonen: € 325
Iemand helpen met foutief inschrijven: € 250
Niet op tijd doorgeven van verhuizing: € 140
Er zijn verschillende redenen waarom de gemeente boetes kan geven:
Sinds 7 januari zijn er winterkortingen in Spanje waarbij kleding het meest gekocht wordt. Maar als je als Nederlander of Belg een Spaanse kledingwinkel binnenstapt (of online koopt), zul je vaak merken dat de kledingmaat die je thuis hebt niet hetzelfde is dan de kledingmaat in Spanje. Dat kan erg verwarrend werken en zorgen voor verkeerde aankomen. Maar waarom bestaat deze diversiteit in maatvoering en hoe is deze in de loop van de tijd ontstaan?
De gebruikte kledingmaten zijn niet in elk land hetzelfde. In Europa zijn in principe vier geaccepteerde systemen, namelijk het Europese EN 13402-systeem (o.a. in gebruik in Duitsland, Oostenrijk, Zwitserland, Nederland, Scandinavië en Polen), het Franse maatsysteem (Frankrijk, België, Portugal en Spanje), het Italiaanse systeem en het Britse systeem. Deze systemen gaan uit van gestandaardiseerde afmetingen van lichaamsdelen.
In Spanje en België worden kledingmaten vaak aangeduid met traditionele maten, variërend van 36 tot 50 voor vrouwen en van 44 tot 60 voor mannen. Deze maten zijn gebaseerd op borst-, taille- en heupomvang. Het is echter belangrijk op te merken dat er geen strikte regelgeving is, dus maten kunnen variëren tussen verschillende merken en winkels. Er zijn echter ook veel winkels die gebruikmaken van de XS tot XXL en meer standaard, denk daarbij onder andere Decathlon.
In Nederland worden kledingmaten meestal aangegeven in de internationale standaard, die varieert van XS tot XXL en meer. Daarnaast worden ook Europese maten gebruikt, die variëren van 32 tot 54 voor vrouwen en van 42 tot 62 voor mannen. Deze maten zijn gebaseerd op de borstomvang voor mannen en de heupomvang voor vrouwen.
Het is belangrijk om te benadrukken dat, ondanks de verschillende maatstandaarden, er veel variatie kan zijn in hoe kleding past. Dit komt door verschillen in lichaamsvormen en -verhoudingen, evenals verschillen in snit en stijl van kleding. Daarom is het altijd aan te raden om kleding te passen of de exacte metingen te controleren voordat je iets koopt.
Hoe worden kledingmaten bepaald?
Kledingmaten worden bepaald door verschillende factoren, waaronder lichaamsafmetingen, culturele invloeden en industrienormen. In de Europese Unie, inclusief Nederland, wordt de EN 13402-norm (ook wel bekend als de joint European standard for size labelling of clothes) vaak gebruikt. Deze norm is gebaseerd op lichaamsafmetingen in centimeters, met inbegrip van borst-, taille- en heupomvang.
In Spanje en België, hoewel de EN 13402-norm ook wordt toegepast, kunnen er variaties zijn in de interpretatie van deze norm, wat leidt tot verschillen in kledingmaten. Bovendien kunnen culturele factoren, zoals de voorkeur voor strakkere of lossere kleding, ook invloed hebben op de kledingmaten.
Geschiedenis kledingmaten
De geschiedenis van kledingmaten is complex en gevarieerd. In het verleden werden kledingstukken vaak op maat gemaakt voor individuen. Met de opkomst van de massaproductie in de 19e en 20e eeuw werden gestandaardiseerde maten geïntroduceerd. Echter, deze standaarden varieerden sterk per land en zelfs per fabrikant.
De EN 13402-norm werd geïntroduceerd in een poging om een uniforme maatvoering in de hele EU te creëren. Echter, de implementatie van deze norm is niet altijd consistent, wat leidt tot verschillen in kledingmaten tussen landen. Het is ook belangrijk op te merken dat er verschillen kunnen zijn in de maten voor mannen, vrouwen en kinderen. Bovendien kunnen er variaties zijn in de maten voor verschillende soorten kleding, zoals broeken, shirts en jurken.
Kortom, hoewel er pogingen zijn gedaan om kledingmaten te standaardiseren, zijn er nog steeds aanzienlijke verschillen tussen landen. Deze verschillen kunnen worden veroorzaakt door variaties in de interpretatie van normen, culturele voorkeuren en historische praktijken.
Invloed mode-industrie
Verschillen in kledingmaten kunnen een grote invloed hebben op de mode-industrie en consumenten. Een van de belangrijkste effecten is de complexiteit die het met zich meebrengt voor zowel fabrikanten als consumenten. Fabrikanten moeten verschillende maten produceren voor verschillende markten, wat kan leiden tot hogere productiekosten.
Voor consumenten kan het kopen van kleding in verschillende landen verwarrend zijn. Het is vaak moeilijk om te weten welke maat je moet kiezen, vooral als je online winkelt. Dit kan leiden tot een hoger retourpercentage, wat extra kosten met zich meebrengt voor zowel de consument als de retailer.
Daarnaast kunnen de verschillen in kledingmaten ook leiden tot onzekerheid en een negatief zelfbeeld bij consumenten. Als iemand bijvoorbeeld in het ene land een maat M draagt, maar in een ander land een maat L nodig heeft, kan dit invloed hebben op hoe ze zichzelf zien en hoe ze zich voelen over hun lichaam.
In de wereld van toasts en vieringen is er een uitdrukking die de harten van velen in de Spaanstalige gemeenschap heeft veroverd: “Arriba, abajo, al centro, y adentro”. Deze uitdrukking is populair in Spanje en is meer dan alleen een toost uitbrengen: het is een symbool van cultuur, vriendschap en viering. Maar waar komt het vandaan en wat betekenen de woorden?
De exacte oorsprong van “Arriba, abajo, al centro, y adentro” is moeilijk te traceren. Het wordt algemeen aangenomen dat deze uitdrukking zijn wortels heeft in de rijke tradities van de Spaanse en Latijns-Amerikaanse culturen. Het is een uitdrukking die generaties lang is doorgegeven en is geëvolueerd tot een bijna ritueel onderdeel van elke viering.
Elk element van de toost heeft een diepe symbolische betekenis. “Arriba” (omhoog) verwijst naar de hemel of de goden, een erkenning van de hogere macht of het spirituele aspect van het leven. “Abajo” (omlaag) symboliseert de aarde of de voorouders, een eerbetoon aan de wortels en de fundamenten van het bestaan.
“Al centro” (naar het midden) is een toast op de aanwezigen, de vriendschap en de gemeenschappelijke banden die iedereen verenigt. Het is een moment van erkenning voor de relaties en de gedeelde ervaringen.
Tot slot, “y adentro” (en naar binnen) is de uitnodiging om te drinken. Het is het moment waarop de woorden actie worden, een viering van het leven en de vreugde van het samen zijn.
Meer dan een toost uitbrengen
In de loop der jaren is “Arriba, abajo, al centro, y adentro” meer geworden dan alleen een manier om een drankje te beginnen en een toost uit te brengen. Het is een uitdrukking van cultuur, een ritueel dat mensen samenbrengt en een moment creëert van gedeelde menselijkheid en vreugde. Het is een herinnering aan wat belangrijk is: de hemel boven ons, de aarde onder ons, de mensen om ons heen, en de vreugde in ons.
In elke “Arriba, abajo, al centro, y adentro” ligt de essentie van een cultuur die waarde hecht aan gemeenschap, vriendschap en het vieren van het leven in al zijn facetten. Het is een prachtige traditie die de kracht heeft om mensen van alle achtergronden te verenigen op een moment van vreugde en gemeenschappelijkheid.
Voor buitenlanders in Spanje is het ook vaak een van de eerste volle zinnen die men wordt aangeleerd. Uiteraard hoort daar ook de beweging van de glazen omhoog, omlaag, naar het midden en dan het drankje naar binnen (in je mond) te doen. Er zijn varianten waarbij in de laatste stap de armen gekruist worden, maar dat is niet de officiële manier.
Churros, een van de meest iconische en geliefde zoetigheden in Spanje en Latijns-Amerika, hebben een rijke geschiedenis en een speciale plaats in de harten van zoetekauwen over de hele wereld. In dit artikel duiken we in de wereld van churros: wat ze zijn, waar en wanneer ze worden gegeten, de regionale verschillen in Spanje, en de oorsprong van hun naam.
Churros zijn een soort gefrituurd deeg, traditioneel gemaakt van bloem, water en zout. Het deeg wordt door een spuitzak met een stervormige tuit geperst, wat de churros hun kenmerkende geribbelde uiterlijk geeft. Ze worden gefrituurd tot ze goudbruin en knapperig zijn, en vervolgens vaak bestrooid met suiker of ondergedompeld in gesmolten chocolade of dulce de leche (een soort karamel).
Churros zijn een populair ontbijt in Spanje en veel Latijns-Amerikaanse landen. Ze worden ook vaak gegeten als snack in de late namiddag of vroege avond, vooral in Spanje, waar ze traditioneel worden geserveerd met een kop dikke, warme chocolademelk. Churros zijn niet alleen beperkt tot ontbijt of snack; ze zijn ook een populaire snack op festivals en kermissen.
Regionale verschillen in Spanje
In Spanje variëren churros per regio. In Madrid zijn ze dikker en worden ze vaak geserveerd in een spiraalvorm die in porties wordt gesneden. Deze worden ‘porras’ genoemd en zijn luchtiger dan de standaard churros. In Andalusië zijn churros dunner en knapperig, vaak geserveerd in een lus of knoop. In Catalonië worden ze soms gevuld met crème of chocolade, wat een decadente draai geeft aan de traditionele churro.
De Oorsprong van de Naam
De oorsprong van de naam ‘churro’ is onderwerp van debat. Een populaire theorie suggereert dat de naam afkomstig is van de Churra-schapen van Spanje, waarvan de hoorns lijken op de gebogen vorm van de churros. De naam ‘churro’ kan ook komen van het Latijnse woord ‘cyrrhus’, wat ‘hoorn’ betekent. Dit verwijst naar de vorm van de churros, die vaak gekruld zijn.
Een andere theorie stelt dat het woord afkomstig is van het Spaanse woord ‘churrar’, wat ‘frituren’ of ‘sissen’ betekent, een verwijzing naar het geluid dat het deeg maakt wanneer het in hete olie wordt gefrituurd.
Het schorsen van een kenteken tijdens bijvoorbeeld overwinteren in Spanje of elders in het buitenland, roept veel vragen op, vooral nu de wegenbelasting vanaf 1 januari 2026, in plaats van het kwarttarief, wordt veranderd naar het halftarief. Veel camperaars overwegen hun camper vaker te schorsen, soms zelfs direct na het passeren van de grens. Is dit een verstandige keuze? Camperpunt heeft het uitgezocht.
Het schorsen van een kenteken brengt aanzienlijke risico’s met zich mee als mensen gedurende enkele maanden met de camper in het buitenland verblijven, zoals tijdens overwintering. Schorsen is namelijk alleen toegestaan als het buiten gebruik is gesteld! (art.2 lid 3 WAM).
Uitvoerig onderzoek toont aan dat het niet is toegestaan om met een geschorst voertuig in of naar het buitenland te rijden of op openbare plaatsen te verblijven, zoals een camping, camperplaats of op het terrein van een stalling. Tijdens de schorsing worden de WA-verzekering, de motorrijtuigenbelasting en APK tijdelijk stopgezet, wat directe gevolgen heeft voor de verzekering. Belangrijke punten zijn onder andere:
De naamstelling van het kentekenbewijs wordt opgeschort volgens de Wegenverkeerswet 1994 en het Kentekenreglement. Deze schorsing wordt geregistreerd in het kentekenregister (Wegenverkeerswet, artikel 67, lid 5), wat zichtbaar is voor buitenlandse opsporingsdiensten. Overtreding kan forse boetes opleveren.
Zelfs bij parkeren of stalling op plaatsen waar meerdere mensen toegang toe hebben en/of motorrijtuigen van verschillende eigenaren staan, geldt een verzekeringsplicht tegen wettelijke aansprakelijkheid (Laatste wijziging Europese richtlijn 23 december 2023). Dit geldt dus ook achter de slagboom op een camping of op het terrein van een caravan- en camperstalling
We hebben navraag gedaan bij verschillende verzekeringsmaatschappijen om te vragen hoe zij met schade aan een geschorst voertuig omgaan.
ZLM vermeldt: “Het is niet toegestaan om met een geschorst voertuig naar het buitenland te rijden. Schade veroorzaakt door een geschorste camper is niet verzekerd.”
Univé: “In uw artikel geeft u aan het kenteken van de camper niet te schorsen als de camper in het buitenland is. Ook vanuit verzekering oogpunt is dat correct”.
De situatie waarin een kenteken schorsing van toepassing kan zijn, is uitzonderlijk. Het schorsen van een kenteken bij de RDW betekent niet automatisch dat de verzekering beëindigd wordt. Maar een schademelding op een geschorst kenteken zal zeker extra aandacht krijgen. De camper is immers buiten gebruik en staat op een niet-publiek toegankelijke plek. Mogelijk dat casco schade afgewezen wordt en een WAM vergoeding verhaald wordt.
Zoals aangegeven ben je als kentekenhouder verplicht een WAM verzekering te sluiten als de camper op de “openbare weg” gebruikt wordt. Maar de openbare weg en het gebruik van de camper worden heel ruim geïnterpreteerd en dit is op basis van Europese richtlijnen per 23-12-2023 verder uitgebreid. Zelfs bij parkeren of stalling op plaatsen waar meerdere mensen toegang toe hebben en/of motorrijtuigen van verschillende eigenaren staan, geldt de WAM. Dit geldt zelfs achter de slagboom op een camping en ook op het terrein van een caravan- en camperstalling.
Het plaatsen van beveiligingscamera’s is tegenwoordig heel gemakkelijk en betaalbaar. Dit stelt mensen in staat om hun woningen te bewaken voor weinig geld, wat erg handig is wanneer je voor een tijdje weggaat. Voor camera’s die binnenshuis zijn geplaatst, is er geen probleem. Maar hoe zit het met camera’s buitenshuis? Deze camera’s zullen onvermijdelijk derden opnemen, vooral als je in een appartementencomplex woont. Is het dan legaal in Spanje om camera’s op de gevel van mijn huis te plaatsen?
In een gemeenschap van eigenaren leidt het onderwerp videobewaking en het installeren van camera’s op de gevel van woningen vaak tot controverse en roept het vragen op over de wettigheid ervan, met name wat betreft de bescherming van privacy en de naleving van de geldende wetgeving.
We moeten een onderscheid maken tussen particuliere huizen en gebouwen met meerdere woningen, zoals appartementencomplexen of woonwijken. In het geval van vrijstaande huizen heeft de eigenaar meer vrijheid om camera’s op de gevel van zijn eigendom te plaatsen. Als iemand zonder toestemming wordt opgenomen, gaat het waarschijnlijk om een dief.
Aan de andere kant ligt de situatie anders bij gebouwen met meerdere woningen (appartementencomplexen, woonwijken, woonwijken met naast elkaar gelegen villa’s die gemeenschappelijke ruimten delen, enz.). Het installeren van videosystemen in gemeenschappelijke ruimten, zoals gangen, binnenplaatsen of parkeergarages, vereist de toestemming van het bestuur van eigenaren.
Daarom moet iedereen die camera’s op zijn gevel wil plaatsen die beelden van gemeenschappelijke ruimten kunnen vastleggen, vooraf de toestemming van zijn buren krijgen.
Hoewel toestemming kan worden verkregen voor het installeren van dergelijke camera’s, bepaalt de wet beperkingen: alleen het vastleggen van beelden van de gemeenschappelijke ruimten van de gemeenschap wordt toegestaan. Het is absoluut verboden om openbare ruimten of openbare wegen op te nemen, behalve een klein deel dat zich direct naast de toegangen van het gebouw bevindt. Dit is van cruciaal belang voor het waarborgen van de privacy van de buurtbewoners en het voorkomen van mogelijke juridische geschillen of buurconflicten.
Vereisten
Het installeren van bewakingscamera’s op de gevel van een particuliere woning moet worden uitgevoerd in overeenstemming met de geldende gegevensbeschermingswetgeving in Spanje. Dit houdt in dat bepaalde vereisten moeten worden nageleefd om ervoor te zorgen dat het gebruik van dergelijke camera’s legitiem is en de privacy van personen respecteert. Dit zijn de vereisten:
Een waarschuwing plaatsen
Personen die door de camera’s zouden kunnen worden vastgelegd, moeten hiervan op de hoogte worden gesteld. U kunt bijvoorbeeld borden op een zichtbare plaats gebruiken om te waarschuwen voor de aanwezigheid van een videosysteem.
Beperkte gegevensverzameling
Het verzamelen van persoonsgegevens met behulp van de camera’s moet tot een minimum worden beperkt om het beoogde veiligheidsdoel te bereiken. Bovendien moeten opnamegebieden die niet direct relevant zijn voor de beveiliging van het huis, worden vermeden.
Recht op toegang
Personen die door de camera’s worden opgenomen, hebben het recht om toegang te vragen en te verkrijgen tot de beelden waarop ze verschijnen.
Beelden veilig opslaan
De vastgelegde beelden moeten veilig worden opgeslagen. Alleen geautoriseerd personeel moet toegang hebben tot de beelden.
Openbare weg niet opnemen
Het continu en zonder beperkingen opnemen van beelden van de openbare weg is verboden, omdat dit een schending van de privacy vormt van de mensen die er gebruik van maken.
De hoek vastzetten
Wanneer je een bewakingscamera op jouw huis richt, is het belangrijk dat je de camera zodanig instelt dat deze alleen jouw eigen terrein en eigendom bestrijkt. Het opnemen van delen van de openbare weg of van het perceel van de buren is meestal verboden.
Je moet ervoor zorgen dat je de camera onder een hoek plaatst die alleen gericht is op jouw eigen huis en onmiddellijke omgeving. Vermijd het vastleggen van gebieden buiten jouw perceel. Als je bijvoorbeeld een appartement bezit, moet je voorkomen dat je gemeenschappelijke ruimten of delen van andere appartementen opneemt.
Door de camera optimaal uit te lijnen en een geschikte brandpuntsafstand te kiezen, kun je het op te nemen gebied beperken tot datgene wat absoluut noodzakelijk is voor de bewaking van uw woning en eigendommen.
Over het algemeen worden camera’s aan gevels zo geplaatst en ingesteld dat incidenten zoals inbraak en vandalisme kunnen worden vastgelegd. Het doelwit is de eigen voordeur, het balkon en eventueel de garage of een andere privéruimte. Dus zorg ervoor dat de camera alleen maar deze gebieden uitsluitend op uw pand richt en je aan de regelgeving houdt.
Voordeur camera
Je mag een beveiligingscamera bij de voordeur van jouw huis plaatsen, mits je bepaalde voorwaarden respecteert. De belangrijkste zijn:
Je plaatst een zichtbare waarschuwing dat opnames worden gemaakt. Dit kan bijvoorbeeld een bord of sticker zijn.
De camera is alleen gericht op jouw eigen huis en onmiddellijke omgeving, niet op openbare ruimten.
De opslag en het gebruik van de beelden voldoet aan de gegevensbeschermingswetgeving.
Door je te houden aan deze regels en je gezond verstand te gebruiken, kun je legaal een camera installeren bij je voordeur voor extra veiligheid en gemoedsrust.
Let er ook op dat als jouw camera een deel van de openbare weg of het perceel van je buren vastlegt, dit meestal niet is toegestaan zonder hun uitdrukkelijke toestemming. Richt de camera daarom optimaal op je eigen huis.
Nummerborden zijn een essentieel onderdeel van elk voertuig op de weg. Ze identificeren voertuigen, helpen bij handhaving en bieden nuttige informatie. Veel lezers vragen ons over de blauwe nummerborden in Spanje, wat zijn dit en om welke voertuigen gaat het? Laten we eens kijken naar de verschillende soorten nummerborden in Spanje, hoe ze zijn geëvolueerd en waar voertuigen worden geregistreerd.
Blauwe nummerborden werden in 2018 geïntroduceerd als onderdeel van wijzigingen in de algemene voertuigregelgeving in Spanje. De nieuwe regels specificeren dat taxivoertuigen en huurvoertuigen met chauffeur voor maximaal 9 zitplaatsen een blauwe achtergrond op hun nummerborden moeten hebben, met witte letters en cijfers.
Het doel van deze verandering was om de piraterij in de taxisector te bestrijden. Door taxivoertuigen duidelijk te onderscheiden van andere voertuigen, wordt het moeilijker voor niet-geregistreerde taxichauffeurs om passagiers op te pikken.
De specifieke vereisten voor blauwe taxinummerborden zijn: reflecterende blauwe achtergrond, mat witte letters/cijfers, standaardindeling met 4 cijfers en 3 letters en de EU-vlag en “E” voor Spanje aan de linkerkant. De achterste nummerplaat is blauw en de voorste nummerplaat is standaard wit met zwarte letters/cijfers, in het laatste geval net als bij normale personenauto’s.
Handhaving en naleving
Sinds de invoering van de nieuwe regels zijn er strengere handhavingsmaatregelen genomen om ervoor te zorgen dat alleen officieel geregistreerde taxi’s en huurvoertuigen met chauffeur voor maximaal 9 zitplaatsen de blauwe nummerborden gebruiken. Boetes voor het onjuist gebruiken van de nummerborden kunnen oplopen tot € 500. Dit helpt belangrijke inkomstenbronnen voor geregistreerde taxichauffeurs te beschermen door oneerlijke concurrentie te voorkomen.
Evolutie nummerborden
Er zijn in de loop der jaren verschillende nummersystemen voor voertuigen gebruikt in Spanje:
Provinciaal numeriek systeem (1900-1971)
Gebaseerd op provinciecodes + numerieke ID
Bijv. TE 000234 voor Teruel
Max 52 miljoen nummers
5.4 miljoen voertuigen geregistreerd
Provinciaal alfanumeriek systeem (1971-2000)
Provinciecode + combinatie van cijfers en letters
Bijv. TE 3456 BC voor Teruel
29,86 miljoen voertuigen geregistreerd
Huidig nationaal systeem
Sinds 2000 wordt het huidige nationale alfanumerieke systeem gebruikt in heel Spanje. Dit omvat:
4 cijfers
3 medeklinkers
Bijv. TTB 8734
Tot 80 miljoen unieke nummercombinaties mogelijk
Dit systeem biedt voldoende nummercapaciteit voor de voorzienbare toekomst. Het maakt ook duidelijk onderscheid tussen oude en nieuwe voertuigen, aangezien nieuwere voertuigen allemaal nummers in dit format hebben.
Speciale nummerborden
Naast de standaard witte en recent geïntroduceerde blauwe nummerborden, bestaan er nog enkele andere speciale varianten:
Tijdelijke nummerborden – Groene achtergrond, geldig voor 10/60 dagen
Deze bieden mogelijkheden voor kortetermijngebruik, bedrijfsidentificatie of personalisatie. Maar het overgrote deel van de voertuigen gebruikt nog steeds het standaard witte systeem.
2024 heeft 14 nationale feestdagen wat hetzelfde aantal is dan in 2022 terwijl 9 feestdagen voor heel Spanje gelden en niet te veranderen zijn door de regionale overheden in de autonome regio’s. Bij deze nationale feestdagen moeten nog de autonome/regionale en lokale feestdagen opgeteld worden.
De 9 niet verwisselbare feestdagen voor 2024 zijn:
maandag 1 januari (Nieuwjaar / Año nuevo)
zaterdag 6 januari (Driekoningen / Epifanía del Señor)
vrijdag 29 maart (Goede Vrijdag / Viernes Santo)
woensdag 1 mei (Dag van de Arbeid / Día del Trabajo)
donderdag 15 augustus (Onze-Lieve-Vrouw Hemelvaart / Asunción de la Virgen)
zaterdag 12 oktober (Día de Hispanidad / Fiesta Nacional de España)
vrijdag 1 november (Allerheiligen / Día de Todos los Santos)
vrijdag 6 december (Dag van de Spaanse Grondwet / Día de la Constitución Española)
woensdag 25 december (Kerstdag / Día de Navidad)
OPMERKING: 8 december (Onbevlekte Ontvangenis / Inmaculada Concepción) valt in 2024 op een zondag en mag door de regionale autoriteiten veranderd worden naar maandag 9 december.
Per regio
Hieronder een overzicht van alle feestdagen per autonome regio waar veel Nederlanders en Belgen wonen of op vakantie gaan.
Andalusië // maandag 1 januari (Año Nuevo); zaterdag 6 januari (Día de Reyes); woensdag 28 februari (Día de Andalucía); donderdag 28 maart (Jueves Santo); vrijdag 29 maart (Viernes Santo); woensdag 1 mei (Día del Trabajador); donderdag 15 augustus (Asunción de la Virgen); zaterdag 12 oktober (Día de Hispanidad); vrijdag 1 november (Día de Todos los Santos); vrijdag 6 december (Día de la Constitución Española); maandag 9 december (Inmaculada Concepción, verplaatst van zondag 8 december) en woensdag 25 december (Día de Navidad).
Asturië// maandag 1 januari (Año Nuevo); zaterdag 6 januari (Día de Reyes); donderdag 28 maart (Jueves Santo); vrijdag 29 maart (Viernes Santo); woensdag 1 mei (Día del Trabajador); donderdag 15 augustus (Asunción de la Virgen); maandag 9 september (Día de Asturias, verplaatst); zaterdag 12 oktober (Día de Hispanidad); vrijdag 1 november (Día de Todos los Santos); vrijdag 6 december (Día de la Constitución Española); maandag 9 december (Inmaculada Concepción, verplaatst van zondag 8 december) en woensdag 25 december (Día de Navidad).
Aragón // maandag 1 januari (Año Nuevo); zaterdag 6 januari (Día de Reyes); donderdag 28 maart (Jueves Santo); vrijdag 29 maart (Viernes Santo); dinsdag 23 april (Día de Aragón); woensdag 1 mei (Día del Trabajador); donderdag 15 augustus (Asunción de la Virgen); zaterdag 12 oktober (Día de Hispanidad); vrijdag 1 november (Día de Todos los Santos); vrijdag 6 december (Día de la Constitución Española); maandag 9 december (Inmaculada Concepción, verplaatst van zondag 8 december) en woensdag 25 december (Día de Navidad).
Balearen // maandag 1 januari (Año Nuevo); zaterdag 6 januari (Día de Reyes); vrijdag 1 maart (Día de las Islas Baleares); donderdag 28 maart (Jueves Santo); vrijdag 29 maart (Viernes Santo); maandag 1 april (Lunes de Pascua); woensdag 1 mei (Día del Trabajador); donderdag 15 augustus (Asunción de la Virgen); zaterdag 12 oktober (Día de Hispanidad); vrijdag 1 november (Día de Todos los Santos); vrijdag 6 december (Día de la Constitución Española) en woensdag 25 december (Día de Navidad).
Canarische Eilanden // maandag 1 januari (Año Nuevo); zaterdag 6 januari (Día de Reyes); donderdag 28 maart (Jueves Santo); vrijdag 29 maart (Viernes Santo); maandag 1 april (Lunes de Pascua); woensdag 1 mei (Día del Trabajador); donderdag 30 mei (Día de Canarias); donderdag 15 augustus (Asunción de la Virgen); zaterdag 12 oktober (Día de Hispanidad); vrijdag 1 november (Día de Todos los Santos); vrijdag 6 december (Día de la Constitución Española) en woensdag 25 december (Día de Navidad).
Ook per eiland: vrijdag 2 februari: Virgen de la Candelaria en Tenerife: maandag 5 augustus: Nuestra Señora de las Nieves en La Palma; maandag 9 september: Nuestra Señora del Pino en Gran Canaria (verplaatst); maandag 16 september: Nuestra Patrona de Los Volcanes en Lanzarote y La Graciosa; vrijdag 20 september: Nuestra Señora de La Peña en Fuerteventura; dinsdag 24 september: Nuestra Señora de los Reyes en El Hierro en maandag 7 oktober: Nuestra Señora de Guadalupe en La Gomera.
Cantabrië // maandag 1 januari (Año Nuevo); zaterdag 6 januari (Día de Reyes); donderdag 28 maart (Jueves Santo); vrijdag 29 maart (Viernes Santo); maandag 1 april (Lunes de Pascua); woensdag 1 mei (Día del Trabajador); donderdag 25 juli (Santiago Apostol); donderdag 15 augustus (Asunción de la Virgen); zaterdag 12 oktober (Día de Hispanidad); vrijdag 1 november (Día de Todos los Santos); vrijdag 6 december (Día de la Constitución Española) en woensdag 25 december (Día de Navidad).
Castilla-La Mancha // maandag 1 januari (Año Nuevo); zaterdag 6 januari (Día de Reyes); donderdag 28 maart (Jueves Santo); vrijdag 29 maart (Viernes Santo); woensdag 1 mei (Día del Trabajador); donderdag 30 mei (Corpus Cristi); vrijdag 31 mei (Día de Castilla-La Mancha); donderdag 15 augustus (Asunción de la Virgen); zaterdag 12 oktober (Día de Hispanidad); vrijdag 1 november (Día de Todos los Santos); vrijdag 6 december (Día de la Constitución Española) en woensdag 25 december (Día de Navidad).
Castilië en León // maandag 1 januari (Año Nuevo); zaterdag 6 januari (Día de Reyes); donderdag 28 maart (Jueves Santo); vrijdag 29 maart (Viernes Santo); dinsdag 23 april (Días de Castilla en León); woensdag 1 mei (Día del Trabajador); donderdag 15 augustus (Asunción de la Virgen); zaterdag 12 oktober (Día de Hispanidad); vrijdag 1 november (Día de Todos los Santos); vrijdag 6 december (Día de la Constitución Española); maandag 9 december (Inmaculada Concepción, verplaatst van zondag 8 december) en woensdag 25 december (Día de Navidad).
Catalonië // maandag 1 januari (Año Nuevo); zaterdag 6 januari (Día de Reyes); vrijdag 29 maart (Viernes Santo); maandag 1 april (Lunes de Pascua); woensdag 1 mei (Día del Trabajador); woensdag 24 juni (San Juan); vrijdag 31 mei (Día de Castilla-La Mancha); donderdag 15 augustus (Asunción de la Virgen); woensdag 11 september (La Diada); zaterdag 12 oktober (Día de Hispanidad); vrijdag 1 november (Día de Todos los Santos); vrijdag 6 december (Día de la Constitución Española) en woensdag 25 december (Día de Navidad); donderdag 26 december (San Esteban).
Comunidad de Madrid // maandag 1 januari (Año Nuevo); zaterdag 6 januari (Día de Reyes); donderdag 28 maart (Jueves Santo); vrijdag 29 maart (Viernes Santo); woensdag 1 mei (Día del Trabajador); donderdag 2 mei (Fiesta de la Comunidad de Madrid); donderdag 25 juli (Santiago Apostol); donderdag 15 augustus (Asunción de la Virgen); zaterdag 12 oktober (Día de Hispanidad); vrijdag 1 november (Día de Todos los Santos); vrijdag 6 december (Día de la Constitución Española) en woensdag 25 december (Día de Navidad).
Comunidad de Valencia // maandag 1 januari (Año Nuevo); zaterdag 6 januari (Día de Reyes); dinsdag 19 maart (San José); vrijdag 29 maart (Viernes Santo); maandag 1 april (Lunes de Pascua); woensdag 1 mei (Día del Trabajador); donderdag 15 augustus (Asunción de la Virgen); woensdag 9 oktober (Día de la Comunidad Valenciana); zaterdag 12 oktober (Día de Hispanidad); vrijdag 1 november (Día de Todos los Santos); vrijdag 6 december (Día de la Constitución Española) en woensdag 25 december (Día de Navidad).
Extremadura // maandag 1 januari (Año Nuevo); zaterdag 6 januari (Día de Reyes); dinsdag 13 februari (Martes de Carnaval); donderdag 28 maart (Jueves Santo); vrijdag 29 maart (Viernes Santo); woensdag 1 mei (Día del Trabajador); donderdag 15 augustus (Asunción de la Virgen); zaterdag 12 oktober (Día de Hispanidad); vrijdag 1 november (Día de Todos los Santos); vrijdag 6 december (Día de la Constitución Española); maandag 9 december (Inmaculada Concepción, verplaatst van zondag 8 december) en woensdag 25 december (Día de Navidad).
Galicië // maandag 1 januari (Año Nuevo); zaterdag 6 januari (Día de Reyes); donderdag 28 maart (Jueves Santo); vrijdag 29 maart (Viernes Santo); woensdag 1 mei (Día del Trabajador); vrijdag 17 mei (Día de las Letras Gallegas); donderdag 25 juli (Santiago Apostol); donderdag 15 augustus (Asunción de la Virgen); zaterdag 12 oktober (Día de Hispanidad); vrijdag 1 november (Día de Todos los Santos); vrijdag 6 december (Día de la Constitución Española) en woensdag 25 december (Día de Navidad).
La Rioja // maandag 1 januari (Año Nuevo); zaterdag 6 januari (Día de Reyes); donderdag 28 maart (Jueves Santo); vrijdag 29 maart (Viernes Santo); maandag 1 april (Lunes de Pascua); woensdag 1 mei (Día del Trabajador); maandag 10 juni (Día de la Rioja); donderdag 15 augustus (Asunción de la Virgen); zaterdag 12 oktober (Día de Hispanidad); vrijdag 1 november (Día de Todos los Santos); vrijdag 6 december (Día de la Constitución Española) en woensdag 25 december (Día de Navidad).
Murcia // maandag 1 januari (Año Nuevo); zaterdag 6 januari (Día de Reyes); dinsdag 19 maart (San José); donderdag 28 maart (Jueves Santo); vrijdag 29 maart (Viernes Santo); woensdag 1 mei (Día del Trabajador); donderdag 15 augustus (Asunción de la Virgen); zaterdag 12 oktober (Día de Hispanidad); vrijdag 1 november (Día de Todos los Santos); vrijdag 6 december (Día de la Constitución Española); maandag 9 december (Inmaculada Concepción, verplaatst van zondag 8 december) en woensdag 25 december (Día de Navidad).
Navarra // maandag 1 januari (Año Nuevo); zaterdag 6 januari (Día de Reyes); donderdag 28 maart (Jueves Santo); vrijdag 29 maart (Viernes Santo); maandag 1 april (Lunes de Pascua); woensdag 1 mei (Día del Trabajador); donderdag 25 juli (Santiago Apostol); donderdag 15 augustus (Asunción de la Virgen); zaterdag 12 oktober (Día de Hispanidad); vrijdag 1 november (Día de Todos los Santos); maandag 3 december (San Francisco Javier); vrijdag 6 december (Día de la Constitución Española) en woensdag 25 december (Día de Navidad).
País Vasco // maandag 1 januari (Año Nuevo); zaterdag 6 januari (Día de Reyes); donderdag 28 maart (Jueves Santo); vrijdag 29 maart (Viernes Santo); maandag 1 april (Lunes de Pascua); woensdag 1 mei (Día del Trabajador); donderdag 25 juli (Santiago Apostol); donderdag 15 augustus (Asunción de la Virgen); zaterdag 12 oktober (Día de Hispanidad); vrijdag 1 november (Día de Todos los Santos); vrijdag 6 december (Día de la Constitución Española) en woensdag 25 december (Día de Navidad).
De nationale bloem van Spanje is de rode anjer, ook bekend als de ‘clavel’ of ‘dianthus caryophyllus’. Deze bloem heeft een rijke geschiedenis in Spanje en wordt vaak geassocieerd met de Spaanse cultuur en tradities. De anjer is afkomstig uit het Middellandse Zeegebied en is al eeuwenlang een populaire bloem in Spanje. In de 16e eeuw werd de anjer in Spanje geïntroduceerd door de Arabieren en sindsdien heeft het een belangrijke rol gespeeld in de Spaanse cultuur.
In de Spaanse geschiedenis is de anjer altijd geassocieerd geweest met liefde, passie en opstandigheid. In de 19e eeuw werden anjers gebruikt als symbool van het Spaanse Republikeinse leger en later werden ze een symbool van de arbeidersbeweging in Spanje.
Maar de bekendste associatie van de anjer met Spanje komt van de Spaanse dichter Federico García Lorca, die de bloem beschreef als een symbool van de passie van de Andalusische volksmuziek. De anjer is sindsdien een belangrijk onderdeel geworden van de flamenco-dans en -muziek, die vooral in de regio Andalusië worden uitgevoerd.
Naast de culturele betekenis van de anjer, heeft deze bloem ook enkele unieke kenmerken. De rode anjer heeft bijvoorbeeld een kruidige geur en de bloemblaadjes hebben een licht pittige smaak, waardoor het soms wordt gebruikt in de keuken. Het sap van de anjer wordt ook gebruikt als natuurlijke kleurstof.
De rode anjer is ook een winterharde bloem, wat betekent dat het goed bestand is tegen koude temperaturen en vorst. Dit maakt het een populaire keuze voor tuiniers in koudere klimaten.
Al met al is de rode anjer een belangrijke en bijzondere bloem in de Spaanse cultuur en geschiedenis. Het symboliseert passie, liefde en opstandigheid, terwijl het ook een heerlijke geur en smaak heeft en winterhard is. Het is dan ook geen verrassing dat deze bloem de nationale bloem van Spanje is geworden en nog steeds een belangrijke rol speelt in de Spaanse tradities en cultuur.
Andere nationale bloemen binnen Europa
Er zijn veel verschillende nationale bloemen in Europese landen zoals de onderstaande. Daarbij moet opgemerkt worden dat men vaak de tulp als nationale bloem van Nederland ziet, mede omdat deze ook in het toeristische logo van het land verwerkt is en er natuurlijk tienduizenden toeristen naar Nederland komen om de tulpenvelden te zien. Maar feit is dat de tulp de nationale bloem is van Turkije en Hongarije en Nederland officieel helemaal geen nationale bloem heeft. Maar, daar proberen ze HIER wat aan te doen.
Dit in tegenstelling tot België, waar de rode klaproos vanwege zijn verbinding met de Eerste Wereldoorlog de nationale bloem is. Tijdens de oorlog, die duurde van 1914 tot 1918, bloeiden klaprozen op de slagvelden van Vlaanderen. De velden werden verwoest door het geweld en het bloedvergieten, maar de klaprozen groeiden er nog steeds. De klaproos werd een symbool van de offers die soldaten hebben gebracht in de oorlog.
Andere bekende nationale bloemen zijn onder andere: Bulgarije: Roos; Cyprus: Cyclamen; Denemarken: Rode klaver; Duitsland, Tsjechië en Letland: Korenbloem; Finland: Lelietje-van-dalen; Frankrijk: Lelie; Griekenland: Bougainvillea; Italië: Lelietje-van-dalen; Luxemburg: Rode roos; Noorwegen: Bergklaver; Oostenrijk en Zwitserland: Edelweiss; Portugal: Rode anjer; Verenigd Koninkrijk: Roos; Zweden: Paardebloem.
Spanje is een land dat zich kenmerkt door een droog en warm klimaat, waardoor het beschikbare water een kostbare hulpbron is. Om deze reden heeft Spanje in de loop van de geschiedenis een uitgebreid netwerk van waterkanalen ontwikkeld, die dienen om het water van de ene plaats naar de andere te transporteren. Deze kanalen zijn van groot belang geweest voor de landbouw en de ontwikkeling van vele regio’s in Spanje.
Er zijn in totaal meer dan 1.000 waterkanalen in Spanje, verspreid over het hele land. Het grootste deel van deze kanalen bevindt zich in de regio’s van Andalusië, Valencia en Murcia, waar de landbouw de belangrijkste economische activiteit is.
De waterkanalen zijn gebouwd om verschillende redenen, zoals irrigatie van landbouwgronden, stedelijke watervoorziening, industrieel gebruik en de opwekking van hydro-elektrische energie. Deze kanalen zijn onmisbaar voor de watervoorziening van veel dorpen en steden in Spanje.
Een van de langste waterkanalen in Spanje is het Canal de Castilla, dat loopt door de regio Castilië en León. Dit kanaal heeft een totale lengte van meer dan 200 kilometer en werd gebouwd in de achttiende eeuw om de landbouwgronden in de regio te irrigeren.
Een ander belangrijk kanaal is het Tajo-Segura-kanaal (Trasvase Tajo-Segura), dat water transporteert van de rivier de Tajo naar de regio Murcia en de regio’s ten zuiden van Valencia. Dit kanaal heeft een totale lengte van ongeveer 300 kilometer en is van groot belang voor de landbouw in de regio.
Het kanaal van Navarra is ook een belangrijk kanaal in Spanje. Het kanaal loopt door de regio Navarra en heeft een lengte van ongeveer 170 kilometer. Het werd gebouwd in de negentiende eeuw en is van groot belang voor de watervoorziening van de regio.
Tot slot is het Almanzora-kanaal dat zich bevindt in de regio Andalusië, ook een van de belangrijkste kanalen in Spanje. Het kanaal heeft een totale lengte van ongeveer 150 kilometer en werd gebouwd in de negentiende eeuw om de landbouwgronden in de regio te irrigeren.
In feite zijn de moderne waterkanalen te vergelijken met de oude Romeinse waterkanalen. In de Romeinse tijd werden aquaducten gebruikt om water over lange afstanden te transporteren naar steden en dorpen. Dit was een belangrijke ontwikkeling voor de Romeinse beschaving, omdat het een constante toevoer van water mogelijk maakte voor stedelijke gebieden en de landbouw.
Al deze kanalen zijn van groot belang voor de ontwikkeling van de landbouw in Spanje en voor de watervoorziening van de dorpen en steden in het hele land. Het belang van deze kanalen is dan ook niet te onderschatten en het is van groot belang dat deze kanalen goed onderhouden worden, zodat de watervoorziening voor de toekomst gegarandeerd blijft.
Het uitzetten van een buitenlandse persoon die een misdrijf begaat in Spanje, is afhankelijk van diverse factoren, waaronder de ernst van het misdrijf en de wettelijke situatie van de persoon. Hieronder zullen we uitleggen in welke gevallen uitzetting uit het land mogelijk is. Wanneer een buitenlander een misdrijf pleegt in Spanje, is hij of zij gebonden aan de geldende wetgeving en regelgeving van het land waar hij of zij verblijft. Er zijn verschillende maatregelen die genomen kunnen worden, afhankelijk van het type misdrijf en de wettelijke status van de persoon, die we hieronder zullen bespreken.
Het is belangrijk om op te merken dat niet bij elk misdrijf tot uitzetting zal worden overgegaan. Bijvoorbeeld, als een buitenlander een klein misdrijf begaat, kan hij een boete krijgen, veroordeeld worden tot taakstraffen of zelfs gevangenisstraf krijgen zonder uit het land te worden gezet. Uitzetting kan alleen worden toegepast in ernstige gevallen die als gevaarlijk worden beschouwd vanwege hun ernstige invloed op de samenleving. In dergelijke gevallen kan uitzetting worden toegepast nadat de straf voor het misdrijf is uitgezeten.
In Spanje wordt de uitzetting van een ‘persona extranjera’ die een misdrijf (delito) heeft begaan, geregeld door de Wet 4/2000 van 11 januari betreffende de rechten en vrijheden van buitenlanders in Spanje en hun sociale integratie. Deze wet stelt de regels en procedures vast voor uitzetting en beschermt ook de rechten en vrijheden van buitenlanders in Spanje. Uitzetting wordt gezien als een strafmaatregel die wordt toegepast wanneer er een misdrijf is begaan en het noodzakelijk wordt geacht om de openbare orde en nationale veiligheid te handhaven.
Hoe is het proces?
Het proces van uitzetting begint met een administratief besluit dat kan worden genomen door de Policía Nacional, de Guardia Civil, de gerechtelijke autoriteiten of het ministerie van Binnenlandse Zaken. Dit besluit moet worden medegedeeld aan de buitenlandse persoon, waarbij hij of zij op de hoogte moet worden gesteld van zijn of haar rechten en de mogelijkheid om bezwaar te maken tegen de beslissing.
Als de buitenlandse persoon bezwaar maakt, wordt er een gerechtelijke procedure gestart om te beslissen of uitzetting moet worden toegepast. Tijdens dit proces heeft de buitenlander recht op juridische verdediging en het indienen van bewijs in zijn of haar voordeel. Als uitzetting wordt bepaald, heeft de buitenlander 15 dagen de tijd om het land te verlaten. Als dit niet gebeurt, kan hij of zij worden gedwongen om te vertrekken, met inbegrip van detentie of zelfs deportatie.
Het is belangrijk om de gevolgen te begrijpen die uitzetting uit een land kan hebben, zowel voor de persoon die het misdrijf heeft begaan als voor zijn of haar familie. Naast de gedwongen scheiding kunnen er gevolgen zijn voor werk, huisvesting of toegang tot openbare diensten in Spanje. In feite kan een dergelijke uitzetting leiden tot een verbod op toegang tot het Spaanse grondgebied gedurende een bepaalde periode. De duur van het verbod varieert afhankelijk van de ernst van het misdrijf en andere factoren, zoals de duur van het verblijf van de buitenlander in Spanje.
Hoe lang geldt het verbod?
Artikel 58 van de Wet 4/2000 beschrijft de gevolgen van uitzetting en terugkeer: “Na uitzetting is toegang tot het Spaanse grondgebied verboden. De duur van het verbod wordt bepaald op basis van de omstandigheden van elke zaak en de geldigheid ervan mag niet langer zijn dan vijf jaar. In uitzonderlijke gevallen, wanneer de buitenlander een ernstige bedreiging vormt voor de openbare orde, de openbare veiligheid, de nationale veiligheid of de volksgezondheid, kan een verbod van maximaal tien jaar worden opgelegd”.
Ongetwijfeld heb je het wel eens gehoord tijdens, of eigenlijk beter gezegd, na een maaltijd in Spanje, het woord ‘infusion’. Maar waarom drinkt iemand in plaats van een ‘café solo’ of ‘cortado’ dit na het eten, welke ‘infusiones’ zijn er in Spanje en wat is het verschil met thee?
Infusies, ook wel bekend als ’tisanas’ in het Spaans, zijn drankjes die worden bereid door het weken van kruiden, specerijen, bloemen of bladeren in heet water. In Spanje zijn infusies een populaire drank, vooral tijdens de koudere maanden van het jaar, en er zijn verschillende soorten infusies die worden gedronken vanwege hun verschillende smaken en gezondheidsvoordelen. Infusies zijn echter niet hetzelfde als thee.
Het belangrijkste verschil tussen thee en infusie is de plantenbasis die wordt gebruikt om de drankjes te maken. Thee is gemaakt van de bladeren van de theeplant (Camellia sinensis) die afkomstig is uit Azië. Deze bladeren worden geplukt, verwerkt en gedroogd om verschillende soorten thee te maken, zoals zwarte thee, groene thee, oolong thee en witte thee.
Infusies daarentegen zijn gemaakt van verschillende delen van planten, zoals bloemen, kruiden, specerijen, bladeren, schors of wortels. Infusies kunnen worden gemaakt van een enkel ingrediënt of een combinatie van ingrediënten en worden bereid door de planten in heet water te weken om hun smaak en geur vrij te geven. Hier zijn enkele van de meest voorkomende infusies in Spanje en waarom ze worden gedronken:
Manzanilla – Dit is een kamille-infusie die vaak wordt gedronken na de maaltijd vanwege de rustgevende eigenschappen en de bevordering van de spijsvertering. Het is ook een goede keuze voor het slapengaan vanwege de kalmerende werking.
Menta Poleo – Dit is een infusie gemaakt van gedroogde poleo mintbladeren. Poleo mint is een soort munt die inheems is in Zuid-Amerika en wordt gewaardeerd om zijn verfrissende en stimulerende eigenschappen. Menta Poleo heeft een sterkere smaak dan gewone muntthee en wordt vaak gedronken na de maaltijd vanwege de eigenschappen die helpen bij de spijsvertering.
Hierbabuena – Dit is een pepermuntinfusie die bekend staat om zijn verfrissende smaak en het vermogen om misselijkheid te verminderen en de spijsvertering te verbeteren.
Té verde – Groene thee is een populaire infusie in Spanje vanwege de antioxidanten die het bevat. Het wordt vaak gedronken in de ochtend of na de maaltijd en kan helpen bij het verminderen van stress en het bevorderen van de spijsvertering.
Rooibos – Deze Zuid-Afrikaanse kruidenthee wordt vaak gedronken als alternatief voor zwarte thee of koffie vanwege de cafeïnevrije eigenschappen. Het wordt vaak gezoet met honing en kan helpen bij het verminderen van stress en het verbeteren van de slaap.
Infusión de jengibre – Gemberinfusie is een populaire keuze vanwege de ontstekingsremmende eigenschappen en het vermogen om de spijsvertering te verbeteren. Het wordt vaak gedronken tijdens de koude wintermaanden om verkoudheid en griep te voorkomen.
Infusión de tomillo – Dit is een tijm-infusie die vaak wordt gedronken als remedie tegen hoest en verkoudheid vanwege de antibacteriële en ontstekingsremmende eigenschappen.
Infusión de anís – Anijsinfusie wordt vaak gedronken na de maaltijd vanwege de eigenschappen die helpen bij de spijsvertering en het verminderen van winderigheid.
Infusión de hinojo – Venkelinfusie is ook bekend om zijn eigenschappen die helpen bij de spijsvertering en het verminderen van winderigheid. Het kan ook helpen bij het verminderen van stress en het verbeteren van de slaap.
In Spanje worden infusies meestal gedronken in de ochtend of na de maaltijd als digestief, of ’s avonds voor het slapengaan vanwege de rustgevende eigenschappen. Veel van deze infusies hebben ook gezondheidsvoordelen en kunnen worden gedronken als natuurlijke remedies voor verschillende aandoeningen.
Het sinaasappel seizoen is begonnen, tenminste voor de meest voorkomende variëteit in Spanje, de bloedsinaasappels (naranjas de sangre). Deze vrucht heeft veel voordelen voor het lichaam, omdat het rijk is aan vezels en vitamine C, wat vooral gunstig is voor het immuunsysteem en het voorkomen van griep en verkoudheid bij het begin van de lente.
In deze tijd van het jaar is dit type citrus op zijn best qua rijping, perfect om alleen te eten als onderdeel van de dagelijkse aanbevolen vijf stuks fruit en groenten, of als onderdeel van een recept. Maar, heb je jezelf ooit afgevraagd waarom de netten waarin sinaasappels of mandarijnen worden verkocht, rood van kleur zijn?
De belangrijkste reden hiervoor is in feite marketing want het gebruik van een rood net zorgt ervoor dat de vrucht er helderder uitziet en dat trekt klanten aan. Deze optische illusie-tool heet ‘Munker’ of ‘Munker-White’ en bestaat uit het overlappen van vormen (lijnen en cirkels) en kleuren, waarbij één vorm onvermijdelijk meer opvalt dan de andere. In dit specifieke voorbeeld wordt gespeeld met de lijnen van het net en de ronde vorm van de vrucht. De rode kleur van het net zorgt ervoor dat de oranje kleur van de sinaasappel meer opvalt en helderder lijkt.
Dit effect komt doordat de hersenen de kleuren die andere elementen omringen, als geheel waarnemen. Sommige neurowetenschappers speculeren dat dit fenomeen optreedt als gevolg van de neuronale signalen die informatie over kleuren naar ons gezichtsveld brengen, waardoor er tussenliggende pigmenten ontstaan van wat we waarnemen en zo onze hersenen bedriegen.
Er zijn echter meer redenen om sinaasappels en mandarijnen in netten te verkopen:
Marketing: De kleur oranje wordt vaak geassocieerd met sinaasappels, omdat sinaasappels een oranje schil hebben. Het gebruik van rode netten is daarom een slimme marketingstrategie om consumenten direct te laten weten wat er in het net zit.
Bescherming: De rode netten bieden bescherming aan de sinaasappels tijdens transport en opslag. De netten voorkomen dat de sinaasappels elkaar raken en beschadigd raken, wat kan leiden tot kneuzingen en rotten.
Ademend: Het netmateriaal laat lucht circuleren rondom de sinaasappels, waardoor de vruchten niet gaan zweten en het risico op schimmelvorming wordt verminderd.
Milieuvriendelijk: Rode netten zijn meestal gemaakt van gerecycled materiaal en zijn daarom een milieuvriendelijkere optie dan bijvoorbeeld plastic verpakkingen.
Al met al zijn rode netten een handige, praktische en milieuvriendelijke manier om sinaasappels te verpakken en te verkopen en je weet dus nu ook dat je jezelf aangetrokken voelt tot de oranje of rode netten van de sinaasappels en mandarijnen.
OPMERKING: Een lezer heeft opgemerkt dat de perssinaasappels in Nederland en misschien ook België niet in een rood of oranje netje maar een groen netje verpakt zijn. In Spanje is dat in ieder geval niet het geval.
Misschien is het je al eens opgevallen dat in het Spaans soms dubbele letters gebruikt worden in afkortingen. Denk daarbij aan EE.UU. of FF.CC. en CC.OO. Maar waarom gebeurt dit in het Spaans en wat is de betekenis van deze afkortingen?
In het Spaans worden dubbele letters in afkortingen gebruikt om de afkorting gemakkelijker te kunnen uitspreken en te begrijpen. In sommige gevallen kunnen dubbele letters ook worden gebruikt om verwarring te voorkomen tussen verschillende afkortingen die anders dezelfde spelling zouden hebben.
Een voorbeeld van een Spaanse afkorting met dubbele letters is “EE.UU.”, wat staat voor “Estados Unidos” (Verenigde Staten). Door de dubbele “E” en “U” is het gemakkelijker te herkennen dat het hier om de Verenigde Staten gaat, in plaats van bijvoorbeeld om “Ecuador” (wat ook afgekort kan worden als “EE.UU.” zonder dubbele letters).
Een ander voorbeeld van een Spaanse afkorting met dubbele letters is “CC.OO.”, wat staat voor “Comisiones Obreras” (Vakbond). De dubbele “C” en “O” helpen bij het onderscheiden van deze afkorting van andere mogelijke combinaties van de letters “C” en “O”.
Nog een voorbeeld met de afkorting “FF.CC.” wat staat voor “Ferrocarriles” (spoorwegen). Het wordt meestal gebruikt als onderdeel van de naam van een spoorwegmaatschappij, voor het aanduiden van een treinstation dat wordt bediend door een spoorwegmaatschappij of voor een bepaalde route die meestal op bruine verkeersborden zijn aangegeven.
Een andere veel voorkomende afkorting met dubbele letters is “C.C.A.A” dat staat voor “Comunidades Autónomas” (Autonome regio’s) zoals de C.C.A.A. de Murcia of C.C.A.A. de Extremadura.
In bedrijven kun je vaak de volgende afkorting met dubbele letters tegenkomen, “R.R.H.H.” wat staat voor “Recursos Humanos” (Personeelszaken).
Over het algemeen worden dubbele letters in Spaanse afkortingen dus gebruikt om de uitspraak en het begrip van de afkorting te vereenvoudigen en te verduidelijken.
De Internationale Dag van de Wafel of Wereldwafeldag wordt elk jaar op 25 maart gevierd. Het is een dag waarop mensen over de hele wereld wafels eren en vieren. De oorsprong van de Dag van de Wafel is niet helemaal duidelijk, maar het is waarschijnlijk ontstaan als een manier om het begin van de lente te vieren. Het kan ook te maken hebben met de Zweedse Våffledagen en de de dag van Maria Boodschap. Wat dit echter met wafels te maken heeft, mag aartsengel Gabriël weten, maar dat dit elk jaar op 25 maart gevierd wordt is een heerlijk feit.
De Dag van de Wafel is ook een manier om het belang van deze lekkernij in de verschillende culturen en keukens van de wereld te erkennen. Wafels zijn een veelzijdig voedsel dat in veel verschillende varianten wordt gemaakt en gegeten. Het is een gerecht dat mensen van alle leeftijden en achtergronden aanspreekt en verbindt.
Tijdens de Dag van de Wafel viert men over de hele wereld op verschillende manieren. Sommigen bakken hun eigen wafels thuis, terwijl anderen wafels eten bij hun favoriete restaurant of café. Er zijn ook veel evenementen en festivals die op deze dag worden georganiseerd, waarbij wafels centraal staan en waar personen samenkomen om te genieten van deze heerlijke traktatie.
Spanje en wafels
Wafels zijn een geliefd gebak of tussendoortje over de hele wereld en worden vaak geassocieerd met België of Nederland. Maar wist je dat wafels ook in Spanje erg populair zijn? Spaanse wafels, of ‘gofres’, zijn anders dan de traditionele Belgische of Nederlandse wafels, maar zijn net zo heerlijk.
Gofres worden in Spanje vaak als dessert gegeten en zijn verkrijgbaar bij vele bars, restaurants en straatverkopers. Het deeg voor Spaanse wafels bevat meestal meer suiker dan het deeg voor Belgische of Nederlandse wafels, waardoor de Spaanse wafels een iets zoetere smaak hebben.
Er zijn verschillende varianten van gofres, waaronder de klassieke ‘gofre de Lieja’ (Luikse wafel), een wafel die oorspronkelijk uit België komt, maar inmiddels ook in Spanje populair is geworden. Deze wafel is dikker en kleiner dan de traditionele Belgische (Brussels) wafel en heeft een knapperige textuur door de toevoeging van parelsuiker.
Een andere populaire variant is de ‘gofre de Madrid’, die vaak wordt geserveerd met dulce de leche (gekarameliseerde gecondenseerde melk), slagroom en vers fruit. Andere toppings die vaak worden gebruikt zijn Nutella, chocoladesaus, aardbeien, bananen en karamel.
In sommige delen van Spanje worden gofres ook als hartige snacks gegeten. Deze wafels zijn gemaakt met minder suiker en worden belegd met kaas, ham, tonijn of andere hartige ingrediënten. Ze worden meestal geserveerd als een licht lunchgerecht.
Gofres zijn in Spanje niet alleen populair als streetfood, maar ook als dessert in restaurants. In sommige restaurants worden ze zelfs geserveerd als onderdeel van het menu del día, de dagelijkse lunchspecial. Als toetje worden ze vaak geserveerd met ijs en slagroom, of met fruit en chocoladesaus.
Als je in Spanje bent, moet je zeker eens een gofre proberen. Je kunt ze vinden op veel verschillende plekken, van kleine kraampjes op straat tot luxe restaurants. Of je nu gaat voor de klassieke gofre de Lieja of een meer creatieve variant met hartige toppings, je zult zeker genieten van deze zoete Spaanse lekkernij.
Top 5 meest gegeten wafels in Spanje
Dit zijn de 5 meest gegeten wafels in Spanje die je op veel plaatsen zult tegenkomen:
‘Gofre de Lieja’: Deze wafel is oorspronkelijk afkomstig uit België, maar is inmiddels populair geworden in Spanje. Het deeg bevat parelsuiker en heeft een knapperige textuur. Het wordt vaak geserveerd met slagroom en verschillende zoete toppings, zoals Nutella en vers fruit.
‘Gofre de Madrid’: Deze wafel is iets dikker dan de traditionele Belgische wafel en heeft een zachte textuur. Het wordt vaak geserveerd met dulce de leche, slagroom en vers fruit.
‘Gofre con Nata’: Deze wafel wordt geserveerd met slagroom en suiker. Het is een eenvoudige, klassieke variant van de Spaanse wafel.
‘Gofre de Chocolate’: Deze wafel wordt bedekt met warme chocoladesaus en slagroom. Het is een perfecte traktatie voor chocoladeliefhebbers.
‘Gofre salado’: Dit is een hartige variant van de Spaanse wafel en wordt belegd met kaas, ham, tonijn, groenten of andere hartige ingrediënten. Het is een populaire optie als lichte lunch of als snack.
Wat is het verschil tussen Luikse en Brusselse wafels?
De Luikse en Brusselse wafels zijn twee van de populairste soorten Belgische wafels. Hier zijn de belangrijkste verschillen tussen beide:
Deeg: Het deeg van de Luikse wafel is dikker en heeft een hoger suikergehalte dan dat van de Brusselse wafel. Dit geeft de Luikse wafel een krokante buitenkant en een zachte, luchtige binnenkant. Het deeg van de Brusselse wafel is daarentegen lichter en luchtiger en heeft een iets knapperige textuur.
Vorm: De Luikse wafel heeft een onregelmatige, vierkante vorm, terwijl de Brusselse wafel ronde en gelijkmatige ronde vormen heeft.
Toppings: De Luikse wafel wordt vaak geserveerd met suikerparels die in het deeg zijn verwerkt, terwijl de Brusselse wafel vaak wordt geserveerd met fruit, slagroom of chocoladesaus.
Bakmethode: De Luikse wafel wordt op hoge temperatuur gebakken tussen twee hete ijzers, terwijl de Brusselse wafel op lagere temperatuur wordt gebakken tussen twee platen. Hierdoor heeft de Luikse wafel een knapperige textuur en de Brusselse wafel een zachte textuur.
Euthanasie, ook wel bekend als levensbeëindiging op verzoek, is een onderwerp dat veel discussie en debat oproept in veel landen. In Spanje is euthanasie altijd al een gevoelig en controversieel onderwerp geweest dat pas kortgeleden wetgeving heeft gekregen. In dit artikel zullen we bekijken hoe euthanasie in Spanje is geregeld, welke eisen er worden gesteld en wat de wet inhoudt.
LET OP: Dit is slechts een informatief artikel en geen gespecialiseerde tekst over dit gevoelige en lastige onderwerp. Wil je meer informatie, dan zul je dat met een Spaanse arts moeten bespreken.
In Spanje is euthanasie sinds juni 2021 legaal geworden. Dit betekent dat patiënten die lijden aan een ernstige of ongeneeslijke ziekte, en die ondraaglijk lijden, nu de mogelijkheid hebben om te kiezen voor euthanasie. De wet bepaalt dat de patiënt die euthanasie wil, de beslissing vrijwillig en bewust moet nemen, en dat deze persoon moet lijden aan een ernstige of ongeneeslijke ziekte die onomkeerbaar is en die ondraaglijk lijden veroorzaakt.
Om in aanmerking te komen voor euthanasie moet een patiënt aan enkele strikte voorwaarden voldoen. Allereerst moet de patiënt ouder zijn dan 18 jaar en in staat zijn om een duidelijke en weloverwogen beslissing te nemen. Daarnaast moet de patiënt lijden aan een ernstige of ongeneeslijke ziekte, en moet deze ziekte onomkeerbaar zijn en ondraaglijk lijden veroorzaken. De patiënt moet ook herhaaldelijk om euthanasie hebben verzocht en moet ten slotte goed worden geïnformeerd over zijn of haar gezondheidstoestand, de beschikbare behandelingsmogelijkheden en de gevolgen van euthanasie.
Wanneer aan deze eisen is voldaan, kan de patiënt een verzoek tot euthanasie indienen bij de arts. De arts moet dit verzoek beoordelen en bepalen of aan de wettelijke vereisten is voldaan. Als de arts besluit dat de patiënt in aanmerking komt voor euthanasie, moet de patiënt een tweede arts raadplegen om het verzoek te beoordelen. Als beide artsen het eens zijn, kan de euthanasieprocedure worden gestart.
Het is belangrijk op te merken dat euthanasie in Spanje alleen kan worden uitgevoerd door een arts, en dat de procedure moet worden uitgevoerd in een ziekenhuis of medische instelling. De patiënt heeft het recht om te kiezen wie bij de euthanasieprocedure aanwezig is, en kan ook beslissen over de manier waarop de euthanasie wordt uitgevoerd.
In Spanje is euthanasie een onderwerp dat zeer gevoelig ligt en dat veel debat en discussie heeft opgeroepen. Voorstanders van euthanasie vinden dat patiënten het recht hebben om te kiezen hoe ze willen sterven, terwijl tegenstanders van euthanasie geloven dat het doden van een patiënt in strijd is met de ethische en morele waarden van de samenleving. Er zijn ook veel mensen die vanwege hun religieuze of morele overtuigingen tegen euthanasie zijn.
De nieuwe wet op euthanasie in Spanje is een belangrijke stap in de richting van het erkennen van het recht van patiënten om zelf te beslissen over hun levenseinde, en het bieden van een legale en veilige manier om euthanasie uit te voeren. Het geeft patiënten de mogelijkheid om waardig te sterven en hun lijden te beëindigen, terwijl het tegelijkertijd de arts de nodige bescherming biedt om de procedure op een verantwoorde en ethische manier uit te voeren.
In elk geval is het van cruciaal belang om te onthouden dat euthanasie in Spanje alleen kan worden uitgevoerd in strikte overeenstemming met de wettelijke vereisten en dat het de patiënt en de arts vrij staat om te beslissen of ze deze procedure willen uitvoeren. Het is ook belangrijk om te beseffen dat palliatieve zorg en andere medische behandelingen beschikbaar zijn om de symptomen van een ernstige of ongeneeslijke ziekte te verlichten en het lijden van patiënten te verminderen.
Kortom, euthanasie is een onderwerp dat veel discussie en debat oproept, en het is belangrijk dat de wetgeving en praktijk rondom dit onderwerp zorgvuldig worden afgewogen en uitgevoerd. In Spanje is euthanasie kortgeleden legaal geworden en er zijn strikte voorwaarden gesteld waaraan moet worden voldaan voordat het kan worden uitgevoerd. Het is aan de patiënt en de arts om te beslissen of euthanasie de juiste keuze is, en het is belangrijk om alternatieven te overwegen en de wensen van de patiënt te respecteren.
Ongetwijfeld heb je het wel eens gezien in Spanje, het groene rechthoekige bordje met een grote witte L in het midden die achter de achterruit van een personenwagen hangt. Veel lezers weten wellicht wat dit betekent, en andere lezers weer niet. Daarom een korte uitleg over het gebruik van signaal V-13 zoals dat officieel heet, waarom dat gebruikt wordt, voor wie dit geldt en wat eventuele boetes zijn bij niet correct gebruik.
In Spanje heeft de letter L op een autoruit een specifieke betekenis. Het staat voor ‘Learner’, wat betekent dat de bestuurder van het voertuig een beginner is en nog in de leerfase zit. De L wordt dus gebruikt door nieuwe bestuurders, zoals personen die net hun rijbewijs hebben gehaald en nog weinig ervaring hebben op de weg. Het gebruik van de L is verplicht voor bestuurders die minder dan een jaar in het bezit zijn van hun rijbewijs en nog geen eerdere rijervaring hebben gehad.
Het doel van de L is om andere bestuurders te waarschuwen dat er een onervaren bestuurder op de weg rijdt. Het geeft ook aan dat de bestuurder extra voorzichtig en defensief moet zijn. Het is belangrijk om op te merken dat de L geen vrijbrief is voor onervaren bestuurders om onveilig te rijden of de verkeersregels te overtreden. Bestuurders met een L op hun voertuig moeten zich nog steeds aan alle verkeersregels houden en defensief rijden om de veiligheid op de weg te waarborgen.
In termen van hoe lang de L moet worden gebruikt, is dit afhankelijk van het individu. Bestuurders moeten de L gebruiken totdat ze voldoende vertrouwen en rijervaring hebben opgedaan om zonder de L op de weg te rijden. Sommige bestuurders kunnen dit sneller bereiken dan anderen, afhankelijk van hoe vaak ze rijden en hoe snel ze nieuwe vaardigheden leren.
WIST JE DAT: De L staat voor het Engelse en internationale ‘Learner’ dat in Spanje is overgenomen, maar in andere landen wordt een andere letter gebruikt. Zoals de P voor ‘Principiante’ in Italië of de A voor ‘Apprenti’ in Frankrijk.
Boetes
In Spanje zijn er boetes voor het niet correct gebruik van de L op een autoruit. Als een bestuurder die nog in de leerfase is en de L niet correct gebruikt, kan er een boete worden opgelegd. De hoogte van de boete kan variëren afhankelijk van de ernst van de overtreding. Over het algemeen kan een boete voor het niet correct gebruiken van de L variëren van 100 tot 500 euro, afhankelijk van de specifieke omstandigheden van de overtreding.
Bovendien kan het niet correct gebruiken van de L leiden tot het verlies van punten op het rijbewijs, wat kan resulteren in een tijdelijke intrekking van het rijbewijs of zelfs permanente intrekking bij herhaalde overtredingen. Het is daarom belangrijk dat nieuwe bestuurders in Spanje de L correct gebruiken om boetes en andere gevolgen te voorkomen.
Niet correct gebruik
In Spanje is het niet toegestaan voor ervaren autorijders om met een L op hun autoruit te rijden. De L is alleen bedoeld voor nieuwe bestuurders die net hun rijbewijs hebben gehaald en nog in de leerfase zitten. Als een ervaren bestuurder met een L wordt betrapt, kan dit resulteren in een boete. De hoogte van de boete kan variëren afhankelijk van de specifieke omstandigheden van de overtreding, maar het is meestal hoger dan de boete die wordt opgelegd aan een nieuwe bestuurder die de L niet correct gebruikt.
Bovendien kan het rijden met een L als een ervaren bestuurder leiden tot het verlies van punten op het rijbewijs, wat kan leiden tot een tijdelijke intrekking van het rijbewijs of zelfs permanente intrekking bij herhaalde overtredingen.
Heb jij je wel eens afgevraagd waarom het in Spanje normaal is dat bij een vraag er aan het begin van een zin ook een vraagteken of uitroepteken staat en dat deze omgekeerd staat? In dit artikel proberen we uit te leggen waar deze traditie vandaan komt.
In het Spaans is het gebruikelijk om een omgekeerd vraagteken of uitroepteken aan het begin van een vraag of uitroep te plaatsen en een normaal vraagteken of uitroepteken aan het einde. Dit is een grammaticale regel die helpt om de stijl en structuur van het Spaans te behouden en te verbeteren. Het maakt de leesbaarheid en begrijpelijkheid van de tekst beter en geeft de lezer snel een aanwijzing van de aard van de zin.
¿Waar komt dit vandaan?
Het gebruik van het dubbele vraagteken (¿?) en dubbele uitroepteken (¡!) in het Spaans heeft wortels in het middeleeuws schrift. Tijdens de middeleeuwen gebruikten schrijvers verschillende notaties om vragen en uitroepen in hun werken weer te geven. Vaak gebruikten ze een teken dat ‘Punctus interrogativus’ heette. Dit zou vertaald kunnen worden als vraagpunt. Deze gebruikten ze voor vragen, maar voor een uitroep gebruikten ze iets wat er veel op leek; de ‘punctus admirativus’ wat naar het Nederlands toe misschien het best vertaald kan worden met iets als ‘verrassingspunt’.
De uitroeptekens (signos de exclamación) en de vraagtekens (signos de interrogación) werden in die tijd nog in de schrijfregel geschreven, precies boven het woord waar ze naar verwezen. Na verloop van tijd ontwikkelden ze zich en kregen ze de vorm zoals wij die nu kennen en die we vandaag nog altijd gebruiken. Deze vorm werd de standaard voor het Spaanse schrift.
In het middeleeuws Latijn gebruikte men maar één vraagteken om een vraag aan te duiden. Toen de taal zich echter ontwikkelde, begon men in Spanje ook het vraagteken aan het begin van de zin te gebruiken. Later gold dit ook voor het uitroepteken.
In 1754 werd de tweede editie van de ‘Ortografía de la Real Academia de la Lengua’ gepubliceerd. Dit betekent ‘Spelling van de koninklijke academie van de taal’. Hierin werd geconcludeerd dat het vraagteken aan het einde van de zin niet genoeg was en moest ook gebruikt worden aan het begin van de zin bij lange vragen (met uitzondering van retorische vragen).
In 1870 veranderde dit echter en werd het verplicht dit ook bij korte vragen te doen. Dit gold nog niet voor het uitroepteken. Hierover werd pas in 1884 gepubliceerd dat het verplicht was bij zowel korte als lange zinnen, hoewel deze per gewoonte ook al aan het begin van de lange uitroepen genoteerd werd.
¿En hoe is dat tegenwoordig?
Nu is het volgens de Real Academia Española (RAE) zo dat de vraagteken en uitroepteken altijd geplaatst moeten worden aan het begin van een zin waar dat nodig is. In goed Spaans schrift is het dus niet toegestaan om het openigsteken of ‘signo de apertura’ niet te plaatsen.
Mag je meerdere vraagtekens en uitroeptekens plaatsen? Volgens de specialisten mag dat niet, maar als je dat toch doet dan moeten de aantallen openingstekens gelijk zijn aan de sluitingstekens. Met twee, drie of vier tekens geef je de nadruk ergens op al is dat officieel dus niet toegestaan.
Een andere vraag is of je altijd een punt moet plaatsen achter een vraagteken of uitroepteken. Het antwoord is nee, dat moet niet, maar er kunnen wel andere tekens staan zoals een , of ; of :.
Overigens is het gebruik van de omgekeerde vraagtekens en uitroeptekens op een Spaans toetsenbord veel makkelijker omdat deze standaard staan aangegeven. Op de smartphone moet je het normale vraagteken of uitroepteken ingedrukt houden en dan verschijnt de omgekeerde versie.
De Spaanse zee en rivieren bieden vele mogelijkheden voor sportvissers, van het vangen van verschillende soorten vis tot het genieten van de schitterende omgeving. Echter, om te zorgen dat zowel de vispopulaties als de omgeving gezond blijven, zijn er enkele regels die je moet volgen en vergunningen die je moet aanvragen. In dit artikel leggen we dat uit.
De Spaanse vergunning voor sportvissen wordt ‘Licencia de Pesca Deportiva’ genoemd en kan ook de naam ‘Licencia de pesca marítima recreativa individual’ (voor vissen in de zee)hebben. Ook buitenlanders kunnen een ‘Licencia de Pesca Deportiva’ aanvragen voor sportvissen in Spanje. Het is belangrijk om te controleren of er specifieke vereisten zijn voor buitenlanders en om de juiste documenten mee te nemen bij het aanvragen van de vergunning.
Het is meestal verkrijgbaar bij de lokale overheid (gemeentekantoor) en soms ook online via de regionale overheid. Onderaan dit artikel een korte lijst met links waar je in verschillende regio’s een visvergunning kunt aanvragen (in het Spaans). In feite zijn er twee soorten: vissen in de zee (pesca marítima) en vissen in rivieren (pesca fluvial).
Er zijn meestal de volgende documenten vereist bij het aanvragen van een ‘Licencia de Pesca Deportiva’ in Spanje voor buitenlanders:
Een geldig identiteitsbewijs, zoals een paspoort of identiteitskaart.
Bewijs van verzekering, om te voldoen aan de verzekeringsvereisten in Spanje.
Eventuele verklaringen die specifiek nodig zijn voor buitenlanders, zoals een verklaring van goed gedrag.
Betaling van de vergunningskosten.
Het is aan te bevelen om vooraf contact op te nemen met de lokale overheid om zeker te zijn dat je alle vereiste documenten bij je hebt bij het aanvragen van de ‘Licencia de Pesca Deportiva’.
Kosten visvergunning
De kosten van een ‘Licencia de Pesca Deportiva’ in Spanje kunnen variëren, afhankelijk van de regio en de duur van de vergunning. Het is aan te bevelen om de actuele tarieven op te vragen bij de lokale overheid of op hun website te controleren voordat je de vergunning aanvraagt. Over het algemeen zijn vergunningen voor sportvissen in Spanje betaalbaar en kosten ze een paar tientjes per jaar. Op DEZE website kun je de tarieven van 2022 terugvinden (in het Spaans).
Regels voor sportvissen in Spanje:
Er is een vergunning vereist voor het vissen in openbare wateren. Deze kun je aanschaffen bij de lokale overheid (gemeentekantoor) of online via de regionale overheid.
Het is verboden om gebruik te maken van bepaalde vistuigen, zoals elektrische stroom of giftige stoffen.
Er is een minimumgrootte vastgesteld voor bepaalde vissoorten. Dit is om te zorgen dat deze soorten de tijd krijgen om te groeien en te reproduceren.
Het is niet toegestaan om meer vis te vangen dan je zelf kunt consumeren. Dit helpt om overbevissing te voorkomen.
Benodigdheden voor sportvissen in Spanje:
Een visvergunning
Een hengel en lijn, afhankelijk van de vistechniek die je wilt gebruiken.
Vislood en haakjes.
Een visnet, om de vis mee op te vissen.
Een koelbox, om de vis in te bewaren.
Persoonlijke beschermingsmiddelen, zoals zonnebrandcrème en een zonnehoed.
Het is belangrijk om te onthouden dat sportvissen niet alleen om het vangen van vis gaat, maar ook om het genieten van de natuur en het zorgen voor de gezondheid van de vispopulaties en omgeving. Door de regels te volgen en verantwoord om te gaan met de natuurlijke hulpbronnen, kun je ervoor zorgen dat je een leuke en veilige tijd hebt tijdens het sportvissen in Spanje.
In januari 2023 kwam het Nederlandse Ommeren wereldwijd in het nieuws omdat dit rustige dorp een invasie zag van personen die met metaaldetectoren naar een verloren schat zochten. Dat gebeurde nadat het Nationaal Archief een schatkaart met een mogelijke Nazi-schat hat vrijgegeven.
Op de kaart in Ommeren staan aanwijzingen voor een nooit-gevonden schat: vier munitiekisten vol horloges, sieraden, juwelen en briljanten die begraven zouden liggen in het Gelderse Ommeren. Volgens het Nationaal Archief is hetgeen dat onder de X op de kaart ligt meerdere miljoenen waard.
De kans dat je een soortgelijke schat in Spanje zult vinden is klein, maar het gebruik van metaaldetectoren (detectores de metal) is ook in SPanje aan het stijgen. Weliswaar zijn er geen precieze cijfers bekend, maar het komt steeds vaker voor dat je iemand op het strand ziet lopen met een metaaldetector. Maar wat zijn de regels in Spanje en mag dat eigenlijk wel? En wat doe je als je iets hebt gevonden? Mag je dat dan houden of moet je dat afgeven?
Regels
Spaanse stranden en het Spaanse vasteland bieden veel mogelijkheden voor metaaldetectoren enthousiastelingen, maar het is belangrijk om de regels en wetten te begrijpen die gelden voor het gebruik van metaaldetectoren in Spanje.
In Spanje wordt het gebruik van metaaldetectoren geregeld door de plaatselijke wetgeving en autoriteiten. Sommige gebieden hebben specifieke beperkingen of verboden op het gebruik van metaaldetectoren en het verwijderen van archeologische vondsten. Het is verstandig om de wetten en regels van het gebied waar je van plan bent om te detecteren te raadplegen voordat je begint.
Op Spaanse stranden zijn er soms specifieke regels die gelden voor het gebruik van metaaldetectoren. Dit is meestal te wijten aan de archeologische waarde van het gebied en de bescherming van historische vondsten. Het is verplicht om toestemming te verkrijgen van de eigenaar van het terrein en de plaatselijke autoriteiten voordat je begint met detecteren. Sommige gebieden kunnen volledig verboden zijn voor het gebruik van metaaldetectoren.
Iets gevonden?
Het is ook belangrijk om te onthouden dat het verwijderen van archeologische vondsten in Spanje verboden is. Dit geldt ook voor kleinere objecten die kunnen worden aangemerkt als waardevolle historische objecten. Als je een archeologische vondst maakt, moet je onmiddellijk contact opnemen met de plaatselijke autoriteiten zoals de politie en deze overhandigen.
In feite is het belangrijk om de regels en wetten te respecteren en de archeologische waarde van het gebied te beschermen als je van plan bent om metaaldetectoren te gebruiken in Spanje. Door toestemming te verkrijgen en de regels te volgen, kun je niet alleen een verantwoordelijke metaaldetector enthousiasteling zijn, maar ook bijdragen aan de bescherming van de historische erfenis van Spanje.
Conclusie
In conclusie, als je van plan bent om metaaldetectoren te gebruiken in Spanje, is het belangrijk om de regels en wetten te begrijpen en te respecteren. Dit omvat het verkrijgen van toestemming, het respecteren van de archeologische waarde van het gebied en het naleven van de wetten en regels voor het verwijderen van vondsten.
De EU-parkeerkaart voor gehandicapten, ook bekend als de ‘European Disability Parking Card’ is een internationaal erkend bewijs dat aantoont dat een persoon met een handicap hulp nodig heeft bij het parkeren. In Spanje wordt deze kaart (Tarjeta Europea de Estacionamiento para personas con discapacidad) erkend en gebruikt om mensen met een handicap gemakkelijker en veiliger te laten parkeren.
Als je een lichamelijke handicap hebt die jouw mobiliteit beperkt, heb je in jouw land mogelijk recht op een EU-parkeerkaart voor gehandicapten. Deze kaart moet in alle EU-landen erkend worden. Als je naar een ander EU-land reist, heb je met die EU-parkeerkaart bepaalde parkeerrechten en -faciliteiten. Deze verschillen per land. De parkeerkaart wordt afgegeven door de bevoegde instantie in jouw land volgens de daar gebruikelijke procedures. De kaart is gebaseerd op het gestandaardiseerde EU-model.
Hoe werkt het?
De EU-parkeerkaart werkt door het bezit ervan aan te geven dat de houder een beperking heeft die belemmert bij het parkeren en uitstappen van de auto. Hierdoor hebben zij recht op speciale parkeerplaatsen die dichter bij de uitgang of ingang van een gebouw of locatie liggen en meer ruimte bieden om uit te stappen.
Hoe krijg je de kaart?
Om een EU-parkeerkaart voor gehandicapten in Spanje te krijgen, moet men aan bepaalde criteria voldoen. Het is belangrijk om te weten dat de criteria variëren per land, maar in Spanje moet men een medische verklaring hebben die aantoont dat men een permanente of tijdelijke beperking heeft. Vervolgens kan men de kaart aanvragen bij de plaatselijke autoriteiten.
In Spanje is dat bij een gemeentehuis van bijvoorbeeld jouw woonplaats in Spanje, meer informatie lees je HIER (in het Engels). In Nederland kan deze kaart aangevraagd worden bij het Centraal Bureau Rijvaardigheidsbewijzen (CBR) via DEZE website. In België is de kaart aan te vragen bij de Sociale Zekerheid via DEZE website
Waar geldt de kaart?
De EU-parkeerkaart voor gehandicapten is erkend in heel Europa, dus het is geldig in alle EU-landen, waaronder Spanje. Het is belangrijk om te weten dat sommige landen aanvullende regels en verordeningen hebben voor het gebruik van de kaart. Het is daarom raadzaam om te informeren bij de plaatselijke autoriteiten voordat je de kaart gaat gebruiken.
Voorwaarden voor gebruik
Op wegen en parkeerterreinen zijn de voor gehandicapten gereserveerde parkeerplaatsen aangeduid met een rolstoelsymbool. Parkeer niet op wegen waarvoor een parkeerverbod geldt, tenzij de plaatselijke regelingen dit specifiek toestaan. Ga dit ter plekke na. Voor voertuigen met een zichtbare parkeerkaart gelden verschillende regelingen met betrekking tot parkeertarieven en toegestane parkeertijd. Ga dit ter plekke na. In voetgangersgebieden mag u niet rijden of parkeren. Ga dit ter plekke na.
Op de meeste parkeerterreinen gelden speciale regelingen voor voertuigen met een zichtbare parkeerkaart. Kijk op de informatieborden van het parkeerterrein of informeer bij de beheerder.
LET OP: De ‘European Disability Parking Card’ is niet hetzelfde als de ‘EU disability card’. De Europese gehandicaptenkaart is nog niet officieel in gebruik genomen in de EU-landen en wordt getest in diverse landen waaronder België. De EU-gehandicaptenkaart moet zorgen voor gelijke toegang tot bepaalde voordelen, vooral op het gebied van cultuur, vrije tijd, sport en vervoer. Op basis van deze goede ervaring zal de Europese Commissie tegen eind 2023 een Europese gehandicaptenkaart voorstellen die voor alle EU-landen geldt.
Conclusie
In het kort, de EU-parkeerkaart voor gehandicapten in Spanje is een handige en waardevolle tool voor mensen met een handicap die hen helpt bij het parkeren en uitstappen van de auto. Het is erkend in heel Europa en het is gemakkelijk te verkrijgen door een medische verklaring aan te vragen bij de plaatselijke autoriteiten.
De EU-parkeerkaart voor gehandicapten, ook bekend als de ‘European Disability Parking Card’ is een internationaal erkend bewijs dat aantoont dat een persoon met een handicap hulp nodig heeft bij het parkeren. In Spanje wordt deze kaart (Tarjeta Europea de Estacionamiento para personas con discapacidad) erkend en gebruikt om mensen met een handicap gemakkelijker en veiliger te laten parkeren.
Als je een lichamelijke handicap hebt die jouw mobiliteit beperkt, heb je in jouw land mogelijk recht op een EU-parkeerkaart voor gehandicapten. Deze kaart moet in alle EU-landen erkend worden. Als je naar een ander EU-land reist, heb je met die EU-parkeerkaart bepaalde parkeerrechten en -faciliteiten. Deze verschillen per land. De parkeerkaart wordt afgegeven door de bevoegde instantie in jouw land volgens de daar gebruikelijke procedures. De kaart is gebaseerd op het gestandaardiseerde EU-model.
Hoe werkt het?
De EU-parkeerkaart werkt door het bezit ervan aan te geven dat de houder een beperking heeft die belemmert bij het parkeren en uitstappen van de auto. Hierdoor hebben zij recht op speciale parkeerplaatsen die dichter bij de uitgang of ingang van een gebouw of locatie liggen en meer ruimte bieden om uit te stappen.
Hoe krijg je de kaart?
Om een EU-parkeerkaart voor gehandicapten in Spanje te krijgen, moet men aan bepaalde criteria voldoen. Het is belangrijk om te weten dat de criteria variëren per land, maar in Spanje moet men een medische verklaring hebben die aantoont dat men een permanente of tijdelijke beperking heeft. Vervolgens kan men de kaart aanvragen bij de plaatselijke autoriteiten.
In Spanje is dat bij een gemeentehuis van bijvoorbeeld jouw woonplaats in Spanje, meer informatie lees je HIER (in het Engels). In Nederland kan deze kaart aangevraagd worden bij het Centraal Bureau Rijvaardigheidsbewijzen (CBR) via DEZE website of bij het gemeentekantoor van jouw woonplaats. In België is de kaart aan te vragen bij de Sociale Zekerheid via DEZE website
Waar geldt de kaart?
De EU-parkeerkaart voor gehandicapten is erkend in heel Europa, dus het is geldig in alle EU-landen, waaronder Spanje. Het is belangrijk om te weten dat sommige landen aanvullende regels en verordeningen hebben voor het gebruik van de kaart. Het is daarom raadzaam om te informeren bij de plaatselijke autoriteiten voordat je de kaart gaat gebruiken.
Voorwaarden voor gebruik
Op wegen en parkeerterreinen zijn de voor gehandicapten gereserveerde parkeerplaatsen aangeduid met een rolstoelsymbool. Parkeer niet op wegen waarvoor een parkeerverbod geldt, tenzij de plaatselijke regelingen dit specifiek toestaan. Ga dit ter plekke na. Voor voertuigen met een zichtbare parkeerkaart gelden verschillende regelingen met betrekking tot parkeertarieven en toegestane parkeertijd. Ga dit ter plekke na. In voetgangersgebieden mag u niet rijden of parkeren. Ga dit ter plekke na.
Op de meeste parkeerterreinen gelden speciale regelingen voor voertuigen met een zichtbare parkeerkaart. Kijk op de informatieborden van het parkeerterrein of informeer bij de beheerder.
LET OP: De ‘European Disability Parking Card’ is niet hetzelfde als de ‘EU disability card’. De Europese gehandicaptenkaart is nog niet officieel in gebruik genomen in de EU-landen en wordt getest in diverse landen waaronder België. De EU-gehandicaptenkaart moet zorgen voor gelijke toegang tot bepaalde voordelen, vooral op het gebied van cultuur, vrije tijd, sport en vervoer. Op basis van deze goede ervaring zal de Europese Commissie tegen eind 2023 een Europese gehandicaptenkaart voorstellen die voor alle EU-landen geldt.
Conclusie
In het kort, de EU-parkeerkaart voor gehandicapten in Spanje is een handige en waardevolle tool voor mensen met een handicap die hen helpt bij het parkeren en uitstappen van de auto. Het is erkend in heel Europa en het is gemakkelijk te verkrijgen door een medische verklaring aan te vragen bij de plaatselijke autoriteiten.
Het is toegestaan om een beperkt aantal sigaretten mee te nemen naar Nederland en België wanneer je terugkeert vanuit Spanje. Voor tabak meegenomen uit de Spaanse belastingvrije gebieden Ceuta, Melilla, Canarische eilanden en Andorra gelden dezelfde hoeveelheden als vanuit een niet-EU-land.
Je moet meestal accijnzen betalen in het land waar de tabak wordt verbruikt. Als je als privépersoon binnen de EU reist, ben je daar echter van vrijgesteld. Die vrijstelling geldt alleen als de artikelen voor eigen gebruik zijn en niet verder worden verkocht. Heffingen (btw en accijnzen) zijn inbegrepen in de aankoopprijs, dus je hoeft in een andere EU-lidstaat verder geen heffing meer te betalen.
Maar wat betekent “voor eigen gebruik”? Om te bepalen of je de producten wel echt voor eigen gebruik hebt gekocht, houdt de douane in de EU rekening met verschillende dingen, bijvoorbeeld of je een bedrijf heeft of voor een bedrijf werkt, hoe de artikelen verpakt zijn, hoe je ze vervoert en om welke hoeveelheid het gaat. Daarom kan elk EU-land zelf richtwaarden bepalen voor de hoeveelheden tabaksproducten en alcoholische dranken die je het land mag binnenbrengen, maar die mogen niet lager zijn dan het onderstaande wat voor elk EU-land geldt.
Hoeveelheden
Voor Nederland en België geldt dat er een limiet is van 800 sigaretten (4 sloffen) per persoon als je 17 jaar of ouder bent. Verder geldt een limiet van 200 sigaren, 1 kilo tabak en 400 cigarillo’s (kleine sigaartjes van maximaal 3 gram). Dit zijn algemene EU-regels die ook voor Spanje gelden, dat betekent, als je tabak uit Nederland of België naar Spanje wil meenemen, dan gelden dezelfde hoeveelheden.
Het is belangrijk om te weten dat er strengere regels gelden voor het invoeren van tabak in andere landen. Als je terugkomt uit een land buiten de EU, dan is de limiet veel minder (200 sigaretten (1 slof), 50 sigaren, 250 gram tabak en 100 cigarillo’s).
Bovendien, het is illegaal om tabak te kopen voor anderen in een land waar de legale leeftijd voor het kopen van tabak hoger is dan de leeftijd van de persoon voor wie de tabak is gekocht. Dit geldt ook voor onlineaankopen. Voor reizigers jonger dan 17 jaar zijn de regels strenger. De regels variëren per land, dus controleer ze voordat je vertrekt.
Wat als je meer dan de toegestane hoeveelheden vervoert?
Als de douane vermoedt dat je artikelen meeneemt die niet voor eigen gebruik zijn of die bestemd zijn voor de verkoop, dan kan de ambtenaar je om bewijsstukken vragen (aankoopbonnen enz.). Als je niet voldoende bewijs levert, kan de douane jou accijnzen laten betalen in het land van bestemming of de artikelen in beslag nemen.
Heb je jezelf wel eens afgevraagd waarom Spanje genoemd wordt in het Nederlandse volkslied? In het eerste couplet wordt ‘Hispanje’ genoemd (den koning van Hispanje) en in het tiende couplet staat ‘Spanjaards’ vermeld (dat u de Spanjaards krenken). Terwijl iedereen vooral het eerste couplet uit volle borst meezingt en het ‘Duitsen bloed’ en ‘koning van Hispanje’ zingt, vraagt men zich vaak niet af waarom dat zo is.
Spanje staat in het Nederlandse volkslied ‘Het Wilhelmus’ vanwege de historische verbinding tussen de twee landen. In de 16e eeuw was Nederland onderdeel van het Spaanse Rijk. De Nederlanders, geleid door Willem van Oranje, vochten voor onafhankelijkheid van Spanje in wat bekend staat als de Tachtigjarige Oorlog. Het volkslied, geschreven in de late 16e eeuw, gaat over deze strijd voor vrijheid en de moed van de Nederlandse mensen tijdens deze tijd.
In het volkslied wordt Willem van Oranje genoemd als de ‘Prins van Oranje’ en wordt hij gevierd als een held voor het leiden van de Nederlanders in hun strijd tegen de Spanjaarden. Het volkslied verwijst ook naar de Spaanse koning Filips II als de onderdrukker en de vijand van de Nederlanders.
Het is belangrijk om te weten dat het volkslied werd geschreven tijdens een periode waarin Nederland nog steeds vocht voor onafhankelijkheid van Spanje en de tekst weerspiegelt de gevoelens van die tijd. Vandaag de dag hebben Nederland en Spanje een vriendschappelijke relatie en wordt het volkslied gezien als een symbool van de geschiedenis en de strijd voor vrijheid van het land.
Om samen te vatten, Spanje staat in het Nederlandse volkslied vanwege de historische verbinding tussen de twee landen, specifiek de Nederlandse oorlog voor onafhankelijkheid van Spaanse heerschappij in de 16e eeuw, waarin het volkslied werd geschreven. Het volkslied dient als een herinnering aan de geschiedenis van het land en de strijd voor vrijheid.
In Spanje zijn er verschillende regels en vergunningen nodig voor het bouwen van een prefab woning. Het is belangrijk om deze regels te kennen voordat je begint met het bouwen van je woning, om te voorkomen dat je tegen problemen aanloopt tijdens het bouwproces. Hieronder bespreken we enkele belangrijke regels die je moet weten bij het bouwen van een prefab woning in Spanje, maar we gaan ze niet uitgebreid behandelen.
De regels voor het bouwen van een prefab woning (casa prefabricada) komen over het algemeen overeen met die van een normale woning, maar soms en in sommige gemeenten kunnen er afwijkingen zijn. Verder denken veel personen dat het bouwen van een prefab woning op elk stuk land mag, maar dat is niet waar. Onderaan omschrijven we het verschil tussen onroerend en roerend goed en het verschil tussen stedelijk en rustiek land.
Bouwvergunning
Allereerst is het nodig om een bouwvergunning aan te vragen bij de plaatselijke overheid (gemeentekantoor) voordat je begint met het bouwen van je prefab woning. Deze vergunning moet je aanvragen bij het gemeentelijke bouw- en huisvestingsdepartement. Je moet aantonen dat je beschikt over het juiste bouwterrein en dat je voldoet aan de vereisten voor het bouwen van een woning.
Bouwplannen
Voor het verkrijgen van de bouwvergunning is het noodzakelijk om gedetailleerde bouwplannen in te dienen bij de overheid. Dit moet duidelijk aangeven waar je gaat bouwen en hoe je de woning gaat bouwen. Je moet ook aangeven welke materialen je gaat gebruiken en hoe je de woning gaat isoleren. Het is belangrijk om te weten dat je ook moet voldoen aan bepaalde bouwnormen, zoals de minimale oppervlakte van de woning, de maximale hoogte en gebruikte materialen.
Milieuregels
In Spanje zijn er ook verschillende milieuregels waar je aan moet voldoen bij het bouwen van een woning. Dit betekent onder andere dat je moet voldoen aan bepaalde regels voor energiezuinigheid en het gebruik van milieuvriendelijke materialen. Dit is belangrijk omdat deze de duurzaamheid van de woning bevordert en het milieu beschermt.
Planning en tijdsplanning
Het is belangrijk om een goede planning en tijdsplanning te hebben voor het bouwen van je prefab woning. Dit betekent dat je een duidelijk overzicht moet hebben van wanneer je begint met het bouwen, hoe lang het bouwproces ongeveer duurt en wanneer de woning gereed is. Het is ook belangrijk om een realistische inschatting te maken van de kosten van het bouwproces, zodat je weet of je genoeg financiële middelen hebt om het bouwproces te voltooien. Het is aan te bevelen om een professioneel bouwbedrijf in te schakelen om je te helpen bij het opstellen van een goede planning en tijdsplanning.
Inspecties en keuringen
Na het voltooien van het bouwproces is het noodzakelijk om enkele inspecties en keuringen te doen. Dit om te zorgen dat de woning aan alle veiligheids- en kwaliteitsnormen voldoet. Inspecties worden meestal uitgevoerd door de gemeente en kunnen inspecties van elektrische installaties, verwarming, ventilatie, en brandbeveiliging omvatten. Keuringen kunnen ook worden uitgevoerd door onafhankelijke inspecteurs die gespecialiseerd zijn in specifieke aspecten van het bouwproces.
Roerend en onroerend goed
Roerend en onroerend goed zijn twee categorieën van bezittingen die worden onderscheiden in Spanje, zoals in veel andere landen. Het verschil tussen deze twee categorieën is gebaseerd op de aard van de bezittingen en de wijze waarop ze worden geclassificeerd. Een prefab woning kan op verschillende manieren gebouwd worden.
Roerend goed zijn bezittingen die gemakkelijk van plaats kunnen veranderen, zoals meubels, voertuigen, machines, sieraden en kunstwerken. Dit soort bezittingen kunnen worden verplaatst, verkocht, verhuurd of verpacht zonder dat er veranderingen aan de locatie waar ze zich bevinden hoeven plaats te vinden.
Onroerend goed, aan de andere kant, zijn bezittingen die vast verbonden zijn aan een bepaalde locatie, zoals grond, huizen, gebouwen, wegen en andere structuren die vast aan de grond zijn bevestigd. Onroerend goed kan niet gemakkelijk worden verplaatst en het bezit hiervan is geregistreerd in het openbare register.
Stedelijk en rustiek land
In Spanje is het verschil tussen stedelijk en rustiek land belangrijk als het gaat om bouwvergunningen, omdat de regels en vergunningen voor het bouwen van een woning kunnen verschillen afhankelijk van de locatie van de grond.
Stedelijk land is grond dat zich binnen de bebouwde kom bevindt, bijvoorbeeld in een stadscentrum of in een stedelijke omgeving. Hier gelden specifieke regels voor het bouwen van woningen, waaronder vergunningsvereisten, beperkingen voor de grootte van de bouwwerken en beperkingen voor de architectuur en stijl van de gebouwen.
Rustiek land, aan de andere kant, is grond buiten de bebouwde kom, zoals landbouwgrond, bosgrond of land in natuurgebieden. Hier gelden vaak andere regels voor het bouwen van woningen, zoals lagere vergunningsvereisten en minder beperkingen voor de grootte en stijl van de gebouwen. In veel gevallen mag niet gebouwd worden op rustiek land tenzij je aan regionale eisen voldoet.
Het is belangrijk om deze verschillen te overwegen bij het aanschaffen van grond en het plannen van een bouwproject in Spanje, omdat de regels en vergunningen voor het bouwen van een woning kunnen sterk variëren tussen stedelijk en rustiek gebied. Het is aan te bevelen om professioneel advies in te winnen om te bepalen welke regels en vergunningen gelden voor jouw specifieke bouwproject.
Conclusie
Het bouwen van een prefab woning in Spanje vereist de naleving van verschillende regels en vergunningen. Het is belangrijk om deze regels te kennen en te volgen om te voorkomen dat je tegen problemen aanloopt tijdens het bouwproces. Een goede planning en tijdsplanning, evenals inspecties en keuringen na afloop, zijn belangrijk om te zorgen dat de woning aan alle veiligheids- en kwaliteitsnormen voldoet. Als je deze regels volgt, kun je genieten van een comfortabele en veilige woning in Spanje.
In Nederland kun je al inwoner gebruikmaken van DigiD om jouw identiteit te verifiëren bij websites en overheidsinstellingen. DigiD kan gezien worden als een soort van digitaal paspoort. Terwijl Nederland DigiD gebruikt en dat in België CSAM heet, heeft ook Spanje een digitale code voor inwoners van het land: cl@ve. Maar hoe kom je daar aan en waar dient het voor in Spanje?
In Spanje wordt de cl@ve gebruikt als een elektronisch identificatie- en authenticatiemiddel voor online transacties met de overheid en andere instanties. Er bestaan twee soorten cl@ve: de cl@ve PIN en de cl@ve Permanente. In dit artikel meer informatie over wat een cl@ve is, hoe je deze kunt aanvragen, waar je deze kunt gebruiken, hoe veilig deze cl@ve is en hoe je deze eventueel kunt aanvragen via een derde persoon zoals een gestor of notaris.
Wat is een cl@ve?
Een cl@ve is een unieke code in Spanje die wordt gebruikt om toegang te krijgen tot verschillende online diensten van de Spaanse overheid, bijvoorbeeld de belastingaangifte, aanvragen van een uittreksel uit het bevolkingsregister of het aanvragen van documenten.
Waarom is het belangrijk om een cl@ve te hebben?
Een cl@ve is een vereiste om gebruik te kunnen maken van de online diensten van de Spaanse overheid. Het maakt het proces van bijvoorbeeld belastingaangifte of aanvragen van documenten een stuk eenvoudiger en sneller. Ook zonder een cl@ve kun je deze zaken regelen, maar dan zul je dit op een andere manier moeten doen (bijvoorbeeld langs gaan bij het gemeentehuis)
Wie kan een cl@ve aanvragen?
Elke persoon die officieel in Spanje woont of zakelijk actief is kan een cl@ve aanvragen. Dit kan zowel voor Spaanse burgers als voor buitenlanders zijn.
Hoe kun je een cl@ve aanvragen bij de Spaanse overheid?
Er zijn verschillende manieren om een cl@ve aan te vragen bij de Spaanse overheid. De gebruikelijkste manier is via DEZE website van de Spaanse overheid (ook in het Engels). Hier moet je een aanvraagformulier invullen en de benodigde documenten uploaden. Andere manieren zijn via een ‘videollamada’ of videobellen of langsgaan bij een ‘oficina de registro’.
EXTRA TIP: Onderaan dit artikel geven we uitleg over de aanvraag via een gestandaardiseerde verificatie via bijvoorbeeld een gestor, notaris of een ander gestandaardiseerd verificatie bedrijf.
Welke documenten zijn nodig voor een cl@ve aanvraag?
Om een cl@ve aan te vragen bij de Spaanse overheid heb je een geldig identiteitsbewijs of paspoort, een geldige Spaanse NIE-nummer (volgens de website van cl@ve echter niet verplicht) en een geldig e-mailadres nodig. Het is alleen mogelijk om één NIE-nummer of persoon te registreren per mobiel nummer.
Hoe lang duurt het om een cl@ve aan te vragen?
Het aanvragen van een cl@ve bij de Spaanse overheid kan enkele dagen tot enkele weken duren. Het is aan te raden om op tijd te beginnen met de aanvraag om teleurstelling te voorkomen.
Wat gebeurt er na aanvraag?
Na het indienen van de aanvraag ontvangt de gebruiker een e-mail met een bevestiging van de aanvraag. Daarna ontvangt de gebruiker een sms met een tijdelijke code die nodig is om de cl@ve te activeren (dit werkt ook met een buitenlands mobiel nummer maar je moet +31 etc. toevoegen). De gebruiker moet deze code gebruiken om de cl@ve te activeren binnen de 48 uur voordat de code verloopt.
EXTRA TIP: Het is aan te raden om de cl@ve te activeren zo snel mogelijk na ontvangst van de sms, om te voorkomen dat de code verloopt.
Welke soorten cl@ves bestaan er?
In Spanje bestaan twee soorten cl@ve, de cl@ve PIN en de cl@ve Permanente, maar wat is het verschil tussen deze twee cl@ves?
De cl@ve PIN is een tijdelijke clave die gebruikers ontvangen via e-mail of sms (ook buitenlands mobiel nummer) en die gebruikt kan worden voor eenmalige transacties met de Spaanse overheid of andere instanties. De cl@ve PIN wordt gegenereerd wanneer een gebruiker zich voor het eerst registreert voor een dienst of transactie. De gebruiker moet de cl@ve PIN invoeren in de daarvoor bestemde velden op de website van de instantie. De cl@ve PIN is slechts éénmalig te gebruiken en vervalt na een bepaalde tijd.
De cl@ve Permanente is een permanente clave die gebruikers ontvangen na registratie. De cl@ve Permanente kan worden gebruikt voor meerdere transacties met de Spaanse overheid of andere instanties. Het is een uniek en persoonlijk wachtwoord dat door de gebruiker zelf wordt gekozen tijdens de registratie en is niet tijdsgebonden. De gebruiker kan de cl@ve Permanente op elk moment wijzigen en is verantwoordelijk voor de veiligheid ervan.
Hoe kun je een cl@ve veilig gebruiken en bewaren?
Het is belangrijk om je cl@ve veilig te gebruiken en te bewaren, omdat het een uniek identificatienummer is dat kan worden gebruikt voor persoonlijke transacties en toegang tot privé-informatie. Gebruik altijd een sterk wachtwoord en verander deze regelmatig. Voorkom het gebruik van gemakkelijk te raden informatie, zoals je geboortedatum of naam van je huisdier.
Gebruik alleen vertrouwde websites voor online transacties en controleer altijd of een website een beveiligde verbinding (https) heeft. Log altijd uit als je een online transactie hebt voltooid of als je een vertrouwelijke website hebt verlaten. Maak nooit je cl@ve bekend aan anderen en deel deze nooit met iemand. Bewaar je cl@ve op een veilige plek, bijvoorbeeld in een wachtwoordbeheerder of opgeschreven op een veilige locatie.
Als je vermoedt dat je cl@ve is gestolen of misbruikt wordt, neem dan onmiddellijk contact op met de Spaanse overheid of het bedrijf waarmee je de transactie hebt gedaan.
EXTRA TIP: aanvraag via een gestandaardiseerde verificatie
Wat is een gestandaardiseerde verificatie? Een gestandaardiseerde verificatie is een manier om een cl@ve aan te vragen zonder dat je hiervoor persoonlijk naar een overheidsinstelling hoeft te gaan. Dit kan bijvoorbeeld via een notaris, gestor of een gestandaardiseerd verificatie bedrijf.
Hoe werkt een gestandaardiseerde verificatie? Een gestandaardiseerd verificatie bedrijf of notaris verifieert de identiteit van de aanvrager en verstuurt vervolgens de aanvraag naar de Spaanse overheid. De aanvrager ontvangt een cl@ve via e-mail of post.
Welke documenten zijn nodig voor een gestandaardiseerde verificatie? Voor een gestandaardiseerde verificatie zijn meestal dezelfde documenten nodig als voor een cl@ve aanvraag bij de Spaanse overheid: een geldig identiteitsbewijs of paspoort, een geldige Spaans NIE-nummer en een geldig e-mailadres.
Hoe lang duurt het om een cl@ve via een gestandaardiseerde verificatie aan te vragen? Het aanvragen van een cl@ve via een gestandaardiseerde verificatie duurt meestal langer dan via de website van de Spaanse overheid, omdat er meer tijd nodig is voor verificatie en verzending van de aanvraag.
Voordeel: Een gestandaardiseerde verificatie kan een goede optie zijn voor mensen die moeite hebben met het aanvragen van een cl@ve via de website van de Spaanse overheid of voor mensen die niet in Spanje zijn.
Nadeel: Het aanvragen via een gestandaardiseerde verificatie is vaak duurder dan via de website van de Spaanse overheid.
SAMENVATTING In Spanje wordt de cl@ve gebruikt als een elektronisch identificatie- en authenticatiemiddel voor online transacties met de overheid en andere instanties. Er bestaan twee soorten cl@ve, de cl@ve PIN en de cl@ve Permanente.
De cl@ve PIN is een tijdelijke clave die gebruikers ontvangen via e-mail of sms en die gebruikt kan worden voor eenmalige transacties. De cl@ve PIN wordt gegenereerd wanneer een gebruiker zich voor het eerst registreert voor een dienst of transactie en is slechts éénmalig te gebruiken. De cl@ve Permanente is een permanente clave die gebruikers ontvangen na registratie en kan worden gebruikt voor meerdere transacties. Het is een uniek en persoonlijk wachtwoord dat door de gebruiker zelf wordt gekozen tijdens de registratie.
Het is belangrijk om de cl@ve veilig te gebruiken en te bewaren, omdat het een uniek identificatienummer is dat kan worden gebruikt voor persoonlijke transacties en toegang tot privé-informatie. Gebruikers moeten altijd een sterk wachtwoord gebruiken, vertrouwde websites gebruiken voor online transacties en hun cl@ve nooit delen met anderen.
Spanje biedt enkele voordelen als woonland, zoals goed weer (bijna) het hele jaar door, een welkome cultuur, een ontspannen levensstijl en relatief lage kosten van levensonderhoud. Al deze voordelen komen met relatief lage prijzen in de winkels en horeca, al zijn ook in Spanje de kosten van levensonderhoud de afgelopen jaren gestegen, maar blijven deze vergeleken met andere landen relatief laag. In dit artikel kijken we naar de gezondheidszorg in Spanje, en dan specifiek die voor buitenlanders.
Spanje is bekend om zijn uitstekende gezondheidszorg, maar ook dit is de laatste jaren vanwege personeelstekorten en bezuinigingen achteruit gegaan. Er zijn twee soorten gezondheidszorg in Spanje: openbare en privé. We bekijken beide mogelijkheden in Spanje, kijken naar het aantal ziekenhuizen en onderzoeken de wachtlijsten.
Openbare gezondheidszorg
De openbare gezondheidszorg in Spanje wordt gefinancierd door de overheid en is toegankelijk voor iedereen die in Spanje woont of werkt. Buitenlanders die officieel in Spanje wonen of een werkvergunning hebben zijn ook gerechtigd om gebruik te maken van de openbare gezondheidszorg. De kosten van de openbare gezondheidszorg worden bekostigd door belastingen en sociale bijdragen, waardoor deze voor de meeste inwoners en legale buitenlanders gratis of tegen een lage vergoeding te gebruiken is.
Je kunt als buitenlandse ingezetenen gebruikmaken van het openbare gezondheidssysteem. In principe worden buitenlanders in Spanje volgens de wet gezien als inwoners van Spanje voor de openbare gezondheidszorg, en heeft iedereen die in Spanje woont recht op medische assistentie. Daarvoor moet je wel meer dan 90 dagen woonachtig zijn in Spanje, waarbij het niet uitmaakt of je wel of niet staat ingeschreven als bewoner van het land. Iemand die minder dan 90 dagen verblijft in Spanje wordt gezien als een ‘tijdelijke inwoner’ en heeft geen recht op de gratis gezondheidszorg.
NOTA: de gezondheidszorg in Spanje, en zeker voor buitenlanders, is een nogal complex systeem en is, ondanks landelijke regels, niet overal in elke autonome regio hetzelfde. Er kan verwarring zijn over de 90 dagen. De 180-dagenregeling (per belasting/kalenderjaar) heeft te maken met het wel of niet zijn van fiscaal resident, terwijl de 90 dagen te maken heeft met een aaneengesloten periode dat men in Spanje verblijft zoals HIER op de website van het ‘Ministerio del Interior’ omschreven voor ‘Ciudadanos de la Unión Europea’. De 90-dagen regeling staat ook uitgelegd op DEZE website van de EU.
De openbare gezondheidszorg in Spanje is echter niet altijd even snel en efficiënt, zoals in andere landen. Wachttijden voor bepaalde medische behandelingen kunnen lang zijn, vooral in gebieden met een hoge bevolkingsdichtheid. Bovendien zijn er beperkingen op de beschikbaarheid van specialistische zorg en medicijnen in de openbare gezondheidszorg.
Privé gezondheidszorg
De privé gezondheidszorg in Spanje biedt een snellere en efficiëntere dienstverlening dan de openbare gezondheidszorg, maar is wel duurder. De privé gezondheidszorg wordt gefinancierd door verzekeringen of particuliere betalingen en biedt toegang tot een breder scala aan medische behandelingen en specialistische zorg. Buitenlanders kunnen zich aansluiten bij een privé ziektekostenverzekering of betalen voor medische diensten op basis van hun eigen budget.
In Spanje zijn er ook privé ziekenhuizen die zowel openbare als privé zorg aanbieden. In deze ziekenhuizen kun je kiezen voor openbare of privé zorg afhankelijk van de verzekeringsstatus of het budget. Er zijn uitstekende privé ziekenhuizen in Spanje te vinden waarbij deze soms op internationale lijsten staan van beste ziekenhuizen ter wereld.
Privé verzekeringen
Er zijn veel verzekeringsmaatschappijen in Spanje die meerdere plannen en tarieven hebben. De bekendste zijn Asisa, Adeslas, Sanitas, Caser, DKV, Mapfre en AXA. Op deze website van Rankia.com kun je (in het Spaans) een overzicht en omschrijving zien van de beste maatschappijen.
TIP: Mocht je in het Nederlands geholpen willen worden dan kun je ook terecht bij Cogesa Expats waar o.a. Nederlands gesproken wordt en waar je naast informatie vragen ook diverse verzekeringen kunt afsluiten.
Aantal ziekenhuizen
Volgens Statista heeft Spanje meer dan 700 ziekenhuizen waarvan 342 ‘hospitales públicos’ (openbare ziekenhuizen) en 429 ‘hospitales privados’ (privé ziekenhuizen) met in totaal 158.000 ziekenhuisbedden. Er zijn dus meer privé dan openbare ziekenhuizen in Spanje waar in totaal 643.261 personen werken waarvan 116.313 artsen, 182.439 verpleegkundigen en vroedvrouwen en 141.216 verpleeghulpen.
Wachtlijsten
Volgens de laatste cijfers die bekend zijn gemaakt en betrekking hebben op het eerste halfjaar van 2022, heeft Spanje 742.518 patiënten die op een niet-urgente chirurgische ingreep in het Spaanse nationale gezondheidssysteem wachten. Dat aantal is echter niet in elke autonome regio gelijk, maar het landelijk gemiddelde is bijna vier maanden wachttijd.
Jaarlijks worden in de ziekenhuizen van het ‘Sistema Nacional de Salud’ (openbare publieke ziekenhuizen) 3,7 miljoen operaties uitgevoerd. Terwijl de gemiddelde wachttijd bij de openbare ziekenhuizen 113 dagen (3 maanden en 23 dagen) is, is dat bij de particuliere ziekenhuizen gemiddeld 79 dagen (2 maanden en 19 dagen). Bij 60% van de particuliere patiënten is de wachttijd 60 dagen of langer. Het is niet bekend hoeveel operaties worden uitgevoerd in particuliere ziekenhuizen.
De belangrijkste informatie over de wachtlijsten voor niet-urgente chirurgische ingrepen in de openbare ziekenhuizen zijn als volgt: de gemiddelde wachttijd is 113 dagen, of 3 maanden en 23 dagen en 17,6% van de patiënten moet echter meer dan zes maanden wachten. Concreet zijn de specialiteiten met de meeste wachtende patiënten: Traumatologie (187.404 personen) en Oogheelkunde (159.218), terwijl die met de minste wachtende patiënten thoracale chirurgie (2355 patiënten) en hartchirurgie (3304) zijn. Gekeken naar de wachttijd is dat voor Plastische Chirurgie (226 dagen) en Neurochirurgie (193 dagen) het langst, in tegenstelling tot Dermatologie (63 dagen) en Hartchirurgie (75 dagen).
Spaanse taal
Het beheersen van de Spaanse taal wordt door veel buitenlanders die de stap al gewaagd hebben om in Spanje te gaan wonen, als belangrijk gezien. Als je aan de Costa alleen met personen uit je eigen land omgaat, zal het geen probleem zijn, maar het niveau Engels is niet hoog in Spanje en dus is een beheersing van de Spaanse taal belangrijk. Niet alleen om jezelf verstaanbaar te maken en alles beter te begrijpen, maar ook om beter te integreren.
Mocht je te maken krijgen met de Spaanse gezondheidszorg, dan moet je er rekening mee houden dat alles in het Spaans gebeurt (logisch, want je bent in Spanje). Dat kan soms moeilijk zijn als je de taal niet goed beheerst want de diagnoses, informatie, documenten, gesprekken etc. zijn allemaal in het Spaans en de tweede officiële taal zoals het Catalaans of Galicisch. Dat kan bij privé ziekenhuizen anders zijn want daar werken soms wel personen die meerdere talen beheersen.
TIP: Mocht je aan de Costa Blanca in het Nederlands geholpen willen worden, dan kun je soms ook terecht bij privé ziekenhuizen waar deze taal wordt gesproken, zoals in Benidorm, Denia, Calpe, Moraira en Albir bij HCB Hospitales (klik hier voor de Nederlandstalige website) of in Benidorm bij het Hospital Clinica (klik hier voor de Nederlandstalige website).
Conclusie
Spanje biedt een uitstekende gezondheidszorg voor zowel inwoners als buitenlanders. De openbare gezondheidszorg is toegankelijk voor iedereen die in Spanje woont of werkt en wordt gefinancierd door de overheid. Hoewel de openbare gezondheidszorg gratis of tegen een lage vergoeding is, kan de dienstverlening soms traag zijn. De privé gezondheidszorg biedt een snellere en efficiëntere dienstverlening, maar is wel duurder.
Emigreren naar Spanje vanuit Nederland en België kan een grote stap zijn, zowel emotioneel als financieel. Er zijn enkele kosten waarmee rekening gehouden moet worden voordat men de stap naar de emigratie maakt. In dit korte artikel beschrijven we enkele basiskosten waar u rekening mee moet houden, deze kunnen voor iedereen anders zijn.
Ten eerste zijn er de kosten voor het verkopen van uw huidige woning in Nederland of België. Dit kan variëren van makelaarskosten tot kosten voor het opknappen van uw huis om het aantrekkelijker te maken voor kopers. Bovendien moet u rekening houden met kosten voor verhuizing van uw bezittingen naar Spanje.
Vervolgens zijn er de kosten voor het kopen van een woning in Spanje. Hierbij moet u rekening houden met de aankoopprijs van de woning, belastingen, notariskosten en kosten voor registratie van de woning. Bovendien moet u rekening houden met eventuele verbouwings- of renovatiekosten.
Daarnaast zijn er diverse kosten zoals voor verzekeringen, zoals ziektekostenverzekering en inboedelverzekering. Ook zijn er kosten voor het aanvragen van verblijfsvergunningen, het legaliseren van documenten, aansluiten van water, elektriciteit, eventueel gas en telefoon/internet.
Tot slot moet u rekening houden met de kosten van het levensonderhoud in Spanje, zoals huur, boodschappen, vervoer en eventuele schoolkosten voor kinderen. Het is verstandig om vooraf een begroting te maken van deze kosten om te zien of uw inkomen toereikend is om in Spanje te leven.
In totaal kunnen de kosten van emigreren naar Spanje vanuit Nederland of België oplopen tot enkele tienduizenden euro’s. Het is belangrijk om vooraf goed te plannen en de kosten in kaart te brengen om te zorgen dat u financieel voorbereid bent voor deze grote stap. Daarnaast is het ook verstandig om professioneel advies in te winnen van een makelaar, notaris, verzekeraar of immigratieadvocaat om de kosten zo laag mogelijk te houden en eventuele risico’s te minimaliseren.
Het pensioensysteem in Spanje bestaat in feite uit twee pilaren, de zogenaamde ‘pensiones contributivas’ en de ‘pensiones no contributivas’. Het verschil tussen beide is of de gepensioneerde heeft bijgedragen aan de opbouw van een pensioen of niet. Het bedrag dat een ‘jubilado’ die niets of niet genoeg jaren heeft bijgedragen ontvangt, is lager dan wat een ‘pensionado’ ontvangt.
Je zou het kunnen zien als een AOW zoals in Nederland, maar dat is niet helemaal hetzelfde. Een AOW ontvangt iedereen in Nederland, ongeacht de situatie waarbij een pensioen daar meestal nog bovenop komt. In Spanje ontvang je echter een pensioen als je daarvoor hebt bijgedragen, bij blijvende invaliditeit of wegens weduwschap. Maar als je niets of niet genoeg jaren hebt bijgedragen heb je geen recht op een normaal pensioen dat ook wel ‘pension contributiva’ (PC) heet, letterlijk vertaald naar ‘premie pensioen’. Meer informatie kun je HIER lezen (in het Spaans)
Heb je dus nooit bijgedragen aan de Sociale Zekerheid door geen premies te betalen of heb je niet minimaal 15 jaar gewerkt en premies betaald, dan heb je in veel gevallen recht op een ‘pension no contributiva’ (PNC), letterlijk vertaald naar ‘premievrij pensioen’. Deze pensioenen worden erkend aan die gepensioneerden die zich in een moeilijke financiële situatie bevinden en onvoldoende middelen hebben om in hun levensonderhoud te voorzien volgens de wettelijk vastgestelde voorwaarden (zie onderaan artikel). Binnen deze modaliteit zijn er arbeidsongeschiktheids- en ouderdomspensioenen.
Wanneer recht op?
Om toegang te krijgen tot een ‘pension no contributiva’ of premievrij pensioen, moet aan een reeks vereisten worden voldaan waarvan de belangrijkste de volgende:
Leeftijd en woonplaats: De vereiste leeftijd is 65 jaar of meer. Je moet op Spaans grondgebied wonen en dat minstens in een periode van 10 jaar in de periode dat iemand 16 jaar is geworden en de datum van de pensioenleeftijd met minimaal twee aaneengesloten jaren voor de datum van aanvraag.
Gebrek voldoende inkomen: Voor het krijgen van een premievrij pensioen moet het inkomen van de aanvrager lager zijn dan 5.899,60 euro/jaar. Is het inkomen lager en woon je samen met familieleden dan gelden andere bedragen. In het geval van echtgenoot/bloedverwant in de tweede graad zijn de inkomensplafonds: bij 2 personen 10.029,32 euro; bij 3 personen 14.159,04 euro; bij 4 personen 18.288,76 euro. Als de bloedverwant een van de ouders of kinderen zijn, dan gelden de volgende inkomensplafonds: bij 2 personen 25.073,30 euro; bij 3 personen 35.397,60 euro; bij 4 personen 45.721,90 euro.
Het pensioenvrij ouderdomspensioen is niet verenigbaar met een pensioenvrij arbeidsongeschiktheidspensioen. Dat betekent dat je bij beide omstandigheden recht hebt op een van beide premievrije pensioenen en dus niet beide. De uitkerende instantie IMSERSO onderzoekt elk geval afzonderlijk. Meer informatie is HIER te lezen (in het Spaans)
De farmaceutische eigen bijdrage (copago farmacéutico) is de verplichte bijdrage die iemand moet betalen op het moment dat het medicijn op medisch voorschrift wordt verstrekt in de apotheek. Dit mede-financieringssysteem is tien jaar geleden ontstaan uit een gezondheidshervorming met de bedoeling de uitgaven voor geneesmiddelen te verminderen midden in de toenmalige economische crisis. Maar sinds 2021 is de maatregel gewijzigd en uitgebreid naar meer groepen gepensioneerden. Op dit moment zijn in Spanje in 2022 ongeveer 6 miljoen mensen vrijgesteld van het betalen voor medicijnen, de meeste van hen zijn gepensioneerd.
Het afschaffen van de eigen bijdrage voor kwetsbare groepen was een van de traditionele verzoeken van de ouderenverenigingen. Sinds 2021 zijn de onderstaande lage-inkomensgroepen vrijgesteld van een farmaceutische eigen bijdrage. Daarbij gaat het dus om ingezetenen van Spanje en niet om gepensioneerden die overwinteren in Spanje en niet ingeschreven staan bij de Spaanse Sociale Zekerheid.
gepensioneerden met een inkomen onder de 5.635 euro of 11.200 euro als ze geen aangifte inkomstenbelasting hoeven te doen;
personen met een handicap en minderjarigen met een graad van arbeidsongeschiktheid gelijk aan of groter dan 33%;
ontvangers van een uitkering van de sociale zekerheid voor afhankelijke kinderen of minderjarigen in permanente pleegzorg (kinderbijslag);
gepensioneerden met premievrije pensioenen, begunstigden van het minimum vitaal inkomen en werklozen zonder recht op een uitkering
Volgens berekeningen van de overheid komt deze maatregel ten goede aan ongeveer 138.100 minderjarigen met een handicap, 2,35 miljoen mensen met kinderbijslag en 3,56 miljoen gepensioneerden.
Gepensioneerden
Zoals hierboven al omschreven hoeven gepensioneerden die een jaarinkomen hebben onder de 5.635 euro of 11.200 euro als ze geen aangifte inkomstenbelasting hoeven te doen niets te betalen voor medicijnen. Daarbij gaat het volgens de berekeningen dus om 3,56 miljoen gepensioneerden. In de rest van de gevallen is de betaling van medicijnen door gepensioneerden in 2022 verdeeld in drie groepen waarbij een percentage van de verkoopprijs betaald moet worden.
Gepensioneerden met een jaarinkomen van minder dan 18.000 euro en hun rechthebbenden: zij betalen 10% van de verkoopprijs, tot een maximum van 8,23 euro per maand.
Gepensioneerden met een jaarinkomen tussen 18.000 euro en 100.000 euro en hun begunstigden: zij betalen 10% van de verkoopprijs, tot een maximum van 18,52 euro per maand.
Gepensioneerden met een jaarinkomen gelijk aan of groter dan 100.000 euro en hun begunstigden: zij betalen 60% van de verkoopprijs, tot een maximum van 61,75 euro per maand.
Alle gepensioneerden en hun begunstigden die de maandelijkse eigen bijdrage limiet van 8,23; 18,52; of 61,76 euro overschrijden, hebben afhankelijk van hun inkomensniveau recht op terugbetaling in het geval dat ze meer hebben betaald voor de gesubsidieerde medicijnen. Als algemeen criterium wordt de terugbetaling automatisch gedaan zonder dat men daar iets voor hoeft te doen. Dat gebeurt normaal gesproken binnen 6 maanden maar dat wordt door de regionale autoriteiten geregeld waardoor er verschillen kunnen zijn.
De eigen bijdrage voor medicijnen die zijn voorgeschreven door de Sociale Zekerheid gelden ook voor die personen die werken en dus nog niet gepensioneerd zijn. Als algemene regel geldt dat personen die een jaarinkomen hebben tot 18.000 euro 40% van de verkoopprijs moeten betalen. Degene die een jaarinkomen heeft van 18.000 tot 100.000 euro betaalt 50% en degene die meer dan 100.000 euro verdient betaalt 60% van de verkoopprijs van de medicijnen, zoals HIER omschreven.
Het is je ongetwijfeld al eens opgevallen dat veel winkels, kantoren, banken etc. tussen de middag sluiten. Maar veel bezoekers van Spanje weten vaak niet waarom dat is en staan vaak voor een gesloten deur. Meestal wordt dan standaard gezegd dat de siesta geslapen wordt maar klopt dat ook?
Veel met name kleine winkels sluiten tussen de middag in Spanje. Dan hebben we het over doorgaans 14 tot 17 uur met soms andere tijden zoals vanaf 13.30 of 16 uur. De reden is dat het overgrote merendeel van de inwoners van Spanje tussen 14 en 17 uur de middag maaltijd nuttigen, de belangrijkste maaltijd van de dag in Spanje. Een winkeleigenaar kiest er vaak voor te sluiten omdat er gedurende deze drie uur bijna geen klanten komen en omdat openblijven vaak duurder is. Daarnaast moet een winkeleigenaar ook eten. Wanneer winkels om 17 uur weer openen, blijven ze open tot 21, 21.30 of 22 uur.
Is een winkel groter en is er veel personeel, dan kunnen ze met diensten werken en verschillende werkuren waardoor deze winkels vaak wel open blijven. Denk daarbij aan Mercadona, Carrefour, El Corte Inglés, Decathlon, Leroy Merlin, MediaMarkt, Lidl, Aldi, Zara, H&M, Mango etc. Deze winkels zijn doorgaans geopend van 9 , 9.30 of 10 uur tot 21, 21.30 of 22 uur.
Op kantoren geldt ook vaak een ‘siesta’ wat eigenlijk dus de tijd is voor de lunch of middagmaaltijd dat vaak uitgebreid is en lang duurt. Tussen de middag doen restaurants en bars ook goede zaken met onder andere speciale dagmenu’s. Maar er zijn steeds meer kantoren en bedrijven die de Noord-Europese openings- en werktijden hanteren. Daarbij wordt tijdens de ‘siesta’ of middagmaaltijd-tijd gewoon doorgewerkt om zo al rond 17 of 18 uur naar huis te kunnen gaan.
In toeristenplaatsen blijven winkels vaak wel open tussen de middag omdat met name buitenlanders dat gewend zijn en omdat er altijd wel klanten zijn. Toch staan toeristen vaak voor een gesloten deur als ze de toeristenplaatsen verlaten en naar de grote stad of dorpen in het binnenland trekken. Het is op veel plaatsen tussen de middag tijdens de ‘siesta’ ook rustiger op straat. Op veel plaatsen zijn ook musea, bibliotheken, banken etc. gesloten tussen de middag.
De Spaanse eilanden hebben elk hun eigen karakteristieken, maar ook lopen de oppervlaktes van de eilanden enorm uiteen. Ook dat is iets om rekening mee houden bij het boeken van een vakantie. Zo weet je hoeveel tijd je nodig hebt om het hele eiland te ontdekken en of je echt een auto nodig hebt. Wij hebben de grootste Spaanse eilanden op een rijtje gezet, van groot naar minder groot.
1. Mallorca – 3640 km²
Dit is het grootste eiland van Spanje. Met een oppervlakte van 3640 km² is dit de overduidelijke winnaar van de eilandengroep. Op Mallorca wonen ongeveer 858.000 mensen en het is dan ook een zeer populaire bestemming voor mensen die graag het bruisende Spaanse nachtleven ontdekken. Maar Mallorca heeft meer te bieden dan dat; er zijn ongeveer 80 prachtige zandstranden. Daarnaast kun je hier terecht voor bijzondere uitzichten, bergwandelingen en bossen. Je vindt er zelfs pittoreske dorpjes die je het idee geven dat er nog niet eerder een toerist is geweest. Mallorca is dus een groot en veelzijdig eiland.
2. Tenerife – 2034,28 km²
Met een oppervlakte van 2034,38 km² staat Tenerife op nummer twee van de grootste eilanden in Spanje. Op dit moment wonen er ongeveer 900.000 mensen, wat Tenerife het meest bevolkte eiland van Spanje maakt. Tenerife staat bekend om het grote aantal toeristen dat het eiland jaarlijks bezoekt, maar ook om de vele stranden en ruige natuurgebieden. Zo vind je op dit warme eiland vulkanen, bossen, bergen en woestijnen. De Pico del Teide is de hoogste berg van Spanje en biedt een wonderbaarlijk uitzicht voor de hikers die zich eraan wagen.
3. Fuerteventura – 1660 km²
Dit eiland is een geweldige surfbestemming en telt een oppervlakte van 1660 km². Er wonen ongeveer 122.629 mensen op dit rustige eiland en er valt vrij weinig regen. Wel is er een sterke wind en is het er extreem zonnig. Gezien de ligging nabij Marokko is het warme klimaat geen verrassing. Fuerteventura is de perfecte bestemming voor watersportliefhebbers en is een walhalla voor zonaanbidders. Ook op dit eiland spot je vulkanische landschappen. Men zegt ook dat je op dit eiland de lekkerste vis (met veel knoflook) kunt eten van heel de Canarische eilanden. Bezoek een van de vissersdorpjes op het eiland en oordeel zelf.
4. Gran Canaria – 1560 km²
Veel Nederlanders vinden het heerlijk om op vakantie naar Gran Canaria te gaan. De oppervlakte van dit eiland bedraagt 1560 km² en heeft ongeveer 865.765 inwoners. Het eiland is zeer divers en staat bekend om het bruisende nachtleven. Ook voor mooie landschappen kun je op Gran Canaria terecht. Er is genoeg te doen op dit eiland. Of je nu op zoek bent naar cultuur, geschiedenis, toeristische activiteiten of het strand; Gran Canaria is je beste vriend. Op dit eiland worden tomaten en bananen geproduceerd. Als je hier bent, kun je dus heerlijk verse lokale producten proberen..
Ook zeker de moeite waard!
Spanje telt veel prachtige eilanden. In dit artikel hebben we de grootste vier eilanden benoemd. Toch kan het ook zeker de moeite waard zijn om een van de kleinere eilanden te bezoeken. Ga bijvoorbeeld op vakantie naar Lanzarote als je op een eiland met uitzonderlijk landschap wilt verblijven. Het landschap van dit vulkaaneiland wordt ook wel vergeleken met het landschap van de maan. Met 845,9 km² zou Lanzarote overigens op nummer 5 staan van de grootste eilanden van Spanje.
We krijgen bij de redactie regelmatig de vraag wat je in Spanje kunt doen tegen blaffende honden van de buren of andere bewoners in de buurt. Het gebeurt namelijk vaker in Spanje dat honden soms de hele dag en nacht in een tuin of op een terras/balkon worden achtergelaten, iets wat in sommige gevallen overigens niet is toegestaan. Maar wat kun je daar tegen doen en wat zegt de Spaanse wet.
Het geluid van blaffende honden is in Spanje bijna een normale zaak geworden. Er zijn steeds meer gezinnen die een hond in huis halen maar als deze blaft kan dat erg vervelend zijn voor de omwonenden. Als een hond af en toe blaft om te waarschuwen dat er iets niet klopt, dan is dat vaak niet erg maar als een hond non-stop blaft dan is dat vervelend en verstoort dit de (nacht)rust.
Het is echter een moeilijk en grijs gebied want aan de ene kant heb je te maken met de rechten van een persoon om een dier te hebben (derecho del propietario a tener un animal) en aan de andere kant heb je te maken met het recht op rust (derecho del descanso). Wat betreft de overlast die honden kunnen veroorzaken is dat in Spanje geregeld in de ‘Ley de Propiedad Horizontal’. De horizontale eigendomswet is de wetgeving in Spanje die de rechten en plichten van gemeenschappen van eigenaren en particuliere vastgoedcomplexen regelt.
In deze wet staat bij artikel 7.2 het volgende: “Al propietario y al ocupante del piso o local no les está permitido desarrollar en él o en el resto del inmueble actividades prohibidas en los estatutos, que resulten dañosas para la finca o que contravengan las disposiciones generales sobre actividades molestas, insalubres, nocivas, peligrosas o ilícitas”.
Dat wil zeggen dat de eigenaar of degene die een appartement of woning huurt de hond geen storende activiteiten mag laten uitvoeren. In die zin kan de persoon die last heeft van blaffende honden acties ondernemen om deze activiteit te stoppen. Maar wat houden deze acties dan in?
Stap 1 is om een oplossing te zoeken door te praten met de eigenaar van de blaffende hond. In sommige gevallen heeft hij/zij niet in de gaten dat de blaffende hond voor overlast zorgt of de hond blaft alleen als ze niet thuis zijn en zijn daar zelf niet van op de hoogte. Laat bij een dergelijk gesprek de gemoederen niet te hoog oplopen, dat maakt het alleen maar erger.
Stap 2 geldt voor als je in een gemeenschappelijk complex woont. In dat geval dien je naar de ‘presidente’ te gaan, zeg maar de voorzitter van het complex. Deze moet dan vragen aan de overlast veroorzakers om actie te ondernemen.
Stap 3 volgt pas na stap 1 en eventueel stap 2 en is de meest drastische: naar de lokale politie gaan. Deze zal alleen actie ondernemen als de hond non-stop blaft want als het om incidenteel blaffen gaat dan kan de politie ook niets doen. De politie kan bij de hondeneigenaar op bezoek gaan, met hem/haar praten en eventueel de situatie te bekijken en/of het volume meten.
Stap 4 is in feite als het bezoek van de politie ook niets heeft opgeleverd. Dan kun je namelijk een aangifte doen (denuncia). Met deze politieaangifte kun je dan naar de gemeente stappen die actie moet ondernemen. De gemeente kan de hondeneigenaar eventueel beboeten of eisen dat de hond weggaat etc.
Stap 5 is eigenlijk de laatste stap, die van een advocaat als er geen oplossing komt via de stappen 1 tot en met 4. De advocaat kan uitleggen wat de rechten en plichten zijn en kan beoordelen of er actie genomen moet worden door naar een rechter te stappen. Een rechter kan dan beslissen dat de hond naar een asiel moet of dat de eigenaar van de hond de woning niet mag gebruiken zolang de hond overlast veroorzaakt.
Maar zoals we al eerder schreven is het een grijs gebied waarbij er niet één geschreven oplossing bestaat. Alle situaties zijn anders en dat moet per geval bekeken worden. Dit artikel moet dan ook als een informatieve tekst gelezen worden die zeker niet bindend is. De informatie in dit artikel komt van deze pagina die op 9 mei 2022 geactualiseerd werd.
Is het je al eens opgevallen dat de Spaanse huizen veel rolluiken ofwel persianas hebben en dat deze vaak gesloten zijn? Is dat alleen om de zon of warmte buiten te houden of is dat omdat men de intimiteit van binnenshuis niet wil delen. Feit is dat men in Spanje meer de rolluiken dicht ziet dan open en men vraagt zich wel eens af waarom dat zo is. Spanje is immers het land waar de meeste zonuren te vinden zijn maar het lijkt wel of men bang is voor al dat licht, aldus een Nederlandse home-stager in Madrid.
Spanje is het land waar de meeste zonuren te vinden zijn met een gemiddelde van 2.500 tot 3.000 uren tegenover bijvoorbeeld 1.600 zonuren in Groot Brittannië of Nederland. Maar waarom zijn dan toch die rolluiken ofwel in het Spaans “persianas” en de raamluiken ofwel “porticones” of “contraventanas” altijd of het merendeel van de dag gesloten. Het is net alsof men binnenshuis zo min mogelijk natuurlijk licht wil zien.
Intimiteit
In de krant El País (Engelse versie van 2018) legt een Nederlandse home stager uit dat het een enorme verandering was om van Amsterdam waar de gordijnen altijd open zijn en waar men bij iedere woning naar binnen kan kijken naar Madrid waar alles gesloten is en men leeft met onnatuurlijk licht te verhuizen. Dit klinkt waarschijnlijk veel Nederlanders en Belgen die in Spanje zijn gaan wonen wel bekend in de oren en feit is dat praktisch alle woningen in Spanje voorzien zijn van “persianas”, “porticones” of “contraventanas” die deels als functie hebben om voor meer intimiteit te zorgen en deels dienen voor de veiligheid tegen diefstal of om de warmte en kou buiten de deur te houden.
Cultuur
Spanje heeft als cultuur om de rolluiken voor een groot deel van de dag naar beneden te doen en zo de ramen voor de buitenwereld af te schermen, dit in tegenstelling tot de meeste Europese landen waar men juist elk moment van de dag en het natuurlijk licht wil benutten. In Spanje vormen de rolluiken en raamluiken een essentieel onderdeel van het straatbeeld en van het meubilair van een woning want er is geen woning, oud of nieuw, waar deze niet zijn inbegrepen.
Moors
De krant El Pais (Spaanse versie) probeert uit te leggen dat het iets traditioneels is om jezelf in huis op te sluiten en te leven naar binnen toe, naar de patio’s (in de oude vervlogen tijden) en niet naar het exterieur. Volgens de krant is dat fenomeen te danken aan de Arabische/Moorse invloed waarbij binnenshuis alles perfect moet zijn maar de buitenkant er niet zo toe doet. Spanjaarden zijn een open volk en ontmoeten graag nieuwe mensen, maar dan wel het liefst buiten de deur en niet in je eigen huis. De relatie met de buren is over het algemeen vriendelijk maar er zijn grenzen waarbij de intimiteit binnenshuis het liefst niet gedeeld wordt.
Kerk
Naast de Moorse invloed legt men ook uit dat het afschermen van wat hetgeen binnenshuis gebeurt ook met de religie en Kerk te maken heeft. De Katholieke ethiek impliceert een grotere zorg voor hetgeen men zegt en doet om te voorkomen dat men sociaal berispt wordt. Daarom is een schakelaar in de vorm van een rolluik makkelijk om van buiten jezelf af te schermen en dingen die je niet wilt laten zien privé te houden.
Conclusie
Wat de redenen dan ook zijn, feit is dat Spanje meer rolluiken en raamluiken heeft dan welk ander Europees land en dat deze ook veelvuldig gebruikt worden. Het is een onderdeel van de cultuur en het is onderdeel van de woningbouw. Kortom, in Spanje kom je niet om de “persianas”, “porticones” of “contraventanas” heen maar de keuze is natuurlijk altijd aan de persoon zelf om deze te gebruiken of niet, hetzij om de warmte buiten te houden of om voor meer intimiteit te zorgen.
In het Spaans heet het ‘gotelé’ en het is veel te zien in met name oudere woningen in Spanje. Het fenomeen popcorn- of stippelwanden zijn de bekende ruwe muren met structuur alsof het verfdruppels zijn. Maar waarom is dit in Spanje in de woningen veel te zien maar in andere landen veel minder of helemaal niet?
Het Spaanse woord ‘gotelé’ is een verbastering van het Franse woord ‘gouttes’ wat letterlijk druppels betekent. In Nederland spreekt men meer over ruwe of structuur muren wat ook wel eens popcorn- of stippelmuren genoemd wordt. In Spanje zijn er praktisch geen woningen (met name oudere) te vinden waar geen sprake is van dit soort muren.
Maar waar komt dit vandaan en waarom wordt de ‘gotelé’ in Spanje veel toegepast en in andere landen veel minder of helemaal niet? Volgens Wikipedia zou deze vorm van muurbehandeling geluiddempende eigenschappen hebben. Het hobbelige oppervlak wordt gecreëerd door minuscule deeltjes vermiculiet of polystyreen met een verfspuit aan te brengen.
Het is niet helemaal zeker waar het fenomeen in Spanje vandaan komt maar waarschijnlijk stamt de ‘gotelé’ techniek uit de zestiger jaren toen er in recordtijd duizenden woningen gebouwd werden. Er vond vanwege de werkgelegenheid in de industrie een ware exodus plaats vanuit de dorpen op het Spaanse platteland naar de grote steden. Om al die mensen op te vangen werden er in de Spaanse steden hoge flats gebouwd, te veel en te snel.
Omdat men te snel bouwde waren de muren niet allemaal gelijk en recht en er is niets beter dan deze beschadigde of niet rechte muren met onvolkomenheden te verbergen door een ruwe muur met structuur. Daarnaast dacht men in die jaren dat ‘gotelé’ ook decoratief en mooi was.
En zo werd deze vorm van muurbedekking massaal geïntroduceerd in Spanje en zijn er praktisch geen oude woningen die geen muren met popcorn structuur hebben. Tegenwoordig wordt deze vorm van decoratie niet meer gebruikt maar er zijn wel veel mensen die er vanaf willen. Op Google zijn meer dan 150.000 zoekopdrachten te vinden over de verwijdering van ‘gotelé’. Dat kan gebeuren door deze te schuren of af te krabben of de ruwe meer te bedekken met plamuur (maar wij zijn geen experts).
Als je in Spanje met de auto rondrijdt dan ben je ongetwijfeld wel eens langs een enorm meer gekomen. In de meeste gevallen gaat het niet om een natuurlijk meer maar om een stuwmeer die ontstaat als de loop van een rivier wordt onderbroken door bijvoorbeeld een stuwdam. Maar hoeveel stuwmeren en stroomgebieden heeft Spanje eigenlijk?
Soms zijn ze compleet gevuld en soms kun je op de bodem van een stuwmeer (embalse) lopen en zelfs door straten van oude dorpen struinen die door het water verdwenen zijn. Spanje heeft een groots opgezet waterhuishouding systeem voor irrigatie, kraan/drinkwater en voor de opwekking van elektriciteit dat bestaat uit stuwmeren. Deze stuwmeren voorkomen ook vaak overstromingen of het uit de oevers treden van rivieren.
Stroomgebieden
Spanje is onderverdeeld in 14 stroomgebieden (cuencas) te weten: Cataluña Interna (Catalonië), Jucar (Valencia regio en Castilla-La Mancha), Segura (Murcia, Med. Andaluza (Andalusië), Guadalete-Barbate (Andalusië), Tinto, Odiel y Piedras (Andalusië), Guadalquivir (Andalusië, Extremadura), Guadiana (Extremadura, Castilla-la Mancha), Tajo (Castilië en León, Madrid regio). Duero (Castilië en León, Madrid regio), Ebro (Catalonië, Aragón, la Rioja, Navarra), Miño-Sil (Galicië), Galicia Costa (Galicië), Cantabrico Occidental (Asturië, Cantabrië), País Vasco Interna (baskenland) Cantabrico Oriental (Cantabrië, Baskenland).
Stuwmeren
In Spanje zijn circa 350 stuwmeren te vinden die in totaal 56.136 kubieke hectometer water opslaan. Veel van deze stuwmeren zijn in de jaren van de Franco-dictatuur aangelegd waarbij complete dorpen (er wordt gesproken over 500) geëvacueerd en ontruimd (vaak met geweld) werden om genoeg ruimte te creëren voor de waterhuishouding. Er worden echter nog steeds stuwmeren aangelegd waarbij er tot het jaar 2033 nog 17 nieuwe projecten gepland staan.
Spanje is wat betreft het aantal stuwmeren het vijfde land ter wereld met de meeste stuwmeren en het eerste land in de Europese Unie. Hoe mooi sommige stuwmeren ook zijn om te zien, deze hebben wel vaak een grote sociale, milieu en economische impact. Toch heeft Spanje, dat steeds droger wordt, deze stuwmeren hard nodig en kan het land eigenlijk niet zonder de ‘embalses’.
Overigens moet in de Spaanse taal een onderscheid worden gemaakt tussen de woorden ‘embalse’ en ‘presa’. Een ‘embalse’ is een reservoir en waterbouwkundig bouwwerk met daarin een groot waterreservoir, waarin rivierwater wordt opgeslagen. Een ‘presa’ is een dam die gewoonlijk wordt aangetroffen bij de ‘embalse’ om de reservoirs af te sluiten. Volgens de cijfers (die elkaar een beetje tegenspreken) zijn er 350 ‘embalses’ ofwel stuwmeren en heeft Spanje 1.225 ‘presas’ ofwel dammen.
Net zoals giftige slangen en spinnen komen er ook giftige schorpioenen voor in Spanje. Om precies te zijn gaat het om twintig soorten waarvan er vijf het meeste voorkomen: Buthus occitanus, Buthus ibericus, Euscorpius flavicaudis, Euscorpius balearicus en Belisarius xambeui. Let dus op waar je wandelt en pas op dat je niet door een schorpioen gestoken wordt, al is dat gelukkig in Europa niet dodelijk.
Schorpioenen (escorpiones) zijn een orde van geleedpotige dieren die behoren tot de klasse der spinachtigen. Ze behoren tot de oudst bekende spinachtigen en worden gezien als een van de meest primitieve landdieren. Schorpioenen worden wereldwijd vertegenwoordigd door ongeveer 1.800 soorten.
Alle schorpioenen zijn zeer giftig voor kleine dieren maar slechts enkele tientallen soorten zijn ook gevaarlijk voor de mens. De meeste schorpioenen (waaronder die in Spanje) zijn niet in staat om een mens te doden. Het is de enige groep van dieren met gifklieren en een naaldachtig toedieningsapparaat aan het einde van een langwerpig, gespierd en erg beweeglijk deel van het achterlijf. Voelt een schorpioen zich bedreigd, dan gaat dit deel van zijn lichaam omhoog en kan hij aanvallen.
In Nederland en België is het te koud voor schorpioenen maar in Spanje komen ze wel voor. De kans dat je in Spanje een schorpioen tegenkomt is erg klein maar bestaat wel in sommige delen van het land. Woon of verblijf je ergens waar schorpioenen kunnen voorkomen, controleer dan altijd eerst de schoenen voordat je ze aantrekt, pas op waar je op blote voeten loopt en steek niet zomaar je hand of arm in een holte of spleet om iets te pakken. Het voorkomen van een steek is de beste remedie en de lokale bevolking is vaak goed op de hoogte van het gevaar.
Schorpioenen in Spanje
In Spanje komen zoals we al eerder schreven twintig soorten schorpioenen voor waarvan er vijf het meeste gezien worden. Maar het feit dat deze voorkomen wil niet zeggen dat ze overal in het land leven en de kans dat je een schorpioen tegenkomt is ook erg klein. Er leven schorpioenen op het Spaanse vasteland, met name in Andalusië, Extremadura, Aragón en Catalonië en op de Balearen eilanden. Er zijn geen specifieke soorten die op de Canarische Eilanden voorkomen.
Beeld: Canva
Buthus occitanus (escorpión común of amarillo)
Deze soort is in Afrika behoorlijk giftig, maar er bestaat een tegengif tegen hun steek. Exemplaren die in Spanje en Zuid-Frankrijk worden gevonden lijken aanzienlijk minder giftig te zijn.
Beeld: Mario Modesto Mata / CC BY-SA 4.0 Wikimedia
Buthus ibericus (Alarcrán)
Deze soort komt alleen voor in West-Spanje zoals in West-Andalusië en Extremadura en Portugal zoals de Algarve. De beet van deze schorpioen is weliswaar giftig maar niet dodelijk voor de mens,
Beeld: Siga / CC BY-SA 3.0 Wikimedia
Euscorpius flavicaudis (escorpión negro)
Een andere naam voor deze soort is Europese zwarte schorpioen. De soort komt voor in Noord-Afrika en Zuid-Europa. De schorpioen is te herkennen aan het zwarte lichaam, de gele poten en de gele angel. De steek is pijnlijk, maar niet gevaarlijk, vergelijkbaar met die van een bij of wesp. Deze soort komt voor in Zuid-Frankrijk maar ook in het Noordoosten van Spanje (Catalonië) en op de Balearen eilanden.
Beeld: Alexander Mrkvicka / CC BY-SA 3.0 Wikimedia
Euscorpius balearicus (escorpión balear)
Zoals de naam eigenlijk al aangeeft, komt deze kleine soort voor op de Balearen eilanden Mallorca, Menorca, Ibiza en Formentera. Een steek van deze schorpioen kan vergeleken worden met die van een bij of wesp en is niet dodelijk voor de mens.
Beeld: Totodu74 / CC BY-SA 3.0 Wikimedia
Belisarius xambeui (escorpión ciego)
Deze soort schorpioen in de familie Troglotayosicidae komt voor in de oostelijke Pyreneeën, te weten Catalonië, met name de provincie Girona en de Garrocha streek en in Zuid-Frankrijk in de omgeving van de Pic du Canigou op hoogtes tussen de 650 en 1.500 meter.
Spanje is op dit moment met drie fietsroutes verbonden met het Europees EuroVelo-netwerk. Er zijn plannen voor een vierde fietsroute van Lissabon in Portugal via o.a. Madrid en Aragón naar Toulouse in Frankrijk. De huidige routes gaan via de Atlantische Oceaan kust naar Portugal, via het midden van Spanje naar Santiago de Compostela in Galicië en via de Middellandse Zeekust naar Cyprus.
EuroVelo is een netwerk van bewegwijzerde Europese fietsroutes. EuroVelo is een initiatief van de European Cyclists’ Federation. Het doel van het netwerk is het bevorderen van toerisme op de fiets. Opvallend is dat naast fietsvakanties het netwerk ook nuttig is voor kortere ritten, en wanneer een fietser toevallig een stukje de route volgt, krijgt zijn rit een extra dimensie door de verre eindbestemming.
Aan de uitvoering van het netwerk wordt nog gewerkt. Een aantal routes zijn volledig klaar en bewegwijzerd. Andere routes zijn alleen nog maar in planning of gedeeltelijk bewegwijzerd, zoals in Spanje. Soms wordt een traject van route binnen een land geopend. De routes worden ontwikkeld en aangelegd in nauwe samenwerking met nationale, regionale en lokale overheden en NGO’s. Uiteindelijk zal het hele netwerk meer dan 90.000 km omvatten.
Op dit moment bestaat het EuroVelo-netwerk uit 17 routes (al gaat de nummering van route 1 naar 19, routes 16 en 18 ontbreken in de lijst) met in totaal meer dan 90.000 kilometer aan fietsroutes. Spanje is met de rest van Europa verbonden via drie routes: Atlantische Kustroute (EV1) van de Noordkaap naar Sagres in Portugal met in totaal 11.150 km; Pelgrimsroute (EV3) van Trondheim naar Santiago de Compostela met in totaal 5.122 km; Middellandse Zeeroute (EV8) van Cádiz in Spanje naar Athene van in totaal 5.888 km. KLIK HIER voor de Spaanse EuroVelo website (ConBici)
EuroVelo route 1: Atlantische Kustroute
11.150 kilometer van Noorwegen via het Verenigd Koninkrijk, Ierland, Frankrijk en Spanje naar Portugal. In Spanje worden de volgende steden en/of provincies bezocht: Irún (Baskenland), Pamplona (Navarra), Logroño (la Rioja), Burgos, Palencia, Valladolid, Zamora, Salamanca (Castilië en León), Cáceres, Zafra (Extremadura), Huelva, Ayamonte (Andalusië). Tot El Real de la Jara (Sevilla, Andalusië) wordt de route aangegeven via de EuroVelo-signalen maar daarna is de route grotendeels nog in ontwikkeling. LINK naar routekaart EV1.
EuroVelo route 3: Pelgrimsroute
5.122 kilometer van Noorwegen via Zweden, Denemarken, Duitsland, België en Frankrijk naar Galicië in Spanje. In Spanje worden de volgende steden en/of provincies bezocht: Pamplona (Navarra), Logroño (La Rioja), Burgos, Frómista, León, Ponferrada (Castilië en León), Sarria, Santiago de Compostela (Galicië). Deze route is grotendeels nog in ontwikkeling in Spanje wat wil zeggen dat deze nog niet overal is gesignaleerd met de EuroVelo-signalen. LINK naar routekaart EV3.
EuroVelo route 8: Middellandse Zeeroute
5.888 kilometer van Spanje naar Frankrijk, Italië, Slovenië, Kroatië, Montenegro, Albanië, Griekenland via Turkije naar Cyprus. In Spanje worden de volgende steden en/of provincies bezocht: Cádiz, Málaga, Almería (Andalusië), Murcia (Murcia), Alicante, Valencia, Castellón (Valencia regio), Tarragona, Barcelona, Girona (Catalonië). Deze route is nog in ontwikkeling in Spanje wat wil zeggen dat deze nog niet overal is gesignaleerd met de EuroVelo-signalen. LINK naar routekaart EV8.
Officieel heeft de regionale feestdag de naam ‘El Día de Aragón’ waarbij deze elk jaar op 23 april ter ere van San Jorge gevierd wordt. San Jorge (Sint-Joris) is namelijk de patroonheilige van het koninkrijk Aragón. Het feest werd in 1461 door de Cortes van Aragón uitgeroepen tot een ‘eeuwig, gehouden, waargenomen en plechtig gevierd’ feest.
De populariteit van de ‘Día de Aragón’ is uitgegroeid tot een ‘Nationale Dag van Aragón’, waar inwoners hun ‘Orgullo Aragonés’ laten zien. Mensen hangen op deze dag meestal de vlag van Aragón aan de balkons van hun huizen, dragen t-shirts met iets dat verwijst naar de regio kopen en eten het traditionele dessert dat bekend staat als ‘El Lanzón’. Verder worden er overal in de autonome regio activiteiten georganiseerd.
De relatie tussen Sint-Joris en Aragón begint in het jaar 1096, toen de heilige Sint-Joris zijn hulp aanbood aan koning Pedro I van Aragón bij de herovering van de stad Huesca in de slag bij Alcoraz. Dit patronaat werd officieel in het jaar 1461 toen de rechtbanken van Calatayud, bijeengeroepen door Juan II, het feest vaststelden door middel van de een jurisdictie, geschreven in het Aragonees.
Een eeuw later, in de Cortes de Monzón van 1564, werd de jurisdictie bevestigd, waarbij een boete van zestig ‘jaqueses’ salarissen werd vastgesteld voor degenen die geen feest vierden. Na de afschaffing van deze boetes en feestverplichting, werd op 10 april 1978, precies een dag na de oprichting van de Diputación General de Aragón als een pre-autonome instelling, unaniem door de parlementariërs aangenomen dat 23 april wordt uitgeroepen tot El día de Aragón.
De Nederlandse non-food-discountwinkelketen Action is sinds februari 2022 ook in Spanje te vinden. Op het moment van schrijven zijn er zeven winkels geopend in Catalonië. De kans is groot dat als de Action-formule aanslaat in Spanje en er een logistiek centrum bijkomt dat Action verder gaat uitbreiden naar andere regio’s. (laatste aanpassing op 16 februari 2023)
Er zijn op dit moment (februari 2023) 7 Action winkels in Spanje. Op 17 februari 2022 werd de eerste Action-vestiging geopend in Girona. Twee weken later op 3 maart 2022 werd een tweede winkel geopend in de stad Sabadell gevolgd door een derde Action winkel in L’Hospitalet de Llobregat op 17 maart 2022. Uiteindelijk werd de vierde Action-vestiging op 14 april 2022 geopend in de Catalaanse stad Figueres. Op 3 november werd in het winkelgebied Les Gavarres bij Tarragona de vijfde Action-winkel van Spanje geopend.
Op 16 februari 2023 werd de zevende Action-winkel van Spanje geopend, precies één jaar na de eerste opening in Girona in februari 2022. Het is de eerste winkel van Action buiten Catalonië die werd geopend in Alcalá de Henares, op 45 minuten rijden van het centrum van Madrid.
Alle zeven Action winkels worden voorzien van artikelen via het logistieke centrum, gelegen in Labastide in Frankrijk. Daarom is als eerste autonome regio Catalonië gekozen vanwege de nabijheid bij de Franse grens.
HELAAS is er nog niets bekend over de opening van andere Action winkels in de overige autonome regio’s. Jullie als lezers vragen ons vaak of wij dat wellicht weten en op onze website SpanjeVandaag hebben we in juli 2022 een interview gehad met Action Spanje. KLIK HIER om het artikel te lezen..
Alle Action winkels in Spanje bieden meer dan 6.000 producten van hoge kwaliteit met minimaal 1.500 producten die minder dan 2 euro kosten. Daarnaast voegt de keten in Spanje wekelijks 150 nieuwe artikelen toe, waaronder meer dan 350 grote merken en meer dan 70 huismerken.
Sinds februari 2022 is de Spaanse versie van de Action website online en kun je die HIER bekijken. Op de Facebookpagina voor de Spaanse Action die je HIER vindt wordt regelmatig nieuws geplaatst. Je kunt Action Spanje ook HIER volgen op Instagram. In de zomer van 2022 werd ook een Action-app voor Spanje gelanceerd.
Maandag is het tweede paasdag in Nederland en België en in Nederland staat dit synoniem voor een dagje meubelboulevard. Maar hoe is dat in Spanje? Bestaat daar ook een tweede paasdag of paasmaandag? En stapt men ook in Spanje massaal in de auto om met de familie naar de meubelboulevard of meubelzaak te gaan?
Over het algemeen viert men in Spanje geen tweede paasdag of paasmaandag (lunes de Pascua). De week voor pasen viert men in Spanje wel de ‘Semana Santa’ Heilige Week met elke dag een veelvoud aan processies. Veel mensen nemen dan ook een weekje vrij. Maar hoe is dat met Pasen zelf. Eerste paasdag valt altijd op een zondag en in Nederland en België de tweede paasdag op een maandag.
In Spanje zijn slechts enkele autonome regio’s die de ‘tweede paasdag’ als een feestdag en vrije werkdag zien. Lunes de Pascua is in 2022 een feest/vrije dag in onder andere de Balearen eilanden, Baskenland, Catalonië, Navarra, La Rioja en de Valencia regio. Met name Catalonië is bekend want daar is het de dag van de Monas de Pascua (chocolade figuren die door de peetvaders gegeven worden aan hun petekinderen).
Terwijl de tweede paasdag dus niet overal in Spanje een feestdag is en er gewoon gewerkt wordt in veel autonome regio’s, is dat op Goede vrijdag een ander verhaal. ‘Viernes Santo’ is in alle autonome regio’s een nationale feestdag en dus ook een vrije werkdag.
Er zijn veel regio’s die daar de ‘Jueves Santo’ ofwel de donderdag bij doen zoals in (2022) Andalusië, Aragón, Asturië, Balearen, Baskenland, Canarische Eilanden, Cantabrië, Castilla-La Mancha, Castilië en León, Extremadura, Galicië, Madrid regio, Murcia regio, Navarra en La Rioja. Eigenlijk zijn de enige uitzonderingen Catalonië en de Valencia regio.
En hoe is dat met de meubelboulevard of meubelzaak? Omdat de tweede Paasdag dus niet overal in Spanje gevierd wordt geldt de traditie van een bezoekje aan de meubelboulevard ook niet in Spanje. Sterker nog, in Spanje zijn praktisch geen meubelboulevards te vinden. Wat Spanje wel heeft zijn grote winkelcentra en commerciële ruimtes waar een veelvoud aan winkels te vinden is zoals een Carrefour of Alcampo, Decathlon, MediaMarkt, Leroy Merlin etc. Deze worden wel vaak druk bezocht maar niet op paasmaandag want dat is voor veel inwoners van Spanje dus een gewone werkdag terwijl in andere regio’s de winkels gesloten zijn.
De Spaanse taal kan moeilijk zijn om te begrijpen en het wordt alleen maar lastiger als één woord meerdere en verschillende betekenissen heeft. Er zijn veel voorbeelden te noemen maar wij willen het dit keer hebben over het Spaanse woord ‘flamenco’.
Het Spaanse woord ‘flamenco’ kent iedereen waarschijnlijk wel en wordt bijna altijd geassocieerd met de typische spaanse dans, muziek en leefwijze afkomstig uit Andalusië.
Maar ‘flamenco’ heeft meerdere betekenissen in verschillende categorieën: Zoölogie, geografie, geschiedenis, taalkunde en cultuur. We kijken naar diverse betekenissen:
Zoölogie
In de categorie zoölogie heeft het woord ‘flamenco’ te maken met de Phoenicopterus, beter bekend als flamingo. Deze vogel heeft meerdere soorten zoals de in Spanje voorkomende ‘Europese flamingo’, de enige flamingosoort die in Europa in het wild voorkomt. In het Spaans heet deze flamingosoort ‘flamenco común’.
Geografie en geschiedenis
‘Flamenco’ wordt in het Spaans ook geassocieerd met de ‘Región Flamenca’ ofwel het Vlaams Gewest in België’ dat ook wel ‘Flandes’ ofwel Vlaanderen wordt genoemd in het Spaans.
‘Flamenco’ wordt ook gelinkt met het ‘Condado de Flandes’ ofwel het Graafschap Vlaanderen.
‘Flamenco’ wordt ook geassocieerd met de ‘totalidad de los Países Bajos Españoles’ ofwel de Spaanse Nederlanden, de benaming voor de Habsburgse Nederlanden van 1556 tot aan 1715.
‘Flamenco’ heeft ook een verwijzing naar de ‘Estado borgoñón’ ofwel de Bourgondische hertogen. Daarmee worden de hertogen van het hertogdom Bourgondië bedoeld, die heersten over het Bourgondisch rijk tussen 1363 en 1506.
Taalkunde
‘Flamenco’ wordt in Spanje ook gebruikt voor het ‘dialecto flamenco’ of ‘neerlandés flamenco’ of simpelweg ‘flamenco’ en in het Nederlands/Belgisch het Vlaams. Het Vlaams kan gebruikt worden als Zuid-Nederlandse taalvariant of als een verzameling van dialecten, aldus Wikipedia.
Cultuur
En uiteindelijk komen we bij de bekendste ‘flamenco’, die van de cultuur. ‘Flamenco’ is een muziekgenre en een bijbehorende dans afkomstig uit de zuidelijke provincies van Spanje. Kenmerkend voor deze muziekvorm zijn de soms Arabisch aandoende klanken, de uitbundige muzikale versieringen rondom het thema en het sterke ritme binnen een twaalftelssysteem.
Als vertakking van de traditionele ‘flamenco’ bestaat ook de uit de tachtiger jaren stammende ‘nuevo flamenco’, een fusie tussen flamenco en andere genres zoals jazz, blues, rock, rumba, reggaeton, traditioneel, hiphop en elektronisch.
‘Flamenco’ kan ook gebruikt worden in ‘Hispano flamenco’, een term waarmee de geschiedschrijving de nauwe relatie aanduidt tussen de cultuur en de kunst van de ruimte die ten onrechte Vlaanderen (eigenlijk de Bourgondische staat) wordt genoemd en de Spaanse monarchie uit de tijd van de katholieke vorsten (1469-1516).
Iedereen die Spanje bezoekt of daar is gaan wonen kent het fenomeen ‘menú del día’ maar waar komt dat vandaan en wie heeft dat voor het eerst geïntroduceerd in Spanje. Het ‘menu van de dag’ of ‘dagmenu’ is een Spaanse uitvinding waar veel mensen elke dag gretig gebruik van maken en wat ook door de miljoenen toeristen die het land bezoeken gewaardeerd wordt. Maar wat is het eigenlijk en wie heeft dat zo bedacht?
Het ‘menu van de dag’ moet niet verward worden met ‘soep van de dag’ of ‘gerecht van de dag’ of iets dergelijks. Een ‘menú del día’ heeft alles inbegrepen in een vaste prijs. Maar wat is dan alles? Alles wil zeggen brood, voorgerecht, hoofdgerecht, nagerecht, water, wijn, koffie en vaak nog veel meer varianten en keuzes.
Het mooie van het ‘menu van de dag’ is dat het meestal om een budgetmenu gaat wat niet duur is, al zijn er ook dagmenu’s die behoorlijk prijzig kunnen zijn of dagmenu’s waar extra’s bijkomen zoals voor bijvoorbeeld een extra stuk vlees of iets dergelijks. Er zijn soms al dagmenu’s te vinden van 7 of 9 euro waarbij dus alles inbegrepen is.
Maar waar komt dit fenomeen vandaan? Volgens de Spaanse Huffington Post stamt het ‘menú del día’ uit de jaren zestig toen de dictator Francisco Franco met zijn franquistische bewind nog aan de macht was en Spanje zich opende voor het internationale toerisme. ‘Spain is different’ was toen de slogan en om de gastronomie aantrekkelijker te maken voor de hordes buitenlandse toeristen werd het dagmenu bedacht.
Dat gebeurde door de toenmalige franquistische minister van Toerisme Manuel Fraga, de oprichter van de huidige conservatieve/rechtse politieke partij Partido Popular (PP). Fraga introduceerde een wet die het verplicht stelde dat elk restaurant, bar en andere gelegenheden die eten aanboden een ‘menú del día’ moesten hebben. In die tijd stond het ‘menú del día’ ook bekend als ‘menú turístico’ wat dus een uitgebreid en volledig menu was met een vaste lage prijs.
Maar het dagmenu werd niet alleen gewaardeerd door de buitenlandse toeristen maar ook door de Spanjaarden zelf en al snel verspreidde het fenomeen zich door Spanje. Nu is er geen plaats meer te bedenken waar geen ‘menú del día’ te vinden is. Het zijn niet meer alleen toeristen die graag een menu’tje nemen maar ook werknemers die tussen de middag gaan lunchen en een goedkoop dagmenu nuttigen.
Je zou in eerste instantie denken dat de Maria-koekjes uit Spanje komen vanwege de naam ‘Maria’ die natuurlijk in Spanje veel gehoord is. Ondanks dat het Maria-koekje enorm populair is in Spanje en zelfs dienst doet als ontbijt of ‘merienda’ voor kinderen, komt dit typische koekje niet uit Spanje. Maar waar komt deze lekkernij dan wel vandaan?
In Spanje worden de Maria-koekjes ‘galletas maría’ genoemd en worden ze heel veel gegeten. Maar in tegenstelling tot wat veel mensen denken, komen deze koekjes niet uit Spanje. In Nederland en België hebben deze koekjes ook wel eens de naam Maraiakaakje of Marie-biscuit maar in feite zijn ze allemaal hetzelfde.
Het oorspronkelijke Maria-koekje komt dus niet uit Spanje, Nederland of België maar uit Groot Brittannië. Het Maria-koekje werd daar in 1874 gemaakt door de Londense bakkerij Peek Freans om het huwelijk van de groothertogin Maria Alexandrovna van Rusland met de hertog van Edinburgh te herdenken. Het koekje werd echter al snel populair in heel Europa.
In Spanje werd het koekje zelfs een symbool van economisch herstel na de burgeroorlog. En daarom is het Maria-koekje tot op de dag van vandaag nog steeds enorm populair in Spanje en wordt het nog steeds veel gegeten.
De vorm van het koekje is rond en heeft meestal de naam Maria in reliëf op de bovenkant. Het koekje is gemaakt van tarwebloem, suiker, palmolie of zonnebloemolie en heeft, in tegenstelling tot een kaakje, een typische vanille-smaak .
Maria-koekjes kunnen los worden gegeten of worden ondergedompeld in onder andere warme of koude melk, thee, warme of koude chocolade en thee. Je kunt ook een broodje bereiden met twee koekjes, ze insmeren met boter, pindakaas, gecondenseerde melk, jam, dulce de leche enzovoort.
In Barcelona eten ze ‘galletas fritas’ ofwel gefrituurde en gevulde Maria-koekjes. Het gaat in feite om twee Maria-koekjes met daar tussenin bakkersroom, jam of wat dan ook. Deze bak je daarna in olie om ze daarna met suiker te bedekken. In Spanje worden de Maria-koekjes ook gebruikt bij de bereiding van taarten of als topping bij de Natillas (pudding, vla) en andere desserts. In Nederland van Maria-koekjes ook wel eens de arretjescake gemaakt.
Waarom hebben deze koekjes gaatjes?
Dat is een andere vraag, waarom hebben de Maria-koekjes gaatjes? Deze gaatjes zijn niet bedoeld om het weken in een drank te verbeteren of om te voorkomen dat de koekjes breken na aanraking met een vloeistof. De gaatjes worden tijdens het productieproces gemaakt als kleine ventilatieopeningen zodat de stoom tijdens het bakproces kan vrijkomen waardoor de koekjes niet kunnen rijzen. Als deze gaatjes niet zouden bestaan zouden ze niet goed bakken vanwege de ingrediënten.
Het is je wellicht al eens opgevallen, de Spanjaarden hebben over het algemeen twee achternamen. Het is een systeem dat nu overal gebruikt wordt in Spanje en zelfs per wet geregeld is maar dat is niet altijd zo geweest. Het gebruik van de achternaam van de vader en de moeder werd pas een feit in de 19e eeuw.
Voor de 19e eeuw was het normaal dat volwassenen hun eigen achternaam konden kiezen en dus kwam het vaak voor dat leden van eenzelfde familie niet altijd dezelfde achternaam deelden. Het was gebruikelijk dat mannen de achternaam van de vader kregen en meisjes die van hun moeder, grootmoeder of andere vrouwen in het gezin.
Al in de 16e eeuw begon het systeem van dubbele achternamen zich te verspreiden onder de hogere klassen van Castilië maar het werd niet gebruikt in de rest van Spanje tot de 19e eeuw. In 1833 vond men uiteindelijk dat het makkelijker zou zijn voor de controle als iedereen twee achternamen zou gaan gebruiken.
In 1889 werd pas officieel in het eerste Spaanse Burgerlijk Wetboek vastgelegd dat men twee achternamen zou krijgen, die van de vader en die van de moeder. In artikel 114 stond toen duidelijk dat ‘wettige kinderen het recht hebben om de achternamen van de vader en de moeder te dragen’.
Vanaf dat moment verspreidde het systeem van de dubbele achternaam zich geleidelijk over heel Spanje en is het nu de normaalste zaak van de wereld in Spanje. Tegenwoordig kun je in Spanje ook de volgorde van de achternaam kiezen, eerst die van de vader of eerst die van de moeder, wat jij wilt.
Waar komen de Spaanse achternamen vandaan
De Spaanse achternamen stammen uit de Middeleeuwen en gaf de oorsprong van de persoon aan. Dat is de reden waarom veel achternamen niet een Latijnse oorsprong hebben maar werden beïnvloed door de culturen die naast Spanje bestonden, zoals de Goten of de Visigoten of de Germaanse en Arabische/Moorse cultuur.
Spaanse achternamen die eindigen op ‘-ez’, zoals Rodríguez, López, González, Jiménez etc. werden in de Middeleeuwen geïntroduceerd en betekenen ‘zoon van’. Er zijn echter ook achternamen die een beroep of een plaats omschrijven (Zapatero, Medina) of van de fysieke kenmerken van de voorouders (Rubio, Moreno, Calvo). Tenslotte zijn er Spaanse achternamen aangepast vanuit het buitenland, zoals Maestre (Meester) of Bécquer (Becker).
Meest voorkomende achternamen
Volgens de gegevens van het Spaanse Instituut voor de Statistieken (INE) is de meest voorkomende achternaam is Garcia waarvan Spanje er inmiddels 1.462.923 zijn met ver daaronder Rodriguez met 927.056, González met 925.695 personen en Fernandez met 912.009 personen. Deze worden gevolgd door o.a. Lopez, Martinez, Sanchez, Perez, Gomez, Martin en Jimenez (zoals al opvalt eindigen veel achternamen op ez).
MADRID – Een kopje koffie bestellen in Spanje is niet zo makkelijk als in andere landen waar je gewoon koffie bestelt en dan een kopje koffie krijgt met melk en suiker apart. Zo werkt dat in Spanje niet en je moet precies aangeven welke koffie je wilt hebben zoals café solo, café con leche, cortado, carajillo, descafeinado de sobre, corto de café, largo de leche en nog vele andere variaties.
Er zijn vele variaties koffie in Spanje en als je in een bar of op een terras in Spanje eens om je heen luistert dan hoor je dat vanzelf. Naast de meest gebruikelijke types koffie zijn ook weer diverse soorten te bedenken en de lijst wordt dan steeds langer. We hebben HIER de meest gangbare koffie’s al eens beschreven maar we richten ons nu op de specifieke namen en types koffie per autonome regio.
In het kort
Even in het kort de meest gangbare koffie’s in heel Spanje: ‘cortado’ is een sterk kopje koffie met een scheutje warme melk, vaak geserveerd in een glas maar ook mogelijk in een kopje; ‘americano’ is te vergelijken met een café solo maar dan minder sterk, ook wel een grote kop zwarte koffie genoemd; ‘café con leche’ is een grote kop koffie met warme melk; ‘carajillo’ is een klein sterk kopje koffie (café solo of cortado) met een scheut whisky, cognac, baileys of andere likeur naar keuze; ‘café con hielo’ is een kopje koffie, meestal café solo of cortado, die geleverd wordt met suiker en een glas met ijs; ‘cappuccino’ is van oorsprong een Italiaanse koffie en is een ‘americano’ met daarbovenop óf slagroom (nata) óf opgeklopte melk waarbij slagroom meer voor toeristen is.
Málaga
Ee kopje koffie bestellen in Málaga is een kunst op zich en ze hebben zeer verschillende namen en types koffie. Zo bestaat de ‘mitad’ wat eigenlijk een café con leche is (half half) maar je kunt ook een ‘largo’ vragen, met meer koffie en minder melk, of een ‘manchado’ wat heel weinig koffie en veel melk is of een ‘corto’ wat veel melk en weinig koffie is. En dan heb je nog de ‘sombra’ (schaduw) wat een vingerdikte koffie is en de rest melk of een ‘nube’ (wolk) wat heel veel melk is en slechts enkele druppels koffie. Lees meer over de koffie in Málaga op de website van BELEEF MALAGA.
Aragón
In Aragón kun je een ‘quemadillo’ bestellen wat eigenlijk een koffie is met iets erin. En dat iets is meestal iets van alcohol zoals de ‘quemadillo aragonés’ wat koffie, rum en melk is.
Balearen
Op het Balearen eiland Ibiza kun je een ‘café caleta’ vragen wat een carajillo is met rum of cognac met een beetje citroen en sinaasappel. Op Mallorca kun je een ‘rebentó’ vragen wat ook een carajillo is met rum van het eiland.
Canarische Eilanden
Hier kan de koffie op elk eiland weer anders heten maar als je een ‘leche y leche’ bestelt dan krijg je een grote koffie met gecondenseerde melk (café largo con leche condensada). Op Lanzarote kun je een dubbele koffie (cafe doble) bestellen door om een ‘nunca mais’ te vragen. Op Tenerife drinkt men een ‘barraquito’ wat een café con leche is met gecondenseerde melk.
Cantabrië
In Cantabrië is het gebruikelijk een ‘mediano’ te vragen wat een café con leche is en waar de cortado altijd in een glazen kopje geserveerd wordt (het oog wil ook wat).
Castilië en León
In deze regio kun je een ‘completo’ bestellen waarmee je eigenlijk aangeeft dat je niet alleen een koffie wilt drinken maar ook een brandy erbij wilt hebben en een sigaar wilt roken, een compleet pakket dus, meestal na de maaltijd.
Castilla-La Mancha
Als je een echte café manchego wilt drinken dan ga je voor de ‘resolí’ wat cognac uit de bergen, suiker, koffie, gedroogde sinaasappelschil en kaneel is.
Catalonië
Uiteraard vraag je in Catalonië een koffie in het Catalaans zoals de cortado die daar ‘tallat’ heet of een café con leche ‘café amb llet’. Maar je kunt ook een ‘trifásico’ bestellen, een café con leche met brandy of een ‘catalán’ wat een koffie is met crema catalana.
Valencia regio
Veel Nederlanders en Belgen overwinteren aan de Costa Blanca en zullen ongetwijfeld de volgende koffie’s wel kennen. Wat dacht je van de ‘blanco y negro’ ofwel een gegranuleerde koffie met meringue melk (café granizado con leche merengada). En wat dacht je van de ‘café del tiempo’ wat een koude koffie is met veel ijsklontjes en suiker met eventueel een schijfje citroen en kaneel.
Galicië
In deze regio kun je een ‘celta’ bestellen wat koffie is met bruine suiker, een scheutje orujo, koffiebonen en een schijfje citroen. Je kunt ook een ‘café con gotas’ vragen, een espresso met een paar druppels orujo (gedistilleerde alcoholische drank die vooral in Galicië, Asturië en Cantabrië populair is).
Madrid
In Madrid kun je alle normale koffie’s bestellen maar ook een ‘mediana’ wat een café con leche is maar dan halverwege de ochtend, in een klein kopje. Maar als je een ‘mitad y mitad’ vraagt dan krijg je de koffie met de helft warme en de helft koude melk.
Murcia
In Cartagena vraag je om een ‘asiático’, een café solo met gecondenseerde melk, brandy, likeur 43 en gemalen kaneel die erg heet wordt gedronken. Als je een ‘belmonte’ bestelt dan krijg je een koffie met gecondenseerde melk en brandy.
Het Spaans is voor velen een moeilijke taal en de zinsopbouw kan logisch of niet logisch zijn. Maar als je dan ook nog te maken krijgt met de zogenaamde palindromen dan moet je toch wel even nadenken over wat je zegt of schrijft. Het gaat bij ‘palíndromos’ om woorden of zinnen die op twee manieren, van voor naar achter en van achter naar voor, uitgesproken of geschreven kunnen worden.
Een palindroom, keerwoord of spiegelwoord is een woord waarin de letters symmetrisch gerangschikt zijn, zodanig dat het woord van achter naar voren gelezen hetzelfde is als van voor naar achter. Maar palindromen komen ook voor bij zinnen zoals taaldeskundige Alfred López heeft uitgelegd aan de krant 20Minutos.
De meest voorkomende palindromen in het Spaans hebben drie letters zoals: ama, ojo, oso, eme, ara, ese, efe, dad, oro, eje. Als er meer letters bijgevoegd zijn, worden de palindromen steeds complexer zoals: erre, elle, arra, debed, dañad, radar, rotor, nadan, salas, somos, solos, anilina, apocopa, arenera, sopapos, reconocer, acurruca, sometemos.
Maar het wordt nog lastiger als er complete zinnen bedacht worden die op twee manieren gelezen of uitgesproken kunnen worden en hetzelfde zijn zoals: ‘dábale arroz a la zorra el abad’ en ‘sé verlas al revés’ en andere zinnen zoals: ‘Allí ves Sevilla’, ‘Aman a Panamá’, ‘Somos o no somos’, ‘Amó la paloma’, ‘Isaac no ronca así’, ‘Anita lava la tina’, ‘A ti no, bonita’, ‘Yo hago yoga hoy’, ‘Ají traga la lagartija’, ‘Ana lava lana’, ‘Yo hago yoga hoy’ etc.
Palindromen in het Nederlands
Palindromen zijn van oorsprong afkomstig uit de Griekse taal en het woord ‘palindroom’ is een samenvoegsel van de woorden ‘palin’ en ‘dromein’ wat letterlijk ‘die omgekeerd loopt’ betekent maar het kan ook ‘ga achteruit’ betekenen. Overigens zijn er ook palindromen met cijfers zoals: 11, 22, 33, 44, 55, 66, 77, 88, 99 of met drie cijfers zoals: 101, 111, 121, 131 etc. Verder zijn er palindroomdata zoals: 12-02-2021 (12 februari 2021) en 22-02-222 of 03-02-2030.
Op Wikipedia kunnen we veel voorbeelden tegenkomen van Nederlandse palindromen zoals de korte versies: daad, dood, kaak, kajak, kak, keek, kik, kok, lel, lepel, lol, lul, madam, mam, neen, negen, nemen, neven, non, pap, pop, bob, pup, raar, radar, redder, rotor, sas, sis, solo’s, soos, tot, sos: geografische namen zoals: Ede, Epe, Eke, Ellemelle: en namen zoals Ada, Anna, Bob, Hannah, Onno, Otto, Reinier, Tim Smit.
Langere Nederlandse palindromen zijn o.a: droomoord, droommoord, legovogel, levensnevel, maandnaam, meetsysteem, parterretrap, racecar, tarwewrat, partyboobytrap, stormrots: en de zeer lange: koortsmeetsysteemstrook, legermeetsysteemregel, parterrestaalplaatserretrap, nepparterreserretrappen, deelkoortsmeetsysteemstrookleed.
En wat dacht je van de Nederlandse zinnen: “Mooie zak salade en iemand nam ei mannen en in enen nam iemand na meineed Alaska”, zei oom; Leverde die kale dame op ’n poema de lakei de drevel?; Nelli plaatst op ’n parterretrap ’n pot staalpillen; Nepmop: net alsof u net sufte? O, massa moet fusten ufo’s laten pompen … etc. Meer zinnen kun je lezen op Wikipedia.
Wellicht heb je er nog nooit van gehoord maar heb je ze tijdens een bezoek aan Spanje of als je er woont vast wel eens gezien. We hebben het over de zogenaamde ‘parques de salud’ ook wel ‘parques biosaludables’ genoemd. Maar wat is dat en waarom zijn deze in de Spaanse dorpen en steden overal te vinden en in Nederland en België nergens?
Naast de bekende speelplaatsen voor kinderen en speelplaatsen en/of parken voor honden heeft Spanje ook voor de oudere inwoners een ‘speelplaats’. Deze is speciaal bedoeld om gezond en in beweging te blijven. Het gaat om de ‘parques de salud’ die ook wel ‘parques biosaludables’ of ‘parques para mayores’ genoemd worden en bestaan uit verschillende apparaten die in de buitenlucht staan om in beweging te blijven.
Deze ‘gezondheidsparken’ hebben tot doel de gezondheid van volwassenen te verbeteren door het beoefenen van makkelijke en toegankelijke buitensporten door middel van het gebruik van bio-gezonde elementen of gerontogymnastiek die zijn ontworpen voor specifieke delen van de spieren van het lichaam.
Het soort apparaten dat te vinden is in deze ‘parques de salud’ variëren en kunnen overal anders zijn. Soms staan ze vlak naast elkaar maar soms staan ze verder uit elkaar en moet je een stukje lopen om van het ene naar het andere apparaat te gaan. Maar om welke apparaten gaat het vaak (maar niet altijd)?
Langlaufen-apparaat (esqui de fondo): Voor het onderste deel van het lichaam, quadriceps, kuiten, enz. Verbetert de flexibiliteit van heup en wervelkolom.
Pony-apparaat (pony): Verhoogt de cardiopulmonale functies en versterkt de algemene spier flexibiliteit.
Lift-apparaat (ascensor) Verhoogt en versterkt schouders, rug en borst. Verbetert de flexibiliteit van het schouder- en ellebooggewricht.
Wiel/roer-apparaat (timón): Verbeterd en vergroot de gewrichtsmobiliteit van de armen.
Schommel-apparaat (columpio): Werkt en versterkt de quadriceps, bilspieren en kuiten. Verhoogt de flexibiliteit en kracht in de benen.
Surf-apparaat (surf): Versterkt de buikspieren en verbetert de flexibiliteit en coördinatie van het lichaam.
Skate-apparaat (patín): Verhoogt de heup- en been flexibiliteit. Versterkt quadriceps, kuiten en bilspieren. Verbetert de hart- en longfunctie.
Taille-apparaat (cintura): Versterking van de buik- en lumbale spieren. Verbetert de flexibiliteit en behendigheid van de wervelkolom en heupen.
Massage-apparaat (masaje): Werkt aan de heupen, onderste ledematen, rug en lumbale regio.
Trap-apparaat (pedal): Verstrekt de beenspieren via een stoel en pedalen als een fiets.
Andere apparaten zijn o.a. (in het Spaans): panel de cifras; panel de anillas; paralela con huellas flotantes; rampa zig zag; escalera distintos niveles; rueda de manos; escalerilla de dedos; muelle de muñeca; ruede de brazos; pedal doble pies y manos.
Dus, de volgende keer als je in Spanje bent en je een aantal gymnastiek apparaten ziet staan, maak er dan eens gebruik van, daar zijn ze voor bedoeld natuurlijk. Je zult zien dat je het leuk gaat vinden, een (Spaans) praatje kunt maken met mede-gebruikers en je ook nog eens gezond blijft. Hieronder enkele voorbeelden van ‘parques de salud’ of ‘parques de mayores’.
De meest gecultiveerde komkommer in Spanje is de zogenaamde ‘pepino holandés’ waarvan jaarlijks meer dan 650.000 ton geproduceerd wordt in met name de provincie Almería. Daarom heet deze variant in Spanje ook wel de ‘pepino de Almería’ terwijl er ook andere varianten zijn die met name in Spanje populair zijn zoals de ‘pepino español’ of de ‘pepino francés’ die korter en meer gerimpeld zijn.
Je kent ze wel, de komkommer, wie houdt er nu niet van? Maar wist je dat praktisch alle komkommers die in Nederland, België en Duitsland gegeten worden uit de provincie Almería komen, je weet wel, uit de ‘Costa del Plástico’ bekend van onder andere de populaire Netflix-serie ‘Mar del Plástico’ (wat niets met komkommers te maken heeft).
Maar wist je dat de in Nederland en België bekende komkommer-variant de typische naam ‘pepino holandés’ heeft gekregen? Het woord komkommer in het Spaans is ‘pepino’ en de toevoeging ‘holandés’ heeft te maken met de variant. De ‘holandés’-versie is namelijk veel langer en gladder dan de Spaanse of Franse versies die dus veel korter zijn en ruwer aan de buitenkant.
Meer dan 80% van alle gecultiveerde komkommers in Spanje zijn van de ‘holandés’-variant waarbij het overgrote deel geëxporteerd wordt naar Noord Europese landen. In Almería bestaat 81% uit de ‘pepino holandés’, 10% uit de ‘pepino francés’ en slechts 9% uit de ‘pepino español’. Meer dan 90% van de Nederlandse komkommers wordt geëxporteerd terwijl de Franse en Spaanse versies hoofdzakelijk in Spanje en Frankrijk worden gegeten.
De ‘pepino holandés’ is ongeveer 30 cm lang en kan zelfs 40 cm lang worden, Ze zijn recht en zaadloos zonder zaadlijsten met een gladde buitenkant. Het is een ‘light’ komkommer die heel zacht en niet bitter smaakt waardoor de komkommer met schil/huid en al gegeten kan worden.
De ‘pepino español’ is zeer klein te noemen en is tussen de 10 en 12 cm lang, van buiten ruw en gerimpeld. De ‘pepino francés’ daarentegen is iets langer en is tussen de 15 en 20 cm lang maar ook ruw en gerimpeld van buiten maar iets minder dan de Spaanse komkommer.
Deze variant werd oorspronkelijk niet gecultiveerd in Spanje maar werd dertig jaar geleden vanuit Nederland meegebracht naar Spanje waar de Nederlandse komkommer het hele jaar door geproduceerd kon worden. De meeste Nederlandse komkommers worden gecultiveerd in de provincies Almería en Granada in Andalusië met respectievelijk 4.610 en 2.099 hectare gevolgd door de Canarische Eilanden met 245 hectare. Verder worden er ook komkommers gecultiveerd in Catalonië (147 ha), Murcia (118 ha) en de Valencia regio (117 ha).
Leuk weetje: komkommertijd
De term komkommertijd heeft niets met Spanje te maken (voor zover wij weten) maar heeft wel een zomerse betekenis. Komkommertijd is de benaming voor een bepaalde periode in het jaar, met name in de zomer, waarin er weinig nieuws te melden is omdat politici en veel anderen op vakantie zijn, misschien wel naar Spanje. De term zelf schijnt een Britse achtergrond te hebben (uit 1700 met ‘cucumber-time’) maar in Spanje bestaat er ook een term voor de rustige nieuws-periode: ‘Serpiente de verano’ of ‘culebrón del verano’ wat dus niets met komkommers of ‘pepinos’ te maken heeft.
Iedereen in Nederland en België kent natuurlijk het bordspel ‘Mens erger je niet’ of in het Spaans ‘Hombre no te preocupes’. Maar dat spel in die vorm kent men in Spanje niet want daar is ‘Parchís’ het bordspel met het gekleurde spelbord dat het meeste gespeeld wordt. Dat gebeurde vroeger al zo en tijdens de corona-pandemie is het traditionele bordspel opnieuw erg populair geworden. We leggen het kort uit en misschien is het daarna leuk om als cadeau te geven of voor jezelf te kopen.
Even wat achtergrondinformatie. Het Spaanse Parchís is een verspaanste versie van het Indiase bordspel Pachisi wat in het Hindi vijfentwintig betekent. 25 is namelijk het hoogste aantal punten dat je kunt gooien. Het oorspronkelijke spel stamt uit de 6e eeuw voor Christus en heeft ook andere varianten zoals Parcheesi en Ludo en natuurlijk het Nederlandse Mens erger je niet.
Parchís is een spel voor 2 tot 4 spelers, al zijn er versies voor meer spelers. Het vereist een karakteristiek bord gevormd door een circuit van 100 vierkanten en 4 ‘huizen’ (casas) van verschillende kleuren: geel, rood, groen en blauw in de vier hoeken van het vierkante spelbord. Elke speler heeft 4 fiches van dezelfde kleur als zijn ‘huis’ (casa) en een dobbelsteen die ook dezelfde kleur heeft.
Al lijkt het spelbord van Parchís niet helemaal op Mens erger je niet, het wordt in feite hetzelfde gespeeld. Het spelbord heeft vier armen met elk drie rijen van acht vakken waarvan de middelste (gekleurde) rij de thuisrij genoemd wordt. In totaal zijn er 100 velden maar het originele van Parchís (en Parcheesi) is dat alle velden van het buitenparcours genummerd zijn van 1 tot en met 68, iets wat het tellen bij verplaatsingen en slaan aanzienlijk makkelijker maakt. Elke speler beschikt over een eigen tonnetje/beker met vier houten fiches of pionnen en een eigen zeszijdige dobbelsteen in dezelfde kleur.
Voor aanvang van het spel kiest elke speler een kleur: geel, blauw, rood of groen. Spelers moeten daarna hun dobbelstenen gooien en degene die de hoogste score haalt begint het spel. Het doel van het spel is om alle fiches van je ‘huis’ naar de finish te brengen, het hele circuit rond te gaan en onderweg de rest van de fiches proberen te ‘eten’ of te vangen. De eerste die dat voor elkaar krijgt is de winnaar.
Bij aanvang van het spel staan alle fiches in hun eigen gekleurde ‘huis’ wat het vierkant in de hoek van het spelbord is. Daarna speelt iedere speler op zijn beurt met de klok mee. Elke speler gooit zijn/haar eigen gekleurde dobbelsteen, een keer tenzij je een zes gooit want dan mag je nog een keer. Het nummer dat op de dobbelsteen verschijnt is het aantal zetten wat je mag doen. Als je een vijf gooit moet je een van de fiches uit je ‘huis’ halen, tenzij je alle fiches al in het spel hebt, dan moet je vijf plaatsen vooruit. Gooi je drie keer zes achter elkaar dan moet je laatste fiche terug naar ‘huis’. Opvallend is dat je de fiches op het bord moet plaatsen en bewegen tegen de wijzers van de klok in.
Er zijn nog meer regels en alternatieve manieren van spelen maar die gaan we niet allemaal behandelen, daarvoor zul je de Spaanse gebruiksaanwijzing moeten lezen of video’s bekijken op YouTube.
Het oorspronkelijke Parchís bord is vierkant, van hout gemaakt met een wit spelbord en vier gekleurde ‘huizen’ en velden. Er zijn veel alternatieve en moderne versies beschikbaar maar om het echte Parchís te spelen kun je beter het oorspronkelijke spelbord gebruiken. Zet het spelbord op tafel, maak een sangria of trek een lekkere Spaanse wijn open en bereid wat lekkere tapas en je Spaanse avond kan niet meer verkeerd gaan. ¡Mucha Suerte!
Beeld: Wikimedia
LEUK WEETJE: Wist je dat in Spanje ook een kindermuziekgroep bestond die Parchís heette? De band bestond uit twee meisjes; Yolanda, Gemma en drie jongens: David, Constantino en Francisco. De groep was zeer populair tussen 1979 en 1992, niet alleen in Spanje maar ook in de Latijns-Amerikaanse landen. In alle landen werden andere albums en singles uitgebracht met verschillende titels maar het zijn er honderden. De band Parchís werd in 2019 weer even erg bekend in Spanje en andere landen toen om te eren dat 40 jaar geleden de band werd opgericht een documentaire op Netflix werd geplaatst. Er volgden weer enkele optredens met vier van de oorspronkelijke bandleden en veel media-aandacht in Spanje. Uiteraard waren de kleuren van de bandleden dezelfde als die van het bordspel. Bekijk HIER de documentaire over de Parchís.
Zoals vermeld in de officiële publicatie in de Staatscourant BOE op 21 oktober 2021, zijn er in 2022 in totaal 10 nationale feestdagen zijn wat 1 minder is dan in 2021 terwijl 8 feestdagen voor heel Spanje gelden en niet te veranderen zijn door de regionale overheden in de autonome regio’s. Bij deze nationale feestdagen dient men nog de autonome/regionale en lokale feestdagen optellen.
2022 zal in tegenstelling tot 2021 niet 11 maar 10 nationale feestdagen hebben waarvan er 8 niet door de regionale overheden veranderd kunnen worden en dus gelden in het hele land.
Er zijn in 2022 ‘maar’ twee zogenaamde ‘puentes’ zijn ofwel dagen zijn waardoor men een brug kan maken/slaan waarbij de werknemers een extra dag vrij nemen tussen twee vrije/feestdagen in. De eerste is dinsdag 1 november waardoor men maandag 31 oktober vrij kan nemen en een vier dagen lang weekend heeft. De tweede ‘brug’ is donderdag 8 december die volgt op dinsdag 6 december.
De 8 niet verwisselbare feestdagen voor 2022 zijn:
zaterdag 1 januari (Nieuwjaar / Año Nuevo)
donderdag 6 januari (Driekoningen/Epifanía del Señor
vrijdag 15 april (Goede Vrijdag / Viernes Santo)
maandag 15 augustus (Onze-Lieve-Vrouw Hemelvaart / Asunción de la Virgen)
woensdag 12 oktober (Día de Hispanidad / Fiesta Nacional de España)
dinsdag 1 november (Allerheiligen / Día de Todos los Santos)
dinsdag 6 december (Dag van de Spaanse Grondwet / Día de la Constitución Española)
donderdag 8 december (Onbevlekte Ontvangenis / Inmaculada Concepción)
De nationale feestdagen 1 mei (Dag van de arbeid / Día del Trabajador) en 25 december (Kerstmis / Natividad del Señor) vallen in 2022 beiden op een zondag en dus mogen de regionale overheden in de autonome regio’s ervoor kiezen om deze te verplaatsen naar maandag of inclusief naar een andere maand (iets wat niet veel voorkomt).
Per regio
Hieronder een overzicht van de feestdagen per autonome regio:
Andalusië // maandag 28 februari (Día de Andalucía); donderdag 14 april (Jueves Santo); maandag 2 mei (in plaats van zondag 1 mei Dag van de Arbeid / Día del Trabajador); maandag 26 december (Kerstmis / Natividad del Señor in plaats van zondag 25 december).
Aragón // donderdag 14 april (Jueves Santo); vrijdag 23 april (Día de Aragón); maandag 2 mei (in plaats van zondag 1 mei Dag van de Arbeid / Día del Trabajador); maandag 26 december (Kerstmis / Natividad del Señor in plaats van zondag 25 december).
Asturië // donderdag 14 april (Jueves Santo); maandag 2 mei (in plaats van zondag 1 mei Dag van de Arbeid / Día del Trabajador); donderdag 8 september (Día de Asturias); maandag 26 december (Kerstmis / Natividad del Señor in plaats van zondag 25 december).
Balearen // dinsdag 1 maart (Día de Baleares); donderdag 14 april (Jueves Santo); maandag 18 april (Lunes de Pascua); maandag 2 mei (in plaats van zondag 1 mei Dag van de Arbeid / Día del Trabajador); maandag 26 december (Kerstmis / Natividad del Señor in plaats van zondag 25 december).
Baskenland // donderdag 14 april (Jueves Santo); maandag 18 april (Lunes de Pascua); maandag 25 juli (Día de Santiago Apostol) dinsdag 6 september (Día de Elcano).
Canarische Eilanden // donderdag 14 april (Jueves Santo); maandag 30 mei (Día de Canarias); maandag 26 december (Kerstmis / Natividad del Señor in plaats van zondag 25 december); feestdagen per eiland: Tenerife (woensdag 2 februari), La Palma (vrijdag 5 augustus), Gran Canaria (donderdag 8 september), Lanzarote (donderdag 15 september), Fuerteventura (vrijdag 16 september), El Hierro (zaterdag 24 september), La Gomera (maandag 3 oktober).
Cantabrië // donderdag 14 april (Jueves Santo); donderdag 28 juli (Día de Cantabria); woensdag 15 september (Día de la Bien Aparecida); maandag 26 december (Kerstmis / Natividad del Señor in plaats van zondag 25 december).
Castilla-La Mancha // donderdag 14 april (Jueves Santo); dinsdag 31 mei (Día de Castilla-La Mancha); donderdag 16 juni (Corpus Christi in plaats van 1 mei); maandag 26 december (Kerstmis / Natividad del Señor in plaats van zondag 25 december).
Castilië en León // donderdag 14 april (Jueves Santo); zaterdag 23 april (Día de Castilla y León); maandag 2 mei (in plaats van zondag 1 mei Dag van de Arbeid / Día del Trabajador); maandag 26 december (Kerstmis / Natividad del Señor in plaats van zondag 25 december).
Catalonië // maandag 18 april (Lunes de Pascua); maandag 6 juni (Pascua Granada); vrijdag 24 juni (San Juan); maandag 26 december (Kerstmis / Natividad del Señor in plaats van zondag 25 december) (de Día de Cataluña 11 september valt in 2022 op een zondag).
Extremadura // donderdag 14 april (Jueves Santo); maandag 2 mei (in plaats van zondag 1 mei Dag van de Arbeid / Día del Trabajador); donderdag 8 september (Día de Extremadura); maandag 26 december (Kerstmis / Natividad del Señor in plaats van zondag 25 december).
Galicië // donderdag 14 april (Jueves Santo); maandag 17 mei (Día de las Letras Gallegas); vrijdag 24 juni (San Juan); maandag 25 juli (Día de Santiago Apostol).
Madrid regio // donderdag 14 april (Jueves Santo); maandag 2 mei (in plaats van zondag Día de la Comunidad de Madrid); maandag 25 juli (Día de Santiago Apostol); maandag 26 december (Kerstmis / Natividad del Señor in plaats van zondag 25 december).
Murcia regio // donderdag 14 april (Jueves Santo); maandag 2 mei (in plaats van zondag 1 mei Dag van de Arbeid / Día del Trabajador); donderdag 9 juni (Día de la Región de Murcia); maandag 26 december (Kerstmis / Natividad del Señor in plaats van zondag 25 december).
Navarra // donderdag 14 april (Jueves Santo); maandag 18 april (Lunes de Pascua); maandag 25 juli (Día de Santiago Apostol); zaterdag 3 december (San Francisco Javier); maandag 26 december (Kerstmis / Natividad del Señor in plaats van zondag 25 december).
La Rioja // donderdag 14 april (Jueves Santo); maandag 18 april (Lunes de Pascua); donderdag 9 juni (Día de La Rioja); maandag 26 december (Kerstmis / Natividad del Señor in plaats van zondag 25 december).
Valencia regio // zaterdag 19 maart (San José); donderdag 14 april (Jueves Santo); maandag 18 april (Lunes de Pascua); donderdag 24 juni (San Juan). (9 oktober Día de la Comunidad Valenciana valt in 2022 op een zondag).
Daarnaast zijn er nog regionale, provinciale en gemeentelijke feestdagen om mee te rekenen maar deze zijn afhankelijk van de regio’s, provincies en gemeenten en dat zijn er teveel om hier op te noemen.
Het komt veel voor en veel mensen die in Spanje wonen kunnen er last van hebben. We hebben het over agrariërs die hun snoei- en landbouwresten verbranden. Naast dat het verbranden van afval kan zorgen voor natuur- en bosbranden, is het ook vaak erg hinderlijk en zelfs gevaarlijk als dit bijvoorbeeld langs een weg gebeurt. Er zijn ook in Spanje regels voor het verbranden van snoei- en landbouwresten en er kunnen zelfs hoge boetes gegeven worden.
Het verbranden van snoei- en ladbouwresten zoals takken, bladeren etc. is regionaal per autonome regio geregeld. Dat houdt in dat de regels voor elke regio anders zullen zijn maar er zijn overeenkomsten. Het verbranden heet in het Spaans ‘quema de restos agrícolas y forestales’ of ‘quema de residuos vegetales‘ waarbij het tuinafval ook wel ‘poda’ genoemd wordt.
Particulieren kunnen de tuinresten naar het lokale milieupark brengen of in de plaatselijke ‘poda’ container achterlaten. Agrariërs mogen dat niet en kiezen meestal voor het verbranden van hun restafval, al zouden er ook hakselaars gebruikt kunnen worden maar daar kiezen weinig landbouwers voor want verbranden is voor hen sneller en makkelijker (maar niet beter voor het milieu).
Ten eerste moet men bij het verbranden rekening houden met de tijd van het jaar want in de droge brandgevaarlijke maanden, meestal van mei, juni of juli tot en met september en soms tot eind oktober, mag er niets verbrand worden. Deze maanden worden per regio bepaald waarbij deze dus in Catalonië anders kunnen zijn dan in de Valencia regio, Andalusië of op de Canarische Eilanden.
Er gelden naast periodes per jaar ook vaak speciale tijden zoals dat het verbranden alleen mag gebeuren tussen 8.00 en 14.00 uur op doordeweekse dagen en niet in de weekenden en feestdagen. Ook dat kan per autonome regio anders zijn.
Spanje is een land waar zeker in de zomermaanden maar ook in de wintermaanden een grote kans is op natuur- en bosbranden. Daarom is het zomaar verbranden van snoei- en landbouwresten niet toegestaan in brandgevaarlijke gebieden. In de periode dat dit wel is toegestaan moet de verbranding altijd plaatsvonden op een bepaalde afstand van andere brandgevaarlijke materialen zoals bomen, struiken en een bosrand. Over het algemeen heeft men het over afstanden tussen de 50 en 500 meter van een bosrand.
Voordat iemand iets wil verbranden moet er toestemming gevraagd worden aan de gemeente (permiso del ayuntamiento). Dat kan bij het gemeentehuis zelf of via de websites die per autonome regio, provincies en gemeenten weer anders zijn.
Verder moet er rekening worden gehouden met de weersomstandigheden zoals wind, regen, vochtigheid, temperatuur etc. De wind kan de rook bijvoorbeeld richting een weg duwen wat gevaarlijk kan zijn terwijl de temperatuur en droogte ervoor kan zorgen dat slechts een klein vonkje al genoeg is om andere dichtstbijzijnde beplanting in brand te zetten.
Het niet naleven van de regels kan boetes opleveren tussen de 1.000 en 100.000 euro afhankelijk van het gevaar dat een verbranding kan opleveren en of er wel of niet sprake is van schade. Als er snoei- en landbouwresten verbrand worden in een periode van het jaar waarin dat niet is toegestaan of dat gebeurt wel binnen de toegestane periodes maar zonder toestemming van de gemeente, dan kan dat gemeld worden bij de politie.
Vanwege de corona-pandemie en de verplichte anderhalve meter afstand inclusief het dragen van mondkapjes zijn diverse gewoonten en gebruiken niet meer zo vanzelfsprekend. Denk daarbij aan het handen schudden, het omhelzen maar ook het wangkussen. Als je Nederlander bent weet je dat het de gewoonte is om niet een of twee maar drie keer op de wang te kussen. Nederland is wat dat betreft vrij uniek want in andere landen is dat een of zoals ook in Spanje twee keer. Maar waarom bestaat dat verschil en waar komt het wangkussen eigenlijk vandaan?
Het omhelzen, handen schudden en wangkussen van familie, vrienden en zelfs vreemden is niet meer van deze tijd. De corona-pandemie heeft ervoor gezorgd dat overal op de wereld de gewoonten zijn veranderd waaronder ook in Spanje, een kus-land bij definitie. Nederlanders die in Spanje aan wangkussen doen geven standaard drie kussen wat soms voor een vreemde situatie kan zorgen omdat Spanjaarden twee kussen gewend zijn. In Spanje geven ook veel mannen elkaar twee wangkussen terwijl dat in Nederland weer niet gebruikelijk is.
Het is in Spanje de gewoonte om iemand twee keer te kussen, op elke wang een keer. In Nederland is dat vreemd genoeg drie keer en in Duitsland zelfs maar een keer. In België schijnt het soms een kus, soms twee en soms drie kussen te zijn terwijl men in Frankrijk afhankelijk van het gebied tot zelfs vijf keer kust.
Maar waarom kust men in Spanje twee keer? Zoals men hier schrijft komt het wangkussen uit de Romeinse tijd. De Romeinen hadden volgens National Geographic drie soorten kussen: Osculum wat een kus op de wang was als typisch gebaar tussen vrienden; Basium wat een kus op de lippen was tussen man en vrouw (traditioneel gezien dan); Suavem wat een kus was tussen geliefden.
Het is dus het Romeinse Osculum dat ervoor heeft gezorgd dat men in Spanje twee keer op de wang kust. Maar de traditie werd eigenlijk door het christendom geïmplanteerd in Spanje omdat dit werd gebruikt bij religieuze ceremonies. De heilige Paulus schreef in zijn brief dat zijn gelovigen elkaar moesten begroeten met ‘een heilige kus’. Maar waarom dat dan twee keer kussen is geworden is ons ook onduidelijk.
En waarom kust men in Nederland drie keer? Dat is en blijft een mysterie. Vermoedelijk heeft het drie keer wangkussen te maken met de heilige drie-eenheid (de Vader, de Zoon en de Heilige Geest) en is het drie keer wangkussen uit Franstalige gebieden naar Nederland overgewaaid. Dat gebeurde met name in de zuidelijke provincies waar de ‘Brabantse drieklapper’ bekend werd. Dankzij de televisie schijnt de Brabantse kus via bekende Nederlanders door heel Nederland te zijn verspreid. Maar dat is dus een theorie.
Wat is het verschil tussen kussen en zoenen? Eigenlijk niets al wordt het woord zoenen of zoen meer gebruikt om elkaar op de lippen te zoenen zoals een liefdevolle zoen of zelfs een tongzoen terwijl het kussen meer gezien kan worden als een groet tussen twee personen zoals familie of vrienden waarbij dat vaak gebeurt op de wangen.
MADRID – Het Nationale Bureau voor de statistieken (INE) heeft lijsten over van alles en nog wat over Spanje. Een van deze lijsten betreft de voor- en achternamen van buitenlanders die in Spanje wonen. SpanjeVandaag heeft gekeken naar de voor- en achternamen van Nederlanders en Belgen die in Spanje wonen en geregistreerd staan in het bevolkingsregister.
Je kunt je eigen naam zoeken in de widget op deze pagina of hieronder Zo heeft de redactie gezien dat er begin 2021 hetzelfde aantal Remco’s woont met 20 personen (waarvan het merendeel in de provincie Alicante). De achternaam Stoffer verschijnt niet in de widget want er is er slechts één of er zijn er minder dan 20 waardoor ze niet voorkomen in de lijst. HIER kun je (Excel) een lijst downloaden met daarop de top 10 voornamen van meerdere landen.
Nederlandse voornamen
Volgens het INE staan er in Spanje 183 mannen ingeschreven met de voornaam Jan, 139 met de naam Johannes en 125 Robert, 110 Willem, 108 Hendrik, 100 Cornelis, 86 Pieter, 84 Peter en 79 Ronald.
Bij de Nederlandse vrouwen zijn de volgende namen de meest voorkomende in Spanje: 86 keer Johanna, 66 Johanna Maria, 62 Maria, 62 Yvonne wat ze in Spanje vaak als Ivonne schrijven), 57 Elisabeth, 57 Monique, 51 Cornelia, 50 Sandra, 47 Anna Maria en 47 Maria Johanna.
Nederlandse achternamen
Bij de Nederlandse achternamen zien we het volgende lijstje van de 20 meest voorkomende: 193 Jansen, 192 De Jong, 167 De Vries, 145 Bakker, 141 Van Den Berg, 139 Van Dijk, 121 Visser, 113 Janssen, 113 Meijer, 112 De Groot, 111 Smit, 99 Dekker, 97 Van Leeuwen, 76 Bos, 76 De Boer, 71 De Wit, 71 Mulder, 68 Vos, 63 Brouwer en 60 Jacobs.
Belgische voornamen
De meest voorkomende Belgische voornamen bij mannen zijn: 72 keer Jean Pierre, 59 Marc, 56 Patrick, 55 Philippe, 52 Nicolas, 44 Jean Marie, 43 Jean Claude, 43 Michel en 39 David.
Bij de Belgische vrouwen komen het meeste voor: 54 keer Anne Marie, 50 Nathalie, 39 Caroline, 35 Marie Louise, 33 Laura, 32 Isabelle, 32 Sophie, 32 veronique, 31 Maria Christine en 30 Martine.
Belgische achternamen
Bij de Belgische achternamen zien we het volgende lijstje van de 20 meest voorkomende: 121 keer Peeters, 85 Janssens, 80 Maes, 63 Jacobs, 61 Mertens, 57 Goossens, 54 Willems, 54 Wouters, 49 Coppens, 49 Vermeulen , 48 Smets, 46 Dubois, 44 Claes, 44 Pauwels, 42 De Smet, 42 De Vos, 41 Stevens, 40 Dupont, 40 Hermans en 39 De Backer.
Het langste Nederlands/Vlaamse woord heeft 50 letters en 15 lettergrepen maar er is een niet officieel lang woord met 60 letters. De Real Academia Española heeft in Spanje een lijstje samengesteld met de 10 langste woorden die officieel geregistreerd staan in de Spaanse taal en het langste woord heeft 23 letters, circa de helft dus van het Nederlands/Vlaamse langste woord.
De Real Academia Española (Koninklijke Spaanse Academie of afgekort RAE) is de instelling die verantwoordelijk is voor het reguleren van de Spaanse taal. Het hoofdkantoor is te vinden in Madrid maar het werkt samen met 21 andere Spaanssprekende landen.
Maar even terug naar het Nederlands/Vlaamse langste woord, dat is aansprakelijkheids-waardevaststellings-veranderingen (50 letters) terwijl het niet-officiële langste woord kindercarnavals-optocht-voorbereidings-werkzaamheden-comitéleden (60 letters) is. Dat laatste woord wist wel in het Guinness Book of Records terecht kwam maar nooit de officiële woordenboeken gehaald heeft.
Volgens de RAE is het langste officiële woord in de Spaanse taal: electroencefa-lografista wat 23 letters heeft. Het niet-officiële langste woord wat veel inwoners van Spanje kennen is superescalifragi-listicoespialidoso met 34 letters.
Dat laatste woord is de Spaanse vertaling van het Engelse supercalifragilistic-expialidocious, het liedje dat door Julie Andrews en Dick van Dyke in de film Mary Poppins wordt gezongen.
Dit is echter de top 10 van officiële langste woorden in de Spaanse taal volgens de Real Academia Española:
Vele duizenden Nederlanders en Belgen hebben de keuze gemaakt en zijn gaan wonen in het land van de zon en het (vaak maar lang niet altijd) relaxte leven, Spanje. Veel van hen doen dat permanent en hebben hun nieuwe leven opgebouwd en Nederland of België definitief verlaten terwijl anderen een leven in Spanje combineren met een leven in het geboorteland of land van herkomst. De vraag bij velen van hen is dan ook, wat ben ik nu eigenlijk? Een expat, immigrant of emigrant en waarom noemt men mij ook wel eens “guiri”?
Immigrant
Je hebt de keuze gemaakt, je bent gaan wonen in Spanje. Velen hebben dat geluk en hebben een nieuw leven opgebouwd in hun nieuwe vaderland. Weliswaar blijft men gewoon de Nederlandse of Belgische nationaliteit behouden (dubbele nationaliteit is niet mogelijk) maar het leven wordt compleet opgebouwd in Spanje. Dat wil zeggen, je koopt een huis, werkt in Spanje, je kinderen gaan naar de Spaanse school en de groep Spaanse vrienden om je heen wordt steeds groter en belangrijker. Als dat het geval is ben je een immigrant in Spanje maar in de ogen van Nederland en België een emigrant.
Als immigrant in Spanje ben je compleet geïntegreerd in het land en leef je vaak (maar lang niet altijd) meer op de Spaanse wijze dan op zijn Nederlands of Belgisch. Uiteraard ben je trots op je geboorteland Nederland of België maar dat bezoek je als je “op vakantie” gaat of “op familiebezoek”. Dat houdt dus in dat Spanje je nieuwe thuisland is geworden en je geboorteland een vakantiebestemming. Op dat moment kun je jezelf met recht een immigrant in Spanje en een emigrant uit Nederland/België noemen.
Immigratie is het zich vestigen in een ander land of gebied. Een immigrant is een inkomend landverhuizer. In tegenstelling tot een toevallige bezoeker of reiziger wenst een immigrant zich voor langere tijd in het land te vestigen. De immigratie betekent “in-migratie” in een land, en is het omgekeerde van emigratie, hetgeen “weg-migratie” betekent, aldus Wikipedia.
Expat
Maar waarom wordt er dan ook wel eens de term “expat” gebruikt om een buitenlander in Spanje aan te merken? Terwijl een immigrant iemand is die definitief is gaan wonen in Spanje is een expat iemand die als een tijdelijke ingezetene gezien wordt. Het wonen in Spanje gebeurt dan bij wijze van spreken niet het hele jaar door maar slechts een deel daarvan. Die situatie kan ontstaan als je voor werkzaamheden regelmatig of de meeste tijd van een jaar in Spanje verblijft of als je gepensioneerd bent en er voor kiest om gedurende de winterdagen in Spanje te verblijven en gedurende de extreem warme zomerdagen naar je thuisland verhuist.
Terwijl immigranten bij wijze van spreke alle relaties (woning, werk, auto etc.) in hun thuisland hebben opgegeven, heeft een expat dat nog wel. Het woord “expat” is eigenlijk een afkorting van “expatriate” en is iemand die tijdelijk in een land verblijft met een andere cultuur dan die waarmee hij is opgegroeid. Het woord “expatriate” is een Engels leenwoord. De Engelsen hebben de term echter samengesteld uit de Latijnse woorden “ex” (uit, buiten) en “patria” (vaderland). Een “expatriate” is dus iemand die buiten het vaderland verblijft, aldus Wikipedia.
Guiri
Of je nu een immigrant, emigrant of expat bent, in Spanje wordt je ook vaak omschreven als een “guiri” of “extranjero”. Het woord “guiri” (uitgesproken als giri) wordt door de Spanjaarden vaak gebruikt voor buitenlandse toeristen, met name uit welvarende landen in Noord-Europa of de Angelsaksische landen zoals Groot Brittannië. De “guiris” zijn sterk geassocieerd met het strand toerisme en algemeen gestereotypeerd als blonde persoon met een bleke huid. Uiteraard is dat iets te algemeen tegenwoordig en in principe wordt “guiri” dus gebruikt voor de vakantiegangers maar als je in Spanje woont en werkt willen ze je ook nog wel eens “guiri” noemen.
Het woord “guiri” wordt zowel voor mannen alsook vrouwen gebruikt. Het maakt daarbij voor een Spanjaard niet uit hoelang je al in Spanje op vakantie komt of hoe lang je er al woont, je zult altijd een “guiri” blijven, ook al beheers je de taal goed en ben je volledig geïntegreerd in de Spaanse maatschappij.
Mocht je al langere tijd in Spanje wonen en in het dorp of stad kent men jou al, dan zal het woord “guiri” minder snel gebruikt worden en kun je daarvoor in de plaats “extranjero” genoemd worden. Uiteraard hoeft dat in de meeste gevallen niet en wordt je normaal behandeld maar afhankelijk van waar men woont kan een andere term gebruikt worden.
Als je gaat fietsen in Spanje moet je rekening houden met het verkeer, andere fietsers en vooral ook de speciale verkeersborden voor fietsers. Er zijn er nogal wat die overal in de Europa hetzelfde zijn maar er zijn ook enkele borden die anders zijn in Spanje. Daarom dit korte overzicht van de meest voorkomende verkeersborden voor fietsers in Spanje.
Er komen in Spanje in en tussen de verschillende populaire kustplaatsen maar ook in de grote en kleine steden steeds meer fietspaden bij. Dat moet ook wel want steeds meer inwoners van Spanje stappen op de fiets. Het merendeel van de Spaanse fietsers ziet het fietsen nog steeds als een vrijetijdsbesteding of als sport maar de corona-crisis heeft ervoor gezorgd dat steeds meer mensen een fiets willen hebben om naar hun werkplek te rijden.
Dat zorgt er dus automatisch voor dat het drukker wordt op straat en op de speciale fietspaden en fietsstroken met fietsers. Maar ook fietsers moeten zich aan de regels houden in Spanje en de verkeersborden zijn daar onderdeel van. Laten we eens kijken naar de meest voorkomende fiets-verkeersborden in Spanje.
Gesloten voor fietsen (prohibido bicicletas). In Nederland wordt er ook melding gedaan van een verbod op gehandicaptenvoertuigen zonder motor.
Verplicht fietspad (vía reservada para ciclos of vía ciclista). Fietsers en bestuurders van een standaard elektrische fiets (tot 25 km/h) moeten van dit fietspad gebruikmaken. In Nederland wordt er ook melding gedaan van snorfietsen maar die bestaan niet in Spanje.
Einde verplicht fietspad (fin vía ciclista).
Onverplicht fietspad (vía ciclista recomendada). Dit vierkante bord wordt over het algemeen veel verward met het ronde bord maar terwijl de ronde versie een verplicht fietspad aangeeft, geeft het vierkante verkeersbord een onverplicht fietspad aan en mag men dus ook over straat rijden.
Gedeelde ruimte tussen fietsers en voetgangers (senda ciclable). Dit normaal gesproken groene bord geeft aan dat er zowel gefietst als gelopen kan worden maar dat gemotoriseerd verkeer niet is toegestaan. Deze borden zijn vaak te zien in parken, stadstuinen en bepaalde voor het verkeer afgesloten delen van straten.
Fiets- en voetgangerspad (vía para ciclistas y peatones). Het gaat hier om een fiets- en voetgangerspad waar men samen gebruik van dient te maken.
Fietsstrook (vía ciclista adosada a la calzada). Dit bord geeft aan dat op een van de twee of drie rijstroken er alleen fietsers mogen rijden. Dit bord geeft ook de rijrichting aan zoals het voorbeeld, drie pijlen in een richting of twee pijlen in een en een pijl in een andere richting.
Gedeelde fietsstrook (vía ciclista compartida). Dit is hetzelfde bord als hierboven maar dan met een rijstrook die gedeeld wordt met gemotoriseerd verkeer dat op de fietsstrook maximaal 30 km/uur mag rijden.
Beeld: Freepik
Witte fiets. De meeste speciale fietspaden en fietsstroken hebben een witte fiets die op het wegdek geverfd is.
Fietsparkeerplaats (aparcamiento bicicleta). Hier kun of in sommige gevallen moet je de fiets stallen/parkeren. Dit bord is vaak te zien als het niet is toegestaan zomaar overal een fiets te parkeren (let op, ook fietsen kunnen weggesleept worden door de politie).
Er zijn nog meer verkeersborden die voor fietsers gelden maar we hebben ons beperkt tot de meest gangbare.
We weten inmiddels allemaal wel dat Spanje het ideale vakantieland is als je op zoek bent naar een strand maar hoeveel stranden zijn er eigenlijk te vinden in Spanje? Spanje is al enkele jaren wereldleider wat betreft blauwe vlaggen en ook in 2021 werden er weer 615 blauwe vlaggen aan Spaanse stranden gegeven vanwege de kwaliteit. Maar dat is slechts een klein aantal van het totaal aantal stranden in Spanje.
Het Spaanse vasteland grenst in het oosten en zuiden aan de Middellandse Zee, in het noorden aan de Cantabrische Zee en in het westen aan de Atlantische Oceaan terwijl de Balearen eilanden omringt worden door de Middellandse Zee en de Canarische Eilanden door de Atlantische Oceaan. Spanje heeft op het vasteland, de Balearen en Canarische eilanden bijeen meer dan 10.000 kilometer aan kustlijn.
Maar hoeveel stranden zijn er langs die hele lange kust te vinden? Om precies te zijn heeft Spanje volgens de informatie van de Dirección General de Sostenibilidad de la Costa y del Mar meer dan 3.000 stranden of ‘playas’. Maar daarbij zijn niet meegeteld die plaatsen langs de kust die niet te boek staan als een strand en ook niet de stranden die in het binnenland liggen zoals aan rivieren of meren.
Naast de ‘normale’ stranden zijn er ook steeds meer ‘speciale’ stranden te vinden zoals stranden speciaal voor honden, rookvrije stranden en uiteraard de naaktstranden.
Regio’s
Ondanks dat de Middellandse Zee de populairste vakantieregio is vanwege het klimaat en de stranden, is het Galicië noordwest Spanje waar de meeste stranden te vinden zijn. Om precies te zijn heeft Galicië 872 strandengevolgd door de Canarische Eilanden met 677 stranden en dan Catalonië met 435, Andalusië met 426, de Balearen met 345, de Valencia regio met 343, Asturië met 208, Murcia met 206, Cantabrië met 81, Baskenland met 66 en dan Ceuta met 14 en Melilla met 8 stranden.
Provincies/eilanden
Per provincies is de provincie met de meeste stranden A Coruña met 412, gevolgd door Pontevedra met 379 en Asturië met 208 en Murcia met 206. De rest van de provincies naar aantal stranden zijn Girona 187, Alicante 180, Mallorca 176, Tenerife 168 , Málaga 140, Gran Canaria 134, Tarragona 133, Lanzarote 122, Almería 121, Barcelona 115, Castellón 96, Ibiza 86, Cádiz 85, Cantabria 81, Lugo 81, Valencia 67, Fuerteventura 67, Menorca 58, Granada 49, La Palma 46 , Vizcaya 35, La Gomera 32, Huelva 30, Guipúzcoa 28, Formentera 24, Ceuta 16, El Hierro 14 en Melilla 8.
Vasteland
In het noorden van Spanje aan de Cantabrische Zee zijn meer dan 1.200 stranden te vinden. Aan de Middellandse Zee en het zuiden van het land zijn naar schatting meer dan 1.700 stranden te vinden.
Balearen
De Balearen eilanden hebben 344 stranden. Per eilanden is Mallorca het eiland met de meeste stranden met in totaal 176, gevolgd door respectievelijk Ibiza 86, Menorca 58 en Formentera en 24 stranden.
Canarische Eilanden
De Canarische Eilanden hebben 677. Tenerife heeft 168 eilanden gevolgd door Gran Canaria 134, Lanzarote 122, La Gomera 32, El Hierro 14, Fuerteventura 67 en La Palma met 46 stranden.
Net zoals elk jaar hebben we door alle informatie van het Spaanse Bureau voor de Statistiek (INE) te verzamelen over het aantal inwoners Spanje weer een overzicht kunnen samenstellen van het aantal Nederlanders en Belgen dat woonachtig is in Spanje aan het begin van 2021. Het gaat daarbij om het aantal bij de gemeente ingeschreven inwoners. Het echte aantal Nederlanders en Belgen dat in Spanje woont kan dus hoger zijn omdat veel mensen zich niet inschrijven bij de gemeente waar ze wonen en dus officieel niet geregistreerd staan.
Op 1 januari 2021 waren er 47.394.223 mensen woonachtig in Spanje, 37.033 personen meer dan op 1 januari 2020. Van het totaal zijn er 42.018.306 inwoners die de Spaanse nationaliteit hebben terwijl er 5.375.917 inwoners uit het buitenland komen. Er wonen 24.169.362 vrouwen en 23.224.861 mannen in Spanje.
Van het totaal aantal buitenlandse inwoners is de grootste groep afkomstig uit Marokko met 775.936 personen gevolgd door Roemenië met 658.773, Groot Brittannië met 313.948 personen, Colombia met 297.934 inwoners, Italië met 280.152 inwoners, Venezuela met 209.223 personen, China met 197.704 terwijl de Duitsers met 139.811 inwoners en de Fransen met 121.908 inwoners op de lijst staan. Zie de PDF voor andere nationaliteiten en meer informatie.
Nederlanders en Belgen
Het totaal aantal ingeschreven (empadronados) Nederlanders en Belgen is in 2020 gedaald naar 80.789 (-184). Het aantal Belgische (ingeschreven) inwoners steeg van 34.238 begin 2020 naar 34.383 (+145) inwoners begin 2021. Het aantal Nederlandse (ingeschreven) inwoners daalde van 46.735 begin 2020 naar 46.406 (-329) inwoners begin 2021.
LEEFTIJD
NL totaal
NL man
NL vrouw
BE totaal
BE man
BE vrouw
65+
12.396
6.680
5.716
10.433
5.383
5.050
45-64
16.558
9.137
7.421
12.129
6.237
4.892
16-44
13.183
6.387
6.796
9.147
4.718
4.429
0-15
4.269
2.177
2.092
2.674
1.416
1.258
NL = Nederland // BE = België
NOTA: Het echte aantal Nederlanders en Belgen dat in Spanje woonachtig is zal waarschijnlijk veel groter zijn omdat veel mensen zich niet inschrijven bij de Spaanse gemeente waar men woont. Dat doet men om verschillende redenen al wil een gemeente graag dat iedereen zich inschrijft, al is het maar om dit soort overzichten te kunnen samenstellen.
Nederlanders nader bekeken
Er staan in Spanje 46.406 Nederlanders ingeschreven als zijnde woonachtig. 24.381 mannen en 22.025 vrouwen waarvan er in totaal 4.269 de leeftijd hebben tussen de 0-15 jaar, 13.183 tussen de 16-44 jaar, 16.558 tussen de 45-64 jaar en 12.396 van 65 jaar en ouder.
Als we kijken naar de 17 verschillende autonome regio’s in Spanje valt op dat de meeste ingeschreven Nederlanders te vinden zijn in de Valencia regio (Comunidad Valenciana) gevolgd door Andalusië, Catalonië, de Canarische Eilanden en de Madrid regio (Comunidad de Madrid).
Belgen nader bekeken
Er staan in Spanje 34.383 Belgen ingeschreven als zijnde woonachtig. 17.754 mannen en 16.629 vrouwen waarvan er in totaal 2.674 de leeftijd hebben tussen de 0-15 jaar, 9.147 tussen de 16-44 jaar, 12.129 tussen de 45-64 jaar en 10.433 van 65 jaar en ouder.
Als we kijken naar de 17 verschillende autonome regio’s in Spanje valt op dat de meeste ingeschreven Belgen te vinden zijn in de Valencia regio (Comunidad Valenciana) gevolgd door Andalusië, Catalonië, de Canarische Eilanden en de Madrid regio (Comunidad de Madrid).
REGIO’S
Valencia regio
In de Comunidad Valenciana wonen in totaal 14.598 Nederlanders en 11.704 Belgen. Deze kunnen onderverdeeld worden in de provincies Alicante met 12.256 Nederlanders en 10.187 Belgen, Valencia met 1.980 Nederlanders en 1.090 Belgen en de provincie Castellón met 362 Nederlanders en 427 Belgen.
Andalusië
In Andalusië wonen 9.814 Nederlanders en 7.517 Belgen. De grootste groep inwoners is te vinden in de provincie Málaga met 6.868 Nederlanders en 4.584 Belgen. Als tweede op de lijst staat de provincie Almería met 868 Nederlanders en 1.313 Belgen gevolgd door de provincie Granada met 782 Nederlanders en 735 Belgen.
In de provincie Cádiz wonen 557 Nederlanders en 435 Belgen gevolgd door de provincies Sevilla met 339 Nederlanders en 282 Belgen, Huelva met 238 Nederlanders en 64 Belgen, Córdoba met 99 Nederlanders en 62 Belgen en Jaén met 63 Nederlanders en 42 Belgen.
Catalonië
In de autonome regio Catalonië wonen in totaal 9.307 Nederlanders en 5.332 Belgen. Er zijn hier vier provincies te vinden waarbij de meeste Nederlanders te vinden zijn in de provincie Barcelona met 6.278 en 3.090 Belgen.
In de provincie Girona zijn 1.770 Nederlanders woonachtig en 1.311 Belgen gevolgd door de provincie Tarragona met 1.128 Nederlanders en 847 Belgen. Als laatste de provincie Lleida met 131 Nederlanders en 74 Belgen die daar geregistreerd staan.
Canarische Eilanden
De Canarische Eilanden zijn onder te verdelen in twee provincies, Las Palmas (Gran Canaria, Lanzarote, Fuerteventura en La Graciosa) en Santa Cruz de Tenerife (Tenerife, La Palma, La Gomera, El Hierro).
Op de hele eilandenarchipel wonen 3.251 Nederlanders en 4.211 Belgen. Deze zijn onder te verdelen in de provincie Las Palmas met 1.660 Nederlanders en 1.220 Belgen en de provincie Santa Cruz de Tenerife met 1.591 Nederlanders en 2.991 Belgen.
Madrid regio
In de Comunidad de Madrid, waaronder dus ook de hoofdstad van Spanje, wonen in totaal 3.003 Nederlanders en 1.718 Belgen. Het merendeel van hen zal in de hoofdstad Madrid wonen.
Aragón
De autonome regio Aragón is bij veel Nederlandse en Belgische vakantievierders een geliefde regio maar er wonen vergeleken met andere regio’s relatief weinig Nederlanders en Belgen. In de hele regio wonen 440 Nederlanders en 200 Belgen.
Aragón is onder te verdelen in de volgende provincies: Zaragoza met 235 Nederlanders en 83 Belgen; Huesca met 145 Nederlanders en 84 Belgen; Teruel met 60 Nederlanders en 33 Belgen.
Extremadura
In de autonome regio Extremadura wonen 125 Nederlanders en 58 Belgen die onderverdeeld zijn in de provincies Cáceres met 72 Nederlanders en 33 Belgen en Badajoz met 53 Nederlanders en 25 Belgen.
Balearen eilanden
De autonome regio Balearen bestaat in feite uit een provincie en daar wonen 2.899 Nederlanders en 1.312 Belgen. Uit de gegevens van het INE kunnen we niet opmaken hoeveel Nederlanders en Belgen op de eilanden Mallorca, Menorca, Ibiza en Formentera wonen.
Murcia regio
De autonome regio Murcia is niet alleen een autonome regio maar ook een provincie waar 928 Nederlanders en 1.110 Belgen wonen.
Andere regio’s
Galicië: 416 Nederlanders en 206 Belgen
Castilië en Léon: 367 Nederlanders en 175 Belgen
Pais Vasco: 263 Nederlanders en 222 Belgen
Castilla-La Mancha: 257 Nederlanders en 108 Belgen
Asturië: 229 Nederlanders en 192 Belgen
Navarra: 119 Nederlanders en 52 Belgen
Cantabrië: 107 Nederlanders en 98 Belgen
La Rioja: 49 Nederlanders en 19 Belgen
Het gaat hier nogmaals om het aantal bij de gemeenten ingeschreven Nederlanders en Belgen. Veel inwoners uit Nederland en België willen of kunnen zich niet inschrijven bij de gemeente waar men woonachtig is in Spanje waardoor dit deze cijfers wel een goed overzicht geven maar de werkelijkheid zal anders zijn.
Beeld: SpanjeVandaag // KLIK voor een groter beeld
Elk jaar op 1 maart wordt op de vier Balearen eilanden de ‘Día de las Islas Baleares’ gevierd. Deze dag heeft ook als naam ‘Diada de les Illes Balears’ of ‘Dia de ses Illes Balears’ in het Catalaans. Op deze dag wordt gevierd dat in 1983 in de officiële staatskrant (BOE) het Estatuto de Autonomía geplaatst werd waarin stond dat de Balearen een eigen autonome regio werd.
Op 1 maart en de dagen ervoor en erna is het feest op de Balearen eilanden Mallorca, Menorca, Ibiza en Formentera. De belangrijkste dag is uiteraard 1 maart waarbij men dus elk jaar stilstaat bij het feit dat de Balearen jaren geleden een eigen autonome deelstaat werd.
Het is echter pas sinds het jaar 1999 dat 1 maart ook een vrije werkdag is geworden, een dag waarop de familie bijeen kan komen.
Er zijn veel activiteiten georganiseerd op Mallorca, Menorca, Ibiza en Formentera dus alle SpanjeVandaag lezers die op de Balearen eilanden wonen wensen we een prettige dag!
Wanener officieel het carnaval begint in Spanje viert men dat op veel plaatsen in het land met de “Jueves Lardero” wat in elke autonome regio weer een andere naam heeft zoals ‘Dijous Gras’ in Catalonië, ‘Día de la Mona’ in Albacete of ‘Jueves Merendero’ in Salamanca. Een ding hebben deze vette donderdagen gemeen en dat is dat er veel en vet gegeten wordt waarbij ook weer elke regio een eigen gerecht of specialiteit heeft.
De ‘Jueves Lardero’ stamt af van het Latijnse lardarius wat tocinero (vertaling onbekend) betekent. Op veel plaatsen in Spanje wordt deze dag wat het begin is van Carnaval gevierd met verschillende gebruiken waarbij een ding vaak centraal staat, het genieten van typische gerechten en als het even kan in de buitenlucht.
In Catalonië geniet men op de ‘Dijous Gras’ bijvoorbeeld van de tortilla de patatas (aardappelomelet) of butifarra de huevo worst terwijl men op de Balearen eilanden op ‘Dijous Llarder’ geniet van gerechten met eieren zoals de tortilla de patata of coca de llardons die men overigens op meer plaatsen in Spanje eet op deze dag. Ook in de Comunidad de Madrid eet men traditioneel de tortilla de patata op de dag die ook wel bekend staat als de ‘Día de la Tortilla’.
In Andalusië heeft elke regio weer een eigen traditie en is het onmogelijk om ze allemaal hier op te sommen. De dag staat in Andalusië ook wel bekend als de ‘Jueves Gordo’ of ‘Día de las merendicas’ wat op veel plaatsen ook een lokale feestdag is zoals in Churriana de la Vega, Cullar Vega in de provincie Granada of Benahadux in Almería en Puente Genil in Córdoba.
Ook in Castilië en León en Castilla-La Mancha wordt de ‘Jueves Lardero’ gevierd en is deze zeker bekend in de provincie Salamanca waar deze dag de ‘Jueves Merendero’ heeft of in Soria waar men het ook wel omschrijft als ‘Jueves lardero, pan, chorizo y huevo’ waar het de gewoonte is om met vrienden te gaan lunchen.
In de deelstaat Aragón maakt men gebruik van de ‘Jueves Lardero’ om genoeg vet te eten om de carnaval te doorstaan, ofwel ‘ponerse las botas’. Er wordt tortilla de patata, carne en chorizo gegeten tijdens deze dag.
Hierboven staan slechts enkele voorbeelden want er zijn nog veel meer tradities en traditionele gerechten te vinden in heel Spanje. Als je er nog een of meer weet, laat het ons weten en plaats een reactie 🙂
Als je in Spanje woont en op de een of andere manier ook het Driekoningenfeest viert dan zul je zeker ook in aanraking komen met de typische cake of taart die op 6 januari gegeten wordt. De roscón de Reyes is een ronde taart die eigenlijk op een hele grote donut lijkt, met een gat in het midden en de randen gevuld met slagroom of ander zoets. Het opvallende is dat in de vulling iets verstopt zit en dat dit een betekenis heeft.
De roscón de Reyes of pastel de Rey is een groot zoet brood of taart in de vorm van een torus (zeg maar donut) met een gat in het midden en de taartranden belegd met gesneden gekonfijt fruit.
De taart zelf bestaat uit twee delen (boven en onder) en is normaal gesproken gevuld met slagroom of crème maar de laatste jaren ook wel met mokka, chocolade, dulce de leche en van alles en nog wat als het maar zoet is. In veel winkels zijn tot wel 50 soorten te vinden. Er zijn ook Driekoningentaarten te vinden zonder vulling voor diegene die niet zo van zoet houden.
Verrasing
Het meest opvallende en karakteristieke van de roscón de Reyes is dat er kleine verrassingen in zitten. Dat zijn traditioneel gezien kleine keramische of plastic beeldjes die te maken hebben met baby Jezus. Daarnaast zit er ook een boon (haba) in de vulling van de taart en wordt de taart gepresenteerd met een gouden kroon.
Diegene die in zijn/haar stukje taart een boon vindt moet de roscón de Reyes betalen terwijl degene die het beeldje vindt de kroon mag opzetten en voor die dag de Rey (koning) of Reina (koningin) is.
De laatste jaren worden de roscónes de Reyes ook gebruikt voor reclamedoeleinden en om klanten te trekken zoals bij het warenhuis El Corte Inglés waar diverse goudstaven verstopt zijn in de ruim 600.000 geproduceerde Driekoningentaarten.
Daarnaast zijn er ook bakkers en winkels die geld en cadeaubonnen verstoppen in de vulling van de taarten maar dat heeft eigenlijk niets meer te maken met het kinderfeest.
Geschiedenis
Waar de roscón de Reyes vandaan komt is niet helemaal bekend maar volgens sommige deskundigen stamt deze speciale taart, oorspronkelijk zonder vulling, uit de tijd van de Romeinen die ook in Spanje huis hebben gehouden.
Anderen zeggen dat de roscón de Reyes taart komt van de vorm van de corona de adviento ofwel de adventskrans die dezelfde ronde vorm heeft maar bestaat uit dennen- of sparrengroen.
Er zijn ook theorieën dat de roscón de Reyes de oorsprong heeft in het feest ter ere van Saturnus, de God van landbouw. Tijdens deze festiviteiten werd er al een ronde taart gemaakt met vijgen, dadels en honing die verdeeld werd onder de armen en slaven. Daarnaast is bekend dat er in de derde eeuw al een boon of iets soortgelijks in de vulling werd gedaan.
Wie maakt er nu geen foto’s op reis in Spanje en uiteraard maken ook de Spanjaarden veel foto’s. Daar waar wij in Nederland en België gewend zijn om “cheese” te roepen op het moment van het maken van de foto, doen de Spanjaarden dit niet. Simpelweg omdat het een Engels woord is en men liever iets anders gebruikt. In Spanje heeft men voor de aardappel gekozen.
Wellicht heb je het zelf ook wel eens geroepen “cheese” of “say cheese” of zelfs “een..twee..drie..cheese” en het duidelijke “smile” maar in Spanje hoor je dat over het algemeen alleen bij buitenlanders en toeristen.
Fotografen maken graag gebruik van het woord “cheese” en maar al te vaak worden de mensen gemaand te lachen met de opmerking “say cheese”. Door het Engelse woord voor kaas te zeggen vervormen de mondhoeken waardoor het lijkt of een persoon lacht.
In het Spaans maakt men in dit geval liever geen gebruik van het Engelse woord voor kaas en vertaald naar het Spaans zou dat ook niet echt hetzelfde effect hebben “queso” 🙂
Daarom heeft men in Spanje lang geleden gekozen voor het Spaanse woord voor aardappel: “patata” waarbij meestal wordt geroepen: “paaaa…taaaa…ta” waardoor de meeste mensen vanzelf beginnen te lachen. Wil je iemand aanmanen om “patata” te zeggen dan zeg je ”di patata” waarbij de “uno…dos…tres” niet vermeld hoeft te worden.
Volgens een onderzoek van camera-maker Nikon is het woord “patata” eigenlijk niet zo’n goede keuze want de mondhoeken openen te veel waardoor in sommige gevallen de tong te zien is en dat is niet echt charmant op de foto. Het positieve van de vele a’s in het woord patata is dat het gezicht er blijkbaar natuurlijk uitziet en men een uitdrukking heeft van relax en geluk.
Veel mensen zeggen in Spanje ook wel eens in plaats van “patata” het woord “whisky” wat eigenlijk meer een gebruik is van Argentijnen en Mexicanen die geen “patata” zeggen en geen “cheese”.
Daarnaast is het zo dat men in Catalonië niet “patata” zegt maar “Lluiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiii…” afkomstig van de naam Lluis (Luis in het Spaans).
Om mensen recht in de camera te laten kijken zegt men eigenlijk hetzelfde als in Nederland “lach eens naar het vogeltje” wat in het Spaans is “mirar al pajarito”.
In de volksmond wordt in Spanje gesproken over 23F wat staat voor de mislukte staatsgreep op 23 februari 1981, 40 jaar geleden dus. Op die dag besloot een militaire junta onder leiding van luitenant kolonel Antonio Tejero een staatsgreep af te dwingen door het Spaanse Parlementsgebouw binnen te lopen met honderden bewapende militairen en agenten. De staatsgreep mislukte uiteindelijk omdat Tejero niet genoeg steun wist te krijgen en de Koning Juan Carlos zijn poot stijf hield en geen millimeter toe gaf.
Op 23 februari 2021 werd in Spanje stilgestaan bij de 23F van 1981 toen men een staatsgreep probeerde te plegen door het Parlementsgebouw over te nemen. Dat is dus alweer of slechts 40 jaar geleden.
Wat is 23F?
Op 23 februari 1981, zes jaar na de dood van Franco, stond het leven in Spanje even stil tijdens de staatsgreep die ook wel 23F of El Tejerazo wordt genoemd. De mislukte coup was beraamd door delen van de Guardia Civil en het Spaanse leger, en had het oogmerk de jonge democratie te smoren en opnieuw een militaire junta in te stellen.
De oorzaken moeten worden gezocht in de onvrede die in legerkringen en onder aanhangers van het voormalige regime van Franco bestond over de ontwikkeling van Spanje tot een moderne, democratische rechtsstaat, en de economische problemen en het terrorisme (vooral van de ETA) die het land teisterden.
Verloop 23F
De regering van de toenmalige minister-president Adolfo Suárez was knap wankel geworden en op 23 februari 1981 werden er verkiezingen gehouden in het parlement, met doel Leopoldo Calvo-Sotelo aan te wijzen als nieuwe premier.
Tijdens een stemronde, om 18.23 uur, stormde Antonio Tejero met ongeveer tweehonderd man van de Guardia Civil het parlementsgebouw binnen en gijzelde de aanwezigen. Hiermee kreeg hij in een klap de gehele politieke elite als gijzelaar.
De actie leverde de wereldpersfoto van 1981 op; deze beeldt Tejero af die met een getrokken pistool het spreekgestoelte van het parlement beklimt terwijl parlementsleden zich verschuilen achter de bankjes en Tejero schreeuwde “¡Quieto todo el mundo!”
Rol koning Juan Carlos
De 23F staatsgreep mislukte uiteindelijk door het optreden van (de nu voormalige) koning Juan Carlos die, gestoken in het uniform van opperbevelhebber der strijdkrachten, in een zes uur na aanvang van de coup gehouden televisietoespraak de militairen beval terug te keren naar hun kazernes.
Het kordate optreden van de koning, waarmee hij zich onvoorwaardelijk uitsprak vóór het democratiseringsproces en de Spaanse grondwet, veranderde in een klap diens imago van onpopulair marionet van Franco en diens gedachtegoed tot boegbeeld van het nieuwe democratische Spanje.
Zijn positie, en het idee van een constitutionele monarchie in Spanje die daarvoor door velen in twijfel getrokken werd is daardoor zeer versterkt. Maar net zoals altijd zijn er ook theorieën die menen dat het allemaal in scene is gezet om het imago van het Spaanse Koningshuis te verbeteren.
Sinds 2021 gelden in heel Spanje nieuwe verkeersregels voor gebruikers van elektrische steps (patinetes). Zo mag men nu niet meer op de stoep rijden met de elektrische steps, is de maximum snelheid 25 kilometer per uur en kunnen de step-gebruikers ook getest worden op het rijden onder invloed.
Het rijden met een elektrische step in Spanje wordt moeilijker gemaakt (je kunt ook zeggen dat het lopen weer veiliger wordt gemaakt). Dat wil zeggen, er zijn minder plaatsen waar het is toegestaan zonder problemen met een ‘patinete’ te rijden.
Deze nieuwe regels gelden voor het hele land en zijn op zaterdag 2 januari 2021 na publicatie in de staatscourant BOE in gegaan.
Deze regels gelden dus voor iedereen die in Spanje met een elektrische step rijdt. Dus voor de inwoners, toeristen die een elektrische step huren of buitenlanders die tijdens hun vakantie of verblijf in Spanje een eigen elektrische step meenemen.
Wel toegestaan
Maar met de nieuwe onderstaande regels, waar mag je dan nog wel rijden met een elektrische step? Volgens de regels moet je op een fietspad (carril bici) rijden indien aanwezig. Voetgangers hebben altijd voorrang dus wachten bij zebrapaden is verplicht.
Het is ook toegestaan om met een elektrische step op het wegdek te rijden (net zoals met een fiets) binnen de bebouwde kom en altijd als de maximum snelheid minder dan 30 km/uur is.
Regels
De maximum snelheid is 25 km/uur. Rijd je sneller/harder dan kun je een boete van 500 euro krijgen.
Het is noodzakelijk een document bij je dragen wat gezien kan worden als een bewijs dat de elektrische step voldoet aan de EU normen. De meeste technische certificaten voor de verschillende merken steps zijn o.a. HIER te downloaden.
Het op de stoep/trottoir (acera) rijden met een elektrische step is niet meer toegestaan. Ook het rijden in een voetgangersgebied (zona peatonal) is verboden.
Het rijden op wegen tussen gemeenten (vias interurbanos), snelwegen (autopistas), autowegen (autovias) en tunnels binnen de bebouwde kom (tuneles urbanos) is niet toegestaan.
Het rijden met een elektrische step terwijl je teveel alcohol op hebt is verboden.
Het rijden met een step en het dragen van hoofdtelefoons of oordopjes om muziek te luisteren is verboden.
Het is verboden met meer dan één persoon op een elektrische step te rijden. Een ‘patinete’ is een ‘vehículo uni-plaza’.
Het bij je hebben van een officieel rijbewijs (certificado de circulación) wordt ook verplicht maar daar is nu nog niet veel informatie over bekend.
Helm verplicht?
Het dragen van een helm op de elektrische step is over het algemeen in Spanje niet verplicht. Maar veel autonome regio’s en ook gemeenten hebben deze verplichting wel ingevoerd via regionale of lokale wetten.
Verzekering verplicht?
Het afsluiten van een verzekering (seguro) is nog niet verplicht in heel Spanje. Maar net zoals met de helm zijn er gemeenten en autonome regio’s waar een verzekering wel al verplicht is of gaat worden.
De Spaanse verkeersdienst DGT zegt dat een speciale verzekering niet verplicht is in Spanje maar dat het wel aan wordt geraden om jezelf en anderen te beschermen in het geval van een ongeluk, aanrijding etc.
Kenteken verplicht?
Het is nog niet verplicht dat elektrische steps een kenteken moeten hebben. Er hoeft ook geen belasting betaald te worden voor het mogen rijden op straat, zoals bijvoorbeeld wel geldt voor personenwagens en motoren/scooters.
Er wonen in Spanje 17.426 mensen die 100 jaar zijn of ouder, dat is vier keer meer dan in het jaar 2001. In dat jaar waren er nog maar 4.269 inwoners die 100 jaar of ouder waren maar dat is opgelopen naar 17.426 personen. Het merendeel van de 100+jarige inwoners is woonachtig in de provincies Madrid en Barcelona. De minste oude inwoners zijn woonachtig in de provincies Teruel, Soria en Cuenca.
In totaal heeft Spanje op dit moment 17.426 inwoners die 100 jaar of ouder zijn. Wat opvalt is dat er veel meer vrouwen zijn die ouder zijn dan 100 jaar dan mannen in Spanje. Er zijn op dit moment 3.772 mannen die 100 jaar of ouder zijn maar er zijn 13.654 vrouwen die 100 jaar of ouder zijn in Spanje.
NOTA: Deze cijfers zijn afkomstig van het Spaanse Bureau voor de Statistiek (INE) en dateren van 1 januari 2020. De corona-crisis en het aantal sterfgevallen bij met name ouderen zal een invloed hebben gehad op het aantal honderdjarigen in Spanje. Die gegevens zijn echter nog niet bekend.
Provincies
In de provincies Madrid en Barcelona wonen de meeste 100+jarigen, met respectievelijk 2.402 en 1.893 personen. In de provincie Valencia wonen 681 personen van 100 of ouder, in Málaga 692 personen en in Alicante 546 personen om maar enkele grote en toeristisch bekende provincies te noemen.
Helemaal onderaan de lijst staan de provincies Teruel met 80 inwoners van 100 jaar of ouder gevolgd door, Palencia met 89, Soria en Cuenca met 99 en Segovia en Avila met 105 inwoners van 100+.
Regio’s
Hieronder een alfabetische lijst met 100+jarigen per autonome regio, het totaal per regio onderverdeeld in mannen en vrouwen.
Andalusië – 2.611 (692 mannen en 1.919 vrouwen)
Aragón – 614 (108 en 506)
Asturië – 562 (118 en 444)
Balearen – 273 (58 en 215)
Canarische Eilanden – 725 (243 en 482)
Cantabrië – 269 (47 en 222)
Castilië en León – 1.635 (342 en 1.293)
Castilla-La Mancha – 766 (194 en 572)
Catalonië – 2.525 (456 en 2.069)
Valencia regio – 1.393 (333 en 1.060)
Extremadura – 404 (96 en 308)
Galicië – 1.844 (420 en 1.424)
Madrid regio – 2.402 (439 en 1.963)
Murcia – 256 (57 en 199)
Navarra – 247 (32 en 215)
Baskenland – 732 (97 en 635)
La Rioja – 133 (27 en 106)
Tussen 99 en 55 jaar
Als we even verder kijken op de lijst zien we ook dat er 111.333 mensen zijn tussen 95-99 jaar; 435.973 mensen tussen 90-94 jaar; 996.429 mensen tussen 85-89 jaar en 1.272.972 mensen met een leeftijd tussen 80 en 84 jaar.
Als we nóg verder gaan zien we 1.747.640 mensen met een leeftijd tussen 75-79 jaar; 2.211.826 mensen tussen 70-74 jaar; 2.423.865 tussen 65-69 jaar; 2.012.066 mensen tussen 60-64 jaar en 3.364.192 mensen met een leeftijd tussen 55-59 jaar.
Spanje is na Italië het tweede Europese land met het hoogste aantal dagvlindersoorten. Na de ontdekking in Ceuta van het bestaan van drie nieuwe endemische soorten (uit Noord Afrika) is het totaal aantal soorten in Spanje gestegen naar 258.
Tijdens een studie die door de ‘Asociación Española para la Protección de las Mariposas’ gerealiseerd werd in de Spaanse enclave Ceuta, heeft men drie nieuwe soorten ‘Maghreb’ vlinders ontdekt, te weten ‘ocelada magrebí’ (coenonympha arcanioides), de ‘sertorio magrebí’ (spialia ali) en de ‘dorada magrebí (thymelicus hamza).
De Coenonympha arcanioides is een vlinder uit de onderfamilie Satyrinae van de familie Nymphalidae. Spialia ali is een geslacht van dikkopjes (Hesperiidae) uit de orde van de vlinders. Thymelicus hamza is ook een vlinder uit de familie van de dikkopjes (Hesperiidae).
Met de ontdekking van deze drie vlindersoorten is het totale aantal dagvlindersoorten in Spanje gestegen naar 258. Daarmee staat Spanje net achter Italië op de lijst van Europees land met de meest dagvlindersoorten.
Binnen de vlinder biodiversiteit van Spanje zijn er ook 13 endemische Iberische soorten, 13 exclusief voor de Canarische Eilanden en 48% van de soort exclusief voor het Europese continent. Voor de duidelijkheid, een endemische soort of endeem is een soort die alleen in een bepaald gebied of land voorkomt.
De Spaanse regering heeft in 2021 een landelijk jachtverbod op de Iberische wolf aangekondigd. Dat is volgens de dierenbeschermers uitstekend nieuws maar de jagers en veetelers zijn niet zo blij met deze nieuwe maatregel. Lees alles over dit bijzondere Spaanse dier.
De Iberische wolf (Canis lupus signatus) is een kleine ondersoort van de wolf die alleen in Spanje en Portugal voorkomt. Volgens de laatste cijfers van 2012-2014 werden er 297 roedels geteld in Spanje. Het overgrote deel van de Iberische wolf leeft in Castilië en León, Galicië, Asturië, Cantabrië en in mindere mate Baskenland, la Rioja en Castilla-La Mancha.
De Iberische wolf heeft een iets rossiger vacht dan de grijze wolf. Ze zijn iets kleiner dan ondersoorten uit noordelijker gebieden in Europa. De vacht is in de winter voorzien van een grauwe dekvacht en in de zomer verliest de wolf veel van zijn haren en heeft dan een enigszins ‘shabby’ uiterlijk. De poten zijn breed aan de onderkant, zodat het dier in rotsachtige streken een goede grip op de ondergrond heeft.
Iberische wolven leven in paren of kleine familiegroepen en maken jacht op jonge reeën, konijnen, egels, ratten, hagedissen, vogels en insecten. Ook eten ze eieren en vruchten zoals bessen.
Een groep bestaat meestal uit een mannetje en een vrouwtje, voor langere tijd vergezeld door hun eigen opgroeiende nageslacht. Meestal verlaten de jongen na de puberteit de groep en vinden een eigen partner. Het komt zelden voor dat de ondersoort in grotere groepen jaagt of leeft.
Wist je dat de gierzwaluw in Spanje een beschermde vogel is? Dat betekent dat als je een exemplaar vindt je de politie kunt bellen die dan de vogel komt ophalen en naar een opvangcentrum zal brengen.
De kans dat je een gierzwaluw vindt is echter niet zo heel groot want deze vogels leven gedurende bijna 10 maanden in de lucht waar ze vaak op grote hoogtes vliegen, jagen, eten en al vliegend slapen. Maar er zijn momenten zoals in de broedperiode dat ze een plaatsje op land moeten opzoeken.
In de zomer van 2019 was er nog alarm omdat veel jonge gierzwaluwen vanwege de hitte uit bomen vielen. In een op SpanjeVandaag geplaatst artikel kun je meer hierover lezen.
Aapus apus
De gierzwaluwen zijn zeer sterk op het leven in de lucht aangepast. Buiten de broedperiode houden ze zich verscheidene maanden lang hoogstwaarschijnlijk zonder onderbreking in de lucht op. Bij hun vlucht manoeuvres kunnen ze in duikvlucht snelheden van meer dan 200 kilometer per uur bereiken.
De totale lengte is circa 17 centimeter. De spanwijdte ongeveer 40 centimeter. Een volwassen gierzwaluw weegt gemiddeld 46 gram. Het verenkleed is roetzwart van kleur, de kin en keel zijn witachtig, maar dat is vaak niet waar te nemen.
De lange, sikkelvormige vleugels hebben een blauwachtige glans. Juvenielen zijn bruiner en hebben minder glans. De gemiddelde levensduur bedraagt ongeveer 6 jaar, wat erg lang is voor een vogel van een dergelijke grootte.
Er is geen seksuele dimorfie: het mannetje en het vrouwtje zijn uiterlijk niet te onderscheiden. Sommige onderzoekers kunnen mannetjes van vrouwtjes onderscheiden op basis van de roep.
De gierzwaluw heeft in verhouding zeer lange sikkelvormige vleugels. De staart is relatief kort en gevorkt. De snavel is relatief klein en kan ver geopend worden, wat dient om beter insecten te kunnen vangen in vlucht.
Bijna iedereen heeft wel eens gehoord van ‘Groundhog Day’, maar dan niet vanwege de feestdag die in de Verenigde Staten en Canada gevierd wordt maar meer vanwege de uit 1993 stammende speelfilm met Bill Murray in de hoofdrol. Maar de ‘bosmarmottendag’ is een jaarlijks terugkerende feestdag met een marmot in de hoofdrol dat groots gevierd wordt in de VS en Canada. Maar zijn er ook marmotten te vinden in Spanje?
‘Groundhog’ is Engels voor bosmarmot wat weer in het Spaans ‘marmota’ of ‘marmota canadiense’ is. ‘Groundhog Day’ is een feestdag die in de Verenigde Staten en Canada elk jaar op 2 februari wordt gevierd.
Op deze dag zou de bosmarmot volgens folklore ontwaken uit zijn winterslaap en zich buiten zijn hol wagen. Volgens de traditie zou de bosmarmot het einde van de winter kunnen voorspellen op grond van zijn eigen schaduw.
Als de bosmarmot op ‘Groundhog Day’ (Día de la Marmota) zijn eigen schaduw ziet, zal hij terugkeren naar zijn hol en zal de winter nog zes weken duren. Mocht hij zijn schaduw niet zien en niet terugkeren naar zijn hol, is het einde van de winter nabij.
‘Groundhog Day’ werd echter wereldbekend door de gelijknamige speelfilm uit 1993 met Bill Murray in de hoofdrol. De film gaat over een chagrijnige weerman die met veel tegenzin in een klein plaatsje een reportage moet maken en daar vervolgens elke morgen op diezelfde dag opnieuw wakker wordt.
Spanje
Maar de vraag aan het begin van dit artikel was of er ook ‘Groundhogs’ ofwel marmotten in Spanje leven. Het antwoord is ja maar alleen in de Pyreneeën en slechts op kleine schaal.
De bosmarmot (Marmota monax) is een knaagdier uit de familie van de eekhoorns en de Spaanse versie heeft meer te maken met een Europese marmot soort. Ondanks dat deze soort ruim 10.000 jaar geleden in Spanje uitstierf, is deze toch weer te vinden in de Spaanse Pyreneeën.
Tussen 1948 en 1988 werden in de Franse en Spaanse Pyreneeën meer dan 400 exemplaren van de marmotten afkomstig van de Franse Alpen geïntroduceerd, ook wel de alpenmarmot genoemd.
Dankzij deze ongeorganiseerde maar succesvolle herintroductie in de Pyreneeën komen er nu marmotten voor in de provincie Huesca, zoals in het gebied in en rondom het natuurgebied Ordesa, en in de Catalaanse La Cerdanya en Ripollés gebieden evenals Andorra.
Het is niet bekend hoeveel marmotten er nu leven in de Pyreneeën maar ze worden wel regelmatig gezien en gefotografeerd.
Als je als Nederlander in Spanje woont is het toch mogelijk om te stemmen voor Tweede Kamerverkiezingen en verkiezingen voor het Europees Parlement. Je moet jezelf daarvoor registreren als kiezer buiten Nederland. Dat hoeft slechts eenmaal en daarna kun je stemmen voor de verkiezingen van de Tweede Kamer en het Europees Parlement.
Om als Nederlander in het buitenland te kunnen kiezen voor verkiezingen in Nederland moet je jezelf eenmalig aanmelden. Dat gebeurt dan als kiezer via de gemeente Den Haag en bij elke verkiezing die volgt na de registratie ontvang je automatisch de papieren waarmee je kunt stemmen voor de Tweede Kamer en Europees Parlement verkiezingen.
Verkiezingen 17 maart 2021
Het is voor de aanstaande Tweede Kamerverkiezingen op 17 maart 2021 nog mogelijk te stemmen als Nederlander in het buitenland. Je kunt jezelf nog tot 3 februari aanmelden via de speciale website via deze link.
Nederlanders die zich ooit al eens hebben aangemeld voor een eerdere verkiezing in Nederland krijgen automatisch bericht en hoeven zich dus niet nog een keer aan te melden.
Voorwaarden
Om te kunnen stemmen vanuit het buitenland zijn enkele voorwaarden verbonden:
Je woont buiten Nederland en staat niet ingeschreven bij een Nederlandse gemeente
Je hebt een geldig Nederlands paspoort of een geldige Nederlandse ID-kaart
Je bent 18 jaar of ouder
LET OP: Met een Verklaring van Nederlanderschap kun je jezelf niet registreren
Geregistreerd voor 1 april 2017?
Sinds 1 april 2017 hoef je jezelf maar 1 keer te registreren als kiezer in het buitenland.
Heb je jezelf voor 1 april 2017 voor het laatst geregistreerd? Bijvoorbeeld voor de Tweede Kamerverkiezing van dat jaar? Dan moet je opnieuw registreren.
Weet je niet of je jezelf al eerder hebt geregistreerd? Neem dan contact op met de gemeente Den Haag via deze link.
Ben ik geregistreerd als kiezer buiten Nederland?
Weet je niet meer zeker of je jezelf ooit al eens eerder hebt geregistreerd, dan kun je via de gemeente Den Haag controleren of je bent geregistreerd. Gebruik daarvoor deze link.
Alle Nederlanders die zich ¡n het buitenland registreren worden in de gemeente Den Haag geregistreerd.
Adreswijziging
Sta je al ingeschreven als kiezer in het buitenland maar ben je ondertussen verhuisd of ga je binnenkort voor de verkiezingen verhuizen, geef dan een adreswijziging door aan de gemeente Den Haag via deze link.
Geen stempapier ontvangen?
Sta je correct geregistreerd als kiezer in het buitenland maar heb je geen stempapier ontvangen? Neem dan contact op met de gemeente Den Haag via deze link.
Over het algemeen geldt dat Nederlanders die in het buitenland wonen op twee momenten stempapieren ontvangen; vanaf ongeveer 12 en 4 weken voor de verkiezingen in Nederland.
Spanje heeft een systeem van buslijndiensten die uitgevoerd worden door de vervoersmaatschappij ALSA. Alsa heeft in Spanje een groot busnetwerk van langeafstandsbussen die afgelegd worden door de ruim 3.000 eigen bussen die niet alleen rijden in Spanje zelf en alle steden en dorpen met elkaar verbinden maar ook internationaal met reizen naar diverse Europese bestemmingen waaronder België maar ook Marokko.
Binnen Spanje reizen kan met de eigen auto, met de trein en AVE hogesnelheidstrein, met het vliegtuig en als goedkoper alternatief ook met de ALSA lijndienstbussen. De afkorting ALSAstaat voor Automóviles Luarca S.A. welke werd opgericht in het jaar 1923 in Luarca, Asturië.
De busservice in veel autonome regio’s en ook landelijk gezien in Spanje wordt geregeld door ALSA die een vorm van samenwerking heeft met de autoriteiten wat betreft alleenrecht op veel routes. Dat alleenrecht kan in de toekomst verdwijnen als de EU-plannen doorgaan waardoor concurrenten zoals het Duitse Flixbus, die sinds 2016 in Spanje operationeel is, de kans kunnen grijpen om concurrerende buslijndienst routes aan te bieden, mits deze langer zijn dan 100 km.
Voorlopig heeft ALSA echter nog een monopoliepositie wat betreft langeafstandsbussen in Spanje. Volgens een berekening van Confebus heeft ALSA minstens 7,5 miljoen passagiers vervoerd in Spanje, een behoorlijk aantal. ALSA heeft bijna 15.500 werknemers en de busmaatschappij heeft een vloot bestaande uit maar liefst 4.446 bussen.
ALSA is voor veel lange afstand reizigers een goedkoop alternatief, ook wanneer er bijvoorbeeld geen alternatief zoals een vlieg- trein of hogesnelheidstrein verbinding mogelijk is.
Het Duitse FlixBus is ook in Spanje actief en heeft op haar internationale verbindingen met Spaanse bestemmingen in 2019 in totaal 930.000 passagiers vervoerd. Dat is nog geen miljoen maar wel een stijging van maar liefst 69% ten opzichte van de aantallen passagiers in 2018.
FlixBus verbindt met haar intercity bussen 45 Spaanse steden met tien Europese landen. HIER kun je alle bestemmingen zien die door FlixBus aangedaan kunnen worden in Spanje maar dan wel met een internationale verbinding.
FlixBus biedt geen nationale (dus binnen Spanje) busverbindingen aan omdat er een soort van monopolie positie is binnen het busnetwerk in Spanje. Daar zal wel verandering in gaan komen in de toekomst maar tot nu toe is het alleen mogelijk internationaal met Flixbus naar of vanuit Spanje te reizen.
Vanuit Nederland zijn er (volgens deze kaart) geen verbindingen met Spanje maar vanuit België (Brussel) kun je met FlixBus rijden naar Barcelona, Bilbao en San Sebastian.
Spanje wordt door FlixBus echter met tien Europese landen, te weten Portugal, Frankrijk, Italië, Duitsland, België, Zwitserland, Luxemburg, Hongarije, Slovenië en Roemenië verbonden met 45 steden.
Het is een van die vogels die je in Nederland en België niet of bijna niet meer ziet terwijl wanneer je in de natuur wandelt in Spanje je regelmatig een exemplaar tegen zult komen. We hebben het over de hop of upupa epops die in het Spaans de naam ‘abubilla’ heeft gekregen. Deze vogel komt met name voor langs de Middellandse Zeekust van Spanje maar kan ook in andere delen van het Iberische Schiereiland gespot worden.
De bruin gekleurde vogel met de lange snavel en met als meest opvallende onderdeel de hanenkam is een graag geziene gast in Spanje. De hop is dan ook gemakkelijk te herkennen aan het roodbruine verenkleed met een lange zwart gepunte kuif, die kan worden opgezet als de vogel opgewonden is. De staart en de vleugels zijn zwart en getekend met brede witte strepen. De snavel is lang en dun.
Maar wat veel wandelaars en vogelspotters misschien niet weten is de opvallende eigenschap van de uitgesproken stank die het dier verspreid omdat enerzijds het nest nooit wordt schoongemaakt (voedselafval en mest blijven achter) en anderzijds omdat het vrouwtje een klier heeft aan de basis van haar staart, die tijdens de broedtijd een zware stank verspreidt. Een bijnaam voor de hop is dan ook drekhaan.
De roep van de hop klinkt als hoep, hoep, en hoewel het geluid niet luid is, is het toch op grote afstand hoorbaar. De lichaamslengte bedraagt 26 tot 28 cm en het gewicht 75 gram. Het voedsel van de insectenetende weidevogel bestaat voornamelijk uit grote insecten, regenwormen, (naakt)slakken en spinnen, maar ook hagedissen staan op het menu.
Beeld: Freepik
Spaanse namen
Over het algemeen heeft de hop in Spanje de naam ‘abubilla’ gekregen maar verschillende autonome regio’s hebben een eigen benaming of benamingen. Zo heet de hop in Andalusië ‘gallito de marzo’ of ‘bubilla’; in Aragón ‘gurgute, papute, cucute en cuscute’; in de Valencia regio, de Balearen en Catalonië ‘puput, palput en porput’; op de Canarische Eilanden ‘apupu en tabobo’; in Murcia ‘parputa’; in Extremadura ‘poipa’ en in Galicië ‘bubela’. In het Nederlands/Vlaams heet de vogel gewoon hop 😉
Spanje
Het Iberisch Schiereiland, waar Spanje, Andorra en Portugal onderdeel van uitmaken, is verreweg het belangrijkste broedgebied. Hoppen worden vooral aangetroffen in stenige gebieden, op muurtjes en rond ruïnes. Ze overwinteren in Zuid-Europa en Afrika.
Het nest van de hop wordt gebouwd in een boomholte, waarin het wijfje ongeveer 5 eieren legt. Het wijfje en de jongen verdedigen zich tegen vijanden door deze te besproeien met een stinkende vloeistof.
Nederland en Vlaanderen
Voor 1925 was de hop nog een regelmatig voorkomende broedvogel in Oost- en Zuid-Nederland. Tussen 1925 en 1940 verdween de vogel geleidelijk uit Nederland. Er waren oplevingen in de periode 1941-45 en 1966-70, met jaren waarin er 10 paar hoppen broedden. Sinds 1970 gaat het hoogstens om 1 of 2 paar
Tussen 1989 en 1998 waren er in Nederland 264 waarnemingen van doortrekkers, met een maximum van meer dan 50 waarnemingen in de laatste 10 dagen van april. Het aantal waargenomen hoppen nam af tussen 1997 en 2007.
Omdat de hop praktisch als broedvogel niet meer voorkomt, staat hij als verdwenen op de Nederlandse rode lijst en Vlaamse rode lijst. In Vlaanderen broedde in 2017 voor het eerst in 36 jaar nog eens een koppel met succes. Internationaal is het geen bedreigde soort, en staat als niet bedreigd op de internationale IUCN-lijst.
Spanje heeft 2.032,2 kilometer aan grenzen met in totaal vijf landen. Spanje grenst namelijk niet alleen aan Frankrijk maar ook aan Portugal, Andorra, Groot Brittannië (Gibraltar) en Marokko (Ceuta en Melilla). Maar welke grenzen zijn er en hoe lang zijn deze dan.
Spaans-Portugese grens
Spanje heeft een 1.292 kilometer lange grens met Portugal, dit is de langste grens van het land. Deze grens gaat door Galicië (provincies Pontevedra en Orense), Castilië en León (provincies Zamora en Salamanca), Extremadura (provincies Cáceres en Badajoz) en Andalusië (provincia Huelva).
Spaans-Franse grens
De grens tussen Spanje en Frankrijk is 656,3 kilometer lang en gaat door Baskenland (provincie Guipúzcoa), Navarra, Aragón (provincie Huesca) en Catalonië (provincies Lerida en Gerona). Deze grens wordt bij Andorra met 63,7 kilometer onderbroken.
Spaans-Andorraanse grens
Spanje grenst voor 63,7 kilometer aan Andorra. De grensovergang is gelegen in Catalonië (provincie Lerida) en is de enige onderbreking van de Spaans-Franse grens.
Spaans-Britse grens
Spanje grenst ook aan Groot Brittannië alleen niet direct maar via Gibraltar. Het is de kleinste grens van slechts 1,2 kilometer maar officieel ziet Spanje dit niet als een grens maar een ‘verja’ want Spanje erkent de soevereiniteit van Groot Brittannië over de Britse rots niet.
Spaans-Marokkaanse grens
Spanje is door de Straat van Gibraltar en de Alboran Zee gescheiden van Afrika maar toch heeft het land een fysieke grens met Marokko. De Spaanse enclaves Ceuta en Melilla grenzen voor een totaal van 19 kilometer Marokko. Officieel wordt er echter niet gesproken over een grens met Marokko want Ceuta en Melilla grenzen aan ‘niemandsland’ (tierra de nadie), iets dat door beide landen in 1956 zo werd bepaald.
Net zoals elk land wereldwijd heeft ook Spanje een bepaalde goudreserve maar feit is dat Spanje lang niet zoveel goud heeft als bijvoorbeeld Nederland, Duitsland en de top van de lijst Verenigde Staten. Italië heeft wel een grote goudreserve maar op welke plaats staat Spanje dan?
Landen willen indien mogelijk graag een grote goudvoorraad hebben omdat goud meestal in waarde stijgt. Landen met grote goudreserves waaronder Nederland kunnen als de goudprijs stijgt bijna slapend rijk worden. Die prijsstijging van het goud is dus niet alleen goed nieuws voor goudhandelaren en -producenten, maar ook voor landen met grote goudreserves.
Maar heeft Spanje wel zoveel goud als wat men in het buitenland wil doen geloven? Volgens de gegevens van februari 2020 van de World Gold Council staat Spanje als goudreserve land niet in de top 10 maar wel in de top 20, om precies te zijn op de 19e plaats terwijl dit in april 2019 nog de 17e plaats was.
Nederland staat op een 10e plaats terwijl België onder Spanje op de 22e plaats staat wat betreft de goudvoorraad. Italië staat echter onder de Verenigde Staten en Duitsland (en het Internationaal Monetair Fonds) op een derde plaats, dus boven Frankrijk, Rusland en China.
De volgende lijst van de top 20 van landen wat betreft goudreserves, gerangschikt op hoeveelheid in ton is samengesteld met de gegevens van februari 2020 van de World Gold Council.
RANG
LAND
GEWICHT IN TON
1
Verenigde Staten
8.135,5
2
Duitsland
3.366,5
IMF *
2.814,0
3
Italië
2.451,8
4
Frankrijk
2.436,0
5
Rusland
2.271,2
6
China
1.948,3
7
Zwitserland
1.040,0
8
Japan
765,2
9
India
633,1
10
Nederland
612,5
CEB **
504,8
11
Taiwan
422,4
12
Turkije
412,5
13
Kazachstan
385,5
14
Portugal
382,5
15
Oezbekistan
335,9
16
Saoedi-Arabië
323,1
17
Groot Brittannië
310,3
18
Libanon
286,8
19
Spanje
283
20
Oostenrijk
280,0
* IMF = Internationaal Monetair Fonds / ** CEB = Centrale Europese Bank
Sinds maandag 15 juni (2020) kunnen inwoners van Spanje een aanvraag indienen voor het minimaal vitaal inkomen. Het ‘ingreso mínimo vital’ of afgekort IMV is in juni door het Spaanse parlement goedgekeurd en zal ervoor zorgen dat 850.000 huishoudens een minimum leefbaar of vitaal inkomen zullen ontvangen om uit de extreme armoede te komen. Maar wat is dit IMV en wie kan er gebruik van maken?
Meer dan 850.000 huishoudens (want het is geen inkomen per persoon maar per huishouden) zullen profijt hebben van het IMV waardoor de extreme armoede met 80% verminderd kan worden. Het IMV is echter geen ‘cadeautje’ van de Spaanse overheid en is bedoeld voor die huishoudens die het niet zo breed hebben en op of onder de armoedegrens leven.
De bedragen die men dan ontvangen liggen tussen de 462 euro en 1.015 euro afhankelijk van de gezinssituatie.
Het IVM geldt voor alle inwoners van Spanje die langer dan 12 maanden officieel een resident zijn in het land, dus ook in principe voor Nederlanders en Belgen die officieel de resident-status hebben en dat kunnen aantonen door middel van de ‘Certificado de Registro de Ciudadano de la Union’ (het groene kaartje of tarjeta residencia).
Houd daarbij rekening met het volgende, alleen als je hier aan voldoet heb je kans op het IVM:
Het IVM is niet per persoon maar per huishouden.
De aanvrager moet tussen de 23 en 65 jaar oud zijn of 18+ jaar met een kind..
Je moet minstens 12 maanden voorafgaand aan de aanvraag woonachtig zijn en officieel ingeschreven (residencia legal) staan in Spanje als legale inwoner.
Je moet ten minste 12 maanden ingeschreven staan bij en bijgedragen hebben aan de Sociale Zekerheid (Seguridad Social).
Werkloos zijn is geen must want het IVM is ook te ontvangen als men werkt maar niet genoeg inkomen ontvangt om van rond te komen.
Je moet een vermogenslimiet (límite de patrimonio) hebben tussen 16.614 euro voor alleenstaanden en 43.396 euro in het geval van een huishouden van vier personen.
Simulator
Op de website van deze simulator dien je enkele vragen naar waarheid te beantwoorden waarna men het uiteindelijke geschatte (want dit is niet definitief) minimale vitale inkomen getoond wordt.
Bedragen
Er zijn diverse verschillende scenario’s zoals alleenstaande personen, eenoudergezinnen, huishoudens met een of twee of meer kinderen etc. In alle gevallen gaat het om bedragen per huishouden, niet personen. Het is ons niet helemaal duidelijk of dit bruto of netto bedragen zijn.
Alleenstaande volwassene: 5.538 euro per jaar / 462 per maand
Eenoudergezin met 1 kind: 8.418 euro per jaar / 700 euro per maand
Eenoudergezin met 2 kinderen: 10.080 euro per jaar / 838 euro per maand
Eenoudergezin met 3+ kinderen: 11.741 euro per jaar / 977 euro per maand
2 volwassenen: 7.200 euro per jaar / 600 euro per maand
2 volwassenen met 1 kind: 8.861 euro per jaar / 738 euro per maand
2 volwassenen met 2 kinderen: 10.523 euro per jaar / 877 euro per maand
2 volwassenen met 3+ kinderen: 12.184 euro per jaar / 1.015 euro per maand
Vitaal inkomen Vs basisinkomen
Het vitaal inkomen (ingreso mínimo vital) moet niet verward worden met een basisinkomen (renta básica of renta mínima) wat een universeel gegarandeerd inkomen is dat elke burger/inwoner (gedeeltelijk) van de overheid krijgt. Met basisinkomen wordt over het algemeen een onvoorwaardelijk basisinkomen bedoeld, waarbij iedere burger hetzelfde krijgt ongeacht over welke overige inkomsten of over welk vermogen hij of zij beschikt.
In Spanje is echter alleen sprake van een gegarandeerd inkomen als de aanvrager aan strenge eisen voldoet en onder de armoedegrens leeft. Er kan dus in feite niet gesproken worden over een universeel basisinkomen maar meer over een minimum leefbaar inkomen of een gegarandeerd vitaal basisinkomen voor Spanje’s allerarmsten.
Er wordt in de Spaanse pers veel aandacht besteed aan de invasie van de Aziatische ‘Japanse’ mug die erom bekend staat dat deze het West-Nijl-virus en Japanse encefalitis (JE) kan overdragen op de mens. De ‘Japanse’ mug werd al in 2018 in Spanje ontdekt maar nu is bevestigd dat de ‘aedes japonicus’ of in het Nederlands de Aziatische bosmug zich heeft genesteld in met Noord Spanje.
De Aziatische bosmug die in het Spaans de naam ‘mosquito japonés’ heeft gekregen wordt gezien als de derde geïmporteerde invasieve muggensoort van Spanje. Daarbij gaat het om de bekende tijgermug of aedes albopictus (mosquito tigre); de gelekoortsmug of aedes aegypti (mosquito del dengue) en de Aziatische mug of aedes japonicus (mosquito japonés).
Al in 2008 werd deze invasieve mug in diverse Europese landen ontdekt en een decennium later is deze mug niet verdwenen maar heeft deze zich gevestigd in grote delen van Midden-Europa. In Spanje werd er voor het eerst in 2018 melding gedaan van de Aziatische ‘Japanse’ mug in Asturië maar de aedes japonicus is gerapporteerd in gebieden in Oostenrijk, België, Frankrijk, Duitsland, Nederland, Zwitserland en Slovenië.
De Aziatische ‘Japanse’ bosmug is een potentiële vector van de West-Nijlkoorts, knokkelkoorts en chikungunya en heeft ook Noord-Spanje bereikt waar deze muggensoort in de autonome regio Asturië werd ontdekt.
De aedes japonicus koloniseert verstedelijkte omgevingen en de vrouwtjes zijn overdag actief waardoor het potentiële contact van de soort met mensen vergroot en het een erg vervelende plaag maakt. Het succes van de invasie is te danken aan verschillende factoren zoals het vermogen om verspreiding over lange afstanden te weerstaan omdat de eieren bestand zijn tegen bevriezing en uitdroging en wintertemperaturen in gematigde streken. Deze muggensoort heeft ook het vermogen om minder gespecialiseerde water habitats te exploiteren dan de meer bekende aedes albopictus (tijgermug).
Ondanks de aanwezigheid van deze muggensoort in Noord Spanje, de melding daarvan op diverse websites en het platform Mosquito Alert, is het risico van overdracht van ziektes op de mens zeer laag maar er worden nieuwe studies uitgevoerd naarmate er meer meldingen binnenkomen.
Net zoals elk jaar hebben we door alle informatie van het Spaanse Bureau voor de Statistiek (INE) te verzamelen over het aantal inwoners in het land weer een overzicht kunnen samenstellen van het aantal Nederlanders en Belgen dat woonachtig is in Spanje aan het begin van 2020. Het gaat daarbij om het aantal bij de gemeente ingeschreven inwoners. Het echte aantal Nederlanders en Belgen dat in Spanje woont kan dus hoger zijn omdat veel mensen zich niet inschrijven bij de gemeente waar ze wonen.
Algemeen
Op 1 januari 2020 waren er 47.431.256 mensen woonachtig in Spanje, 392.921 personen meer dan op 1 januari 2019. Van het totaal zijn er 42.008.058 die de Spaanse nationaliteit hebben terwijl er 5.423.198 uit het buitenland komen.
Van het totaal aantal buitenlandse inwoners is de grootste groep afkomstig uit Marokko met 761.122 personen gevolgd door Roemenië met 666.936, Groot Brittannië met 300.987 personen, Italië met 268.151 inwoners, Colombia met 261.537 inwoners, China met 197.390 terwijl de Duitsers met 139.250 inwoners en de Fransen met 117.381 inwoners op de lijst staan. Zie de PDF voor andere nationaliteiten en meer informatie.
Nederlanders en Belgen
Het totaal aantal ingeschreven (empadronados) Nederlanders en Belgen is gestegen naar 80.973 (+2.422). Het aantal Belgische (ingeschreven) inwoners steeg van 32.779 begin 2019 naar 34.238 (+1.459) inwoners. Ook het aantal Nederlandse (ingeschreven) inwoners steeg van 45.772 begin 2019 naar 46.735 (+963) inwoners begin 2020.
NOTA: Het echte aantal Nederlanders en Belgen dat in Spanje woonachtig is zal waarschijnlijk veel groter zijn omdat veel mensen zich niet inschrijven bij de Spaanse gemeente waar men woont. Dat doet men om verschillende redenen al wil een gemeente graag dat iedereen zich inschrijft, al is het maar om dit soort overzichten te kunnen samenstellen.
Nederlanders nader bekeken
Er staan in Spanje 46.735 Nederlanders ingeschreven als zijnde woonachtig. 24.525 mannen en 22.210 vrouwen waarvan er in totaal 4.345 de leeftijd hebben tussen de 0-15 jaar, 13.404 tussen de 16-44 jaar, 16.529 tussen de 45-64 jaar en 12.457 van 65 jaar en ouder.
Als we kijken naar de 17 verschillende autonome regio’s in Spanje valt op dat de meeste ingeschreven Nederlanders te vinden zijn in de Comunidad Valenciana gevolgd door Andalusië, Catalonië, de Canarische Eilanden en de Comunidad de Madrid.
Belgen nader bekeken
Er staan in Spanje 34.238 Belgen ingeschreven als zijnde woonachtig. 17.703 mannen en 16.535 vrouwen waarvan er in totaal 2.783 de leeftijd hebben tussen de 0-15 jaar, 9.273 tussen de 16-44 jaar, 12.059 tussen de 45-64 jaar en 10.123 van 65 jaar en ouder.
Als we kijken naar de 17 verschillende autonome regio’s in Spanje valt op dat de meeste ingeschreven Belgen te vinden zijn in de Comunidad Valenciana gevolgd door Andalusië, Catalonië, de Canarische Eilanden en de Comunidad de Madrid.
REGIO’S
Comunidad Valenciana
In de Comunidad Valenciana wonen in totaal 14.736 Nederlanders en 11.453 Belgen. Deze kunnen onderverdeeld worden in de provincies Alicante met 12.577 Nederlanders en 9.938 Belgen, Valencia met 1.778 Nederlanders en 1.097 Belgen en de provincie Castellón met 381 Nederlanders en 418 Belgen.
Andalusië
In Andalusië wonen 9.794 Nederlanders en 7.581 Belgen. De grootste groep inwoners is te vinden in de provincie Málaga met 6.820 Nederlanders en 4.650 Belgen. Als tweede op de lijst staat de provincie Almería met 888 Nederlanders en 1.300 Belgen gevolgd door de provincie Granada met 780 Nederlanders en 765 Belgen.
In de provincie Cádiz wonen 572 Nederlanders en 427 Belgen gevolgd door de provincies Sevilla met 339 Nederlanders en 282 Belgen, Huelva met 239 Nederlanders en 62 Belgen, Córdoba met 99 Nederlanders en 58 Belgen en Jaén met 57 Nederlanders en 37 Belgen.
Catalonië
In de deelstaat Catalonië wonen in totaal 9.452 Nederlanders en 5.381 Belgen. Er zijn hier vier provincies te vinden waarbij de meeste Nederlanders te vinden zijn in de provincie Barcelona met 6.450 en 3.153 Belgen.
In de provincie Gerona zijn 1.782 Nederlanders woonachtig en 1.325 Belgen gevolgd door de provincie Tarragona met 1.095 Nederlanders en 822 Belgen. Als laatste de provincie Lerida met 125 Nederlanders en 81 Belgen die daar geregistreerd staan.
Canarische Eilanden
De Canarische Eilanden zijn onder te verdelen in twee provincies, Las Palmas (Gran Canaria, Lanzarote, Fuerteventura en La Graciosa) en Santa Cruz de Tenerife (Tenerife, La Palma, La Gomera, El Hierro).
Op de hele eilandenarchipel wonen 3.353 Nederlanders en 4.220 Belgen. Deze zijn onder te verdelen in de provincie Las Palmas met 1.720 Nederlanders en 1.222 Belgen en de provincie Santa Cruz de Tenerife met 1.633 Nederlanders en 2.998 Belgen.
Comunidad de Madrid
In de Comunidad de Madrid, waaronder dus ook de hoofdstad van Spanje, wonen in totaal 3.057 Nederlanders en 1.702 Belgen. Het merendeel van hen zal in de hoofdstad Madrid wonen.
Aragón
De autonome regio Aragón is bij veel Nederlandse en Belgische vakantievierders een geliefde regio maar er wonen vergeleken met andere regio’s relatief weinig Nederlanders en Belgen. In de hele regio wonen 432 Nederlanders en 185 Belgen.
Aragón is onder te verdelen in de volgende provincies: Zaragoza met 242 Nederlanders en 88 Belgen; Huesca met 140 Nederlanders en 73 Belgen; Teruel met 50 Nederlanders en 24 Belgen.
Extremadura
In de autonome regio Extremadura wonen 118 Nederlanders en 64 Belgen die onderverdeeld zijn in de provincies Cáceres met 68 Nederlanders en 40 Belgen en Badajoz met 50 Nederlanders en 24 Belgen.
Balearen eilanden
De autonome regio Balearen bestaat in feite uit een provincie en daar wonen 2.878 Nederlanders en 1.325 Belgen. Uit de gegevens van het INE kunnen we niet opmaken hoeveel Nederlanders en Belgen op de eilanden Mallorca, Menorca, Ibiza en Formentera wonen.
Andere regio’s
Murcia: 901 Nederlanders en 1.062 Belgen
Galicië: 416 Nederlanders en 216 Belgen
Castilië en Léon: 360 Nederlanders en 175 Belgen
Pais Vasco: 260 Nederlanders en 223 Belgen
Castilla-La Mancha: 243 Nederlanders en 120 Belgen
Asturië: 200 Nederlanders en 183 Belgen
Navarra: 115 Nederlanders en 57 Belgen
Cantabrië: 101 Nederlanders en 92 Belgen
La Rioja: 48 Nederlanders en 18 Belgen
Het gaat hier nogmaals om het aantal bij de gemeenten ingeschreven Nederlanders en Belgen. Veel inwoners uit Nederland en België willen of kunnen zich niet inschrijven bij de gemeente waar men woonachtig is in Spanje waardoor dit deze cijfers wel een goed overzicht geven maar de werkelijkheid zal anders zijn.
De kaart van Spanje met daarop de aantallen Nederlanders en Belgen die in Spanje wonen mag voor andere doeleinden, artikelen en websites gebruikt worden mits deze niet veranderd wordt en er een link vermeld wordt naar ons oorspronkelijke artikel op SpanjeVandaag of SpanjeWeetjes.
In dit artikel leggen we uit wat het ‘Certificado de Registro como residente comunitario’ is, hoe je dit document als EU-inwoner van Spanje kunt aanvragen, aan welke vereisten je dient te voldoen, welke documenten je nodig hebt en waar je dat dient te doen. Na aanvraag en goedkeuring ontvang je een groen papier op A4 formaat of een kaartje dat ook wel de ‘tarjeta de residencia’ wordt genoemd.
In bezit van dit document kan een EU-inwoner bevestigen dat hij/zij rechterlijk in Spanje verblijft. Dit document is alleen een bewijs dat een EU-inwoner in Spanje verblijft, het is niet een identiteitskaart. De identiteit en nationaliteit kunnen alleen worden bewezen door een identiteitsdocument uit het land van herkomst (geldige ID-kaart of paspoort).
De verklaring van inschrijving bevat de persoonsgegevens, nationaliteit, adres en identificatienummer voor buitenlanders (Número de Identificación de Extranjero – NIE) van de geïnteresseerde evenals de afleverdatum. Het document heeft géén vervaldatum.
Als je als inwoner van een ander EU-land voor een periode van 3 maanden of langer in Spanje gaat wonen is het verplicht om je bij de ‘Oficina de Extranjeros’ in de provincie waar je woonachtig bent of bij de ‘Comisaría de Policía’ in te schrijven in het ‘Registro Central de Extranjeros’.
Vereisten
Je moet een van de volgende voorwaarden kunnen bewijzen:
Je moet een werknemer zijn in Spanje (dus een contract hebben)
Je moet een zelfstandige werker (autónomo) zijn in Spanje
Je moet voldoende inkomsten hebben voor eigen onderhoud en dat van het gezin om geen last te zijn voor de Spaanse sociale bijstand gedurende het verblijf in Spanje. Tevens dient de inwoner over een zorgverzekering te beschikken, privé of van de overheid, dat in Spanje of in het land van afkomst is aangevraagd en overeenkomt met het Spaans Nationaal Gezondheidszorgsysteem gedurende het verblijf in Spanje.
Een student zijn en zijn ingeschreven in een openbaar, privé of door het bestuur van onderwijs gefinancierd instituut om te studeren of een beroepsopleiding te volgen, evenals over een zorgverzekering beschikken, privé of van de overheid, dat in Spanje of in het land van herkomst is aangevraagd en de geïnteresseerde in Spanje volledig mee gedekt is; een verklaring waar men in aangeeft over voldoende inkomsten te beschikken om voor zich en zijn/haar gezinsleden te zorgen om geen last te zijn voor de Spaanse sociale bijstand gedurende het verblijf in dit land.
Een staatsburger zijn van een EU-lidstaat, gezinslid dat meegaat of samenkomt met een burger van de EU en aan één van de hierboven vermelde vereiste voldoen.
De economische inkomsten worden per individu en persoonlijke en gezinssituatie van de geïnteresseerde beoordeeld. Deze inkomsten dienen hoger te zijn dan het bedrag dat jaarlijks in de Begrotingswet (Ley de Presupuestos Generales del Estado) wordt vastgesteld om in aanmerking te komen voor het ontvangst van een niet premie- of bijdragebetaling plichtige uitkering dat per persoonlijke en gezinssituatie van de geïnteresseerde afhangt.
Opmerking: bij het indienen van het aanvraagformulier voor inschrijving dienen de originele stukken te worden voorgelegd samen met kopieën.
Officieel aanvraagformulier (EX18), in tweevoud, volledig ingevuld en ondertekend door de aanvrager en inwoner van de EU. Dit formulier is te downloaden via DEZE LINK
Geldig paspoort of identiteitskaart van het EU-land van herkomst. Wanneer dit is vervallen dienen een kopie hiervan en van het aanvraagformulier voor een vernieuwing te worden ingediend.
Afhankelijk van de situatie, de volgende documenten:
a) Als de geïnteresseerde een werknemer is dienen één van de volgende documenten te worden ingediend:
Verklaring van indienstneming of tewerkstelling dat minstens de naam en adres van het bedrijf, btw-nummer en bijdrage code inhoudt.
Arbeidsovereenkomst geregistreerd in de Nationale Arbeidsbemiddelingsdienst, of de vermelding van de indienstneming en voorwaarde hiervan via de platform CONTRAT@.
Bevestiging van inschrijving in het bijhorende regime van de Sociale Zekerheidsdienst of verklaring van toestemming ter bevestiging van de gegevens in de bestanden van het Nationaal Sociaal Zekerheidsfonds (Tesorería General de la Seguridad Social).
b) Als de geïnteresseerde een zelfstandige werker is dienen één van de volgende documenten te worden ingediend:
Inschrijving in de Volkstelling van Economische Activiteiten (Censo de Actividades Económicas).
Inschrijving in het Handelsregister (Registro Mercantil).
Bevestiging van inschrijving in het bijhorende regime van de Sociale Zekerheidsdienst of verklaring van toestemming ter bevestiging van de gegevens in de bestanden van het Nationaal Sociaal Zekerheidsfonds of de Belastingendienst (Agencia Tributaria).
c) Als de geïnteresseerde niet werkachtig in Spanje is dienen de volgende documenten te worden ingediend:
Bevestiging dat men over een zorgverzekering beschikt, privé of van de overheid, dat in Spanje of in het and van herkomst is aangevraag en overeenkomt met het Spaans Nationaal Gezondheidszorgsysteem gedurende het verblijf in Spanje. Gepensioneerden voldoen aan deze vereiste door middel van het indienen van een verklaring dat zij over een zorgverzekering beschikken dat wordt vergoed door de Staat waarvan zij de pensioen ontvangen.
Bewijs dat men over voldoende inkomsten beschikt voor hem/haar en zijn/haar gezinsleden gedurende het verblijf in Spanje. Dit kan met een rechterlijk type document zoals eigendomsaktes, gecertificeerde cheques, documenten ter bewijs van vermogenswinsten of creditcards met een bank certificering over het beschikbare bedrag worden bewezen.
d) Als de geïnteresseerde een student is dienen de volgende documenten te worden ingediend:
Inschrijving in het openbaar, privé of door het bestuur van onderwijs gefinancierd instituut.
Bewijs dat men over een zorgverzekering beschikt. Een Europees verzekeringspasje is voldoende als deze geldig is en de mogelijke medische zorgen dekt gedurende het verblijf in Spanje.
Verklaring dat men over voldoende inkomsten beschikt voor hem/haar en zijn/haar gezinsleden gedurende het verblijf in Spanje.
Om aan deze vereiste overeen te komen is het voldoende om het bewijs van deelname in een onderwijsprogramma van de Europese Unie voor studenten en docenten in te dienen.
e) Als de geïnteresseerde een gezinslid van een burger van de EU is dienen de volgende documenten te worden ingediend:
Actueel en indien nodig gelegaliseerd bewijs betreft de familieband met de burger van de EU.
Bewijs betreffende de economische afhankelijkheid.
Bewijs dat het gezinslid dat dit recht geeft een werknemer of zelfstandige werker is of voldoende inkomsten heeft en over een zorgverzekering beschikt, of dat het een student is en voldoende inkomsten voor zich en zijn/haar gezinsleden heeft en over een zorgverzekering beschikt.
Procedure
Rechtspersoon om dit aanvraagformulier in te dienen: de burger van de EU dient het persoonlijk aan te vragen.
Plaats van indiening: Vreemdelingendienst (Oficina de Extranjería) van de provincie waar de geïnteresseerde wil verblijven of het bijbehorende Politiebureau.
Termijn van indiening: drie maanden vanaf de datum van aankomst in Spanje.
Heffing: de geldige heffing (kosten) dient voorafgaand de aflevering van de verklaring van inschrijving te worden voldaan. Aflevering van de verklaring van inschrijving: zodra de heffing is betaald en de hierboven vermelde vereiste zijn bevestigd, zal de burger van de EU onmiddellijk een verklaring van inschrijving in het register voor buitenlanders ontvangen waarin zijn/haar naam, nationaliteit, adres, identiteitsnummer van buitenlander (NIE) en datum van de inschrijving worden vermeld.
Belangrijke opmerking: als de benodigde documenten in een andere taal worden ingediend moeten deze naar het Spaans of co-officiële taal van het grondgebied waar het aanvraagformulier wordt ingediend worden vertaald.
Tarjeta de residencia
Na aanvraag en goedkeuring ontvang je een groen papier op A4 formaat wat sinds enkele jaren afgescheurd wordt tot een klein kartonnen kaartje van het formaat van een bankpas. Het is verstandig dat kaartje te laten plastificeren zodat het niet kapot kan gaan. Dat papiertje heet: tarjeta de residencia.
Vroeger kreeg men een net blauw plastic kaartje met daarop ook een pasfoto waarna dit document in de meeste gevallen ook gebruikt kon worden als identiteitsdocument. Waarom dat is aangepast naar een nutteloos groen kartonnen papiertje is ons onduidelijk.
Lijst van ‘Oficinas de Extranjería’ in Spanje KLIK HIER
Lijst van ‘Comisarías de Policía’ in Spanje KLIK HIER
Stel je woont in Spanje maar je spreekt nog niet zo goed Spaans en je ziet dat er een misdrijf gepleegd wordt of erger nog, je bent zelf slachtoffer van een misdrijf. Op zo’n moment kun je contact opnemen met de politie door 112 te bellen maar dat kan ook door middel van de smartphone app AlertCops.
AlertCops is een smartphone app die door het Spaanse Ministerie van Binnenlandse Zaken enkele jaren geleden werd gelanceerd en een rechtstreekse en snelle verbinding met de politie toestaat. Deze app is continue via de GPS functie op zoek naar de locatie waar je bent zodat de politie het mogelijke slachtoffer kan lokaliseren (dit kun je ook uitzetten).
Sinds versie 5.0 is het mogelijk om via de smartphone app direct foto’s en video’s te versturen waarna de politie zo snel mogelijk op kan treden. Dat is makkelijk als je getuige bent van een crimineel feit.
AlertCops kan ook rechtstreeks naar de gebruikers in bepaalde delen van het land indien noodzakelijk waarschuwingen sturen zodat men zich kan voorbereiden of samen kan werken met de politie.
De smartphone app heeft een speciale SOS knop die bedoeld is voor de personen die zich in een benarde positie bevinden zoals in het geval van verkrachting, aanranding of huiselijk- of partnergeweld.
Men kan de app downloaden via Google Play en via de App Store, vervolgens moet men registreren en confirmeren met een SMS. Als dit eenmaal achter de rug is en men geaccepteerd is, kan men elk misdrijf aan de overheid melden zonder dat men Spaans spreekt.
Eenmaal goed geïnstalleerd en als je alle informatie verstrekt hebt kun je via de test of ‘Alerta de prueba’ de smartphone app uitproberen. Er wordt op dat moment een tekstbericht naar de mensen achter AlertCops gestuurd en als alles goed functioneert ontvang je het bericht ‘The system can process your alerts’ of in het Spaans ‘El sistema puede procesar sus alertas’.
AlertCops kan in het Spaans gebruikt worden maar als je Spaans nog niet zo goed is ook in het Engels, Duits en Frans maar helaas geen Nederlands. Om de taal in te stellen moet je naar de drie horizontale puntjes rechtsonder in het scherm gaan en dan kijken bij ‘Mis Datos’ ofwel mijn gegevens. Daar kun je dan bij ‘idioma’ de taal kiezen.
De app is voor Android telefoons te downloaden via DEZE LINK en voor de iPhone gebruikers via DEZE LINK. Je kunt ook vanwege de veiligheid naar de website van AlertCops gaan en daar op de links voor de smartphone app stores klikken via DEZE LINK.
De grootste autonome regio van Spanje wat betreft inwoners Andalusië viert feest op 28 februari en er worden overal in de regio veel activiteiten georganiseerd. Het is deze dag dat de meer dan 8 miljoen inwoners van de regio hun balkons versieren met de groen witte vlag van Andalusië om aan te geven dat men trots is op de streek.
Waarom viert Andalusië dan feest? Día de Andalucía is de dag waarop in 1980 via een referendum de onafhankelijkheid van de autonome regio werd afgeroepen en dat is reden voor feest of meer een herinnering aan dit heugelijke feit.
Veel dorpen en steden organiseren deze dag activiteiten voor jong en oud zoals fietstochten, wandelingen, muziek, theater etc. Musea zijn vaak gratis te bezoeken, ook het Picasso museum in Málaga en er wordt veel gedanst, voornamelijk natuurlijk de Flamenco.
In stadsparken zal muziek zijn en kunnen mensen gratis iets te eten of drinken halen, uiteraard met typische Andalusische producten. Daarnaast wordt er op veel plaatsen traditiegetrouw brood met olijfolie en suiker gegeten, iets wat erg lekker schijnt te zijn.
Semana Blanca
Voor scholieren in met name de provincie/stad Málaga vindt ook de ‘Semana Blanca’ oftewel de Witte week plaats. Dit is een extra week met vrije dagen om de vakantiedagen in andere autonome regio’s te compenseren. Deze week valt altijd samen met de Día de Andalucía.
De reden dat de vakantiedagen van schoolkinderen in de provincie/stad Málaga gecompenseerd moeten worden is omdat het belangrijkste feest van de stad, La Feria, plaatsvindt in de vakantiemaand augustus.
Januari en februari zijn traditiegetrouw de maanden van het jaar dat in de autonome regio Catalonië de ‘calçots’ gegeten worden. Het is een gastronomisch ritueel waar men in de regio trots op is en waar jaarlijks duizenden mensen vanuit heel Spanje maar ook andere landen op af komen. Met name de stad Valls en de provincie Tarragona staan bekend om de ‘calçotadas’.
Maar wat is een ‘calçot’? In feite is het een zachte en zoete uit die te vergelijken is met de lente-ui (cebolla) en er een beetje uitziet als een prei (puerro). Het witte deel van de ‘calçot’ is doorgaans zo’n 25 cm lang en is rijk aan calorieën, koolhydraten, eiwitten, vezels, fosfor en vitamine B en C.
Oorsprong
Het verhaal gaat dat de ‘calçots’ geboren zijn in de stad Valls in de provincie Tarragona waar de boer Xat de Benaiges eind negentiende eeuw voor het eerst de bijzondere ui heeft gecultiveerde door deze met grond te bedekken zodat een langer wit deel van de uit geschikt is om te eten. Die vorm van cultiveren staat bekend als ‘calçar’ in het Catalaans. Dezelfde boer verbrande per ongeluk enkele uien en at deze daarna op om de uien niet weg te gooien waarna hij ontdekte dat de ‘calçots’ erg smaakvol waren.
Weliswaar worden de maanden januari en februari gezien als de traditionele maanden om de ‘calçots’ te eten maar eigenlijk worden ze tegenwoordig al vanaf november tot en met april gegeten.
Bereiding
‘Calçots’ worden geroosterd in het vuur tot ze verkoold zijn waarna ze in krantenpapier gewikkeld wooden om te stomen. Vervolgens worden de ‘calçots’ gegeten (vaak gepresenteerd op een omgedraaide dakpan of iets soortgelijks) door de verkoolde schil eraf te pellen en het witte gedeelte in salvitxada of romesco-saus te dopen. De groene toppen worden weggegooid.
Eten
Het eten op zich is een heel ritueel want dat gebeurt zonder bestek en een beetje op de wijze zoals men een haring eet, met een hand de ‘calçot’ met lekkende saus in de lucht en dan met je hoofd naar achteren naar binnen werken … zonder te knoeien, iets dat onmogelijk lijkt. Daarom krijgen ‘calçot’ eters een slabbertje om zodat de kleding niet vies wordt.
De calçots worden meestal begeleid met rode wijn of cava mousserende wijn. Stukken vlees en sneetjes brood worden in de houtskool geroosterd na het koken van de ‘calçots’.
In 1996 wist het uit Sevilla komende duo Los del Río een wereldhit te scoren dankzij een remix van hun ‘Macarena’. Het lied zelf kwam oorspronkelijk uit in 1993 maar werd internationaal bekend dankzij de remix maar meer nog het originele en simpele dansje.
Los del Río is opgericht in Sevilla in de jaren 60 van de vorige eeuw. Voor de internationale doorbraak met de Macarena had het duo al meer dan 30 albums opgenomen met traditionele Spaanse muziek.
Het nummer Macarena werd oorspronkelijk in 1993 opgenomen. Al snel werd het populair op Spaanstalige radiostations. De Bayside Boys maakte vervolgens een remix van het nummer dat eerst in Spanje en later wereldwijd werd uitgebracht. In 1996 scoorden ze dankzij de remix een wereldwijde nummer 1-hit met Macarena. Het succes was mede te danken aan het bijhorende dansje.
De remix
De Bayside Boys maakten er in 1996 een remix van. Het nummer werd van nieuwe, Engelstalige coupletten voorzien, ingezongen door Carla Vanessa, afgewisseld met het originele Spaanstalige refrein. Ook werd Dance-pop muziek toegevoegd. In deze vorm werd De Macarena opnieuw uitgebracht, en werd een wereldwijde zomerhit.
Het lied kwam in vele landen op de eerste plaats van de hitlijsten, waaronder Nederland en Vlaanderen. De single stond 14 weken op nummer 1 op de Amerikaanse Billboard Hot 100-lijst en werd op zo’n beetje elk evenement gedraaid. Het nummer brak een record door 60 weken in de Hot 100-lijst te blijven staan.
Later werden nog enkele andere versies van de Macarena uitgebracht, zoals Macarena Christmas (feitelijk hetzelfde liedje, maar met het geluid van kerstbellen op de achtergrond).
Oh ja, de Macarena gaat over een meisje dat Macarena heet, of, omdat La Macarena een wijk in de Spaanse stad Sevilla is, een meisje uit die wijk.
Dansje
Het lied wordt geassocieerd met een specifieke dans. Van oorsprong bestond het dansje niet, maar een Venezolaanse flamencodocente maakte het voor haar studenten. Het werd een wereldwijde hit.
Het dansje hoort bij het refrein van het lied. De volgende stappen dienen in sequentie te worden uitgevoerd op de maat van het refrein:
De rechterarm naar voren gestrekt, met de rug van de hand naar boven
De linkerarm naar voren gestrekt, met de rug van de hand naar boven
Draai de palm van de rechterhand naar boven
Draai de palm van de linkerhand naar boven
Leg uw rechterhand op de linkerschouder
Leg uw linkerhand op de rechterschouder
Leg uw rechterhand op de achterkant van het hoofd
Leg uw linkerhand op de achterkant van het hoofd
Leg uw rechterhand op de linkerheup
Leg uw linkerhand op de rechterheup
Leg uw rechterhand op het achterwerk (rechterkant)
Leg uw linkerhand op het achterwerk (linkerkant)
Schud met het achterwerk naar links
Schud met het achterwerk naar rechts
Schud met het achterwerk naar links
Klap met uw handen en draai in een hoek van 90° naar rechts
Het schudden van uw achterwerk valt samen met het “Hey Macarena” in het refrein. Deze zin dient meegezongen te worden.
Zoals bekend komt Sinterklaas uit Spanje maar vieren de kinderen in Spanje dat niet maar de Spaanse kinderen vieren op 5 en 6 januari Driekoningen oftewel Los Reyes Magos, de dag dat de kinderen bedolven worden onder de cadeaus.
De Driekoningen of Drie Wijzen zijn Melchoir, Caspar en Balthazar. Zij zijn het die kerstcadeautjes meenemen voor alle Spaanse kinderen die zich goed gedragen hebben. Terwijl Sinterklaas stoute kinderen meeneemt in zijn juten zak, krijgen stoute Spaanse kinderen geen cadeaus maar zwarte steenkolen, wat ook niet echt een straf is want het gaat om zoetigheid. Over het algemeen gebeurt dat echter niet zo veel. Er is een heel proces wat kinderen moeten doen om cadeautjes te kunnen krijgen.
De Brief
Allereerst moeten de kinderen hun brief aan de Drie Wijzen schrijven en hen vertellen welke cadeautjes zij mee moeten nemen voor hen en waarom zij dat verdiend hebben. Hierna komt een van de mooiste momenten, het geven van de brief. De kinderen kunnen de brief persoonlijk aan de Drie Wijzen geven wanneer ze “officieel” aankomen op 5 januari.
Een andere manier is het zoeken naar de afgezanten en Koninklijke postbodes in het centrum van alle Spaanse steden een paar dagen voordat de Wijzen aankomen en daar de brief afgeven. De kinderen wordt gevraagd of ze goed op school en thuis zijn geweest, want stoute kinderen krijgen zwarte kolen in plaats van cadeautjes. Ook dat is niet echt een straf want de steenkool wordt gemaakt van suiker.
Spectaculaire parades
Wanneer de langverwachte dag eindelijk arriveert, zal de hele familie op straat staan om de Driekoningen te ontvangen tijdens de Cabalgata de Reyes. De Wijzen komen aan in een traditionele optocht, rijden door de straten op hun kamelen, beladen met cadeautjes en begeleid door Koninklijke helpers die snoep gooien naar de kinderen. Eén voor één rijden de prachtige praalwagens voorbij, ingericht met heldere kleuren en geïnspireerd op populaire personages die bij de kinderen bekend zijn.
Er zijn vele parades die gevierd worden in heel Spanje. Elk heeft zijn eigen specifieke stijl, afhankelijk van waar je bent. In Barcelona komen de Drie Wijzen aan vanuit de zee waarna een spectaculaire parade met olifanten en kamelen door de straten rijdt terwijl in het dorp Alarilla in Guadalajara de Drie Wijzen met een deltavlieger en paraglider landen. En waarom niet de parades van Alcoi in Alicante bekijken, dit is de oudste in Spanje. De diverse parades zijn ook te volgen op de televisie.
De avond
Na het bekijken van de parades gaan de kinderen vroeg maar opgewonden naar bed en wachten zij op Melchoir, Caspar en Balthazar om door het raam naar binnen te komen om te kijken welke cadeaus zij achter laten in de schoenen van de kinderen. Diezelfde kinderen moeten water en brood zetten op de vensterbank zodat de kamelen dit kunnen eten en drinken terwijl de Drie Wijzen hun werk doen.
Nadat de kinderen met veel vreugde gedurende de ochtend van 6 januari hun cadeaus hebben uitgepakt, zullen de meeste van hen meteen de straten opgaan om dit te laten zien en om er mee te spelen. Al met al is het vreugdevolle dag voor de hele familie waarbij ook genoten wordt van de Roscón de Reyes, een ronde zoetigheid waarbij een figuurtje (la Sopresa) verstopt zit.
De Spaanse gewoonte om op oudejaarsavond om 12 uur op elke klokslag een druif te eten om zo een gelukkig en voorspoedig Nieuwjaar te hebben, viert dit jaar zijn 107e verjaardag. Het eten van Las doce uvas de suerte, een voor elke maand van het jaar, is volgens populair geloof terug te voeren tot de jaarwisseling van 1909-1910.
Tijdens die jaarwisseling had het dorp Viñalopó in de provincie Alicante een buitengewoon goede druivenoogst en besloot men met oud op nieuw druiven uit te delen voor goed geluk in het volgende jaar. In dit dorp worden druiven geteeld die om te eten zijn en niet zoals in veel andere Spaanse gebieden, voor de wijn. Dankzij het verpakken van de druiven als ze nog aan de struik zitten, wordt de oogst een maand uitgesteld en in plaats van september/oktober pas in november/december uitgevoerd.
Naast het “populaire” verhaal van te veel druivenoogst is er nog een andere mogelijke oorsprong van de twaalf duiven. In dit verhaal wat al in 2016 werd geplaatst was de traditie al in het jaar 1893 aanwezig in de stad Madrid. Uit documenten blijkt dat er in die tijd al druiven werden gegeten met oud & nieuw maar er is nergens te lezen waarom men dat deed. Men gaat ervan uit dat dit was voor het geluk, geld en gezondheid. Anderen menen weer dat het eigenlijk een Franse gewoonte was om druiven te eten met de jaarwisseling. Vele jaren later wordt er weer gesproken in 1903 over een feest met druiven op het Puerta del Sol plein in Madrid.
Campanadas
In 1962 begon de Spaanse tv-zender TVE met het uitzenden van “Las 12 campanadas” vanaf de Puerta del Sol in Madrid en werd het eten van de druiven op televisie vertoond. Sindsdien worden er tijdens de 12 klokslagen in 60 seconden tijd 12 druiven op elke klokslag gegeten. Soms met succes maar vaak echter zonder succes want gemakkelijk is het niet. Gelukkig worden de druiven snel weggespoeld door Cava, de Spaanse Champagne.
De traditie van Las doce uvas de suerte werd al gauw overgenomen door Spaanse migranten in andere landen en vele inwoners van Spaanstalige landen in Latijns Amerika.
Op 28 december vieren katholieke landen de dag van de “onschuldige kinderen” wat in Spanje de “Dia de los Santos Inocentes” heet. In Spanje heeft deze dag naast de historische ook een humoristische betekenis, het is namelijk ook de dag van de grappen en grollen zoals in Nederland en België 1 april. Dus als je in Spanje woont pas dus op de grapjes die vrienden en familie kunnen uithalen en dierbaren die je voor de gek kunnen houden. Ben je zelf een grappenmaker dan is die dag jouw dag.
Dat 28 december de dag van grappen en grollen is merk je ook als je in Spanje een krant leest of TV kijkt aangezien de pers en de media volop meedoen met het feest. In sommige kranten staan pagina’s vol met grappen, grollen en humoristische verhalen en wetenswaardigheden. Vaak lijken de verhalen zo echt dat de scheiding tussen fictie en waarheid niet te merken is.
Op de nationale Spaanse televisie en andere kanalen worden speciale shows georganiseerd waarbij men vele grappen en grollen uithaalt, over het algemeen met bekendheden.
Onnozele kinderen
De historische betekenis van de dag van de Dia de los Inocentes is dat die dag de Kerk het martelaarschap van de onschuldige jongetjes van Bethlehem die op last van Koning Herodes werden vermoord viert. De katholieke traditie leert dat God de onschuldige jongetjes van Bethlehem had voorbestemd om door hun dood te getuigen van de Messias.
Het feest van de Onnozele kinderen werd voor het eerst in het jaar 505 in Carthago gevierd. Het stamt van een oud Romeins kinderfeest, het festum puerorum. Dit verkleedfeest, waarin oosterse, Romeinse en Keltische elementen waren opgenomen, werd door de kerk verboden.
Onnozele Kinderen is in Nederland en België uiteindelijk overschaduwd door (en geïntegreerd in) de viering van Sint Nicolaas, en daarmee weer door de kerk erkend.
Op het feest van Onnozele Kinderen gingen, net als bij Sint Maarten kinderen de straat op om te bedelen om snoep en geld. Kenmerkend is dat de kinderen verkleed als volwassenen langs de deuren gingen om hun lied te zingen.
In Spanje viert men niet zoals in Nederland en België de eerste en tweede kerstdagen maar heeft men slechts één kerstdag op 25 december. Een van de belangrijkste kerstmomenten is de nochebuena op 24 december waarbij het diner de belangrijkste familie activiteit is tijdens de kerstavond.
Gemakshalve wordt in Spanje gesproken van een kerstmis tussen de nochebuena op 24 december en 6 januari met de Reyes Magos ofwel Driekoningen. Heel Spanje viert op 25 december kerstdag, waarbij niet gesproken wordt van eerste kerstdag want in principe heeft Spanje maar één kerstdag.
Slechts in sommige delen van het land zoals Catalonië viert men ook een aangepaste tweede kerstdag, te weten San Esteban, wat dus eigenlijk geen tweede kerstdag is maar wel dat gevoel geeft.
Nochebuena
De nochebuena wordt gevierd op de avond van 24 december, de dag voor Navidad ofwel kerstmis op 25 december. In Spanje wordt kerstavond meestal gevierd met de familie die tijdens het traditionele diner samenkomt.
Dat diner bestaat uit vis (marisco), ham en iberische vleesproducten (embutidos) en andere regionale specialiteiten. Vaak wordt het kerstdiner afgesloten met de Spaanse nougat (turrón) en Spaanse mousserende wijn (cava).
Navidad
Op kerstdag 25 december komt de familie vaak weer samen om de geboorte van Jezus samen te vieren. Als er tijdens kerstavond (nochebuena) kado’s zijn gegeven dan zullen de kinderen deze op zaterdag gaan gebruiken.
Op kerstdag is de lunch weer een belangrijke traditie waarbij er opnieuw veel traditionele gerechten op tafel zullen staan die per regio verschillen.
Kerstperiode
Bij de kerstfestiviteiten wordt ook de Nochevieja betrokken, het traditionele Oud & Nieuw feest op 31 december waarbij het nieuwe jaar wordt ingeluid.
Daarna heeft men nog 6 januari wat de Reyes Magos is ofwel Driekoningen, het feest waarbij de kinderen hun cadeaus ontvangen, zeg maar een verlaat Sinterklaas feestje (iets wat men overigens niet viert in Spanje)
In tegenstelling tot andere landen zoals Nederland en België heeft Spanje geen eerste en tweede kerstdag. De belangrijkste kerstviering is de avond van 24 december gevolgd door 25 december. In sommige delen van het land viert men op 26 december Sant Esteban, wat gezien kan worden als een tweede kerstdag maar dat in feite niet is.
In Nederland en België staat 25 december synoniem voor eerste kerstdag, iets dat niet in Spanje geldt want men kent geen tweede kerstdag. De ‘Natividad del Señor’ is de dag van de geboorte van Jezus volgens Lucas 2, het bekendste kerstverhaal waarbij het kerstfeest een herinnering is aan de geboorte van Jezus.
Weliswaar zijn er nog mensen die naar de kerk gaan op die dag maar in Spanje wordt deze dag gevierd met familie en/of vrienden waarbij de belangrijkste maaltijd de warme en zeer uitgebreide lunch is.
Deze maaltijd volgt op de ‘Nochebuena’ ofwel kerstavond dat gevierd wordt op 24 december waarbij het diner het belangrijkste kerstmoment is in Spanje.
26 december – San Esteban (Sant Esteve)
De Diada de Sant Esteve wordt alleen gevierd in de autonome regio’s Catalonië, Valencia regio en Balearen waardoor het lijkt alsof deze regio’s een eerste (25) en tweede (26) kerstdag hebben maar dat is dus niet zo. San Esteban is in het Nederlands Stefanus of Sint-Stefaan, een martelaar van het Christendom. 26 december is de naamdag van Sint-Stefanus.
Waarom men in Catalonië, de Balearen en in mindere mate in de Valencia regio op 26 december ook een vrije dag heeft, heeft te maken met de functionaliteit van het (vroeger te voet) terugkeren na de vrije dag 25 december die men bij de familie doorbracht. In Catalonië en op de Balearen is het traditie dat de familie tijdens de lunch samenkomt om de maaltijd te nuttigen.
Andere namen voor Sant Esteve zijn ‘Segon dia de Nadal’ in de Valencia regio of ‘Segona Festa de Nadal’ of ‘Mitjana Festa’ op de Balearen eilanden.
Als het echt ijzig koud is dan wil een Spanjaard nog wel eens de uitdrukking ‘hace un frío que pela’ gebruiken. En ondanks dat veel mensen dit al snel zeggen als het koud is zijn er maar weinig die weten waar deze uitdrukking vandaan komt.
Je zou kunnen denken dat het te maken heeft met de handen, lippen, neus en gezicht die nog wel eens te lijden hebben tijdens winterse kou en afpellen (pelar) maar dat is niet de oorsprong van het woord ‘pela’, althans niet in deze context.
In het Nederlandse wil de Spaanse uitdrukking zeggen ‘het is zo koud dat het afpelt’ maar dat is een vreemde combinatie. De oorsprong van de uitdrukking ‘hace un frío que pela’ te blijkbaar vinden in een Himalaya expeditie in 1950 in het Annapurna-massief.
Daar kreeg een expeditie die erin slaagde de top te bereiken te maken met een onverwachte temperatuurdaling terwijl deze temperatuur al erg laag was. In een dag zakten de thermometers 15 graden waardoor de klimmers zich in een borderline-situatie bevonden. Onder deze omstandigheden was het eten van het bevroren voedsel erg moeilijk.
De expeditieleden hadden ook amandelen (almendras) meegenomen en verbazingwekkend genoeg bleek dat ondanks de kou deze almendras makkelijk met handschoenen aan te pellen (pelar) waren.
Vandaar dat men nu de uitdrukking ‘hace un frío que pela’ gebruikt als het erg koud is.
Stel je woont al geruime tijd in Spanje en je voelt je meer Spaans dan Nederlands/Belgisch maar je hebt nog steeds een Nederlandse of Belgische nationaliteit. Stel je wilt daar vanaf en je wilt een Spaanse nationaliteit hebben, wat zijn dan de juiste stappen om te volgen.
Het eerste dat je moet weten is dat Spanje geen dubbele nationaliteit toelaat. In sommige gevallen zoals Zuid Amerikaanse landen en ouders die verschillende nationaliteiten is dat wel mogelijk (zoals bv. de Argentijnse en Spaans nationaliteit) maar in het geval van Nederland en België is dat niet mogelijk.
Om de Spaanse nationaliteit te krijgen moet je dus de Nederlandse of Belgische nationaliteit opgeven om zo Spaans staatsburger te worden.
In feite is het hebben van een Spaanse nationaliteit niet nodig in Spanje want als EU-burger kun je zonder problemen leven, wonen en werken in Spanje. Maar stel dat je meer wilt of dat je wilt stemmen op jouw politieke partij, dan is het mogelijk om Spaans staatsburger te worden.
Met een NIE-nummer (Número de identificación de extranjero) en een paspoort of identiteitskaart van je thuisland (Nederland/België) kun je normaal leven in Spanje. Wil je echter een volledig DNI Identiteitsdocument (Documento nacional de identidad) zoals andere Spaanse burgers dan zijn dit de opties.
Spaans staatsburgerschap
Geboorterecht
Als je ouders Spaans zijn of zelfs maar een van hen, kom je meteen in aanmerking voor een Spaans paspoort. Evenzo, als je op Spaans grondgebied werd geboren, zelfs met niet-Spaanse ouders, mag je ook de nationaliteit krijgen.
Huwelijk
Een andere manier om de Spaanse nationaliteit te verkrijgen is om met een Spanjaard/Spaanse te trouwen, maar houd er rekening mee dat alleen trouwen voor de papieren illegaal is en je kunt hard worden gestraft als men erachter komt. Trouw dus alleen met een Spanjaard/Spaanse als je een serieuze relatie hebt.
Permanente verblijfsvergunning
Als je tien jaar in Spanje hebt gewoond, met ten minste vijf jaar hiervan geregistreerd als ‘permanente bewoner’, kun je een aanvraag indienen om Spaanse staatsburger te worden. In werkelijkheid biedt dit type permanente verblijfsvergunning dezelfde voordelen als volledig burgerschap, dus denk goed na of je echt een paspoort wilt of gewoon inwoner wilt zijn.
Het enige dat je nodig hebt, is bewijzen dat je jezelf financieel kunt onderhouden, evenals een controle van het strafregister, een paspoort uit je eigen land en dekking van je ziektekostenverzekering. Deze ondersteunende documentatie moet worden ingediend bij het plaatselijke kantoor van de burgerlijke stand (Registro Civil) samen met een ingevuld formulier in het Spaans en een vergoeding tussen 60 en 100 euro.
Of je nu permanent naar Spanje bent verhuist of slechts tijdelijk tijdens bv. de zomermaanden, om officieel te kunnen werken moet je voldoen aan enkele vereisten. Als EU-burger is het verrassend makkelijk om te kunnen werken in Spanje maar toch heb je enkele documenten nodig.
Het belangrijkste document is het NIE-nummer ofwel een ‘Número de Identificación de Extranjeros’. Het is een uniek, persoonlijk en exclusief nummer dat het Directoraat-Generaal van de Politie toekent aan buitenlanders.
Het NIE nummer is te vergelijken met het Nederlandse burgerservicenummer (het oude sofinummer) en het Belgische rijksregisternummer. Spanjaarden hebben een Documento Nacional de Identidad (DNI) waarop een soortgelijk nummer staat wat daarna voor alles gebruikt wordt, van de auto registratie tot de belastingzaken en het paspoort, een nummer dus voor alles. Dat nummer heet Número de Identificación Fiscal (NIF). Datzelfde geldt voor buitenlanders met het NIE-nummer.
Het NIE-nummer heb je altijd nodig bij het ondertekenen van je arbeidscontract in Spanje. Daarbij dien je ook je Nederlandse of Belgische Paspoort of ID-kaart te laten zien. Zonder dit NIE-nummer mogen bedrijven in feite geen arbeidsovereenkomsten afsluiten, dat heeft o.a. te maken met de belastingen en sociale lasten.
Het NIE-nummer is niet alleen belangrijk voor het arbeidscontract maar ook voor het openen van een bankrekening. Ook het hebben van een bankrekening in Spanje is verplicht bij een arbeidsovereenkomst aangezien een werkgever alleen via de bank een salaris mag overmaken/betalen (op uitzonderingen na).
Als je eenmaal een NIE-nummer hebt en een bankrekening weerhoudt niet je ervan om te werken in Spanje.
Als je naar Spanje bent verhuist of dat van plan bent dan is de kans groot dat je de eigen auto vanuit Nederland of België mee wilt nemen naar je nieuwe thuisland. Dat is op zich geen enkele probleem en een auto kan uitgevoerd worden in Nederland of België en ingevoerd worden in Spanje. Maar daar zijn wel enkele eisen en regels aan verbonden en het proces van invoeren kan tijdrovend zijn.
Omdat het invoeren van een auto soms moeilijker is omdat men de Spaanse taal nog niet zo goed beheerst of nog niet zo bekend bent met de bureaucratie in Spanje, maken veel mensen gebruik van een zogenaamde gestor, een persoon die in feite alles voor je regelt tegen een vergoeding (die soms erg hoog kan zijn). Mocht je het toch zelf willen doen of willen proberen, dan leggen we hieronder de stappen uit van het invoeringsproces.
Stap 1 – uitvoeren
De auto die je wilt invoeren in Spanje moet uitgeschreven of uitgevoerd zijn in Nederland of België. In het geval van een auto met Nederlands kenteken kun je de informatie daarover HIER vinden en in het geval van een auto met Belgisch kenteken kun je de informatie HIER vinden.
Stap 2 – documenten
Zorg dat je alle benodigde documenten in bezit hebt zoals:
Paspoort of ID kaart
NIE nummer (essentieel)
Bewijs dat je staat ingeschreven in de gemeente (empadronamiento) (essentieel)
Rijbewijs (geldig)
Alle autopapieren
Aankoopfactuur of koopcontract auto (indien van toepassing)
Het Europees Conformiteitscertificaat (CVO)
Uitvoerverklaring Nederland of België
Technische beschrijving van Spaanse ingenieur (tarjeta de inspección técnica)
Spaanse keuringsbewijs ITV
Bewijs van betaling wegenbelasting Spanje
Stap 3 – kentekenplaat
Een Nederlands/Belgisch uitvoerkenteken is doorgaans 14 dagen geldig. Mocht deze tijd te kort zijn dan is het mogelijk in Spanje een tijdelijk kenteken aan te vragen (placa verde) die maximaal geldig is voor 60 dagen. Dit tijdelijke kenteken dien je aan te vragen bij de ‘Jefatura Provincial de Tráfico’.
Daar dien je een formulier in te vullen en moet je de administratiekosten betalen voor de aanvraag van het tijdelijke en voor het permanente kenteken. Na deze handelingen ontvang je een tijdelijk kenteken maar vergeet niet om ook een verzekering af te sluiten als je met dit groene kenteken wilt gaan rondrijden.
Pixabay
Stap 4 – keuring
Het is nu noodzakelijk een technische beschrijving (tarjeta de inspección técnica) van de auto te laten maken. Dat gebeurt bij de ITV keuringsstations en het is noodzakelijk een afspraak (cita previa) te maken, dat kan via de website gebeuren of telefonisch.
Bij de ITV moet je ook de auto laten keuren wat anders is dan in Nederland of België. HIER hebben we het keuringsproces omschreven. Als de auto goedgekeurd is dan krijg je meteen rechts bovenaan op de voorruit en sticker geplakt die een X-tijd geldig is (afhankelijk van hoe oud de auto is).
Nadat de auto technisch goed is gekeurd is het tijd voor de belastingen. De eerste is de gemeente waar je woont en waar je ingeschreven staat. Daar krijg je een document mee dat meteen betaald moet worden bij een bank. De ‘Impuesto Municipal de Vehículos de Tracción Mecánica (IVTM)’ wordt altijd voor 12 maanden betaald en is de verantwoordelijkheid voor de gemeente.
Stap 6 – belastingen
Met alle documenten en betalingsbewijzen ga je nu naar de Spaanse belastingdienst ‘Agencia Estatal de Administración Tributaria’ ook wel ‘Hacienda’ genoemd. Daar moet je het formulier ‘modelo 567’ (Impuesto Especial sobre Determinados Medios de Transporte) invullen en dien je de kosten te betalen. Dat is het bewijs dat je de invoerbelasting hebt betaald (bedrag is afhankelijk van de CO2-uitstoot).
Nadat je alle bovenstaande stappen hebt doorlopen ga je met alle betalingsbewijzen en documenten (graag in meervoud dus kopieën maken) opnieuw naar de ‘Jefatura Provincial de Tráfico’ om de permanente Spaanse kentekenplaten aan te vragen. Deze zijn in de meeste gevallen binnen enkele dagen op te halen.
Stap 8 – verzekering
Nu de Nederlandse/Belgische auto compleet is uitgeschreven in Nederland of België en officieel is ingeschreven in Spanje is het tijd om de verzekering te regelen. Mocht je tijdens stap 3 al een tijdelijk kenteken (placa verde) hebben aangevraagd en een verzekering afgesloten, dan dien je nu het kenteken te veranderen.
Nog tips of ideeën? Klopt de tekst niet helemaal? Laat het ons weten zodat we het een en ander aan kunnen passen.
8 december is elk jaar een nationale feestdag in Spanje waarop men normaal gesproken een vrije dag heeft om te genieten van de familie. Deze vrije dag volgt op de 6 december Día de la Constitución dag waardoor men vaak twee dagen vrij heeft. Op 8 december viert men de Onbevlekte Ontvangenis van Maria ofwel de Inmaculada Concepción.
8 december staat in het teken van de Inmaculada Concepción ofwel de Onbevlekte Ontvangenis van Maria wat een dogma van de Katholieke Kerk is dat met een hoogfeest gevierd wordt op 8 december, negen maanden voor het feest van de geboorte van Maria op 8 september. Het dogma bevestigt de bijzondere status van Maria door te stellen dat zij verwekt werd en ter wereld kwam zonder met de erfzonde te zijn bevlekt.
In Spanje en vele andere katholieke landen is deze dag een feestdag en dus ook een vrije dag terwijl dat in andere landen zoals België en Nederland niet zo is. Detail is dat als het hoogfeest van de Onbevlekte Ontvangenis van Maria op een zondag in de Advent valt, wordt het verplaatst naar 9 december, iets dat in het jaar 2019 zal gebeuren.
Wonder van Empel
8 december staat in de geschiedenisboeken ook bekend als het ‘wonder van Empel’ of de ‘Slag bij Empel’, een gebeurtenis in december 1585 tijdens de Tachtigjarige Oorlog waarbij 4000 Spaanse soldaten ontsnapten aan vernietiging door Staatse troepen in de omgeving van Oud-Empel.
De Spaanse troepen zaten vijf dagen vast in de kou en regen, ingesloten tussen de Staatse troepen met hun schepen op het water. De schutters op de schepen vuurden van 4 tot 7 december voortdurend op de Spaanse stellingen. Om zich tegen de dreigende landing van de Staatsen te beschermen, groeven de tercios zich in rond de kerk van Empel.
Een Spaanse soldaat vond daarbij een onbeschadigd schilderij dat de Onbevlekte Ontvangenis van Maria voorstelde. Men besloot de afbeelding in de kerk te plaatsen, waarna een gebed plaatsvond. De volgende dag, 8 december, was de dag waarop de Onbevlekte Ontvangenis traditioneel al enige eeuwen werd gevierd, en de Bossche Lieve-Vrouwe-broederschap hield een plechtige processie om Gods hulp af te smeken over de ingesloten Spaanse soldaten, die hun katholieke geloofsgenoten waren.
Later die dag begon het hard te vriezen. De schepen, die dreigden in te vriezen, moesten zich terugtrekken naar het open water van de Maas. Twee dagen later begon het te dooien en zo konden de Spaanse troepen weer terug worden gebracht in ‘s-Hertogenbosch.
De verering van Maria nam in militaire kringen daarna een hoge vlucht. Er werd een broederschap opgericht die de naam droeg “Soldaten der Onbevlekt Ontvangen Maagd”. In 1892 werd Maria ten slotte de patrones van de Spaanse infanterie bij koninklijk decreet.
6 december is het nationale feestdag in Spanje, de dag van de Constitución. Op deze dag wordt herdacht dat er een grondwet op werd gesteld in het jaar 1978 (in 2018 40 jaar geleden dus) een belangrijk feit wat elk jaar herdacht wordt. De grondwet, ook wel Carta Magna genoemd, werd opgesteld nadat de dictator Franco drie jaar daarvoor in 1975 overleed en er een nieuwe democratie werd gevormd in Spanje.
6 december is een dag die altijd gevierd wordt aangezien dat een historische datum is in de Spaanse geschiedenis. Op 6 december 1978 werd de Spaanse grondwet door middel van een referendum onder de Spanjaarden goedgekeurd. Maar liefst 92% van de toenmalige bevolking keurde de eerste grondwet goed.
Monarchie
De grondwet voorzag een constitutionele monarchie en erkende de multiculturele samenleving van Spanje waarbij Spanje onderverdeeld werd in autonome deelstaten, provincies en regio’s. Tegelijk stelde het dat Spanje niet opdeelbaar is, iets wat de laatste jaren vooral dankzij de onafhankelijksdrang van de regio Catalonië in met name 2017 steeds meer ter sprake komt.
Nadat de grondwet werd ingevoerd kwam er al snel kritiek op zijn vaagheid en dubbelzinnigheid, maar het leverde toch het uitstekende raamwerk voor de overgang naar de democratie waarin Spanje momenteel leeft.
Parlement bezoeken
Dagen voordat het 6 december is wordt het Spaanse parlementsgebouw geopend voor het publiek en mag iedereen een kijkje komen nemen in het gebouw waar alle belangrijke beslissingen worden genomen door de politici die het volk gekozen heeft. Op enkele dagen lopen er ook politici rond waarmee men de discussie kan aangaan of op de foto kan.
Op 1 november, de dag na Halloween, viert bijna heel Spanje de Día de todos los Santos, Allerheiligen, een traditionele dag waarop men eer betoont aan de overleden personen, hetzij bekenden, familieleden of andere dierbaren. Op deze dag is het in Spanje heel normaal dat hele families naar de kerkhoven gaan om daar bloemen neer te leggen op de graven van de overleden familieleden.
Het is dan ook een drukke bedoening op de Spaanse kerkhoven met de verkoop van honderden bloemen en mensen die voor een vergoeding de graven schoonmaken, meestal de dagen vooraf dat de familie naar het graf komt kijken. De dag ná de Día de todos los Santos, 2 november dus, wordt in Spanje en de rest van de katholieke wereld de Allerzielen gevierd, in het Spaans de Día de Muertos of Día de Difuntos.
Alle heiligen
Op 1 november worden volgens de katholieke kerk niet alleen alle bekende heiligen vereerd, maar ook de onbekende. Volgens het katholieke geloof zijn er drie bestaansvormen: het leven op aarde, de gestorvenen die nog niet naar de hemel zijn gegaan en tenslotte alle gestorvenen die wèl naar de hemel zijn gegaan. Deze laatsten worden beschouwd als heilig en zij worden allemaal herdacht op de dag van Allerheiligen, de Día de todos los Santos.
Begraafplaatsen
In de dagen voorafgaand aan 1 november zorgt heel Spanje ervoor dat de graven van de familieleden en naasten schoon worden gemaakt, worden aangeveegd en dat alle oude bloemen worden weggehaald. Bloemenwinkels verdienen in de weken voorafgaand aan Allerheiligen meer dan in de rest van het jaar samen. Weken van te voren worden de meest prachtige bossen bloemen besteld. In de kleine dorpjes op het platteland is het vaak ook een prestigekwestie; hoe mooier en overdadiger het graf wordt “aangekleed” des te groter het aanzien.
Lekkernijen
En zoals bij elke Spaanse feestdag horen ook bij el Dia de Todos los Santos weer typische lekkernijen. Per regio verschillen ze, maar de bekendste zijn zeker wel Huesos de Santo en Buñuelos de Viento. Deze lekkernijen moet je echt eens geprobeerd hebben.
Ik zie, ik zie wat jij niet ziet is een spel waarbij een voorwerp moet worden geraden, dat een van de spelers in gedachten heeft, en dat voor alle spelers zichtbaar aanwezig is. Het enige kenmerk dat hij geeft is de kleur. In het Spaans heet dat spelletje ‘veo veo’ wat ook een populair kinderleid is als spelletje of bij de minidisco op de camping of in het hotel.
In het Nederlands zeg je bij het ‘Ik zie, ik zie wat hij niet ziet’ een kleur erbij maar in het Spaans is dat bij ‘veo veo’ anders. Het ‘veo veo’ is in Spanje meer gebruikt om bijvoorbeeld het alfabet te leren waarbij men de eerste letter van een woord aangeeft.
Als voorbeeld kunnen we de C aanhalen van cerdo (varken) waarna het lied als volgt gaat:
Zanger: Veo veo Luisteraars: ¿Qué ves? Zanger: Una cosita Luisteraars: ¿Qué cosa es? Zanger: Empieza por ‘C’
Daarna moeten de luisteraars (meestal kinderen dus) gaan raden zoals:
Luisteraars: Un cuervo (een kraai) Zanger: No Luisteraars: Una carretilla (een karretje) Zanger: No Luisteraars: Aquel cerdo (dat varken) Zanger: Sí
De persoon die het geraden heeft moet dan verder gaan met ‘veo veo’ en een ander voorwerp met een voorletter beginnen.
Minidisco
In Spanje is het liedje ‘Veo Veo’ ook zeer populair op de camping of bij de hotels bij het animatieteam en de minidisco. Er is zoals op onderstaande video te zien is ook een dansje dat door alle kinderen mee wordt gedanst tijdens de minidisco.
De Spaanse taal is in sommige opzichten hetzelfde als het Nederlands en Vlaams en ook als enige andere taal. Dat blijkt soms wel uit de uitdrukkingen die bestaan in een taal zoals in dit geval uitdrukkingen of gezegdes (expresiones) met dieren erin. Hieronder hebben we 20 uitdrukkingen met dieren geplaatst waarvan sommige ook in het Nederlands bestaan en sommige ook weer niet.
Tener memoria de elefante
Letterlijk: ‘Een geheugen als een olifant hebben’. Voorbeeld: ‘¿Cómo es posible que recuerdes todos los números de teléfono? Tienes una memoria de elefante’.
Sentir mariposas en el estómago
Letterlijk: ‘Vlinders voelen in je buik’ ofwel je bent verliefd. Voorbeeld: ‘Estoy completamente enamorado. Cuando la veo no paro de sentir mariposas en el estómago’.
Vender la piel del oso antes de cazarla
Letterlijk: ‘De huid van een beer verkopen voordat je deze hebt gejaagd’ ofwel iets vieren nog voordat je dat iets voor elkaar hebt gekregen. Voorbeeld: ‘María está vendiendo la piel del oso antes de cazarla. Va diciendo por ahí que ha conseguido el trabajo, pero la empresa todavía está entrevistando a otros candidatos’.
Repetir como un loro
Letterlijk: ‘Herhalen als een papegaai’ met andere woorden iets herhalen, net zoals een papegaai. Voorbeeld: ‘Clara se estudió todo el examen la noche anterior y lo repitió el día del examen como un loro’.
Más vale pájaro en mano que ciento volando
Letterlijk: ‘Beter een vogel in je hand dan honderd vliegende vogels’ ofwel beter één vogel in de hand dan tien in de lucht. Voorbeeld: ‘Juan, no te gastes el premio que acabas de ganar, más vale pájaro en mano que ciento volando’.
Tener pájaros en la cabeza
Letterlijk: ‘Vogels in je hoofd hebben’ ofwel een illusionist of idealist in negatieve zin zijn. Voorbeeld: ‘David tiene muchos pájaros en la cabeza. Tiene solo 15 años y piensa que por su cara bonita va a conseguir ser una estrella de cine’.
Ser un gallina
Letterlijk: ‘Een kip zijn’ ofwel geen waarde hebben of een lafaard zijn. Voorbeeld: ‘Tú eres un gallina. Tienes miedo a un montón de cosas: a la oscuridad, al mar, a los fantasmas, a las arañas, a los aviones’.
Ser cuatro gatos
Letterlijk: ‘Vier katten zijn’ ofwel er is weinig opkomst of weinig mensen nemen deel aan iets. Voorbeeld: ‘Tan solo fueron cuatro gatos a la manifestación del domingo. Así que no te preocupes. La sociedad no está de acuerdo con sus posturas’.
Ser un/-a cerdo/-a
Letterlijk: ‘Een varken zijn’ ofwel een vies of ongewassen persoon. Voorbeeld: ‘No limpias la casa desde hace tres semanas. Está hecha un desastre. ¡Eres un cerdo!’.
Ir como una tortuga
Letterlijk: ‘Als een schildpad bewegen’ ofwel langzaam gaan. Voorbeeld: ‘ ¡Acelera! Vas lento como una tortuga. No se puede ir a 40km/h por esta carretera’.
Moverse como pez en el agua
Letterlijk: ‘Bewegen als een vis in het water’ ofwel je voelt je op je gemakt of je gedraagt je heel natuurlijk in een bepaalde situatie of omgeving. Voorbeeld: ‘Pablo se mueve como pez en el agua haciendo negocios en esa empresa’.
Llevarse como el perro y el gato
Letterlijk: ‘Omgaan als een hond en kat’ ofwel men kan niet met elkaar overweg, het klikt niet. Voorbeeld: ‘Jorge y Sofía están todo el día peleándose, se llevan como el perro y el gato’.
A caballo regalado no le mires el dentado
Letterlijk: ‘Een gegeven paard kijk je niet in de bek’ ofwel als iemand je iets geeft accepteer je dat zonder probleem. Voorbeeld: ‘El regalo que te ha hecho es horrible, pero no le digas nada. A caballo regalado no le mires el diente’.
Estar hecho un toro
Letterlijk: ‘Je bent als een stier’ ofwel je bent sterk of hebt veel kracht. Voorbeeld: ‘¡Madre mía! ¿Cómo has podido levantar eso? Estás hecho un toro’.
Lágrimas de cocodrilo
Letterlijk: ‘Tranen van een krokodil’ ofwel krokodillentranen wat geveinsde tranen, tranen van gehuichelde smart of gespeeld berouw zijn. Voorbeeld: ‘Lloras con lágrimas de cocodrilo. A ti nunca te ha importado lo que le pasara, ni has movido un dedo por él’.
Tener una vista de lince
Letterlijk: ‘Je hebt de blik van een lynx’ ofwel je hebt een goed zicht van veraf. Voorbeeld: ‘Es increíble que lo puedas ver desde aquí. Tienes una vista de águila’.
Hacer un tiempo de perros
Letterlijk: ‘Het is een hondenweer’ ofwel het is slecht weer. Voorbeeld: ‘Es mejor que no salgamos hoy a la calle. Hace un tiempo de perros’.
Por si las moscas
Letterlijk: ‘Als je de vliegen’ ofwel in het geval dat of stel je voor dat. Voorbeeld: ‘Por si las moscas vamos a coger el paraguas, nunca se sabe si va a llover’.
Tortolitos
Letterlijk: ‘Kuikens’ ofwel iemand die verliefd is of een stel dat verliefd is op elkaar. Voorbeeld: ‘No se despegan el uno del otro, están como dos tortolitos’.
Ser la oveja negra
Letterlijk: ‘Het zwarte schaap zijn’ ofwel buiten de groep horen/vallen of je minder voelen dan de rest. Voorbeeld: ‘Siempre suspendo matemáticas y claro, como mis padres son banqueros se piensan que yo soy la oveja negra de la familia’.
In 2020 hebben de Spanjaarden 14 feestdagen waarvan er 8 zijn die in heel Spanje gevierd worden. 4 van deze feestdagen zijn om te ruilen voor een andere dag en worden per autonome regio bepaald terwijl 2 andere dagen door de gemeenten op lokaal niveau bepaald worden. Een overzicht van alle feestdagen, landelijk en regionaal.
Een groot deel van de feestdagen (vrije werkdagen) vallen in 2020 op een vrijdag of maandag waardoor er meer lange weekenden van drie dagen zijn dan ‘puentes’ van vier dagen.
8 van de 14 dagen zijn nationale ‘niet verwisselbare’ feestdagen die dus voor alle autonome regio’s en voor alle inwoners van Spanje gelden:
Woensdag 1 januari (Nieuwjaar / Año Nuevo)
Maandag 6 januari (Driekoningen / Epifanía del Señor)
Vrijdag 10 april (Goede Vrijdag / Viernes Santo)
Vrijdag 1 mei (Dag van de arbeid / Día del Trabajador)
Zaterdag 15 augustus (Onze-Lieve-Vrouw Hemelvaart / Asunción de la Virgen)
Maandag 12 oktober (Día de Hispanidad / Fiesta Nacional de España)
Dinsdag 8 december (Onbevlekte Ontvangenis van Maria / Inmaculada Concepción)
Vrijdag 25 december (Kerstmis / Navidad)
Er zijn 4 feestdagen die weliswaar voor heel Spanje gelden maar door de verschillende regio’s vervangen of op andere dagen geplaatst kunnen worden zoals:
Donderdag 19 maart (San José) (in Valencia regio, Baskenland, Navarra, Murcia, Galicië en Castilla-La Mancha)
Donderdag 9 april (Witte Donderdag / Jueves Santo) (behalve in Catalonië en Valencia regio)
Maandag 13 april (Paasmaandag / Lunes Pascua) (op de Balearen en in Cantabrië, Castilla-La Mancha, Catalonië, La Rioja, Navarra, Baskenland en Valencia regio)
Maandag 2 november (Allerheiligen / Todos los Santos) (in veel regio’s verplaatst van de zondag 1 november)
Maandag 7 december (Dag van de Grondwet / Día de la Constitución) (in veel regio’s verplaatst van de zondag 6 december)
Bij alle feestdagen moet men nog de regionale feestdag optellen zoals de dag van Andalusië, de dag van Catalonië, etc. waardoor het totaal aantal vrije dagen op 14 komt te staan.
Hieronder in een kort overzicht de 12 feestdagen per populaire autonome regio, die regio’s waar veel Nederlanders en Belgen wonen. Bekijk de hele lijst op de website van de Dirección General de Empleo en de Boletín Oficial del Estado (BOE).
Als er (maandag) staat dan houdt dit in dat de feestdag in 2020 op een zondag valt en verplaatst wordt naar een maandag, iets dat elke autonome regio zelf mag bepalen.
Andalusië
1 en 6 januari / 28 februari (Día de Andalucía) / 9 en 10 april / 1 mei / 15 augustus / 12 oktober / 2 november (maandag) / 7 (maandag) en 8 december / 25 december
Aragón
1 en 6 januari / 9, 10 april en 23 april (Día de Aragón) / 1 mei / 15 augustus / 12 oktober / 2 november (maandag) / 7 (maandag) en 8 december / 25 december
Asturië
1 en 6 januari / 9 en 10 april / 1 mei / 15 augustus / 9 september (Día de Asturias) / 12 oktober / 8 december / 25 december (er ontbreken nog twee nog te bepalen feestdagen)
1 en 6 januari / 1 maart (Día de las Islas Balears) (in 2020 geen vrije werkdag want deze valt op zondag) / 9, 10 en 13 april / 1 mei / 15 augustus / 12 oktober / 7 (maandag) en 8 december / 25 en 26 (Segunda fiesta de Navidad) december
Canarische Eilanden
1 en 6 januari / 9 en 10 april / 1 mei en 30 mei (Día de las Islas Canarias) / 15 augustus / 12 oktober / 7 (maandag) en 8 december / 25 december
Daarnaast heeft elk eiland een eigen feestdag, te weten: El Hierro: 24 september (Nuestra Señora de los Reyes); Fuerteventura: 18 september (Nuestra Señora de la Peña); Gran Canaria: 8 september (Nuestra Señora del Pino); La Gomera: 5 oktober (Nuestra Señora de Guadalupe); La Palma: 5 augustus (Nuestra Señora de las Nieves); Lanzarote: 15 september (Nuestra Señora de los Dolores); Tenerife: 7 september (Bajada de la Virgen del Socorro).
Cantabrië
1 en 6 januari / 9, 10 en 13 april / 1 mei / 28 juli (Día de las Instituciones de Cantabria) / 15 augustus / 15 september (Día de La Bien Aparecida) / 12 oktober / 8 en 25 december
Catalonië
1 en 6 januari / 10 en 13 april / 1 mei / 24 juni (Sant Joan) / 15 augustus / 11 september (Día nacional de Catalunya) / 12 oktober / 8, 25 en 26 (Sant Esteve) december
Extremadura
1 en 6 januari / 9 en 10 april / 1 mei / 15 augustus / 8 september (Día de Extremadura) / 12 oktober / 2 november / 7 (maandag), 8 en 25 december
Galicië
1 en 6 januari / 19 maart (San Jorge) / 9 en 10 april / 1 mei / 24 juni (San Juan) / 25 juli (Santiago Apostol, Día Nacional de Galicia) / 15 augustus / 12 oktober / 8 en 25 december
Madrid (Regio)
1 en 6 januari / 9 en 10 april / 1 en 2 (Fiesta de la Comunidad de Madrid) mei / 15 augustus / 12 oktober / 2 november (maandag) / 7 (maandag), 8 en 25 december
Murcia
1 en 6 januari / 19 maart (San José) / 9 en 10 april / 1 mei / 9 juni (Día de la Región de Murcia) / 15 augustus / 12 oktober / 7 (maandag), 8 en 25 december
Valencia regio
1 en 6 januari / 19 maart (San José) / 10 en 13 april / 1 mei / 24 juni (San Juan) / 15 augustus / 9 (Día de la Comunidad Valenciana) en 12 oktober / 8 en 25 december
Daarnaast zijn er nog regionale, provinciale en gemeentelijke feestdagen om rekening mee te houden maar deze zijn afhankelijk van de regio’s, provincies en gemeenten en dat zijn er teveel om hier op te noemen.
Net zoals veel andere Westerse landen wordt in Spanje ook steeds meer Halloween gevierd. Het gaat in feite om een feestdag die traditioneel vooral in Ierland, het Verenigd Koninkrijk, de Verenigde Staten en Canada gevierd wordt. Halloween heeft alles te maken met angst en doden etc. als het maar spannend is. Het is eigenlijk een kinderfeest maar het is tegenwoordig meer een commerciële feestdag.
Halloween wordt ook in Spanje gevierd, hetzij met feesten of themadagen en zelfs themaweken en verkleedpartijen. Met Halloween in Spanje is het niet gebruikelijk dat kinderen verkleed langs de huizen gaan om “trick or treat” ofwel in het Spaans “dulce o truco” te schreeuwen al zal dat op sommige plaatsen wel gebeuren.
Oudere kinderen en soms ook volwassenen zullen naar Halloweenfeesten gaan waarbij men verkleed is of themaparken en ruimtes bezoeken zoals spookhuizen of pretparken die ook Halloween vieren.
In Spanje heeft men minder aandacht als feest of traditie aan Halloween en meer aandacht aan Allerheiligen ofwel “Día de Todos los Santos” op 1 november en soms ook Allerzielen ofwel “Día de Muertos” op 2 november. Traditiegetrouw gaan families op 1 november naar de begraafplaatsen om bloemen te leggen op de graven van overleden familieleden.
Halloween is geen officiële feestdag of vrije werkdag in Spanje maar 1 november ofwel Allerheiligen is dat wel in heel Spanje. Allerzielen op 2 november is geen officiële feestdag in Spanje.
Op 12 oktober viert heel Spanje la Día de la Hispanidad oftewel de Fiesta Nacional de España, een feestdag geheel in het teken van Spanje en het Spaanse imperium wat na de ontdekking van Amerika door Columbus ontstond. Tegenwoordig is op deze feestdag in Spanje het meest kenmerkend het militaire defilé in Madrid waarbij Spanje aan de Koning, zijn vrouw en aan de President van Spanje hun militaire kracht laten zien. Voor veel Spanjaarden echter is het een heerlijke vrije dag terwijl in Zaragoza de Fiesta de la Virgen de Pilar gevierd wordt en in Madrid stierenvechten plaatshebben.
Een van de meest uit het oog springende kenmerken van de Día de Hispanidad is de militaire parade of de defilé in het centrum van Madrid. De Koninklijke familie en vertegenwoordigers van de Spaanse regering, waaronder de premier van Spanje en de minister van Defensie, zullen aanwezig zijn op de Plaza Cánovaz de Castillo.
Columbus
Op 12 oktober 1492 landde Cristobal Colón, oftewel Columbus, op het Amerikaanse continent. Hij wist toen nog niet dat hij een nieuw continent had ontdekt aangezien hijzelf meende te zijn geland in Azië. Vanaf dit moment wordt het Spaanse rijk steeds groter en machtiger en is het zelfs het meest invloedrijkste land ter wereld. Om dit te vieren wordt elk jaar op 12 oktober de dag van Spanje gevierd en is deze dag een nationale feestdag.
Hispanidad
De term “Hispanidad” stamt uit de jaren tachtig en heeft betrekking op de feesten van 12 oktober die niet alleen in Spanje worden gevierd maar in die landen waar Spaans wordt gesproken en een link hebben met de Spaanse cultuur. Dit houdt in dat in 27 naties iets meer dan 500 miljoen personen in vijf verschillende continenten, te weten Afrika, Amerika, Azië, Europa en Oceanië, het een feestdag zal zijn.
Musea
Veel mensen genieten op deze dag echter van een vrije dag en veel winkels, kantoren en overheidsgebouwen zijn gesloten. Daarentegen zijn de musea in heel Spanje open en gratis te bezoeken, iets wat traditiegetrouw tot lange wachtrijen zorgt bij onder andere het Prado en Reina Sofia in Madrid en andere musea in heel Spanje.
Zaragoza
12 oktober is in Zaragoza tevens de dag van de Virgen del Pilar en gaat gepaard met vele festiviteiten en processies in de stad. Duizenden mensen komen van heinde en ver naar de hoofdstad van Aragón om het spektakel te aanschouwen. 12 oktober is tevens een speciale dag voor de Guardia Civil aangezien de Virgen del Pilar hun schutspatroon is.
Elke regio in Spanje kent haar eigen feest dat van oorsprong verweven is met het katholieke geloof. Dit weekend is het de beurt aan Zaragoza. Een mis speciaal voor kinderen, bloemen- en fruit offers, een kerkelijke hoogmis met een afsluitende processie optocht. Dat kenmerken de feesten van de Pilar, de beschermheilige van Zaragoza, die van 6 oktober tot en 14 oktober (2019) in Zaragoza en omgeving plaatsvinden.
De eigenlijke feestdag vindt op zaterdag 12 oktober plaats en valt tegelijkertijd met de nationale dag van Spanje, ofwel de Día de Hispanidad. Maar Zaragoza is al op 6 oktober begonnen met feestvieren met processies, muziek, activiteiten en van alles en nog wet
Op 12 oktober wordt de heilige maagd Virgen del Pilar geëerd wat gebeurt op het stadsplein voor de Kathedraal, de Plaza del Pilar. Daar leggen duizenden mensen die gekleed zijn in traditionele kledij bloemen voor de maagd neer die daarna door de bezoekers bekeken kunnen worden.
De traditie van Pilar wordt in Zaragoza sinds 10 oktober 1613 gevierd. In de stad Zaragoza, de provincie Aragon en omgeving is het traditie kinderen ten minste eenmaal aan de maagd van Pilar te tonen. Dit dient te gebeuren voor hun 7e levensjaar en in ieder geval voor de eerste communie.
De dag van de heilige maagd Pilar is overigens ook de dag van de Guardia Civil politie want de Virgen del Pilar is de schutspatroon van de politiemacht.
In de hele regio Comunidad Valenciana, dus in de provincies Castellón, Valencia en Alicante, wordt elk jaar op 9 oktober de Día de la Comunidad Valenciana gevierd. Op deze datum staat de hele regio stil bij het feit dat op 9 oktober 1238 Koning Jaime I de stad Valencia heroverde op de Moorse bezetters waarna vele jaren later in 1304-1305 het Reino de Valencia werd opgericht.
Op 9 oktober en de dagen ervoor worden er veel activiteiten georganiseerd in de regio Valencia. Zo zijn er processies waarin de autoriteiten meelopen, zijn er middeleeuwse markten, optredens en op de dag zelf vuurwerk.
Terwijl er festiviteiten zijn in de hele autonome regio ligt de aandacht meestal in de grotere steden zoals Castellón, Alicante en natuurlijk de hoofdstad Valencia. Het is in de hoofdstad waar op 9 oktober de Valenciaanse vlag ‘senyera’ gedragen wordt van het gemeentehuis waar de vlag bewaard wordt tot aan de kathedraal. Tijdens de stoet wordt er gestopt bij het standbeeld van Koning Jaime om bloemen te leggen.
De avond voor de feestdag zelf vindt er in het Turia Park in Valencia om middernacht een spectaculair vuurwerk plaats. Op 9 oktober is er ook genoeg vuurwerk te zien in Valencia en wordt uiteraard de mascleta (knalvuurwerk) erbij gehaald (bekend van de fallas).
Geliefden
Op 9 oktober wordt er nog een ander feest gevierd namelijk dat van de heilige San Dionisio, de heilige van de geliefden. Op die dag vindt er een traditie plaats die de naam “mocaorá” heeft gekregen en waarbij mannen aan hun vrouwen, vriendinnen of geliefden een geknoopte zijden sjaal geven met daarin marsepein, symbool van vruchtbaarheid in de Comunidad Valenciana. De vrouw dient deze sjaaltjes te bewaren om te laten zien hoe lang de liefde al duurt.
Koning Jaime
Rey Jaime heeft in het Nederlands de naam Jacobus I van Aragón gekregen en heeft als bijnaam de ‘overwinnaar’. Jacobus I was niet alleen koning van Aragón maar ook graaf van Barcelona, heer van Montpellier en koning van Mallorca. Jacobus of Jaime staat met name bekend vanwege zijn verovering (reconquista) van de Balearen eilanden van de Moorse bezetters, te weten in het jaar 1229 Mallorca, 1232 Menorca en 1235 Ibiza. In 1238 veroverde Jaime Valencia en daarna Murcia in 1244.
De herovering van wat nu bekend staat als de Comunidad Valencia gebeurde eigenlijk tussen 1229 en 1245 waarbij Jaime 16 jaar nodig had om alle regio’s te heroveren op de Moren. De herovering gebeurde in verschillende fases waarbij deze begon in het noorden zoals Burriana, Peñíscola en Morella in de huidige provincie Castellón gevolgd door de verovering van Valencia op 9 oktober 1238 en later verder naar het zuiden in de huidige provincie Alicante tussen 1242 en 1245.
Je ziet ze overal in het dagelijkse leven in Spanje waarbij zelfs soms Spanjaarden niet weten wat bepaalde afkortingen betekenen. Afkortingen zijn makkelijk en snel om te gebruiken, zeker als je op een smartphone iets moet intypen maar ook in het normale leven op straat. Daarom een klein overzicht van veel voorkomende afkortingen in het Spaans en hun betekenis.
In sommige gevallen worden de letters van een afkorting dubbel geschreven zoals in FFCC (FerroCarriles), EEUU (Estados Unidos), SSMM (Sus Majestades), RRPP (Relaciones Públicas), CCOO (Comisiones Obreras). Dat is omdat de woorden meervoud (plural) zijn en aan de andere kant is het wel logisch want FFCC enkel zou FC zijn wat ook Futbol Club kan betekenen (denk aan FC Barcelona) en EEUU wat EU zou zijn (European Union).
Als je in Spanje wilt gaan wonen heb je voor praktisch alle instanties een NIE-nummer nodig. Het NIE is een Identificatienummer voor Buitenlanders ofwel in het Spaans ‘Número de Identificación de Extranjeros’ (NIE). Het is een uniek, persoonlijk en exclusief nummer dat het Directoraat-Generaal van de Politie toekent aan buitenlanders. (laatste update: 19 januari 2023)
Het NIE nummer is te vergelijken met het Nederlandse burgerservicenummer (het oude sofinummer) en het Belgische rijksregisternummer. Spanjaarden hebben een Documento Nacional de Identidad (DNI) waarop een soortgelijk nummer staat wat daarna voor alles gebruikt wordt, van de auto registratie tot de belastingzaken en het paspoort, een nummer dus voor alles. Dat nummer heet Número de Identificación Fiscal (NIF). Datzelfde geldt voor buitenlander met het NIE-nummer.
Waarom een NIE
Als je langer dan drie maanden aaneengesloten in Spanje gaat verblijven is een NIE verplicht. Maar als je eenmaal in het bezit bent van dit NIE-nummer dan is dat persoonlijke identificatienummer voor altijd geldig (vroeger moest het om de zoveel jaren vernieuwd worden).
Ook als je minder dan drie maanden in Spanje verblijft en diverse zaken zoals internet, telefoon, gas, water, elektriciteit moet regelen is een NIE-nummer nodig en makkelijk.
Er zijn twee soorten NIE-nummers:
NIE certificado con carácter permanente – voor die personen die voor een bepaalde of onbepaalde tijd in Spanje zullen verblijven zoals voor een studie, voor werk of als men in Spanje gaat wonen en als het gaat om een periode langer dan 3 maanden.
NIE certificado con carácter temporal – voor die personen die minder dan 3 maanden in Spanje zullen verblijven, maar wel een fiscaal nummer nodig hebben voor administratieve taken.
Het is mogelijk om een NIE-nummer al (ruim) voor vertrek naar Spanje in eigen land aan te vragen bij de Spaanse Ambassade of het Consulaat. Dit kost wel enige tijd en men dient altijd een afspraak te maken. Lees HIER meer over het aanvragen van een NIE-nummer in Nederland (of België). LET OP: Deze link werkt niet meer.
Adres in Spanje
Op de onderstaande EX-15 en 790-012 formulieren dien je een Spaans adres in te vullen. Dat kan lastig zijn als je het NIE-nummer nodig hebt om iets te huren of kopen. Vraag aan vrienden, bekenden, makelaar of werkgever of hun adres als tijdelijk adres gebruikt mag worden.
STAPPENPLAN
Het stappenplan bestaat uit het volgende:
Afspraak maken online
Formulier EX-15 invullen en uitprinten/opslaan
Formulier 790-012 invullen en uitprinten/opslaan en de leges betalen bij de bank
Geldig paspoort of identiteitskaart meenemen en een/twee kopieën maken
Neem een/twee paspoortfoto’s mee (al is dat niet verplicht maar je weet maar nooit)
Vergeet niet dat je een reden moet opgeven voor de NIE aanvraag
1. Afspraak maken
In Spanje moet het NIE worden aangevraagd bij het bevoegde Commissariaat van de Nationale Politie (Comisaría del Cuerpo Nacional de Policía of CNP) naargelang de gemeente waarin je woont of waar dit kantoor gevestigd is. Via deze website van de ‘Sede electrónica’ kun je de gegevens invullen en ook uit een CNP kiezen.
Stap 1: Kies uit de provincie waar je een NIE wilt aanvragen en klik op Aceptar.
Stap 2: Kies daarna waarvoor je de afspraak wilt maken, in dit geval: ‘Policia-Asignación de NIE’ en klik op Aceptar.
Stap 3: Daarna zie je op een pagina de voorwaarden (requisitos) en de documentatie/papieren (documentación a aportar) die je mee moet nemen. Klik onderaan op Entrar.
Stap 4: Vul vervolgens je gegevens in door voor ‘Pasaporte’ te kiezen waarna een waarschuwing (in grijs vlak) laat zien dat de namen correct moeten zijn en het paspoortnummer zonder spaties ingevuld moet worden. Vul voor- en achternaam/namen in, het geboortejaar, nationaliteit (Holanda/Bélgica) en bevestig de spamcontrole. Klik op Aceptar.
Stap 5: Op de volgende pagina is je naam en paspoortnummer te zien en heb je vier opties: Solicitar cita (afspraak maken); Consultar citas Confirmadas (bevestigde afspraken bekijken); Anular cita (afspraak annuleren); Salir (pagina verlaten). Kies voor Solicitar cita.
Stap 6: Op deze pagina kun je het Commissariaat van de Nationale Politie (Comisaría del Cuerpo Nacional de Policía (CNP) kiezen. Klik op Siguiente.
Stap 7: Vul een telefoonnummer in, een e-mailadres en herhaal dat e-mailadres. Dat e-mailadres is belangrijk want daar ontvang je een bevestiging van de afspraak. Klik op Aceptar.
Stap 8: Kies een gewenste datum en tijd en klik op Siguiente. Het kan echter voorkomen dat er niet genoeg vrije tijden zijn of dat een kantoor tijdelijk is gesloten. In dat geval kun je een andere CNP kiezen. Als dat uiteindelijk gelukt is klik dan op Siguiente.
Stap 9: Je ziet nu een overzicht van alle ingevulde gegevens en de informatie over de afspraak zoals de plaats van de CNP, de datum, de tijd en de balie waar je moet zijn. Als dat goed is vink dan ‘Estoy conforme con la información mostrada en pantalla’ en ‘Deseo recibir un correo electrónico con los datos de mi cita en la dirección que he proporcionado’ aan waarmee je zegt dat je akkoord bent met de informatie en dat je bevestigt dat je een bevestigingsmail wilt ontvangen. Klik daarna op Confirmar.
Stap 10: Je hebt de afspraak bevestigd en ziet bovenaan een groot nummer staan (Nº de Justificante de cita). Je ontvangt ook een e-mail ter bevestiging, maar om zeker te zijn maak dan een foto of screenshot van deze pagina en/of schrijf het nummer op.
2. Formulier EX-15
Op de officiële website van de Spaanse Ambassade staat in het Nederlands omschreven wat men moet doen om een NIE-nummer aan te vragen. Ten eerste dien je het formulier EX-15 in te vullen en ondertekenen. Dat formulier is HIER te downloaden. Men accepteert alleen dit formulier en geen andere aangepaste niet-officiële versies. Neem tenminste twee of beter nog drie kopieën mee.
Bij kopje 1) Datos del extranjero/a moet je de volgende gegevens invullen.
Pasaporte = paspoort
1er Apellido = eerste achternaam (zoals vermeld in paspoort)
2e Apellido = tweede achternaam (indien van toepassing)
Nombre = voornaam of voornamen (zoals vermeld in paspoort)
Sexo = H (hombre = man) / M (mujer = vrouw)
Fecha de nacimiento = geboortedatum (dag/maand/jaar); Lugar = geboorteplaats; País = geboorteland (invullen met Holanda of Bélgica of…). Datum moet altijd tweecijferig zijn (bv. 01 of 25).
Nacionalidad = nationaliteit (invullen met Holandés of Belga of…)
Estado Civil = burgerlijke staat, kiezen uit Soltero (single); Casado (getrouwd); Viudo (weduwe/weduwnaar); Divorciado (gescheiden); Separado (uit elkaar)
Nombre del padre = voornaam vader; Nombre de la madre = voornaam moeder
Domicilio de residencia = woonadres; N = nummer; Piso = verdieping
Localidad = woonplaats; C.P. = postcode; Provincia = provincie
Representante legal = legale vertegenwoordiger met DNI/NIE/PAS en Titulo
Kopje 2) hoeft alleen ingevuld te worden als de persoon die de NIE aanvraagt anders is dan de persoon in kwestie.
Kopje 3) dient men een adres in te vullen dat gebruikt wordt voor correspondentie. Dat is in de meeste gevallen hetzelfde adres als bij kopje 1)
Bij kopje 3) moet je CONSIENTO aanvinken om informatie en correspondentie via de e-mail te ontvangen (dat heeft met de privacywet te maken)
Op de tweede pagina moet je bij kopje 4) bij 4.1 aanvinken ‘NÚMERO DE INDENTIDAD DE EXTRANJERO (NIE) of in een ander geval CERTIFICADO als resident of niet-resident.
Bij 4.2 MOTIVOS vink je als reden voor aanvraag aan ‘Por intereses económicos’ of ‘Por intereses profesionales’ of ‘Por intereses sociales’ of je vult iets anders in bij ‘Especificar’.
Bij 4.3 LUGAR DE PRESENTACIÓN moet je de plaats waar je het formulier presenteert aanvinken. Je kunt kiezen uit ‘Oficina de Extranjería’ (kantoor voor buitenlanders) of ‘Comisaria de Policia’ (CNP/politie in Spanje) of ‘Oficina Consular’ (ambassade/consulaat).
Bij 4.4 SITUACIÓN EN ESPAÑA ofwel de woonsituatie in Spanje vink je aan ‘Estancia’ (kort verblijf) of ‘Residencia’ (resident of lang verblijf).
Daarna moet je nog de plaatsnaam waar het formulier is ingevuld en de datum te vermelden.
Print het formulier uit (in twee/drievoud) en plaats je handtekening. Sla voor de zekerheid een PDF op.
3. Formulier 790-012
Je moet ook een ingevuld en ondertekend formulier 790-012 hebben. Dit is een formulier dat je moet meenemen naar een bank om de verschuldigde leges (9,84 euro in 2022) te betalen (Las tasas por la asignación de Número de Identidad de Extranjero).
LET OP: Wat betreft de betaling van de leges bij de bank moet je er rekening mee houden dat dit soms alleen kan in de ochtend (zoals tot 11 uur) en soms alleen op bepaalde dagen (zoals dinsdag of donderdag). De reden daarvoor is ons totaal onbekend. Zonder dit betalingsbewijs van de bank zul je bij het politiekantoor niet verder kunnen. Houd daar dus rekening mee met het maken van een afspraak.
Dat formulier is HIER online al in te vullen waarna je een kopie kunt printen op A4-formaat of op kunt slaan als PDF.
STAP 1: Bij N.I.F./N.I.E vul je het paspoortnummer (zonder spaties) in (want de NIE heb je nog niet en de NIF is voor de Spanjaarden).
Bij Apellidos y nombre vul je de achternaam/namen en voornaam/namen in of razón social als het voor een bedrijf is.
Bij Domicilio en Tipo de vía is calle (straat), plaza (plein) etc.; Nombre de la vía pública is de straatnaam; Núm is huisnummer; Escalera, Piso, Puerta zijn toevoegingen zoals trap, verdieping, deur etc. Teléfono is het telefoonnummer.
Bij Municipio vul je de naam van het dorp/stad in; bij provincia de provincie; bij Código Postal het postcodenummer.
Beeld van 2019: legesbedrag is inmiddels hoger geworden
Met het volgende kopje ‘Autoliquidación’ hoef je niets te doen en kun je meteen naar beneden gaan om voor ‘Asignación de Número de Identidad de Extranjero (NIE) a instancia del interesado’ te kiezen.
Bij ‘Declarante’ moet je de stad/dorp invullen en een datum kiezen (die als het goed is al ingevuld staat).
Bij ‘Ingreso’ zie je bij ‘Importe euros’ het bedrag staan dat je moet betalen bij de bank. In dit geval (NIE) is dat 9,84 euro (2022). Bij ‘Forma de pago’ vink je ‘En Efectivo’ wat contant betalen betekent aan.
Vul ter spamcontrole de code in en klik op ‘Descargar impreso rellenado’ om het formulier te printen of als PDF te downloaden.
4. Paspoort of Identiteitskaart
Verder moet je een geldig Nederlands of Belgisch paspoort of identiteitskaart meenemen en (belangrijk) een kopie daarvan. Voor de zekerheid kun je altijd het beste twee of drie kopieën meenemen van alles.
5. Pasfoto’s
Weliswaar staat het niet bij de officiële informatie, maar voor de zekerheid kun je het beste een of twee pasfoto’s meenemen.
6. Reden voor een NIE
Je moet ook aangeven waarom je een NIE-nummer wilt hebben, dus aangeven wat de reden is. Dat kan bijvoorbeeld een (voorlopig) koop- of huurcontract zijn, een arbeidscontract of een andere reden.
Als je alle stappen hebt doorlopen en je succesvol je NIE-nummer hebt aangevraagd zal het 5 dagen duren voordat je de NIE kunt ophalen. Of dat van de vijf dagen klopt, is nog maar af te vragen want het kan ook langer duren. Om je NIE op te halen bij de CNP/politie hoef je geen afspraak te maken.
In sommige gevallen kan het zo zijn dat je meteen een NIE-nummer krijgt.
Ondanks de naam ‘CASA’ wat huis betekent in het Spaans is deze winkelketen met decoratieve en huishoudelijke artikelen alsmede huishoudtextiel en tuin- en interieurmeubelen van oorsprong niet Spaans. CASA is een winkelketen met wereldwijd meer dan 450 winkels waarvan er 63 in Spanje te vinden zijn.
Van oorsprong is CASA een Belgisch bedrijf met hoofdzetel in Itegem (Heist-op-den-Berg) en opgericht door Karel Govaerts als gevolg van het in 1925 opgerichte bedrijf Fort dat zich in het begin vooral op de handel in zuivelproducten toespitste.
Later werd het assortiment uitgebreid met voedingswaren van het merk Fort, waarvan de bekendste de Fort-koffie was. Bij de aankoop van de Fort-producten kregen de klanten spaarzegels die ze nadien konden omruilen tegen geschenken uit de Fort-catalogi.
Na de dood van Karel Govaerts in 1962 namen de dochter en haar man het bedrijf over. In 1971 verbood de Belgische wetgever het aanbieden van spaarzegels bij voedingsproducten waarna de winkelketen CASA werd geboren.
In 1975 opende de eerste winkel onder de naam CASA in Ottignies, provincie Waals-Brabant in België. Na een periode van geleidelijke groei werd CASA in 1988 overgenomen door de Blokker Holding.
Casa
Deze overname betekende de start van de nationale en internationale expansie, eerst in België en Luxemburg en daarna volgden Frankrijk, Portugal, Spanje en Zwitserland en sinds 2008 ook Italië, Oostenrijk, Aruba en Marokko. Sinds eind 2016 maakt CASA geen deel meer uit van de Blokker Holding.
De meeste winkels van CASA zijn te vinden in Frankrijk met 199 (2018) wat veel meer is dan de 71 winkels in België of 92 winkels in Italië. In Spanje heeft de CASA (in 2019) 63 winkels die verdeeld over heel Spanje te vinden zijn. CASA is al meer dan 30 jaar aanwezig in Spanje waarbij de winkelformule en artikelen populair zijn in Spanje.
Voor 2018 had CASA geen winkels in Nederland maar sinds dat jaar is CASA begonnen zo’n 110 winkels om te bouwen van Xenos-winkels naar CASA-winkels.
Wellicht weten veel mensen het niet maar ook in Spanje kan men dolfijn spotten of dolfijnen kijken. Zowel in de Middellandse Zee alsook in de Atlantische Oceaan worden met regelmaat dolfijnen gezien die vaak dichtbij de kust komen en dus al vanaf land te bekijken zijn. In de meeste gevallen dient men echter aan boord van een boot te gaan om de dolfijnen in open water te bekijken maar heel af en toe spoelt er een dolfijn aan op strand, die zijn dan meestal wel helaas overleden.
Er zijn een tiental verschillende soorten dolfijnen die nabij de Spaanse kust of in de zee wat verder weg van de kust te zien zijn. Er zijn dolfijnen te zien voor de kust van Catalonië, nabij de Balearen eilanden, in zee bij de Comunidad Valenciana, in Murcia en Andalusië, langs de kust van de Atlantische Oceaan in Galicië, Cantabrië of Baskenland en natuurlijk bij de Canarische Eilanden.
De meeste dolfijnen zijn te zien gedurende de lente en begin van de zomer tussen april en juli, vlak voordat de dolfijnen naar ander water vertrekken.
Tarifa en Gibraltar
In het zuiden bij de gemeente Tarifa in Cádiz en rondom Gibraltar komen vaak dolfijnen voor en zijn deze soms dichtbij de kust maar meestal in de open zee te zien. Het is een van de “dolfijn-wegen” waar dolfijnen voorbij komen als ze naar andere wateren trekken, vanuit de Middellandse Zee via de ‘Mar de Alboran’ richting de Atlantische Oceaan. Naast 7 verschillende soorten dolfijnen komen hier ook veel walvissen en potvissen voor.
Rías Baixas Galicië
Dit deel van de kust van Galicië in noordwest Spanje is een ideaal gedeelte van de Atlantische Oceaan om bruinvissen (marsopas). De kust van O Grove, Sanxenxo en Pontevedra zijn de beste plaatsen om op het water en zelfs vanaf land dolfijnen te spotten. Deze komen dichtbij de kust op zoek naar eten, met name inktvissen.
Canarische Eilanden
Aangezien de Canarische Eilanden strategisch goed gelegen zijn, waar het koude water van de Atlantische Oceaan zich mengt met het warmere water van de Oceanen uit het noorden, komen bij deze eilanden archipel veel dolfijnen voor. Niet alleen leven deze dolfijnen hier het hele jaar door maar komen er ook veel dolfijnen langs die bezig zijn met de trek naar andere wateren. In de herfst- en wintermaanden zijn er veel slanke dolfijnen (delfines moteados) te zien.
In de Cantabrische Zee voor de kust van Galicië, Asturië, Cantabrië en Baskenland zijn regelmatig dolfijnen te zien. Het komt hier regelmatig voor dat de dolfijnen dichtbij de kust komen omdat de diepte van de zee dat toelaat, met name in de Golf van Biskaje in Baskenland waar ook walvissen en orca’s te zien zijn.
Middellandse Zee
In de Middellandse Zee is het ook mogelijk om dolfijnen te zien waarbij populaire plaatsen zijn in Cabo de Palos en Cabo de Gata in Almería in Andalusië en voor de kust van Cartagena in Murcia waar ook potvissen voorkomen. Daarnaast komen er regelmatig dolfijnen voor die bij de kust van de Costa Brava en Barcelona zwemmen of dichtbij de Balearen eilanden zoals Mallorca en Ibiza komen en zichzelf soms laten zien bij de kust van de Costa Blanca en de regio Valencia. Naast dolfijnen zijn daar ook regelmatig walvissen te zien.
Er zijn steeds meer mensen die een zogenaamde dashcam of een normale camera installeren in de eigen auto voor de veiligheid en voor eventueel verzekeringskwesties. Daarnaast maken veel mensen opnames tijdens het rijden van een route of de omgeving. Maar wat zijn de wetten wat betreft camera’s in de auto, wat zegt de Spaanse wet en is dit toegestaan of niet.
Net zoals in andere landen is het gebruik van de dashcam vrij nieuw en is er in de Spaanse verkeerswet nog niets speciaals over opgenomen. Maar het gebruik van een camera die opnames maakt van de straat, andere auto’s, kentekens en personen kan problemen opleveren in Spanje vanwege de “Ley de Protección de Datos” ofwel de privacywetgeving.
De vraag over het gebruik van de dashcam is makkelijk maar het antwoord is complex. Op de website Xataka heeft men contact opgenomen met diverse advocaten die gekeken hebben wat de wet zegt over het gebruik van apparatuur om opnames te maken. Men is het erover eens dat het om een camera gaat die opnames maakt van een openbare ruimte en dat mag niet omdat persoonlijke gegevens van derden opgenomen kunnen worden zonder dat deze daar toestemming voor hebben gegeven.
Er is echter een verschil tussen dashcams die continu opnames maken of ingeschakeld en uitgeschakeld worden op momenten dat dit nodig is, zoals bij een ongeval. In het eerste geval kan gesproken worden van een soort van videobewaking en daar zijn regels aan verbonden. In het tweede geval kan gesproken worden van camera’s die ingeschakeld worden op bepaalde momenten, of automatisch of op verzoek van de gebruiker zoals bij opnames van een route.
Internet en privé
Zolang de opnames voor huis- en privégebruik zijn is er niets aan de hand maar op het moment dat deze beelden op internet, zoals sociale media of YouTube, gedeeld worden kan dat problemen opleveren. Ook in het geval van het melden van een verkeersovertreding of ongeval waarbij men opnames voor verzekeringskwesties wil gebruiken, kan dat niet altijd geaccepteerd worden. Die beslissing ligt vaak bij een rechter.
In Spanje
Het gebruik van een dashcam in Spanje kan vanwege privacywetgeving en/of filmen in openbare ruimten dus problematisch zijn. Met een dashcam worden namelijk beelden geregistreerd, waardoor personen direct of indirect (bijvoorbeeld via de kentekenplaat) kunnen worden geïdentificeerd. Het zonder toestemming van de gefilmde personen publiceren van deze opnames is in principe in Spanje niet toegestaan.
De ANWB raadt het gebruik van een dashcam in Spanje af. Er mag in Spanje niet zomaar gefilmd worden in openbare ruimtes. De dashcam mag niet afleiden, mag het zicht niet belemmeren en mag tijdens het autorijden niet bediend worden door de chauffeur. Daarnaast gelden er in Spanje specifieke regels met betrekking tot databeveiliging en is er toestemming nodig van inzittenden wanneer er opnames gemaakt worden.
Nederland en België
In Nederland en België is het gebruik van een dashcam niet verboden maar is het zonder uitdrukkelijke toestemming van de gefilmde personen niet mogelijk om de opgenomen beelden te verspreiden. Als men de beelden wil gebruiken als bewijs van bijvoorbeeld een ongeval dan is het aan de rechter of die beelden geaccepteerd worden. Daarnaast moeten de betrokken personen verwittigd worden van de opnames.
Mocht je op weg zijn via Nederland of België naar Spanje via Frankrijk dan moet men er rekening mee houden dat de beelden wel gebruikt mogen worden in een juridische procedure maar dat de privacywetgeving moet worden gerespecteerd bij het publiceren van opgenomen beelden.
In dit artikel maken we een onderscheid in drie soorten telefoonnummers, te weten de vaste (huis), mobiele en speciale/service telefoonnummers. In Nederland is het gebruikelijk dat als eerste letter een 0 staat maar dat gebeurt in Spanje niet terwijl zowel de vaste als de mobiele telefoonnummers 9 cijfers hebben.
Internationaal bellen
Het internationale toegangsnummer van Spanje is 34.
Om van Nederland naar Spanje te bellen dien je 00 te kiezen en het internationale toegangsnummer 34 gevolgd door het regionaal netnummer en abonneenummer (vb. 00 34 977 123456).
Om van Spanje naar Nederland te bellen dien je 00 te kiezen en het internationale toegangsnummer 31 gevolgd door netnummer zonder nul en het abonneenummer (vb. 00 31 20 1234567)
In plaats van een 00 kan ook een + gekozen worden (op telefoons waar dat mogelijk is).
Telefoonnummers
Spanje is verdeeld in 17 autonome regio’s die weer onderverdeeld zijn in 50 provincies. Elke provincie heeft een eigen provinciaal nummer (prefijo telefónico) bestaande uit 2 of 3 cijfers die altijd met een 9 beginnen.
Het provinciaal telefoonnummer wordt gevolgd door een 6 of 7 cijferig nummer, afhankelijk of het provinciaal nummer uit 2 of 3 cijfers bestaat. In totaal heeft een telefoonnummer (teléfono fijo) 9 cijfers.
Mobiele telefoonnummers (teléfono móvil) beginnen in Spanje met een 6 als eerste cijfer. Sinds 2012 is ook het cijfer 7 vrijgegeven maar dat wordt in Spanje nog niet zoveel gebruikt.
Het mobiele telefoonnummer begint dus niet zoals in Nederland met 06 maar met een 6 waardoor ook het eerste cijfer niet weggelaten hoeft te worden bij internationale gesprekken (met +34 of 0034 als begin).
Mobiele telefoonnummers hebben in Spanje 9 cijfers in totaal (net zoals de vaste telefoonnummers).
Roaming
Sinds juni 2017 worden binnen de EU geen roamingkosten meer in rekening gebracht. De kosten voor gebruik binnen EU-landen zijn daarmee gelijk aan die in Nederland, België en Spanje en worden verrekend met je bundel. Vraag je provider naar de voorwaarden.
Speciale nummers
Telefoonnummers 800 en 900 zijn telefoonnummers die voor de beller gratis zijn. Soms is het alleen mogelijk om deze nummers te bellen vanaf een vaste lijn.
Telefoonnummers 901 en 902 worden gebruikt door bedrijven, publieke en private entiteiten zonder dat de totale kosten van de oproep door hen worden betaald. Deze nummers zijn voor de beller niet gratis en zijn meestal niet inbegrepen in de tarieven die mobiele telefoon providers hanteren.
Telefoonnummer 905 is een speciaal nummer dat gebruikt wordt voor het stemmen bij wedstrijden en tv-shows. In dit geval zijn de kosten namelijk niet per minuut maar per gesprek. De kosten van deze oproepen kunnen oplopen tot 1,70 euro per gesprek (zonder btw).
Alarmnummers
Er zijn ook speciale noodnummers die altijd gratis te bellen zijn zoals de Europese nummers:
112 – is nationaal (en binnen EU) gratis te bellen in geval van alle noodgevallen (politie, brandweer en ambulance)
116 000 – is nationaal (en binnen EU) gratis te bellen in het geval van verdwenen kinderen
116 111 – is nationaal (en binnen EU) gratis te bellen voor hulp aan minderjarigen
Speciale alarmnummers die alleen binnen Spanje gelden zijn:
011 – nationaal en gratis met informatie over het verkeer en hulp bij pech of ongeval op de weg
016 – nationaal en gratis (en anoniem) in het geval van partnergeweld
061 – niet overal in Spanje en niet gratis in geval van medische noodsituaties in Spanje
062 – nationaal en gratis om met de Guardia Civil te spreken in noodgevallen
080 – niet overal in Spanje (lokaal) en niet gratis om met de brandweer te spreken
085 – niet overal in Spanje (regionaal) maar gratis om met de brandweer te spreken
091 – nationaal en niet gratis om met de Policía Nacional te spreken
092 – niet overal in Spanje en niet gratis om met de Policía Local, Municipal of Urbana te spreken
1006 – nationaal en gratis om met de Spaanse burgerwacht (protección Civil) te spreken
900 101 062 – nationaal en gratis voor informatie van de Guardia Civil
900 100 062 – nationaal en gratis voor terrorismebestrijding van de Guardia Civil
900 20 20 10 – nationaal en gratis voor kinderen en tieners in geval van nood of hulp
900 10 50 90 – nationaal en gratis voor melding seksueel misbruik vrouwen en meisjes
915 620 420 – nationaal maar niet gratis (landelijk tarief) voor informatie over toxicologie
902 22 22 92 – nationaal en gedeelde kosten om te spreken met het Rode Kruis (Cruz Roja)
De 78-jarige Julio José Iglesias de la Cueva is een Spaanse zanger, de bestverkopende Spaanse artiest, en internationaal een van de bekendste Spaanstalige zangers. Hij is de vader van o.a. zanger Enrique Iglesias en nog 8 andere kinderen. Julio Iglesias is op dit moment getrouwd met zijn tweede echtgenote, het jonge Nederlandse model Miranda Rijnsburger.
Veel mensen weten het wellicht niet maar Julio Iglesias was professioneel voetballer bij Real Madrid, waar hij in het doel stond. In dezelfde tijd begon hij ook aan een studie rechten. Na een ongeluk dat zijn voetbalcarrière beëindigde, begon hij tijdens zijn revalidatie met het schrijven van liedjes. Hij behaalde ook zijn rechtendiploma aan de Complutense Universiteit van Madrid.
Zangcarrière
In 1968 won Julio in Spanje het Benidorm Songfestival met een van zijn songs en kreeg een contract bij een onafhankelijk label, Discos Columbia. In de jaren zeventig trouwde hij met de half-Spaanse, half-Filipijnse Isabel Preysler, en zij kregen drie kinderen: Chabeli Iglesias geboren op 1 augustus 1971, Julio José Iglesias geboren op 25 februari 1973 en Enrique Iglesias geboren op 8 mei 1975. In deze tijd werden Julio en zijn familie uitgebreid afgebeeld op de voorpagina’s van verschillende internationale kranten en bladen.
Namens Spanje nam Iglesias in 1970 deel aan het Eurovisiesongfestival. Hij werd vierde met het lied ‘Gwendolyne’. In 1972 scoorde hij een van zijn grootste hits met ‘Un canto a Galicia’, een lied in het Galicisch. Weliswaar is hijzelf in Madrid geboren, maar zijn vader was van Ourense in Galicië.
In 1978 tekende hij een nieuw contract met CBS International, en breidde zijn Spaanstalige repertoire uit met songs in het Engels, Frans en Italiaans. In 1979 had hij weer een grote hit met ‘Quiereme mucho’.
In 1984 bracht hij het hitalbum ¡1100 Bel Air Place¡ uit, daar werden drie miljoen exemplaren van verkocht.. Hij nam ook een duet op met Diana Ross en het duet ‘To all girls I’ve loved before’ met Willie Nelson werd een groot succes.
Privé leven
In december 1981 werd zijn vader, gynaecoloog dr. Julio Iglesias Puga, gekidnapt door de Baskische afscheidingsbeweging ETA. Na drie spannende weken werd hij in januari 1982 gezond en wel teruggevonden in Trasmoz bij Zaragoza. Hierdoor, en ook omdat hij gescheiden was van Preysler, verhuisde Julio met zijn familie naar Miami.
Iglesias woonde na de scheiding van Preysler jaren samen met het 23 jaar jongere Nederlandse fotomodel Miranda Rijnsburger. Zij hebben samen vijf kinderen: Miguel Alejandro geboren op 7 september 1997, Rodrigo geboren op 3 april 1999, de tweeling Cristina en Victoria geboren op 1 mei 2001 en Guillermo geboren op 5 mei 2007.
Op 26 augustus 2010 stapten Julio en Miranda alsnog in het huwelijk. De ceremonie vond plaats in Marbella. Ze wonen in de Dominicaanse Republiek, waar Julio meerdere hotelcomplexen bezit. Onder zijn bezittingen valt ook de luchthaven Punta Cana, die hij samen met modekoning Oscar de la Renta bezit.
In de jaren negentig ging Julio terug naar de wortels van zijn Spaanse muziek, en bracht in 1996 een cd uit met de bijnaam ‘Tango’. Van de ca. 80 albums die Julio uitbracht zijn meer dan 300 miljoen exemplaren verkocht. Daarna verschoof de belangstelling van het publiek steeds meer naar zijn zoon Enrique en verdween Julio uit het spotlicht.
Klik HIER voor een lijst van alle songs/hits, albums en gehele discografie.
De kleine pieterman (salvariego) is een visje dat behoort tot de meest giftige dieren van Europa. De kleine pieterman wordt 10 tot 18 cm lang en heeft een aantal doornige stekels op zijn rugvin. De stekels in de voorste rugvin en op de kieuwdeksels bevatten gifklieren, die bij verstoring worden opgezet. De kleine pieterman leeft in ondiepe wateren en op zandbanken, waar hij zich ingraaft.
Wandelaars of zwemmers raken meestal gewond doordat ze per ongeluk op een ingegraven visje trappen. Wie door een pieterman geprikt wordt, voelt een hevige, brandende pijn rond de steekplaats die zich kan uitbreiden over benen of armen en zonder behandeling weken kan duren. Er kan ook een zwelling en ontsteking ontstaan.
Mogelijke symptomen zijn hoofdpijn, hartkloppingen, hoge koorts, duizeligheid en braken. Slachtoffers van de pieterman kunnen zich het best zo snel mogelijk laten verzorgen. De beste remedie is de wond minstens een kwartier onderdompelen in zo heet mogelijk water (natuurlijk zonder brandwonden te veroorzaken), want bij temperaturen boven 40 graden wordt het gif snel afgebroken.
Teken zijn kleine en zwarte diertjes die niet veel groter zijn dan een speldenkop. Ze komen voor in vochtige, bosrijke gebieden, parken, weilanden en zelfs in tuinen. Ze zitten daar op lage begroeiing als struiken, varens, hoge grassen en dergelijke.
Teken (garrapatas) hebben net als alle spinachtigen acht poten, maar onderscheiden zich van de meeste spinachtigen doordat er geen duidelijke scheiding tussen kopborststuk en achterlijf bestaat. Teken kunnen maar met weinig dieren worden verward, een uitzondering zijn de luisvliegen.
Een niet met bloed volgezogen teek is slechts een paar millimeter groot. Als een volwassen vrouwtje zich helemaal volgezogen heeft met bloed, kan ze meer dan een centimeter groot worden. Het lichaam heeft van boven een ronde tot ovale vorm en is in normale toestand plat. In volgezogen toestand ziet een teek er bijna rolrond uit, wat mogelijk is dankzij de extreem rekbare huid. Hierdoor kan een teek meer dan tien keer het eigen lichaamsgewicht aan bloed opzuigen.
Teken voeden zich met bloed van warmbloedige dieren als fazanten, muizen, egels, herten, honden en mensen. Teken kunnen niet springen of vliegen. Ze wachten daarom in de begroeiing tot een gastheer voorbij komt.
Op dat moment laten ze zich vallen, hechten ze zich vast aan de huid en het zuigen kan beginnen. Wanneer een teek niet gestoord wordt kan één tekenmaaltijd tot zeven dagen duren. Bij het zuigen wordt het achterlijf van de teek steeds groter. De beet van een teek is in principe pijnloos maar begint na enkele uren wel te jeuken.
Ziektes
Sommige teken zijn besmet met bepaalde ziektekiemen/bacteriën. Bij het zuigen van bloed kan zo een bacterie overgedragen worden op de gastheer. De meest bekende ziekte veroorzaakt door teken is de ziekte van Lyme. Wanneer deze niet behandeld wordt, kan het leiden tot ernstige ziekteverschijnselen in de spieren, de gewrichten, het zenuwstelsel en het hart.
Niet iedereen die een tekenbeet krijgt wordt ziek. Hiervoor moet: de teek de bacterie met zich meedragen en de teek moet dus besmet zijn; de teek meestal langer dan 12 uur vastzitten op de huid; moet de ziekte doorbreken (dat gebeurt niet bij iedereen).
Reuzenteek
De hyalommateek of de reuzenteek (Hyalomma) komt hoofdzakelijk voor in zuid en oost Europa waaronder ook grote delen van Spanje. De hyalommateek wordt beschouwd als de belangrijkste vector van het virale hemorragische koorts – Krim-Congokoorts.
Het Krim-Congokoortsvirus wordt beschouwd als een opkomende ziekteverwekker in Europa en de verspreiding van bekende teekvectorsoorten overschrijdt op dit moment ver die van het virus.
Op veel plaatsen in noord Spanje en nu ook langs de Middellandse Zee is de zogenaamde “mosca negra” haar gebied aan het uitbreiden. Het gaat om de kriebelmug ofwel de simuliidae, een type mug die voor aardig wat pijn kan zorgen en zelfs de dood kan betekenen voor vogels en muizen.
Het is niet de eerste keer dat de “mosca negra” gedurende de zomermaanden voor problemen zorgt want dat gebeurde in 2006 en de zomers daarna al in de deelstaat Aragon waar sindsdien meer dan 30.500 mensen medische assistentie zochten na een steek van deze bloedzuigende mug. “Mosca” betekent eigenlijk vlieg wat voor verwarring zorgt in Spanje want het gaat om een mug.
De kriebelmug kan een beetje vergeleken worden met de tijgermug aangezien deze ook overdag aanvalt en makkelijk door kleding kan prikken. Het zijn kleine, zwarte of oranjerode tot grijze insecten met korte pootjes en antennes. Ze zijn herkenbaar aan hun kleine vleugels. De lichaamslengte varieert van 1 tot 5 mm.
De mannetjes voeden zich voornamelijk met nectar, de vrouwtjes echter zuigen onder andere bij mensen bloed. Van zo’n steek kan men dagenlang pijnlijke jeuk en zwellingen oplopen. Als de kriebelmug steekt dan verwijdert het diertje een stukje huid waarna de mug makkelijker bloed kan opzuigen zonder dat men daar in eerste instantie erg in heeft. Het is echter het speeksel van de kriebelmug dat kan zorgen voor een reactie zoals een grote rode bult die bij sommige mensen kan aanzwellen en roder kan worden.
Sommige mensen maken er een hobby van, anderen willen gewoon graag weten wat de leeftijd van een auto is en weer anderen willen de leeftijd weten in verband met de aanschaf van een auto. De leeftijd of het jaar van inschrijving (año de matriculación) is te achterhalen door de Spaanse kentekenplaat of nummerbord op de juiste manier te lezen.
De Spaanse kentekens voor motorvoertuigen bestaan sinds 1910 en zijn altijd wit met zwarte letters geweest. Aanvankelijk bestonden de kentekens uit een provinciecode gevolgd door een volgnummer van maximaal 6 cijfers.
De provinciecodes waren bijvoorbeeld A van Alicante, AL van Almería, B van Barcelona, IB of PM voor de Balearen, M van Madrid, MA van Málaga,V voor Valencia en Z van Zaragoza. Deze kentekens zijn zeldzaam geworden en ziet men niet meer zo vaak op straat.
In 2000 werd het provinciale systeem afgeschaft. Sindsdien heeft een kenteken vier cijfers en drie letters en is niet meer te zien in welke provincie een voertuig geregistreerd is. Ook is sinds 2000 de E van España en de kleuren van de Europese Unie te zien aan de linkerkant van het nummerbord (in Catalonië willen ze de E (Spanje) nog wel eens vervangen door een CA (Catalonië) maar dat is illegaal en kan beboet worden). Detail is dat de klinkers A, E, I, O, U niet worden gebruikt in de Spaanse nummerborden.
Acrhieffoto
Leeftijd
1. De eerste regel om de leeftijd van een voertuig te achterhalen is kijken naar de volgorde en combinatie van letters en cijfers om de periode te achterhalen. Deze zijn:
Van 1900 tot 7 september 1971: A – 123456
Van 8 september 1971 tot 16 september 2000: A 1234 BC
Van 17 september 2000 tot nu: 1234 ABC
2. In het eerste geval, dus als een kentekennummer vooraf wordt gegaan aan een provinciecode (letter) dan weet men dus dat de auto van voor 7 september 1971 is waarbij hoe lager het nummer hoe ouder de auto is. Dat geldt dan wel binnen elke provincie.
3. In het tweede geval verwijst de eerste letter ook naar de provincie maar zijn er vier nummers en twee letters te vinden. Hoe hoger deze cijfers zijn en de letters op alfabetische volgorde, hoe nieuwer een auto is. Ook dat geldt dan binnen de provincie.
4. In het derde en actuele systeem bestaat het kentekennummer uit 4 cijfers en drie letters. Daarbij geldt dezelfde regel als bij punt 2, hoe hoger de cijfers en letters hoe jonger de auto is.
5. Om het precieze jaartal en maand van een auto te weten bestaan er talloze applicaties en websites zoals deze of deze waar je een kentekennummer kunt invullen om de datum van inschrijving te achterhalen.
Er is de laatste jaren veel te doen rondom het vrouwenvoetbal waarbij ook in Spanje het voetbal voor vrouwen steeds populairder is geworden. Spanje heeft een nationale vrouwenvoetbalcompetitie, doet mee met de Women’s Champions League en heeft een nationaal elftal dat meedoet aan internationale toernooien.
Wellicht is het Spaanse vrouwenvoetbal het bekendste vanwege het WK 2019 waar Spanje dit jaar niet verder kwam dan de laatste 16 waarbij de ‘selección española femenina’ door de Verenigde Staten na penalty’s naar huis werd gestuurd. Die wedstrijd werd door meer dan één miljoen Spanjaarden bekeken, een record bij het vrouwenvoetbal in het land.
Met name sinds 2017 is het vrouwenvoetbal in Spanje ook bekender aan het worden, wordt er meer naar gekeken op de Spaanse televisie omdat de Spaanse zenders ook interesse tonen en worden de stadions waar wedstrijden gespeeld worden steeds voller met enthousiast publiek.
Spaanse Liga
In de Spaanse competitie (la Liga Femenina Iberdrola) spelen 16 elftallen waarbij de grootste ‘mannenclubs’ ook vertegenwoordigd zijn door een vrouwenelftal, met uitzondering van Real Madrid. De Koninklijke heeft echter aangekondigd volgend seizoen ook (eindelijk) een vrouwenelftal te hebben.
Voetbalclubs geven ook steeds meer geld uit aan spelers etc. waarbij grote clubs zoals FC Barcelona (met Nederlandse spelers) en Atlético Madrid miljoenen investeren. Weliswaar bevinden die investeringen zich nog steeds in de schaduw van de investeringen in het mannenvoetbal maar beetje bij beetje komt er meer geld vrij, ook omdat er sponsors gevonden worden die flink investeren in het vrouwenvoetbal.
Geschiedenis
De competitie voor vrouwen werd in 1988 opgericht onder naam ‘Liga Nacional’ door Club Femení Barcelona, RCD Espanyol, CE Sabadell, Peña Barcelonista, Vallès Occcidental, Olímpico Fortuna, Puente Castro, Parque Alcobendas en Santa María Atlético. In 2001 werd de competitie hernoemd naar ‘Superliga Femenina’ met veertien deelnemende clubs.
In 2008 vond een uitbreiding plaats naar zestien clubs. In 2009 veranderde de opzet van de Superliga. De competitie werd uitgebreid naar 24 clubs, die verdeeld werd over drie groepen op basis van geografie. De best geklasseerde clubs uit iedere groep plaatsten zich aan het einde van het seizoen voor wedstrijden om het kampioenschap. In 2011 werd de Superliga hernoemd naar ‘Primera División’, met zestien clubs in een reguliere competitie.
De nummer een en twee in de Primera División doen mee met de UEFA Women’s Champions League, in 2018/2019 was dat echter alleen FC Barcelona. Spanje heeft nog nooit een titel gewonnen.
Net zoals bij het mannenvoetbal met de Copa del Rey heeft het vrouwenvoetbal in Spanje ook een Copa de la Reina. De eerste acht teams van de Primera División doen mee in deze bekercompetitie.
Clubs
De meeste voetbalcompetities in Spanje werden gewonnen door Athletic Club Bilbao met 5 overwinningen gevolgd door Levante met 4, FC Barcelona met 4 en Atlético de Madrid met 4 overwinningen. Atlético Madrid wist de laatste drie jaren te winnen (2017, 2018 en 2019).
Het gebruik van kampeerauto’s is ook in Spanje enorm gestegen de afgelopen jaren waarbij er steeds meer campers gekocht of gehuurd worden. Onze lezers die met de kampeerauto door Spanje reizen hebben natuurlijk al lang gemerkt dat het bij de favoriete overnachtingsplaatsen veel drukker is geworden.
Dit keer kijken we naar de Spaanse namen voor de verschillende soorten kampeerauto’s. In onze lijst slaan we enkele types zoals de auto-campers en mini-campers over en gaan we meteen naar de meest voorkomende kampeerauto’s in zowel Nederland/België als Spanje.
Campers
De ‘camper’ is een tot kampeerauto omgebouwde bestelbus die ideaal is voor dagelijks gebruik. Deze kan in het Nederlands omschreven worden als een ‘compact’ model. Een camper wordt in het Spaans omschreven als een ‘furgoneta acondicionada como vivienda’.
Camper / Autocaravanas.es
De meest voorkomende modellen campers zijn de lagere bestelauto’s van o.a. Mercedes, Volkswagen of Peugeot waarbij deze vaak van een hefdak zijn voorzien. In deze camper kan men slapen, aan tafel zitten en koken maar ontbreekt het aan een badkamer.
Camper compact / Autocaravanas.es
Dan zijn er nog de grotere modellen wat in feite ook omgebouwde bestelbussen zijn zoals de Fiat Ducato of Ford Transit. Deze campers kunnen gezien worden als volledig ingerichte campers met badkamer, keuken etc.
Capuchina / Autocaravana.es
Capuchinas
De ‘capuchinas’ worden in het Nederlands omschreven als de alkoof-modellen. Deze hebben een klein vertrek boven de autocabine die aan de grotere leefruimte grenst.
Deze kampeerauto’s zijn ideaal voor langere vakanties en voor grotere families met slaapmogelijkheden tot 6 of 8 personen.
Perfilada / Autocaravanas.es
Perfiladas
De ‘perfiladas’ modellen kampeerauto’s worden in het Nederlands omschreven als halfintegraal-modellen. Deze zijn in feite hetzelfde als de ‘capuchinas’ of alkoof-modellen maar dan zonder de grote alkoof boven de autocabine waardoor deze modellen er sportiever uitzien en minder hoog zijn.
Net zoals in Nederland en België zijn de ‘perfiladas’ modellen de populairste kampeerauto’s voor kleine gezinnen en echtparen die langer op weg zijn maar geen ‘grote’ alkoof willen rijden.
Integral / Autocaravanas.es
Integrales
De ‘integrales’ kampeerauto’s hebben nagenoeg dezelfde naam in het Nederlands als integraal-model. Bij deze soort kampeerauto is het autochassis en de cabine (leefruimte) geheel geïntegreerd, vandaar de naam integraal.
De ‘integrales’ zijn over het algemeen iets kleiner dan de ‘capuchinas’ maar het voordeel is weer dat er slechts een ruimte is in de kampeerauto aangezien er geen afscheiding is tussen de autocabine en leefruimte.
De klassieker onder het afkoelende voedsel (of drank) in Spanje is de koude soep. De Gazpacho wordt gemaakt van rauwe groenten en kruiden, meestal met tomaat, maar in de originele versie beslist zonder vlees of bouillon. Deze soep wordt niet verwarmd maar moet ijskoud gegeten worden. Gazpacho stilt de honger, lest de dorst en voorziet het lichaam van de nodige vitamines en zout.
Het gerecht wordt zowel als amuse, voorgerecht, hoofdgerecht, tapa of als tussendoortje gegeten/gedronken. De Gazpacho bestaat uit tomaten, rode paprika, komkommer, uien, water, azijn, knoflook, zout en croutons (de rode paprika, uien en croutons worden meestal apart erbij gegeven maar het kan ook zonder).
Gazpacho kan uit een glas/beker gedronken worden of gegeten met een lepel waarbij men in het tweede geval meestal (maar niet altijd) in de Gazpacho croutons, kleine gesneden uitjes en paprika doet.
Gazpacho kan ook gegeten worden samen met gesneden meloen wat het een heerlijk verfrissend voorgerecht maakt of als nagerecht of tussendoortjes kan dienen.
Herkomst
De benaming Gazpacho is mogelijk afkomstig van het Latijnse woord caspa wat staat voor restje of kleinigheid. Een andere theorie is dat het woord is afgeleid van het eveneens Latijnse woord gazofiliacum wat zoiets als Schatgraven in een kerk betekent.
De herkomst van het gerecht is niet helemaal duidelijk. Een theorie is dat het gebaseerd is op een Romeins gerecht met azijn. Een andere theorie is dat de Moren een gerecht met water, knoflook, olijfolie en brood introduceerden en dat gazpacho hierop doorontwikkeld is. Maar mogelijk maakten Spaanse herders al voor het begin van de jaartelling een soort gazpacho.
Het is na verloop van tijd een belangrijk onderdeel geworden van de Andalusische keuken, met name rond de steden Córdoba en Sevilla. Pas in de 19e eeuw werd het gebruikelijk om tomaten toe te voegen en dit werd ook het internationale gebruik. Vandaar dat een gazpacho die buiten Spanje wordt geserveerd bijna altijd rood is.
Variant: Salmorejo
De Salmorejo is typisch voor de regio Córdoba en is vergelijkbaar met de bekendere Gazpacho. Er zijn echter wel verschillen zoals de textuur van het gerecht die veel romiger is. Salmorejo wordt meestal geserveerd als voorgerecht en wordt gemaakt van brood, knoflook, olijfolie, azijn, zout en tomaten.
De Salmorejo wordt op vele manieren geserveerd, los als koude soep, met een gekookt ei of met croutons. Ook is het normaal om blokjes Jamon Serrano in de Salmorejo te doen, iets wat overigens erg lekker is.
In Spanje wordt veel en vaak koffie gedronken in verschillende varianten zoals de café solo, de cortado, café con leche of de carajillo. Maar wellicht is het je al eens opgevallen dat de koffie soms een andere bittere nasmaak heeft. Dat komt dan vaak door de torrefacto, aanwezig in de in Spanje populaire ‘mezcla’ koffie.
Mezcla
‘Mezcla’ wil niets anders zeggen dan ‘een mix’ van koffiebonen. In de meeste gevallen gaat het dan om een variant van 50% ‘natural’ bonen en 50% ‘torrefacto’ bonen. In andere gevallen gaat het om een ‘100% café arabica’ wat te maken heeft met koffie van oorsprong uit Midden-Afrika en Azië.
Arabica koffie is de meest gedronken koffie ter wereld en bevat zo’n 70% van de huidige koffiemarkt. De rest is voornamelijk robusta met als doel om te gebruiken voor het melangeren.
Torrefacto
Maar wat is dan eigenlijk torrefacto en waarom is dat zo populair in Spanje. Simpel gezegd is torrefacto het eindresultaat van het proces dat ‘torrefacción’ heet waarbij de koffiebonen na het verwarmen in het laatste proces suiker toegevoegd krijgen om een dun laagje te vormen op de koffiebonen om deze een zwart glanzend effect te geven.
De oorspronkelijke reden voor het ‘torrefacción’ proces was om de kwaliteit van de koffiebonen (groene koffie) te verlengen. Maar het proces zorgt er ook voor dat de koffie er beter en mooier uitziet, een langdurige smaak in de mond heeft, een bittere nasmaak en daarnaast tweemaal zoveel cafeïne bevat als de 100% arabica-koffie.
Oorsprong
De oorsprong van de torrefacto koffie ligt in Latijns Amerika maar het is de Spanjaard José Gómez Tejedor die begin 19e eeuw het proces naar Spanje en later ook naar Portugal bracht onder de nog steeds bestaande naam Cafés La Estrella.
Gedurende jaren was de café torrefacto de standaard in Spanje en zeker na de Burgeroorlog toen koffie schaars en duur was. Daarom werden de koffiebonen gemengd met torrefacto wat dus de huidige mezcla op heeft geleverd.
Pas in 2012 werd via een Koninklijk decreet (Real Decreto 1676/2012) vastgelegd wat café torrefacto is: ‘café tostado en grano, con adición de sacarosa o jarabe de glucosa, antes de finalizar el proceso de tueste, en una proporción máxima de 15 kilogramos de dichos azúcares (expresados en sustancia seca) por cada 100 kilogramos de café verde’.
Anno 2019
Spanje en Portugal zijn praktisch de enige landen binnen Europa waar nog de torrefacto koffie wordt gedronken. Ondanks de sterk opkomst van andere koffiesoorten die meer ‘natural’ zijn en ‘100% arabica’ zoals bij de Nespresso en Starbucks ketens (die geen torrefacto hebben) wordt er in de horeca nog steeds gebruikt gemaakt van de torrefacto koffie.
Terwijl in de winkels en supermarkten de mezcla koffie uit 50% ‘natural’ bonen en 50% ‘torrefacto’ bonen bestaat zijn die verhoudingen in de Spaanse bars vaak 70/30% , 65/35% of 80/20% waarbij het laagste cijfer de torrefacto bonen is.
Volgens de horeca vinden de Spanjaarden de torrefacto koffie lekker en is dat een van de belangrijkste redenen om deze koffiesoort nog aan te bieden. Aan de andere kant is de torrefacto of mezcla koffie 8% tot 10% goedkoper dus dat zal ook zeker meespelen.
Daarbij moet men als men in Spanje koffie koopt opletten met de mezcla koffie aangezien er vaak voor 50% gebruik gemaakt wordt van de robusta koffiebonen en niet de arabica koffiebonen. Wil je in de Spaanse winkel dus ‘echte’ koffie kopen dan moet je zoeken naar de term ‘100% natural’ of ‘100% arabica’ om er zeker van te zijn dat je niet een mix-koffie koopt.
Terwijl (bijna) heel Nederland aan de ‘Tikkie’ app of betaalverzoek gaat staat dit in Spanje nog in de kinderschoenen. Ten eerste is de ‘Tikkie’ app van de ABN-Amro en de betaalverzoek via de Rabobank app iets echt Nederlands en kun je deze twee mogelijkheden niet gebruiken om geld over te maken naar een Spaanse smartphone gebruiker.
Ten tweede zijn er in Spanje wel alternatieven te vinden maar wordt het elkaar terugbetalen via een smartphone app nog niet zoveel gedaan. Maar er zijn toch mogelijkheden te vinden die dienst doen als betaalapp. Via de banken is het vaak ook mogelijk om via de smartphone app een betaalverzoek via o.a. de email of WhatsApp te versturen. Een kort overzicht van enkele apps (heeft iemand nog tips?)
Twyp
Een bekende betaalmogelijkheid is de Twyp app. Deze is in principe van de ING bank en kan dus door zowel de Nederlandse ING-klanten alsook de Spaanse ING-klanten gebruikt worden. Maar Twyp kan ook gebruikt worden door personen die geen ING-account hebben waardoor dit een goede mogelijkheid is om betaalverzoeken te versturen.
Bizum
De smartphone app Bizum is wellicht in Spanje op dit moment een van de populairste betaalapps. Bizum is echter net iets anders dan andere soortgelijke apps omdat deze rechtstreeks verbonden is met de bank. Het maakt daarbij niet uit bij welke Spaanse bank je hebt (Caixabank, BBVA, Santander, Sabadell, Bankia, Popular, Openbank, Deutsche Bank etc.). Via de website bizum.es kun je uitvinden hoe deze app werkt.
Bizum kan wel eens uitgroeien tot een Europees betaalsysteem voor flitsbetalingen mogelijkheden. Men heeft al tests gedaan zoals een verbinding tussen de ABN-Amro en de Spaanse bank Santander.
Google Pay
Aangezien het merendeel van de smartphone gebruikers een Android telefoon heeft zal men ook een Gmail account hebben wat al genoeg is om te kunnen betalen en geld te ontvangen via Google Pay en Google Pay Send. Terwijl men met Google Pay kan betalen in winkels of op internet kan men via de Send functie ook een betaalverzoek versturen.
Paypal.me
Veel mensen hebben inmiddels een Paypal account en wellicht heeft men ook de Paypal app op de smartphone staan. Via Paypal.me kun je een betaalverzoek versturen waarna de ontvanger ook via Paypal of door middel van een kredietkaart kan betalen. Dit is een goede internationale mogelijkheid.
Facebook Messenger
Weliswaar is de mogelijkheid van betalen direct via de Facebook Messenger app nog niet overal beschikbaar en bevindt deze zich nog in een beta versie, het is toch de moeite waard om te melden omdat veel Facebook gebruikers de Messenger app geïnstalleerd hebben op hun smartphone. Maar via Messenger kun je alleen geld sturen en ontvangen van ‘vrienden’ die in hetzelfde land wonen. Momenteel is dit alleen nog mogelijk in Frankrijk, De Verenigde Staten en Groot Brittannië.
WhatsApp Pay
Net zoals de Facebook Messenger betaalfunctie is ook WhatsApp Pay nog niet overal beschikbaar en bevindt deze betaalmethode zich nog in een testversie. Maar het betalen via WhatsApp zal voor veel smartphone gebruikers een ideale manier zijn van betalen en geld ontvangen want wie heeft er nu geen WhatsApp tegenwoordig? Het zal mogelijk worden om een betaalverzoek te versturen net zoals een foto, tekst, document of iets anders.
Voor de lezers die Spaans lezen en spreken zal het onderstaande waarschijnlijk niets nieuws zijn maar voor velen anderen wel. Het gaat om termen of uitdrukkingen waarin iets met eten vermeld wordt maar dat eigenlijk niets met eten te maken heeft.
In Spanje zul je de onderstaande uitdrukkingen wel eens gehoord hebben of wellicht gebruik je ze zelf maar weet je de echte betekenis er niet van. We zullen 20 veelgebruikte uitdrukkingen met eten (of iets dat daarmee te maken heeft) erin omschrijven en uitleggen.
Estar más bueno/buena que el pan
Letterlijk betekent dit dat je beter bent dan brood maar in feite geef je met deze zin aan dat iemand er goed uitziet, knap is. Aangezien Spanjaarden iets hebben met brood is het dus een heel groot compliment als je vergeleken wordt met brood 🙂
Estar como un queso
Letterlijk betekent dit dat je als een kaas bent. Maar deze uitdrukking houdt eigenlijk in dat je, net zoals ‘estar más bueno/buena que el pan’ knap bent of dat iemand er goed uitziet.
Estar de mala leche
Dit is ooit door de acteur Antonio Banderas uitgelegd in een korte video en het betekent letterlijk slechte melk. In de praktijk betekent het niet dat je slechte melk hebt maar wel dat je een slecht humeur hebt of kwaad bent. Spanjaarden hebben iets met melk en ‘leche’ wordt veel gebruikt in de taal zoals we HIER al eens omschreven.
El año de la pera
Letterlijk betekent dit ‘het jaar van de peer’ maar uiteraard houdt dit niet in dat er meer peren aan de boom hangen dan normaal. Deze term wordt gebruikt om iets ouds te omschrijven zoals een oude tafel ‘es una mesa del año de la pera’.
Me importa un pepino
Letterlijk betekent dit dat het je een komkommer uitmaakt. Dat klinkt natuurlijk raar maar het betekent echter dat het je niets uitmaakt, het interesseert je niet. Waar de komkommer in deze zin vandaan komt is niet helemaal bekend.
Me importa un rábano
Letterlijk betekent dit dat het je een radijsje uitmaakt en het is te vergelijken met de eerder genoemde uitdrukking met de komkommer. Net zoals ‘me importa un pepino’ betekent deze term dat het je niets uitmaakt en is ook niet bekend waar de radijs in deze uitdrukking vandaan komt.
Estar como un flan
Letterlijk betekent dit dat je als vla bent. Flan is een drilpudding achtige vla maar deze uitdrukking betekent echter dat je ergens nerveus voor bent en waarschijnlijk met trillende benen ergens naartoe gaat.
Temblar como un flan
Letterlijk betekent dit dat je beeft als een vla maar het wil eigenlijk aangeven dat je doodsbang bent.
Estar como un fideo
Letterlijk betekent dit dat je als een noedel bent maar eigenlijk betekent deze uitdrukking dat je dun bent, te dun.
Vete a freir espárragos
Letterlijk stuur je met deze uitdrukking iemand weg om ‘asperges te frituren’ maar in de praktijk zeg je tegen iemand dat je met rust gelaten wilt worden en stuur je iemand weg. Het is eigenlijk de lange term voor ‘ROT OP’.
Ser salado
Letterlijk betekent deze uitdrukking dat je gezouten bent maar het wil eigenlijk zeggen dat je grappig bent.
Más fresca que una lechuga
Letterlijk betekent dit dat je frisser bent dan sla maar deze uitdrukking geeft aan dat iemand gezond en fris is of dat deze persoon zich in ieder geval zo fris als verse sla voelt.
¡Naranjas de la China!
Letterlijk betekent dit dat de sinaasappels uit China komen. Deze term wordt echter gebruikt door de Spanjaarden om hun ongeloof uit te drukken. Deze term wordt niet meer zo vaak gebruikt, waarschijnlijk omdat bijna alles uit China komt tegenwoordig.
Sacar las castañas del fuego
Letterlijk betekent dit de kastanjes uit het vuur halen, een uitdrukking die ook in het Nederlands/Vlaams wordt gebruikt. Dit houdt eigenlijk in dat als iemand een moeilijke klus heeft er wel iemand is die wil helpen.
Ser pan comido
Letterlijk wil deze uitdrukking zeggen dat je gegeten brood bent maar dit wordt gebruikt om aan te geven dat iets heel makkelijk is en dat iets geen enkele moeite kost.
Hecho una sopa
Letterlijk betekent dit dat je een soep bent geworden maar deze uitdrukking wordt gebruikt als iemand door en door nat is geworden.
Dar calabazas
Letterlijk betekent dit pompoen geven. In de praktijk wordt deze uitdrukking echter gebruikt om iemand op het gebied van de liefde af te wijzen. Deze uitdrukking wordt ook wel eens gebruikt bij examens door iemand te laten zakken.
Pasar la patata caliente
Letterlijk betekent dit de hete aardappel doorgeven maar met deze uitdrukking geef je de eigen verantwoordelijkheid door aan iemand anders omdat jezelf liever niet je vingers wilt branden aan iets (de politici zijn daar goed in).
Poner cara de vinagre
Letterlijk betekent dit een gezicht hebben als azijn maar het betekent dat iemand een zuur gezicht trekt omdat iets onaangenaam of pijnlijk is.
Ser un besugo
Letterlijk betekent dit dat je een brasem (vissoort) bent of een brasem zijn. Met deze uitdrukking wil men echter aangeven dat iemand erg dom is. Het kan ook gebruikt worden als mensen volledig langs elkaar heen praten of als een gesprek nergens op slaat, ‘conversación de besugos’ ofwel een brasemgesprek.
Dit zijn slechts 20 uitdrukkingen met eten of drinken erin en die iets geheel anders betekenen maar er zijn er nog veel meer. Welke uitdrukkingen met eten/drinken ken jij nog? Geef een reactie op dit artikel en wie weet kunnen we de lijst van 20 naar 30 verhogen 😉
Spanje is het ‘land met konijnen in overvloed’ althans zo zeiden de Feniciërs en Romeinen dit. Daarom werd Spanje in eerste instantie ‘i-saphan-im’ en daarna ‘Hispania’ genoemd. Spanje bevindt zich samen met het huidige Portugal, Andorra en Gibraltar op het Iberische Schiereiland waar oorspronkelijk alle konijnen vandaan kwamen.
Veel lezers weten het wellicht niet maar de konijnen zoals we deze nu kennen in Europa komen oorspronkelijk uit het huidige Spanje. Toen de Feniciërs rond de 11e eeuw v.Chr. het Iberisch Schiereiland bereikten, troffen ze daar veel konijnen aan. Omdat zij de dieren erg vonden lijken op de voor hen beter bekende klipdassen, gaven ze de streek de naam ‘i-saphan-im’, het land der klipdassen waarmee ze dus eigenlijk konijnen bedoelden.
Deze naam is later door de Romeinen verbasterd tot ‘Hispania’. Eerst werd het konijn door de Romeinen gehouden voor het vlees en de vacht maar later ook als gezelschapsdier. De Romeinen hielden het konijn in afgesloten tuinen met hoge muren. Behalve volwassen dieren aten zij ook pasgeboren konijntjes, die als delicatesse werden beschouwd.
Meerdere munten uit de tijd van de Romeinen hadden afbeeldingen van een dame met een konijn aan haar voeten. De Romeinen introduceerden het dier in het grootste deel van het Romeinse Rijk.
Tegenwoordig en misschien wel dankzij de Romeinen komen konijnen overal op de wereld voor waar zandgronden zijn behalve in de tropische landen, iets dat wellicht door het klimaat komt.
De naam Spanje heeft het land dus deels te danken aan de konijnen die eeuwen geleden slechts op het Iberische Schiereiland leefden.
De Spaanse rood-gele vlag mag bekend zijn bij de meeste Spanje fans maar wellicht kent men niet de betekenis van het wapen dat vaak (maar niet altijd) op de Spaanse vlag te vinden is. Daarbij moet men zich niet vergissen en menen dat de zwarte stier, die vaak op de Spaanse (toeristische) vlag te zien is het wapen van Spanje is.
De vlag
De vlag van Spanje bestaat uit twee rode horizontale banen en een gele, met in de gele baan het wapen van Spanje. De gele baan is tweemaal zo hoog als ieder van de rode banen. Hierin onderscheidt Spanje zich van veel andere Europese landen die vlaggen hebben waarin alle banen een even groot oppervlak innemen. De Spaanse vlag wordt ook wel “rojigualda” genoemd, afgeleid van “rojo” (rood) en “gualda” ofwel “amarillo” (geel).
De herkomst van de kleuren is niet duidelijk. Een veelgehoorde theorie stelt dat de kleuren afkomstig zijn van het Aragonese rood en geel. Anderen leggen de herkomst van de kleuren bij de vlag van Napels, aangezien Karel III voordat hij koning van Spanje was geworden koning van het Koninkrijk Napels was.
Wikimedia
Het wapen
De Spaanse vlag met wapen wordt als civiele vlag, staatsvlag en oorlogsvlag gebruikt en kan dus altijd als Spaanse nationale vlag dienst doen. De versie zonder wapen mag als alternatieve civiele vlag gebruikt worden. De huidige vlag (met wapen) werd officieel aangenomen op 19 december 1981, maar de kleurencombinatie rood-geel-rood wordt al sinds 1785 op Spaanse vlaggen gebruikt.
Het schild bestaat uit een aantal andere kleinere wapens die de belangrijkste voormalige koninkrijken en nu landsdelen moeten voorstellen (deze worden kwartieren genoemd):
Eerste kwartier (links boven): Castilië, een gele toren met drie kleine torentjes op een rood veld.
Tweede kwartier (rechts boven): León, een purperen klimmende gekroonde leeuw op een veld van zilver.
Derde kwartier (links beneden): Aragon, vier rode banen op een gouden veld. Dit patroon wordt de senyera genoemd.
Vierde kwartier (rechts beneden): Navarra, een gouden ketting op een rood veld, in het midden een smaragd.
Verder zijn op het wapen te zien:
Insteek onderaan (midden beneden): Granada, een granaatappel op een zilveren veld.
In het centrum: het huis Bourbon (het huidige Spaanse koningshuis) drie gele Franse lelies op een azuren veld omringd door rood.
Rondom het wapen zijn de volgende attributen te vinden:
Bekroning met een gouden koninklijke kroon, bestaande uit een cirkel versierd met edelstenen en daarop acht rozetten van acanthusbladeren afgewisseld met parels. Vanuit de rozetten lopen met parels bezette diademen die samenkomen in een blauwe wereldbol waarop zich een gouden kruis bevindt. De kroon is rood gevoerd.
Omlijsting, met aan beide zijden van het wapen een pilaar die samen de zogenaamde Zuilen van Hercules representeren, een oude naam voor de straat van Gibraltar. Het motto is: Plus Ultra (“steeds verder”). De linker pilaar is bekroond met de keizerlijke kroon, aan de rechter met een koninklijke kroon, omdat de pilaren voor het eerst werden gebruikt door koning Karel I van Spanje, die tegelijkertijd keizer Karel V van het Heilige Roomse Rijk was.
Het wapen van Spanje is meerdere keren veranderd tussen 1475 en 1981. Vanaf dat jaar wordt het huidige wapen gebruikt.
Als de temperaturen stijgen langs de Spaanse Middellandse Zeekust en op de eilanden krijgen veel mensen het benauwd. Maar dat is niet hetzelfde als het Nederlandse gezegde ‘Spaans benauwd’. Iedereen kent dit gezegde en veel mensen gebruiken het ook maar waar komt het vandaan.
Uiteraard betekent het ‘Spaans benauwd’ hebben of dat je ‘Spaans benauwd’ bent letterlijk dat je het ontzettende benauwd hebt maar het is ook mogelijk om het figuurlijk ‘Spaans benauwd’ te hebben.
Dit betekent dat iets heel erg tegenzit of dat je emotioneel in de rats zit. Maar wat is de herkomst van dit gezegde en heeft het iets met de warmte te maken of niet?
Zoals zoveel gezegden en woordcombinaties met iets Spaans erin stamt ook het gezegde ‘Spaans benauwd’ uit de tijd van de Tachtigjarige Oorlog toen de Nederlanden onder leiding van Willem van Oranje tussen 1568 en 1648 in opstand kwam en zich uiteindelijk los maakten van het Spaanse bewind.
Theorie een
Een van de theorieën die de oorsprong van ‘Spaans benauwd’ uitlegt is die van de tactiek van de Spanjaarden om langdurige belegeringen uit te voeren door steden van de buitenwereld af te sluiten. Te denken valt aan het beleg van Haarlem of het beleg van Leiden. Omdat de burgers de stad niet meer in of uit konden kregen de inwoners het Spaans benauwd.
Theorie twee
De tweede theorie is die van de Spaanse inquisitie tussen de 15e en 19e eeuw waarbij de kerkelijke rechtbank verschrikkelijke martelingen uitvoeren om mensen aan de praat te krijgen. Mensen kregen het uiteraard ‘Spaans benauwd’ als ze voor de inquisitie moesten komen.
Negatief
Ondanks dat ‘Spaans’ tegenwoordig een veel gesproken taal is en ook veel Nederlandstaligen Spaans spreken of leren praten en lezen, heeft het woord ‘Spaans’ in de Nederlandse taal sinds de opstand tijdens de Tachtigjarige Oorlog iets negatiefs. In plaats van ‘Spaans benauwd’ is het ook mogelijk om ‘ Spaanse hebben’ te gebruiken wat ongeveer dezelfde betekenis heeft.
Een ander voorbeeld van het ‘Spaans’ of in dit geval een ‘Spanjaard’ als iets negatiefs is de term ‘Spanjool’ die zelfs nu nog veel gebruikt wordt en een negatieve klank (connotatie) heeft.
Ten tijde van de Tachtigjarige Oorlog en de jaren daarna werd het woord Spanjool geleidelijk aan pejoratief (een woord met een negatieve klank) terwijl Spanjaard juist neutraal en meer gebruikt werd. Spanjool is waarschijnlijk afgeleid van het Spaanse woord Español (uitspraak=espanjol).
Andere gezegden
De Tachtigjarige Oorlog heeft naast het ‘Spaans benauwd’ en het woord ‘Spanjool’ nog meer termen veroorzaakt. Te denken valt aan ‘de kogel is door de kerk’ welke ontstaan is tijdens het Beleg van Haarlem.
Waarschijnlijk stamt de term ‘klootjesvolk’ ook uit de Tachtigjarige Oorlog want dat was de naam voor het gewone volk omdat deze bij de verdediging van een stad na afloop de kogels moest ophalen.
Andere termen zijn: ‘Op één april verloor Alva zijn bril’ (watergeuzen namen op 1 april 1572 de stad Den Briel in); ‘Spaans bordeel’ (grote wanorde); Zo vet als een Spaans anker’ (broodmager); ‘Spaanse bok’ (martelmethode om slaven in Suriname te straffen).
Stel je bent op zoek naar een eerste of tweede (vakantie) woning in Spanje en wilt liever geen gebruik maken van de Nederlandse of Belgische makelaar, waar moet je dan naartoe. Uiteraard is het internet dé plaats om naar koopwoningen of huurwoningen te zoeken en gelukkig zijn er heel veel goede websites waar je naar hartelust naar jouw huisje kunt zoeken.
Over het algemeen begint een speurtocht naar woningen ter plaatse in Spanje, je moet toch eerst een leuke omgeving uitzoeken. Eenmaal ter plaatse bezoek je enkele makelaars en doe je aan “window shopping” ofwel raampjes kijken en zoek je naar advertenties die meestal op een raam hangen bij de makelaar (inmobiliario).
Eenmaal thuis (of soms zelfs ter plaatse) gaat de zoektocht verder op internet maar waar moet je dan toch beginnen. Om je alvast een beetje te helpen met die zoektocht hebben we een lijst gemaakt met daarop de grootste, bekendste en meest gebruikte huizen portals van Spanje. Op die huizenwebsites staan miljoenen woningen te koop of te huur dus er zal keuze genoeg zijn.
Fotocasa.es
Ongetwijfeld een van de grootste aanbieders van koop- en huurwoningen in Spanje. Het maakt niet uit in welke prijsklasse je iets zoekt en waar in Spanje, je zult ongetwijfeld een woning kunnen vinden.
In principe zijn er vier categorieën te vinden op fotocasa.es, te weten venta (verkoop), alquiler (verhuur), compartir (delen) en vacacional (vakantie). Er staan niet alleen woningen en appartementen te koop en te huur maar ook garages, lokalen, bedrijfspanden en bouwgrond.
Fotocasa.es is in het Spaans en Catalaans te bekijken maar ook in het Engels en Duits, wel zo makkelijk dus.
Idealista.com
Net zoals fotocasa.es staat idealista.com bovenaan de lijst van huizen portals in Spanje. Ook op deze website zijn miljoenen koop en huurwoningen te vinden dus er is meer dan genoeg keuze. Op de hoofdpagina staat dat ze op dit moment 1,5 miljoen advertenties aanbieden.
Op idealista.com zijn drie categorieën te vinden namelijk comprar (kopen), alquiler (huren) en compartir (delen). Idealista.com heeft advertenties voor woningen, kantoren, kamers, loodsen, nieuwbouw, complete gebouwen en bouwterreinen.
Idealista.com is naast het Spaans en Catalaans ook in het Engels, Duits, Italiaans en Portugees te bekijken.
Habitaclia.com
Voor diegene die een woning zoekt langs de Middellandse zee of op de Balearen eilanden is de website habitaclia.com een alternatief. Het merendeel van de woningen die hier worden aangeboden is te vinden in Catalonië, Comunidad Valenciana en de Balearen, al zijn er ook woningen op andere plaatsen te vinden uiteraard.
Habitaclia.com is een duidelijke website met vijf categorieën, te weten obra nueva (nieuwbouw), comprar (kopen), alquiler (huren), alquiler de temporada (seizoenshuur) en traspaso (bedrijfsovername). Overigens is de eigenaar van fotocasa.es ook de eigenaar van deze website.
Habitaclia.com is naast het Spaanse en Catalaans ook te lezen in het engels, Duits, Italiaans en Portugees.
Yaencontre.com
Deze woning portal is eigendom van dezelfde groep als diverse kranten en biedt net zoals andere websites woningen in de verkoop en verhuur aan. Er staan bijna 1 miljoen advertenties op deze website dus ook hier moet wel wat te vinden zijn.
Yaencontre.com heeft zes categoriën, te weten comprar (kopen), alquiler (huren), alquiler de temporada (seizoenshuur) en traspaso (bedrijfsovername), alquiler opción compra (huur met koopoptie) en compartir (delen).
Net zoals de andere website is yaencontre.com ook te bekijken in het engels, Duits en diverse andere talen waaronder uiteraard ook het Spaans en Catalaans.
Enalquiler.com
Dit is een iets andere website dan de bovenstaand aangezien op enalquiler.com alleen huuurwoningen te vinden zijn (dus geen koop). De naam van de website zegt het eigenlijk al (en alquiler = te huur).
Er zijn in principe twee categorieën, te weten alquiler de larga distancia (lange termijn huur) en alquiler por meses (huren voor maanden). Er staan meer dan 52.000 woningen te huur op enalquiler.com.
De website is te bekijken in het Engels en Duits maar ook in het Spaans, Frans, Italiaans en Portugees.
Kyero.com (ook in het Nederlands)
Kyero.com is een hele bekende website, met name bij buitenlanders die een woning zoeken in Spanje omdat de website in veel talen te lezen en bekijken is. Hieronder ook het Nederlands maar ook het engels, Frans, Duits, Noors, Zweeds, Spaans, Deens etc.
Bijna alle advertenties van woningen zijn vertaald in 12 talen wat kyero.com een interessante website maakt om huizen te zoeken in Spanje. Kyero.com is van oorsprong een Brits portal maar er worden alleen woningen in Spanje aangeboden.
Thinkspain.com
Deze woning portal is bedacht in Spanje maar richt zich met name op de buitenlandse kopers. Thinkspain.com is van oorsprong een nieuwswebsite maar het aanbod van woningen werd zo groot dat ze uiteindelijk meer aandacht daar aan besteden.
Op thinkspain.com zijn dus niet alleen woningen te vinden maar ook het laatste nieuws in het Engels en daarnaast huurobjecten, vakantie huur, een bedrijvenpagina en werk. Naast het engels is deze website ook in het Spaans en Duits te bekijken.
Spainhouses.net (ook in het Nederlands)
Op de website spainhouses.net kun je, net zoals bij kyero.com, naar woningen zoeken in de eigen taal, dat wil zeggen het Nederlands. Daarnaast zijn er nog meer talen zoals natuurlijk het Spaans maar ook Engels, Duits, Frans, Italiaans, Russisch, Zweeds, Deens, Chinees etc.
Spainhouses.net is onderdeel van een netwerk waar ook mundocasas.com en worldhouses.net toe behoren. Er zijn vier categorieën, te weten alquiler (huren), obra nueva (nieuwbouw), alquiler opción compra (huur met koopoptie) en vacaciones (vakantie).
Spanjekoophuis.nl (Nederlands)
Noemenswaardig op deze lijst is ook spanjekoophuis.nl, een website die geheel in het Nederlands is en onderdeel is van het hispacasas.com netwerk. Het aanbod van woningen is kleiner dan op de eerder genoemde websites maar het is een goed alternatief, mede omdat deze website in het Nederlands is.
Velen vragen zich af wat de ultieme smartphone app is om te gebruiken tijdens een verblijf in Spanje (of elke andere bestemming). Uiteraard staat WhatsApp bovenaan de lijst om contact te houden met het thuisfront of medereizigers en staan Instagram en Facebook zeker hoog op de lijst. Maar er is een app die iedereen wel eens gebruikt en kan uitgroeien tot de beste reispartner die er is: Google Maps
Wie heeft Google Maps nu niet gebruikt om een straat te zoeken, een foto van een plaats te bekijken of te zoeken naar informatie. Google Maps is niet alleen maar een plattegronden en kaarten smartphone app meer maar is uitgegroeid tot een ware turbo app als het gaat om vakanties. Wat is er tegenwoordig niet meer te vinden in Google Maps en wat kan er niet met deze handige app gedaan worden.
Recent werd bekend dat de nieuwe versie van Google Maps nu ook flitspalen aangeeft (vast en mobiel) in o.a. Nederland, België en Spanje. Ook gaat Google Maps de maximumsnelheden aangeven in veel Europese landen, en worden ongelukken en files aangegeven.
Daarnaast werd bekend dat Google Maps binnenkort de populaire gerechten in restaurants laat zien. Dit zijn slechts enkele van de functies van Google Maps daarom een overzicht wat er allemaal met deze handige app te doen is.
Kaarten
Als eerste is Google Maps natuurlijk de app om kaarten of straatplannen te bekijken, daar is deze app immers in eerste instantie voor bedoeld. Het is makkelijk te zoeken naar een bestemming door dit te typen waarna er een ingezoomde kaart zal verschijnen. Niet alleen zul je dan het door jou gezochte doel zien maar ook veel meer informatie rondom zoals bars, restaurants, transport, bezienswaardigheden etc.
De kaarten kunnen in de typische Google kleur bekeken worden maar ook als satellietopname waarbij je de gebouwen, natuur etc. in detail kunt bekijken. Dan zijn er ook nog de mogelijkheden van een reliëfkaart, het openbaar vervoer, het verkeer en fietskaarten. Deze mogelijkheden zijn te vinden onder de knop ‘layers’ of lagen, rechtsboven op de kaart.
Navigatie
Google Maps is tevens een GPS navigatiesysteem waarmee je van A naar B kunt rijden. Om gebruik te maken van de navigatie dien je naar de blauwe knop rechts onderaan op de kaart te gaan. Daarna worden in een scherm de mogelijkheden zoals navigeren vanaf de huidige locatie naar een bepaalde bestemming getoond.
Als je dat eenmaal hebt ingetypt krijg je diverse mogelijkheden zoals de route af te leggen in de auto, met het openbaar vervoer, te voet en op de fiets met daarbij de behorende tijdsduur. Op de kaart staat de snelste en beste route (dat is in te stellen) met daarbij vaak ook nog alternatieven. Door simpelweg op de blauwe knop onderaan te klikken begint de navigatie.
Maar bij navigatie moet je niet alleen denken aan het rijden met een voertuig maar ook tijdens het fietsen of lopen. Zo is het reuze handig om in een stad Google Maps te gebruiken om de bezienswaardigheden te zoeken en daar naar toe te lopen. Op de Google kaart staat een blauwe stip wat de huidige locatie aangeeft en van daaruit kun je dus al lopend navigeren naar een plaats van bestemming. Je hoeft dus nooit meer te verdwalen in een onbekende stad.
Spraakgestuurd
Google Maps kun je op de normale manier gebruiken door de tekst in te typen maar het is ook mogelijk op het kleine microfoon symbool te klikken waarna je iets kan zeggen zoals een bestemming, monument, strand, restaurant, discotheek etc.
Het vergt enige oefening om spraak gericht te werken met Google Maps dus probeer dit eerst thuis uit voordat je naar Spanje gaat. Overigens is dit alleen mogelijk bij Android telefoons want bij iPhone’s neemt Siri het over.
Offline
In alle gevallen dien je met het mobiele internet verbonden te zijn (of wifi natuurlijk). Dat kan ondanks de vrije roaming binnen Europa toch kosten met zich meebrengen (afhankelijk van je data-plan). Daarom biedt Google Maps de mogelijkheid om kaarten offline te gebruiken in het geval van de navigatie.
Het gebied dat je wilt downloaden op je smartphone kun je zelf selecteren in het uitschuifmenu (linksboven) door naar ‘offline gebieden’ te gaan. Het handigste is om dit thuis te doen of op een plaats met wifi. Het is reuze handig om kaarten offline te kunnen gebruiken zoals bij het bezoeken van steden of op plaatsen waar een slechte telefoonverbinding is.
De offline kaarten worden doorgaans gedurende een bepaalde tijd opgeslagen waarna ze niet meer te gebruiken zijn en opnieuw gedownload of bijgewerkt dienen te worden. We hebben het dan vaak over 30 of meer dagen dus tijd genoeg tijdens een vakantie.
Highlights
Reuze handig in Google Maps zijn de highlights ofwel bezienswaardigheden en nuttige adressen. Daaronder vallen hotels, restaurants, bars, winkels, supermarkten, banken, monumenten, kerken etc. teveel om alles hier op te sommen.
Door op de balk onderaan de kaart met de tekst ‘buurt verkennen’ te klikken wordt een uitschuifmenu geopend met categorieën (o.a. restaurants, hotels, apotheken, tankstations, supermarkten) waaruit gekozen kan worden. Door dat menu verder naar boven te schuiven verschijnen er ook afbeeldingen van andere Google Maps gebruikers die foto’s hebben geplaatst.
Aangezien Google Maps een slimme app is zullen de categorieën telkens anders zijn afhankelijk van het tijdstip van de dag, Zo zullen er ‘s morgens bakkerijen en cafés om te ontbijten getoond worden en ‘s avonds wellicht discotheken of restaurants. Het weer speelt daar blijkbaar ook een rol bij want bij mooi weer worden buiten-activiteiten getoond en bij slecht weer binnen-activiteiten.
Favorieten
Het is mogelijk om in Google Maps favorieten op te slaan in drie categorieën, te weten Favorieten, Wil ik heen en Plaatsen met een ster. In het menu van Google Maps kun je jouw favorieten zien in het eerste menu item: Mijn plaatsen.
Mocht je een bepaald adres of plaats op willen slaan als favoriet dan kun je dat makkelijk doen door te kiezen voor bewaren en daarna een van de drie categorieën te kiezen of een nieuwe aan te maken zoals bijvoorbeeld ‘Barcelona’ of ‘bezoek Madrid’.
Flitspalen, files, ongelukken en snelheden
Sinds kort laat Google Maps in veel landen ook informatie wat betreft flitspalen en radarcontrole zien. Dat geldt in dit geval ook voor Spanje, Nederland en België maar bijvoorbeeld niet voor Frankrijk of Duitsland (die staan dat niet toe).
Flitspalen, radarcontrole en nu ook ongevallen en/of files kunnen door de gebruikers zelf worden doorgeven aan Google Maps door op het ballonnetje te kiezen met het plusteken (+) wat ook wel crowdsourcing wordt genoemd.
In de nieuwste versie van Google Maps (10.17.2) worden sinds kort ook de maximumsnelheden getoond op wegen binnen Europa. Dat gebeurd als men de navigatie gebruikt door onderaan links een verkeersbord met de snelheid te tonen.
Restaurants
Google Maps wordt steeds meer een platform waar gebruikers hun mening kunnen achterlaten, foto’s kunnen plaatsen en actief meedoen met het verstrekken van informatie. Zo is het al mogelijk om bijvoorbeeld bij een restaurant foto’s en meningen te zien van gebruikers en/of van de eigenaar zelf en kunnen gebruikers de plaats beoordelen.
Ook is het mogelijk om informatie te vinden zoals de website, e-mailadres, telefoonnummer, adres, ,openingstijden en de tijden wanneer het over het algemeen druk is in een bepaald restaurant. Binnenkort zal het ook mogelijk zijn om alvast een keuze uit het menu te maken aangezien Google Maps de populaire gerechten zal laten zien.
Net als bij het tonen van de maximumsnelheid, flitspalen, ongelukken etc. maakt Google Maps ook hier gebruik van crowdsourcing waarbij de gebruikers de app van informatie voorzien.
Delen lokatie
Heel handig is de functie van de locatie delen waardoor je op een simpele manier vrienden en familie kan laten weten waar je bent. Om de locatie te delen kun je naar het menu gaan en kiezen voor ‘huidige locatie delen’.
Er wordt dan een nieuw scherm geopend waarin je zelf kunt kiezen met wie je de locatie wilt delen, op welke manier (SMS, WhatsApp, Gmail etc.) en voor hoelang. Standaard staat de deeltijd op 1 uur maar dat kan meer of minder zijn door op de – en + tekens te klikken. Ook kan een locatie voor onbepaalde tijd gedeeld worden. Reuze handig tijdens een vakantie.
Parkeerlocatie
Iets dat maar weinig gebruikers weten en heel makkelijk is als men op een vreemde niet bekende locatie bent, is het opslaan en delen van een parkeerplaats. Dat wil zeggen, door op het blauwe puntje te klikken op de kaart (dat is de huidige locatie) kun je kiezen voor het delen van die locatie (zoals hierboven omschreven) of voor het opslaan van de plaats waar je de auto hebt geparkeerd.
Als je dat doet verschijnt er op de kaart een paars rondje met een P erin. Die parkeerplaats kun je ook weer delen met anderen mocht je dat willen. Zo weet iedereen de auto terug te vinden want mocht je het niet meer weten, als je op de P klikt kun je op navigatie drukken waarna Google Maps je naar de parkeerplaats leidt.
Street view
Google Maps is veel meer dan alleen maar kaarten, navigatie en alles wat hierboven staat vermeld. In Google Maps is het ook mogelijk om plattegronden te zien van musea, vliegvelden, winkelcentra, stations etc. Dat is heel makkelijk als je ergens naartoe moet zoals een bepaalde winkel of een incheckbalie bij een groot vliegveld.
Overigens is de Street View optie al interessant genoeg om bijvoorbeeld de omgeving van een hotel te bekijken of een vakantieplaats te ontdekken nog voordat je er geweest bent. Ideaal dus om te vakantie voor te bereiden (maar het kan ook de verrassing verpesten).
Tijdlijn
Voor diegene die Google Maps veel gebruiken is het mogelijk om een tijdlijn te bekijken van alle locaties die je hebt bezocht. Google slaat alles op en dus ook jouw locaties en routes etc. Heel handig als je iets wilt terugzien na je vakantie. Ga in het menu naar Mijn tijdlijn om jouw locaties te zien.
Er zijn nog meer functies binnen de Google Maps smartphone app maar hierboven hebben we enkele van de belangrijkste en meest gebruikte vermeld. Gebruik jij Google Maps tijdens de vakantie? Wat zijn jouw ervaringen met deze slimme en complete Google app?
In de warme zomermaanden een warm bakje koffie, of beter gezegd een café solo, cortado, americano of cafe con leche (warme melk dus) drinken in Spanje zorgt al snel voor zweetdruppels op het voorhoofd. Daar heeft men in Spanje met de café con hielo natuurlijk een antwoord op maar als je een “hipster” wilt zijn en modern wilt doen moet je een van oorsprong Griekse frappé drinken.
Sinds dat het Amerikaanse Starbucks de “frappuccino” heeft gepresenteerd is men helemaal gek van de traditionele Griekse “frappé” maar dan nieuwe stijl welke in Italië de naam “shakerato” heeft gekregen.
Frappé (in het Frans geslagen) is een schuimend Grieks koffiedrankje gemaakt van oploskoffie dat koud gedronken wordt. Het wordt geserveerd in hoge glazen met een rietje en een glas water en het wordt naast de Grieken ook veel gedronken door toeristen.
De bereiding is eigenlijk heel simpel. De oploskoffie wordt met water schuimig geklopt. Het drankje wordt dan in een glas gegoten waarin zich (gebroken) ijs bevindt en drinken maar.
Als het eerste proces klaar is komt de variatie erin. Daar heb je eigenlijk alleen een blender, goede koffie, ijs, melk en de favoriete ingrediënten voor nodig. Deze kunnen zijn vanille, dulce de leche, mokka etc. Let wel op, het zijn geen “light” dranken, daar kun je beter de Spaanse café con hielo voor drinken.
Café con hielo
De “frappé” mag dan wel populair zijn maar veel Spanjaarden zweren nog steeds bij de traditionele café con hielo (koffie met ijs). Standaard bestaat deze koffie uit een café solo (espresso) die iets meer koffie dan normaal heeft. Samen met de koffie wordt een glas met ijsblokjes geserveerd.
Als men suiker in de koffie drinkt dan moet dat eerst in de koffie gedaan worden en geroerd worden voordat de koffie in het glas met ijs gegoten wordt. Er zijn varianten op zoals in de Comunidad Valenciana waar er een schijfje citroen in het glas gedaan wordt en het de naam “cafe del tiempo” heet.
Café frappé met vanille
Dit is een frappé versie met vanille ijs. Wat je nodig hebt is 100 milliliter koude koffie, 50 milliliter melk, 2 kopjes ijsblokjes en 1 bolletje vanille ijs. Dat alles gaat in de blender totdat het een gemengd drankje is waarna het in een groot hoog glas gegoten kan worden.
Andere mogelijkheid is om alles behalve het bolletje ijs in de blender te doen en het vanille ijs later bovenop leggen. Op de laatste manier wordt deze frappé vaak geserveerd in ijssalons.
Café frappé met dulce de leche
Dulce de leche is een karamelpasta dat veel in landen als Argentinië, Chile, Uruguay etc genuttigd wordt. Aangezien het zoet is (letterlijke vertaling is melkzoet) geeft het een aparte smaak aan de zomerse frappé met latijns Amerikaans tintje.
Wat je nodig hebt is 100 milliliter koude koffie, 50 milliliter melk, 2 kopjes ijsblokjes en 30 milliliter dulce de leche (o.a. te koop bij de Mercadona en Carrefour). Dit alles gaat in de blender waarna je het goedje in een groot hoog glas giet. Naar wens kan er slagroom en een beetje dulce de leche als decoratie op voordat je het serveert.
Café frappé met mokka
We nemen opnieuw de frappé basisingrediënten bestaande uit 100 milliliter koude koffie, 50 milliliter melk, 2 kopjes ijsblokjes en voegen daar in dit geval 10 gram cacaopoeder toe. Opnieuw gaat alles in de blender en wordt de frappé in een groot hoog glas gepresenteerd. Indien gewenst met slagroom en een beetje cacaopoeder bovenop.
De laatste woensdag van augustus (28 augustus 2019) is het weer die tijd van het jaar waar duizenden deelnemers naar uit hebben gekeken, het Tomatina feest in het normaal gesproken rustige dorpje Buñol. Dit Valenciaanse dorp wordt op de internationale kaart gezet omdat er tijdens de festiviteiten meer dan 160.000 kilo aan tomaten de straten, gebouwen en mensen rood zullen kleuren.
Buñol, het rustige dorpje in het binnenland van de streek Valencia, zal om 11 uur op 28 augustus (2019) omgetoverd worden tot “Tomato Village”. Tussen de 15.000 en 19.000 vierkante meter zal beschikbaar gesteld worden voor kampeerders die hier gratis hun tenten kunnen opzetten om de nachten door te brengen.
Buñol telt slechts 10.000 inwoners, een aantal wat oploopt tot meer dan 50.000 gedurende de feesten. Ondernemers zijn ervan overtuigd dat de stroom van deelnemers ook dit jaar de economie een impuls zal geven.
Toeristen
Net zoals andere jaren zullen er weer duizenden toeristen naar Buñol komen om tomaten te gooien. Vooral de toeristen uit Japan, China, Verenigde Staten, Groot Brittannië en Australië weten hun weg te vinden naar het kleine plaatsje in de deelstaat Valencia. Met busladingen tegelijk komt men naar Buñol om voor en dag helemaal los te gaan met het gooien van tomaten.
Ook dit jaar zullen deelnemers een kleine bijdrage moeten betalen zodat de hoge schoonmaakkosten betaald kunnen worden. Dit werd twee jaar geleden met succes ingevoerd. Het overgrote deel van de deelnemers is echter nog steeds Spaans en dat is maar goed ook.
Tomaten
Technisch gesproken moeten de tomaten voordat deze klaar zijn voor het gooien geplet worden aangezien een harde tomaat op iemands lichaam behoorlijk pijn kan doen. De tomaten zelf komen niet uit de regio Valencia maar uit de streek Extremadura omdat de tomaten daar goedkoper zijn en precies deze soort niet goed is voor de verkoop vanwege het gebrek aan smaak. Er wordt volgens de organisatie dan ook geen eten verspild zoals velen altijd denken.
Geschiedenis
La Tomatina is een feest dat gevierd wordt in het dorpje Buñol in de Spaanse provincie Valencia. Het is een jaarlijks terugkerend tomatengevecht op de laatste woensdag van augustus. Dit evenement trekt altijd veel toeristen. Samen met de San Fermín-feesten en de bijbehorende stierenrennen in Pamplona behoort het tot de internationaal bekendste feesten van Spanje.
In 1944 zochten enkele jongeren ruzie omdat ze deel wilden nemen aan een typische lokale optocht van gigantes y cabezudos (reuzen en groothoofden). Omdat ze zich in de buurt van een groentekraam bevonden, stalen ze tomaten om die naar de optocht te gooien. De oproerpolitie kwam en liet de jongeren de schade vergoeden.
Het jaar daarop herhaalden de jongeren deze truc, met ditmaal van huis meegebrachte tomaten. Ook toen werden ze weer door de ordetroepen opgepakt. Na dit enkele jaren achtereen volgehouden te hebben, werd dit een traditie zonder dat er een officiële status van was vastgelegd.
In 1950 stond de gemeenteraad van Buñol het feest nog toe, maar het jaar daarna niet meer en een aantal deelnemers werd opgepakt. Door veel druk van de buurgemeenten werden deze toch vrijgelaten.
Uiteindelijk werd het gehele feest toegestaan en naast het gooien van tomaten werden andere gebruiken gemeengoed. Zo werd men met water overgooit en werden er waterstralen op de tegenstander gericht. In 1957 werd het feest weer verboden en stond op overtreding een gevangenisstraf.
Dat jaar besloten omwonenden om een lijkwade met een grote tomaat door het dorp te dragen, “om hem te begraven”. Deze processie werd bijgestaan door bands die begrafenismuziek speelden.
In 1959 werd Tomatina definitief toegestaan en sinds 1980 deelt de gemeente jaarlijks tomaten uit aan de steeds talrijker wordende bezoekers. In 2013 was het voor het eerst dat deelnemers moeten betalen voor deelname aangezien de kosten steeds hoger worden, er meer buitenlanders naar Buñol komen om deel te nemen aan de festiviteiten en men slechts plaats heeft voor een beperkt aantal deelnemers in de smalle straten.
Elk jaar op 15 augustus viert men in Spanje de “Festividad de la Asunción de la Virgen”. Het is een dag waarop traditiegetrouw (bijna) iedereen naar het strand gaat of op zoek gaat naar de rust in de bergen. Het is een van de officiële nationale feestdagen in Spanje dus het merendeel van de Spanjaarden werkt niet en veel winkels zijn gesloten.
De Asunción de la Virgen Maria oftewel Maria-Tenhemelopneming of Onze-Lieve-Vrouw Hemelvaart is een nationale feestdag in Spanje die ook haar wortels heeft in de katholieke kerk.
Het is de dag waarop de opneming van Maria in de hemel met lichaam en ziel wordt herdacht en gevierd. Deze dag is voor het Katholieke Spanje belangrijker dan Pinksteren en Hemelvaart welke niet gevierd worden in Spanje.
Er zullen veel Spanjaarden zijn die dit vieren in de kerk maar voor het merendeel staat deze dag synoniem voor een vrije dag waarop niet gewerkt wordt en daarnaast symbolisch ook het einde van de drukke zomerweken is.
Op veel plaatsen wordt deze dag gevierd met festiviteiten en vuurwerk waarbij duizenden mensen genieten van grote en soms erg lange vuurwerkshows.
Er vonden in bijna alle dorpen in Spanje op 15 augustus ook zogenaamde “verbenas” plaats wat omschreven kan worden als dorpsfeesten met live muziek.
Wist je dat?
In het bisdom Antwerpen wordt Moederdag sinds 1913 op 15 augustus (Onze-Lieve-Vrouw Hemelvaart, Sainte- Marie of Moederkesdag) gevierd. Dat geldt dus alleen voor Antwerpen en niet heel Spanje.
Elk jaar tussen 6 en 14 juli viert de stad Pamplona in de deelstaat Navarra feest, wellicht wel het bekendste feest van Spanje. Die populariteit heeft dit traditionele feest te danken aan het spectaculaire stierenrennen waar ooit schrijver Ernest Hemingway over schreef waarna de encierro wereldberoemd werd. Er wordt echter veel meer feest gevierd in Pamplona gedurende die feestweek waarbij muziek, folkloristische onderdelen, vuurwerk en drank en eten onderdeel van zijn.
Begin en einde
Het feest begint op 6 juli om 12 uur ‘s-middags met de “chupinazo”. Dit wordt gehouden op het Plaza Consistorial voor het gemeentehuis van Pamplona. El Txupinazo is eigenlijk niets meer dan het openen van de feestweek met het afschieten van een vuurpijl en het roepen van de zin: ¡Pamploneses, Iruñatarrok, Viva San Fermín, Gora San Fermin!” waarbij alle aanwezigen hun rode zakdoek/sjaal hoog in de lucht houden.
Vanaf dat moment gaat het feest los en zal dit pas eindigen op 14 juli om middernacht met het “pobre de mí” lied waarbij er menig traantje te zien is op het plein voor het gemeentehuis van de stad en hard geroepen wordt: “pobre de mí, pobre de mi, que se han acabado las fiestas de San Fermín” en het vuurwerk losbarst terwijl de aanwezigen kaarsen dragen.
Tussendoor
Vanaf 7 juli worden om acht uur ’s ochtends gedurende acht dagen vanaf de Helling van San Domingo, zes vechtstieren door de nauwe straten van Pamplona gejaagd. Duizenden waaghalzen, vooral jongemannen, willen door het voorblijven op de stieren hun moed en snelheid bewijzen. Het hele parcours, met onder meer de ‘Calle Estafeta‘ (de rechte straat van 250 meter in het centrum van de stad), is afgeschermd met een houten omheining en is 848 meter lang.
De lopers zijn herkenbaar aan hun witte kledij, rode zakdoek (pañuela rojos) rond de hals en rode sjerp om hun middel (faja). Het hele spektakel duurt vaak niet langer dan drie minuten. De smalle straatjes leiden echter niet zelden tot lelijke valpartijen van de stieren en van de rennende mensen. Elk jaar vallen er tientallen gewonden tijdens de ren en zo heel af en toe een dode.
Het stierenrennen is soms erg saai om naar te kijken, zeker als de stieren hun route lopen zonder zich iets aan te trekken van de menigte. Wanneer de stieren door de straten hebben gelopen eindigen deze in de arena, de plaza de toros van Pamplona.
Vaak rennen de stieren meteen naar de uitgang maar zullen ze later die dag weer te zien zijn in de arena wanneer ze oog in oog zullen staan met de stierenvechters of matadores en bijna altijd het leven moeten laten. Dat is dan ook meteen het minst leuke en meest kritische onderdeel van de San Fermín feesten (net zoals bij vele andere lokale feesten in Spanje overigens).
Naast het stierenrennen en het stierenvechten is er gedurende de feestdagen echter veel meer te doen en te zien in Pamplona. Zo zijn er veel eetfestijnen, Baskische volksdansen, openluchtconcerten, straattheater, vuurwerk en de reuzenparade ‘Gigantes y cabezudos’. Mensen staan tijdens de feesten op de balkons om naar het stierenrennen te kijken terwijl er op straat aan tafels gegeten en gedronken wordt.
Geschiedenis
Kenners zeggen dat de feesten van de heilige San Fermín nergens op gebaseerd zijn. Dat wil zeggen, voor de 12e eeuw had niemand ooit gehoord van de San Fermín heilige maar dankzij de vondst van een graf in het Franse Amiens waar Fermín als bisschop dienst deed werd gezegd dat de heilige uit Pamplona in Spanje zou komen. De Katholieke Kerk plaatst de heilige dag echter op 25 september en niet op 7 juli.
Volgens de critici heeft men dan ook voor deze datum gekozen om de festiviteiten in de zomer plaats te laten vinden wanneer het mooi weer is en deze gecombineerd kan worden met het stierenvechten die al gedurende eeuwen georganiseerd werden in Pamplona.
De geschiedenis van het stierenrennen is ook niet geheel duidelijk. Waarschijnlijk startte het toen het stierenvechten erg populair werd en de enige manier om de stieren van de stal naar de arena te krijgen was door ze door de straten te laten rennen. Op een gegeven moment besloten mensen om met de stieren te gaan rennen, dat was toen nog illegaal.
Dit werd steeds populairder en groeide uit tot deze traditie. De eerste stierenloop werd gehouden in 1899, het werd echter internationaal populair na de eerste roman van Ernest Hemingway, genaamd ‘The Sun Also Rises’. Hij beschreef het als het feest van de overleving.
Culinair
Naast de rennen, die slechts een klein, maar spectaculair onderdeel vormen, is het (zoals alle Spaanse feesten) vooral een culinair festijn. Vroeger werd vooral in restaurants zeevruchten en langoesten gegeten, tegenwoordig wordt er vooral zelf gekookt. Het vlees van de vechtstieren geldt als een lekkernij, die in een stoofpot wordt verwerkt (estofado de carne de toro) of als kotelet wordt gegeten (chuletas).
Om aan de enorme vraag te voldoen, wordt er vaak stierenvlees uit omliggende regio’s ingeslagen. Tijdens de vroege lunch (almuerzo) na het rennen wordt een traditionele specialiteit als lamskop met orgaanvlees (cabeza y corada) gegeten. Om de avond al drinkend door te komen, wordt chistorra gegeten, een dunne gedroogde metworst, die vaak in Centraal-Navarra gemaakt wordt.
Stel je bent in Spanje op bezoek tijdens een vakantie en er is sprake van een persoonlijk noodgeval of er gebeurt iets op straat. Waar kun je dan terecht en wie of welke instanties kun je dan bellen. Naast het Europese 112-alarmnummer zijn er nog meer telefoonnummers die zowel op Europees niveau als landelijk alleen in Spanje gelden. Een overzicht van de speciale telefoonnummers.
112
Het 112-alarmnummer is een Europees initiatief dat in 1991 het licht zag in alle 28 lidstaten van de Europese Unie inclusief Zwitserland en diverse andere landen. In Spanje is het 112-alarmnummer een samenwerking van de verschillende politiekorpsen zoals de policía local (Municipal en Urbana), Policía Nacional, Guardia Civil en de autonome politiediensten Ertzaintza (Baskenland), Policía Canaria (Canarische Eilanden), Policía Foral de Navarra (Navarra) en Mossos d’Esquadra (Catalonië).
Naast de politie zijn ook de brandweer en de verschillende afdelingen, ambulancediensten, de reddingsbrigades en de Burgerwacht ofwel Protección Civil te bereiken. Al deze diensten werken samen als het gaat om noodsituaties waarbij de burgers en toeristen binnen Spanje gratis naar 112 kunnen bellen.
De telefooncentrales zijn via de verschillende autonome regio’s geregeld waardoor er dus veel verschillende centrales zijn in de regio’s die weer landelijk met elkaar samenwerken. De 112 diensten hebben als overkoepelende organisatie de DGPCE (Directoraat-generaal Civiele bescherming en noodsituaties) die landelijk de richtlijnen en organisatie voor rekening neemt.
Klik hier voor een kaart van Spanje met daarop de verschillende autonome regio’s en de regionale 112 alarmcentrales.
Een van de meest gebruikte en bekendste grenzen over land is die van Spanje met Frankrijk. Deze grens wordt jaarlijks door tienduizenden vakantiegangers uit Nederland en België overschreden maar hoe lang is deze grens en hoeveel grensovergangen zijn er?
De grens tussen Spanje en Frankrijk is 656,3 km lang en is verdeeld in twee delen: Het eerste deel is gelegen in de provincies Guipúzcoa, Navarra, Huesca, Lerida en Gerona terwijl het tweede deel in Gerona gelegen is.
Detail is dat het merendeel van deze Spaans-Franse grens door de Pyreneeën gaat, een bergketen die eigenlijk al een natuurlijke grens vormt tussen Frankrijk en het Iberische Schiereiland waarvan Spanje en Portugal (en Andorra en Gibraltar) deel van uitmaken.
De Spaans-Franse grens begint in het westen aan de Cantabrische Zee in de Spaanse stad Fuenterrabia (Guipúzcoa) in Baskenland en wordt onderbroken bij Andorra. De grens van Andorra is 63,7 km lang waarna de Spaans-Franse grens weer doorgaat en eindigt in het noordoosten van Spanje in Portbou (Gerona) in Catalonië aan de Middellandse Zee.
Beeld: Wikimedia
Grensovergangen
Van west naar oost gaat de grens in Spanje door de provincies: Guipúzcoa (Baskenland), Navarra, Huesca (Aragón), Lerida en Gerona (Catalonië).
Irun
Ibardin
Larrun
Col de Lizuniaga
Col de Lizarrieta
Ainhoa
Col d’Iguskiegui
Col d’Ispéguy
Col d’Esnazu
Valcarlos
Port de Larrau
Col de la Pierre Saint-Martin
Pas d’Arlas
Somport
Portalet d’Aneu
Port de Boucharo
Bielsa-Aragnouet-tunnel
Puerto de Portillón
Pont du Roi
Puigcerdá
Col d’Ares
Col du Perthus (nabij La Jonquera)
Col des Balistres (Portbou)
Geschiedenis
De formele lay-out van de Spaans-Franse grens gaat terug tot de ondertekening van het Verdrag van de Pyreneeën tussen de koninkrijken van Spanje en Frankrijk in 1659 . Dit werd gevolgd door het Verdrag van Llivia in 1660 waarbij de soevereiniteit van verschillende steden in de Querol-vallei werd overgedragen aan Frankrijk. Daarna volgden nog meerdere wijzigingen.
Beeld: Steenmannetje (Mojón) / Wikimedia
Wetenswaardig: Steenmannetjes
Volgens de bepalingen van de Bayonne-verdragen wordt de Spaans-Franse grens fysiek gemarkeerd door 602 herkenningspunten die de scheiding tussen de twee landen op de grond markeren. Deze steenmannetjes (mojones) zijn genummerd van west naar oost: de eerste aan de oevers van de Bidasoa rivier en de laatste in Cap Cèrbere, gemarkeerd met opeenvolgende cijfers en letters.
Daarnaast zijn er 45 oriëntatiepunten die de grens rond Llivia markeren; deze zijn tegen de klok in genummerd vanaf nummer 1, gelegen aan de ingang van de Franse RD-68 snelweg in de enclave. Het onderhoud van deze signalering wordt door beide staten onderling uitwisselbaar uitgevoerd.
Beeld: Llívia / Wikimedia
Wetenswaardig: Spaans dorp in Frankrijk
Het Spaanse dorp Llívia is gelegen in de autonome deelstaat Catalonië, of beter gezegd het hoort bij Catalonië maar is daar niet gelegen. Llívia bevindt zich namelijk geheel in Frankrijk, dat wil zeggen het is als het ware een eilandje wat omringt is door Frans grondgebied waardoor de gemeente een Spaanse exclave en een enclave in Frankrijk is.
Officieel hoort het dorp bij de provincie Gerona en ligt het in de Pyreneeën op zo’n 1.223 meter hoogte. Krachtens het Verdrag der Pyreneeën in het jaar 1659 moest de Spaans-Franse grens worden gewijzigd waardoor Spanje 33 dorpen aan Frankrijk zou moeten afstaan. Toen men het proces in werking zette merkte men echter op dat Llívia geen dorp was maar een stad waar het Verdrag geen betrekking op had. De gemeente kreeg een eeuw voor het Verdrag namelijk stadsrechten van keiser Karel V.
Beeld: Isla de los Faisanes / Wikimedia
Wetenswaardig: Spaans-Frans eilandje
Het Fazanteneiland ofwel Isla de los Faisanes in het Spaans, Île des Faisans of Île de l’hôpital in het Frans en Konpantzia in het Baskisch is een eiland in de Bidasoa, een grensrivier tussen Frankrijk en Spanje, met een oppervlakte van 6820 m², iets minder dan de oppervlakte van anderhalf voetbalveld. Het eiland is een condominium: om beurten valt het zes maanden onder een van beide landen.
Van 1 februari tot en met 31 juli hoort het eiland bij Spanje. Van 1 augustus tot en met 31 januari hoort het bij Frankrijk. Op het eiland werden in de 17e eeuw veel conferenties gehouden. Onder andere werd in 1659 hier het Verdrag van de Pyreneeën gesloten. Midden op het eiland staat een steen ter herdenking van deze gebeurtenissen. Ook werden hier gijzelaars uitgewisseld, troonopvolgers van huwbare leeftijd afgeleverd enzovoort.
De nacht van San Juan of de midzomernacht, is een oud en traditioneel feest in veel Europese landen. In Spanje is het traditie om de zomer te verwelkomen met vele kampvuren en door knallende rotjes te gooien. Het feest wordt gehouden tijdens de nacht van 23 op 24 juni terwijl de kortste nacht van het jaar eigenlijk die van 21 juni is. San Juan wordt van Finland tot Brazilië in verschillende vormen gevierd. In veel van deze landen is de traditie om oude meubels of hout op straat of op het strand te verbranden, iets wat in steden als Barcelona, Alicante, Valencia en Málaga nog steeds gebeurt.
Wikipedia schrijft over San Juan: De Geboorte van de Heilige Johannes de Doper is een hoogfeest in de Katholieke Kerk dat op 24 juni wordt gevierd. Rond dit feest zijn nog vele gebruiken, zoals vreugdevuren, die teruggaan op voor-christelijke midzomerfeesten die gehouden werden rond de zomerzonnewende.
Het Sint-Jansvuur is zo een vreugdevuur, genoemd naar Johannes de Doper, dat in vroegere eeuwen deel uitmaakte van de midzomerfeesten en reeds sinds de voor-christelijke tijd in vrijwel alle landen van Europa op 23 of 24 juni werd ontstoken.
Andalusië
In de deelstaat Andalusië vinden vele traditionele feesten plaats zoals in Cádiz waar men poppen genaamd juanillos verbrand op straat en er groot gefeest wordt met rotjes, vuurwerk en muziek. In Almería is het de gewoonte om net zoals in Málaga te feesten op de stranden met moragas en kampvuren. Ook hier ontbreken de rotjes en het vuurwerk niet om de zomer in te luiden.
Ook is het hier traditie om in de nacht van 23 op 24 juni om middernacht de ogen nat te maken of te zwemmen in de zee om zo de volgende dag vers en fris te beginnen. In de gemeente Lanjarón in de provincie Granada viert met het Fiesta del Agua y del Jabón ofwel het feest van water en zeep wat al genoeg zegt natuurlijk, een grote natte en gladde kliederboel.
Balearen
Terwijl er op de eilanden Mallorca en Ibiza veel gefeest wordt in de nacht van 23 of 24 juni staat alles op het eiland Menorca in het teken van de paarden in de stad Ciutadella en in de gemeenten daaromheen. De berijders (ook wel jinetes of caixers genoemd) van de stoere paarden zitten in het zwart/wit gekleed op hun paarden waarmee ze door de straten rijden en af en toe het paard laten steigeren op de maat van de muziek.
Dit feest is niet geheel ongevaarlijk omdat veel mensen proberen de borst van de paarden aan te raken waarbij dit soms dodelijk afloopt omdat ze geraakt worden door de bewegende voorpoten of het paard naar beneden gaat.
Catalonië
In Catalonië zegt de traditie dat de avond van San Juan (Nit de Sant Joan) de jeugd van een dorp de hoogste boom moet zoeken, die op het stadsplein moet plaatsen en deze in augustus terug moet geven aan de eigenaar. Dit gebeurt echter niet zoveel meer. Daarnaast is het traditie het feestelijke avondmaal te beëindigen met coca de Sant Joan, een speciale cake, en Cava, de Spaanse Champagne, te drinken.
Uiteraard worden er volop rotjes gegooid, is er veel vuurwerk te zien (soms meer dan met de jaarwisseling), worden de Diablos ingezet voor de Correfocs (zie foto) en is er groot feest met live muziek op pleinen of op het strand en gaat men pas laat slapen.
Galicië
In Galicië (en eigenlijk in heel Spanje) wordt de San Juan nacht (Noite de San Xoán) gevierd met Hogueras, kampvuren, die meestal op het strand aangestoken worden. Deze kampvuren worden in principe na middernacht op 24 juni aangestoken om de zomer te verwelkomen. Als men negen keer over dit kampvuur springt, zou dat zogenaamd goed geluk brengen of de vrouwen vruchtbaar maken (?).
Daar waar in Catalonië Coca wordt gegeten, eten de Galiciërs cachelos, ongepelde aardappelen die men in het vuur roostert en opeet. Daarnaast eet men gegrilde sardientjes.
Alicante
De Hogueras in Alicante hebben van origine te maken met het vieren van de langste dag op 23 juni waarop veel oogst binnengehaald kon worden en de kortste nacht van 23 op 24 juni om alle slechte dingen te vernietigen. Sinds 1928 is het feest echter een officieel stadsfeest geworden wat een beetje lijkt op de Fallas in Valencia. Grote papier-maché poppen worden verbrand om zo Sant Joan te vieren.
In Alicante zijn deze dagen uitgeroepen tot nationaal interessant feest die al op 19 of 20 juni (afhankelijk van het jaar) beginnen met vele activiteiten voor jong en oud. Uiteraard komen er veel toeristen op de feesten af. Soortgelijke festiviteiten vinden ook plaats in andere gemeenten zoals Torrevieja, Guardamar del Segura, Jávea, Denia, Benidorm, Elche en San Juan de Alicante.
Er komen steeds meer rookvrije stranden ofwel “playas sin humo” of “playas sin fumo” bij in Spanje. Het gaat in dit geval om stranden waar het niet is toegestaan een sigaret te roken omdat dit hinderlijk kan zijn voor andere strandgebruikers, schadelijk voor kinderen en de peuken de stranden vervuilen. Een overzicht van de huidige rookvrije stranden in Spanje.
Er zijn in Spanje steeds meer kustgemeenten die kiezen voor stranden zonder rook ofwel waar het roken niet meer is toegestaan. Elke keer als een sigaret op een strand wordt aangemaakt dan moeten de omliggende mensen daarvan “meegenieten” waardoor de gezondheid van meerdere mensen waaronder ook kinderen in gevaar komt. Daarnaast kan men zonder sigaretten ook het aantal achtergebleven peuken op de stranden verminderen.
In Spanje werd het eerste rookvrije strand in 2012 in het Galicische Baiona geopend waarna er tientallen volgden in de deelstaat in noordwest Spanje en er nu 45 gemeenten zijn met 79 “playas sin humo”. In 2016 werd het netwerk “Red Gallega de Playas sin Humo” gecreëerd.
Naast de pioneer Galicië volgden ook kustgemeenten in Catalonië, Asturië, Murcia, Andalusië, Balearen en Canarische Eilanden waar tegenwoordig stranden te vinden zijn waar niet gerookt mag worden. Hieronder een opsomming van de huidige “playas sin humo” of ook wel “playas sin fumo” genoemd (er zullen er zeker nog meer bijkomen in de toekomst).
Galicië
Galicië
Er zijn 79 rookvrije stranden (in het Galicisch praias sen fume) te vinden in de autonome regio Galicië in noordwest Spanje.
Playa de Barraña, Boiro
Playa de Chamoso, Cabañas
Playa de Arou & Lingunde, Camariñas
Playa de Quenxe & de Santa Isabel, Corcubión
Playa de Almieiras, Fene
Playa de A Fragata, Ferrol
Playa de Esteiro & Bares, Mañón
Playa de Perbes & Playa Pequeña de Miño, Miño
Playa de A Cruz, Muxía
Playa de Bastiagueiro & de Santa Cristina, Oleiros
Playa de A Concha & Morouzos, Ortigueira
Playa de A Vila, A Gafa, O Pozo, Arnela & Ornanda, Puerto del Son
Playa de As Cunchas, Tanxil & A Torre, Rianxo
Playa de Río Azor, Ribeira
Playa de Mourillá-Os Botes & Meirás, Valdoviño
Playa de Coto, Barreiros.
Playa de Río Ladra, Begonte
Playa de Río Azúmara, Castro de Rey
Playa de O Torno, Cervo
Playa Río Miño-Xustás, Cospeito
Playa de A Rapadoira, Foz
Playa de Río Tronceda, Mondoñedo
Playa de Río Miño-da Cova, Saviñao
Playa de Caolín, Vidreiro, Xilloi & Abrela, Vicedo
Playa de Río Miño-Santa Isabel, Otrero de Rei
Playa de Esteiro, Ribadeo
Playa de Esteiro, Jove
Playa de As Conchas, Bande
Playa de Magros & Río Tiroia, Beariz
Playa de Río Edo-Caldelas, Castro Caldelas
Playa de Río Cenza, Villariño de Conso
Playa de Area Grande, La Guardia
Playa de A Barbeira, dos Frades, A Ribeira, A Concheira, A Ladeira & Santa Marta, Bayona
Playa de Area de Bon, Lapamán, Lagos & Portomaior, Bueu
Playa de Melide, Cangas de Morrazo
Playa de Río Ulla-Peirao, Catoira
Playa de Portocelo, Marín
Playa de As Canas & Madorra, Nigrán
Playa de Area das Pipas, O Grove
Playa de Cabeceira, Laño & Xiorto, Poyo
Playa de Río Verdugo, Puentecaldelas
Playa de Cesantes centro, Cesantes derecha & Arelonga, Redondela
Playa de Panadeira, Silgar, Baltar & Caneliñas, Sangenjo
Playa de Río Miño-Areeiros & Río Miño-Penedo, Tui
Playa de Con da Mina, Villanueva de Arosa
L’Escala / Catalonië
Catalonië
In Catalonië bevindt zich (naast Galicië) een van de pioniers wat betreft rookvrije stranden. In 2006 opende de gemeente L’Escala in de provincie Gerona het eerste Catalaanse “playa sin humo” (in het Catalaans Platges sense fum). Op dit moment worden er echter op onderstaande rookvrije stranden geen boetes gegeven als men wel rookt.
Playa de Sant Feliu, Sant Pol & Canyerets, Sant Feliu de Guíxols
Playa de Ocata, El Masnou
Playa de Sa Boadella, Canyelles, Treumal & Fenals, Lloret de Mar
Playas de L’Escala (alle stranden), L’Escala
Asturië
Deze noord Spaanse autonome regio aan de Atlantische Oceaan heeft sinds kort een netwerk van rookvrije stranden gecreëerd maar op dit moment zijn er slechts 4 stranden waar roken niet meer is toegestaan (al worden er geen boetes uitgedeeld).
Playa de Misiego, El Puntal & Miami, Villaviciosa
Playa de Los Quebrantos, Soto del Barco
Murcia
In de autonome regio en provincie Murcia zijn op dit moment 7 stranden te vinden waar het roken niet meer is toegestaan.
Playa de El Rihuete, de Bahía & El Castellar, Mazarrón
Playa de Villananitos, San Pedro del Pinatar
Playa del Pescador & el Castillico, Santiago de la Ribera
Playa Mistral, La Manga del Mar Menor
Playa de la Concha, Los Alcázares
Cala de las Higuericas, Águilas
Motril
Andalusië
In een van de grootste autonome regio’s waar ook veel stranden te vinden zijn is slechts een rookvrij strand te vinden. Dit strand in Andalusië heeft wel meteen de hoogste boetes mocht je wel roken en betrapt worden: tot 3.000 euro
Playa Granada, Motril
Balearen
Op de Balearen eilanden zijn 2 rookvrije stranden te vinden, beiden op het eiland Ibiza, Er worden op de Balearen geen boetes gegeven als men toch rookt op een “playa sin humo”.
Playa urbana de Santa Eulalia del Río, Ibiza
Playa de Talamanca, Ibiza
Canarische Eilanden
De rookvrije stranden van de Canarische Eilanden zijn te vinden op Gran Canaria, te weten in de gemeente Mogán (met 10 stranden) en in de hoofdstad Las Palmas (het hoofdstrand). Boetes liggen tussen de 300 en 400 euro en zelfs tot 1.800 euro als men peuken in het zand gooit.
Playa de Las Canteras, Las Palmas de Gran Canaria
Playa de Las Marañuelas, La Lajilla, Patalavaca, Aguamarina, Anfi, Puerto Rico, Amadores, El Cura, Taurito & Puerto de Mogán, Mogán
RTVE
Peuken
Elke dag worden er in Spanje zo’n 90 miljoen sigaretten gerookt wat neerkomt op 32,8 miljard sigaretten op jaarbasis waarvan zo’n 15% op de stranden gerookt wordt. Een groot deel van de peuken blijft helaas ook achter op het strand omdat men deze of gewoon achterlaat of begraaft in het zand.
Naast dat er op die manier steeds meer afval bijkomt op de stranden zijn peuken ook niet echt milieuvriendelijk vanwege de filters waarin o.a. aceton, ammoniak en naftaleen verwerkt zit.
Sigarettenpeuken worden ook door de golven meegenomen de zee in waar de kans groot is dat vissen de peuken binnenkrijgen waardoor de peuken net zo’n groot probleem zijn voor het zeeleven als plastic.
Het weekend van 9 juni staat in Spanje ook bekend als de 40e dag van de maand mei wat verwijst naar een gezegde. ‘Hasta el 40 de mayo no te quites el sayo’ is een populaire Spaanse uitdrukking wat zoveel wil zeggen als ‘tot de 40e mei doe je de jas nog niet uit’ met andere woorden, tot 9 juni kan het nog slecht lenteweer zijn.
Over het algemeen wordt met het gezegde ‘Hasta el 40 de mayo no te quites el sayo’ in de media en tijdens gesprekken op straat of in de kroeg aangegeven dat er tot in het eerste weekend van juni nog kans is op slecht weer waarbij de weersomstandigheden slechter zijn dan normaal voor een juni maand.
Mocht de 40-mei uitdrukking gebruikt worden in een gesprek dan volgt er vaak als antwoord ‘Y si eres de Albacete, hasta el 47 (de mayo)’ wat zoveel wil zeggen dat het slechte weer in de stad Albacete zelfs tot de 47e mei kan doorgaan als verwijzing naar de kou in deze stad in de deelstaat Castilla-La Mancha tot halverwege juni.
Ongetwijfeld heb je hem wel eens gezien als je op vakantie bent in Spanje, de muurgekko, Moorse gekko ook wel tjitjak genoemd. Het gaat om een hagedis die behoort tot de gekko’s en veel gezien wordt in Spanje en de rest van het Middellandse Zeegebied. Gelukkig hoef je niet bang te zijn voor deze hagedis want ze zijn voor de mens ongevaarlijk.
De Gekko is een tropische nachthagedis en is de enige hagedisachtige die klikgeluiden maakt. Wat deze beestjes vooral uniek maakt is de manier waarop ze moeiteloos tegen muren oplopen en op zijn kop over het plafond lopen. Het lijkt erop dat ze met met de zwaartekracht spotten.
Aangezien deze hagedissen van warmte houden zul je ze niet snel tegenkomen in Noord Europa maar in Spanje is dat een ander verhaal. Schrik niet als je op een terras zit te genieten van de zwoele avond als er ineens een gekko voor je neus staat. Wellicht is dat ook nog eens een goed teken want men zegt dat de gekko geluk brengt.
De muurgekko moet je ook als vriend zien want deze grappige muurklimmers lusten insecten rauw en jagen ‘s nachts rondom je huis, tent, caravan of camper en houden de buurt insectenvrij.
Deze muurgekko’s zijn tussen de 10 en 14 cm lang, zijn grijsbruin van kleur en hebben een platte kop met grote ogen zonder ooglid. De gekko’s zijn nachtdieren en de enige hagedisachtigen die klikgeluiden maken. Dit doen ze om hun territorium te beschermen of om hun vrouwtjes te lokken.
Een andere eigenschap van de gekko is dat ze hun staart kunnen afwerpen als ze hieraan worden vastgegrepen. De staart breekt af bij een speciaal breukvlak in de staartwervels. Hij groeit daarna weer aan en zal bij alle latere keren weer op hetzelfde punt afbreken.
Namen
In het Nederlands heeft deze hagedis de naam muurgekko of Moorse gekko gekregen maar in Spanje zijn verschillende benamingen, afhankelijk van de regio. Over het algemeen wordt dit diertje ‘salamanquesa común’ of ‘tarentola mauritanica’ genoemd maar op de Canarische Eilanden heeft deze hagedis de namen ‘pracan’, ‘perenquén’ en ‘perinquén’.
In het Catalaans, Valenciaans en Baleaars heeft de hagedis de namen ‘dragó’, ‘dragonet’, ‘talla-robes’ en ‘dragolí’ gekregen. In het zuiden van de regio Castilla y León heeft het de naam ‘aldabón’, in Aragón ‘esgarrarropas’ en in Extremadura heet de hagedis ‘santorrostro’ en ‘saltarrostro’.
Spaanse pepers komen niet uit Spanje maar waarom hebben ze dan wel het voorvoegsel Spanje? Dit is niet ongewoon want er zijn andere pepers die ook voorvoegsels hebben die niets te maken hebben met de oorsprong van die pepers zoals lomboks en cayennepeper. Maar waarom is dat het geval met de Spaanse versie?
Spaanse pepers komen in tegenstelling tot wat veel mensen waarschijnlijk denken niet uit Spanje maar uit Midden- en Zuid-Amerika. Men gaat er vanuit dat het voorvoegsel ‘Spaanse’ is afgeleid uit de 16e eeuw toen de pepers vanuit Amerika naar Nederland/België werden aangevoerd via Spaanse handelaren.
Om een onderscheid te hebben met de Oosterse pepers werd besloten de pepers uit Midden- en Zuid-Amerika gemakshalve Spaanse pepers te noemen. De rode langwerpige chilipepers worden ook wel ‘rode pepers’ genoemd (al kunnen ze ook groen gegeten worden) en in het Spaans gewoon ‘pimiento’ of ‘chile’.
Wist je trouwens dat de Spaanse pepers eigenlijk meer verwant zijn met de paprika’s dan met de meer bekende Aziatische zwarte en witte pepers? De Spaanse pepers worden echter peper genoemd vanwege de overeenkomst in smaak en de langwerpige vorm die afwijkt van de paprika.
‘Spaanse peper’ is samen met gewone korrelpeper de belangrijkste specerij om gerechten ‘heet’ te laten smaken. De stof die verantwoordelijk is voor de hete smaak van Spaanse peper smaak is capsaïcine (bij gewone peper is dat piperine). Beide stoffen hebben gemeen dat ze direct de warmtereceptoren in de mond prikkelen. Hierdoor wordt de smaak vaak als ‘heet’ omschreven.
Woon je in Spanje en rij je daar al een tijd rond dan zal het volgende oud nieuws zijn maar voor veel vakantiegangers die met de eigen auto naar Spanje komen is het wellicht niet zo vanzelfsprekend. Rij je Spanje binnen dan moet je de regels van dat land respecteren. Dat geldt ook voor wat je verplicht bij je moet hebben in de auto in Spanje.
Voorkom problemen en/of bekeuringen en eventueel gevaarlijke situaties door te voldoen aan de Spaanse verkeerswet. Dit artikel gaat om wat iemand bij zich moet hebben in de auto als men op de Spaanse wegen rijdt waarbij het niet uitmaakt of je met een Spaans of buitenlands kenteken rondrijdt.
Verplicht
Gevarendriehoek
Het is in Spanje verplicht om 2 gevarendriehoeken (triángulos / dispositivos portátiles de señalización) in de auto te hebben. Volgens de Nederlandse ANWB geldt dit alleen als men rondrijdt met een Spaans kenteken. Eigenaren van een auto met een buitenlands kenteken hoeven maar 1 gevarendriehoek bij zich te hebben.
Het wordt echter wel aangeraden om 2 gevarendriehoeken bij je te hebben om deze 50 meter voor en 50 meter achter de auto te plaatsen in geval van pech langs de weg, dat is altijd veiliger.
Veiligheidshesjes
Het is verplicht om in Spanje 1 veiligheidshesje (chaleco reflectante) bij je te hebben die niet in de kofferbak mogen liggen maar binnen handbereik, het liefst zo dicht mogelijk bij de bestuurder, moeten zijn. Het wordt echter aangeraden om 2 hesjes in de auto te hebben. De hesjes moeten fluorescerend geel, oranje of rood zijn en zijn bedoeld voor de bestuurder en bij een tweede hesje voor een passagier.
Reservewiel
In de Spaanse verkeerswet staat nog steeds dat het verplicht is een reservewiel (rueda de repuesto) bij je te hebben maar er zijn steeds meer automodellen waar geen reservewiel meer aanwezig is. Is dat laatste het geval dan dien je een bandenreparatieset (kit antipichazos) bij je te hebben in de auto (niet nodig als men rijdt op run-flat-tires). Het is ook verplicht om de nodige gereedschap (herramientas) om een wiel te verwisselen bij zich te hebben. Het verwisselen van een band mag niet overal langs/op de weg in Spanje en in de meeste gevallen is het verplicht een sleepdienst (grua) te bellen.
Sneeuwkettingen
In diverse delen van Spanje is het verplicht om sneeuwkettingen (juego de cadenas) of van ijzer of van textiel bij je te hebben. Een andere keuze is ook het hebben van sneeuwbanden (neumáticos de invierno) maar daar waar veel sneeuwoverlast is kan alsnog de sneeuwketting verplicht zijn.
Brandblusser
Als het voertuig waarmee men rijdt voor publiek personenvervoer is, een “mixto” model, voor transport van materialen of het maximum toegestane gewicht van 3.500 kilo overschrijdt, dan moet men een brandblusser (extintor) bij zich hebben.
Documentatie
Het is verplicht om de juiste kenteken papieren (ficha técnica + permiso de circulación) bij zich te hebben in de auto die APK (ITV) gekeurd dient te zijn. In Spanje is de ITV keuring te zien aan een sticker (pegatina) op de voorruit.
Niet (meer) verplicht
Het is in Spanje niet (meer) verplicht om de verzekeringspapieren (recibo del seguro) bij zich te hebben, dat is gelinkt aan het kentekennummer en kan door de politie makkelijk gecontroleerd worden.
Het is ook niet verplicht om een tweede bril (gafas adicionales) op sterkte bij zich te hebben, iets dat op internet wel vaak geschreven wordt.
Ondanks dat het niet verlicht is raadt men wel aan om een tweede bril als extra mee te nemen en de verzekeringspapieren bij zich te hebben om problemen te voorkomen.
Vroeger was het verplicht om een setje reservelampen (lámparas de repuesto) bij zich te hebben in de auto maar dat is niet meer verplicht tegenwoordig. In de meeste gevallen kunnen de lampen alleen nog maar vervangen worden bij garages en de normale lampen zijn steeds moeilijker te vervangen.
Huurauto
Mocht je in Spanje een auto huren met Spaans kenteken dan is het dus verplicht om aan het bovenstaande inclusief de twee gevarendriehoeken en veiligheidshesjes te voldoen.
Motor/Scooter
De bestuurder en een eventuele passagier zijn bij pech of een ongeval buiten de bebouwde kom, ’s nachts en bij slecht zicht, verplicht een lampje, reflector of veiligheidshesje te dragen.
Daarnaast is het verplicht om de juiste kenteken papieren (ficha técnica + permiso de circulación) bij zich te hebben op een motor die APK (ITV) gekeurd dient te zijn.
Mocht je door de politie worden aangehouden en geconstateerd worden dat je niet voldoet aan de Spaanse wet dan kan men boetes geven, iets dat geldt voor Spaanse automobilisten en voor buitenlanders die met de eigen auto in Spanje rijden.
Het niet bij je hebben van een veiligheidshesje kan 200 euro kosten (en bij een Spaans rijbewijs 2 punten kosten). Het niet bij je hebben van de gevarendriehoeken kost 200 euro en het niet bij je hebben van een reservewiel of reparatieset kost 200 euro aan boete.
Buitenlanders die in Spanje wonen en een Nederlands/Belgisch rijbewijs hebben maar wel officieel staan ingeschreven moeten er rekening mee houden dat ook zij punten op een rijbewijs kwijt kunnen raken. Dat staat vermeld op de bekeuring en zal van invloed zijn op het moment men een Spaanse rijbewijs wil of moet aanvragen.
Nederlanders en Belgen die in Spanje niet-resident zijn en dus minder dan 183 dagen verblijven dienen toch belasting te betalen. Dat gebeurt dan door middel van het ‘modelo 210’ ofwel het formulier 210 van de Spaanse belastingdienst. Dit formulier dient u zelf aan te vragen want dit wordt niet automatisch opgestuurd en dient voor 31 december elk jaar worden ingeleverd.
Als je eigenaar bent van onroerend goed in Spanje maar je bent geen resident, dat wil zeggen je verblijft minder dan 183 dagen in Spanje en bent dus geen fiscale resident, dan dien je toch een belastingaangifte te doen.
Naast de grondbelasting of onroerend goed belasting, ook wel IBI (Impuestos sobre Bienes Inmuebles) genoemd, dient men in het geval van een niet-resident het ‘model 210’ formulier in te vullen.
De IBI wordt elk jaar automatisch van de bankrekening gehaald dus dat is makkelijk maar in het geval van de niet-residenten belasting dient men zelf het ‘model 210’ formulier aan te vragen, in te vullen en op te sturen. Het gaat in dit geval om een zogenaamde ‘draagschuld’ en geen ‘haalschuld’. En dat moet elk jaar opnieuw gebeuren vóór 31 december (voor het belastingjaar daarvoor).
Model 210 is de aangifte van de belasting op eigendommen voor niet-residenten zonder permanent verblijf. In het Spaans heet dat ‘Impuesto sobre la Renta de no Residentes (sin establecimiento permanente)’. Het invullen van dit formulier geldt voor zowel huizeneigenaren die daar zelf gebruik van maken maar ook voor diegene die het verhuren om inkomsten te genereren.
In het laatste geval dien je de inkomsten ook op te geven bij de belastingdienst van het land waar men fiscaal resident is (ook in het geval van niet verhuren waarbij men fictieve huurinkomsten moet opgeven).
Het ‘modelo 210’ kan ingevuld worden op papier of via internet. Dat kun je zelf doen of laten doen door een gestor of administratiekantoor in het geval van twijfels. Op deze website staat in ieder geval een duidelijke uitleg in het Nederlands/Vlaams.
De Nederlandstalige specialisten van Taxadora kunnen helpen met het invullen van allerlei belastingformulieren, wat al mogelijk is vanaf 34,95 euro. Meer informatie lees je HIER. Via Iberian Tax kun je het tegen betaling door specialisten laten invullen, scheelt een hoop werk. Meer informatie lees je HIER.
Meer informatie is ook te vinden op de website van de Agencia Tributaria (in het Engels). Het Modelo 210 document is ook HIER in PDF te downloaden en uit te printen. De normale gang van zaken is echter dat het formulier online ingevuld wordt.
De laatste jaren is het aantal aanbieders van Turismo Rural slaapplaatsen flink gestegen in Spanje. Ook al is deze vorm van plattelands vakantie vieren in Spanje erg populair, op de Nederlandse en Belgische markt is dit fenomeen nog relatief onbekend. Wel zijn er de laatste jaren veel B&B’s gekomen in Spanje die vaak gerund worden door Nederlanders en Belgen die op deze manier hun steentje bijdragen aan een vorm van Turismo Rural, maar dan anders.
Turismo Rural is, zoals het woord eigenlijk al aangeeft, toerisme op het platteland. Dit betekent niet dat iedereen op boerderijen gaat slapen maar wel dat de toeristen weg willen van de drukte van toeristische kustplaatsen en grote steden. Back to basics zullen we maar zeggen.
Populair zijn de kleine dorpen, met weinig inwoners en waar niet veel meer te doen is dan tours maken in de eigen auto, fietsen, wandelen en omliggende dorpen en steden bezoeken om de culturele hoogtepunten te bekijken waarbij voor de Spanjaarden ook de gastronomie en de lokale keuken erg belangrijk zijn.
De huizen zelf zijn vaak gelegen in oude Masia’s (landhuizen) of monumentale panden, dit uiteraard om de sfeer van het platteland te behouden. Veel van deze huizen zijn opgeknapt en gerestaureerd naar hedendaagse maatstaven. Meestal worden ze gerund door families of echtparen die al geruime tijd in de omgeving wonen en met deze vorm van toerisme een nieuw inkomen genereren.
Er zijn diverse soorten van Turismo Rural accommodaties mogelijk daarom een korte uitleg met de overeenkomsten en verschillen:
Casa Rural
Een huis waar diverse kamers verhuurd worden en waar de eetkamer, woonkamer en badkamer meestal gedeeld worden. Soms wonen de eigenaren zelf ook in het huis en wordt alles gedeeld (behalve de badkamer) en soms worden huizen compleet verhuurd in plaats per kamer (dit is interessant voor grotere groepen). Er kan vaak gekozen worden op basis van logies en ontbijt, vergelijkbaar met de Nederlandse, Belgische en natuurlijk Engelse Bed & Breakfast.
Alojamiento Rural
Dit zijn meestal appartementen of een woonhuis, gelegen in een landelijke omgeving met panoramische uitzichten. Over het algemeen beschikken deze over een eigen keuken waar eten bereid kan worden, een of meer badkamers en een gezamenlijke woonkamer. Bij deze vorm van plattelandstoerisme is eten niet inbegrepen.
Hotel Rural
Meestal gelegen in een monumentaal pand of landhuis waar kamers verhuurd worden net zoals in een hotel. Vaak zijn er niet meer dan 4 tot 10 kamers te huur om het rustig te houden in het hotel. Voorzieningen zijn net zoals in een normaal hotel (ontbijt, diner, schoonmaak, lounge, receptie, etc.) maar alles is kleinschaliger en meer plattelands.
Albergues en Centros de Turismo Rural
Bij deze twee vormen gaat het altijd om een grootschalige opzet waar in het algemeen grotere groepen kunnen verblijven. Services zijn wat beperkt en ook het platteland gevoel is, buiten de ligging, vaak niet te herkennen. Voor individuele reizigers vaak niet de moeite waard om te bezoeken.
Dankzij internet en de diverse websites zoals toprural, turismorural en clubrural is deze vorm van plattelandstoerisme in Spanje zeer populair geworden. De overnachtingsprijzen zijn niet altijd even goedkoop en soms zelfs duurder dan een regulier hotel. Uiteraard is de omgeving, de vriendelijke service en het gebouw zelf vaak wel de prijs meer dan waard.
In de maand april doet ook in Spanje het weer wat het wil. In Nederland kennen we de uitdrukking ‘april doet wat hij wil’ en in Vlaanderen ‘maartse buien en aprilse grillen’ wat weerspreuken zijn die ontstaan zijn vanwege de snelle omslagen in het weer in de maand april. Dat gebeurt ook in Spanje en daar heeft men de uitdrukking ‘en abril, aguas mil’.
Het gaat in dit geval om een weerspreuk of uitdrukking wat in het Spaans ook wel ‘refrán‘ genoemd wordt. Met de uitdrukking ‘en abril, aguas mil’ wil men dus eigenlijk letterlijk zeggen ‘in april duizendmaal water’ wat natuurlijk slaat op de regen. Het is echter te vergelijken met het Nederlandse ‘april doet wij hij wil’ of het Vlaamse ‘maartse buien en aprilse grillen’ om de instabiliteit van het weer aan te geven.
In veel delen van Spanje, met name die normaal droger zijn, wil het vaker regenen in een aprilmaand wat goed nieuws is voor de landbouwsector. De regen valt weliswaar uit de hemel maar niet zo massaal dat er beschadigingen of overstromingen ontstaan. April bevindt zich middenin de lente en is dus voor de landbouwsector in het land een belangrijke maand.
De uitdrukking bestaat uit twee delen ‘en abril’ en ‘aguas mi’ maar er is een derde deel namelijk ‘y todas en barril’ waardoor de hele uitdrukking dus wordt ‘en abril, aguas mil y todas en barril’. Dit is eigenlijk het tegenovergestelde van wat er bedoeld wordt met ‘en abril, aguas mil’ namelijk dat er zo weinig regen valt dat dit opgeslagen dient te worden in regentonnen.
Volgens het Instituto Cervantes is de uitdrukking afkomstig uit een gedicht van dichter Antonio Machado die schreef:
“Son de abril las aguas mil. Sopla el viento achubascado, entre nublado y nublado hay trozos de cielo añil. Agua y sol. El iris brilla.”
De maand april wordt ook gebruikt in andere uitdrukkingen zoals ‘el invierno no ha pasado mientras abril no es terminado’ ofwel de winter is pas voorbij als april afgelopen is. Een andere uitdrukking is ‘ojo con abril, que es helador y sutil’ ofwel pas op met april die bevriest en subtiel is.
Tot slot nog enkele andere uitdrukkingen die wel eens gehoord worden in Spanje en die te maken hebben met het weer:
Agua del cielo, el mejor riego.
Agua de nube, a unos los baja y a otros los sube.
Agua de enero, todo el año tiene tempero.
Agua de febrero, mejor que de enero.
Agua de febrero, año cebadero.
Aguas de abril y heladas de mayo aseguran el año.
Abril mojado, de panes viene cargado.
En abril aguas mil, y en mayo cada día un baño.
Marzo cada gota quita un cuarto, y en abril cada gota da mil.
Lloviendo el día de Santa Bibiana, llueve cuarenta días y una semana.
Gran calma, señal es de agua.
Junta de moscas al sol, o de mosquitos al oscurecer, avisan que a llover.
Het komt vaker voor in Spanje en ook tijdens de hittegolven die elke zomer weer te merken zijn in het Zuid Europese land is het ook ‘s-nachts erg warm waardoor men niet of nauwelijks kan slapen. Men spreekt van een tropische nacht als de temperatuur niet onder de 20 graden komt, iets wat vaak voorkomt in Spanje. Toch kan de nachttemperatuur vaak nog hoger zijn waardoor men niet kan slapen, dat noemen we dan een tropische nacht of tropennacht.
“Noches tropicales” zijn nachten waarbij de temperatuur minimaal 20 graden is gedurende de nachtelijke uren, na middernacht dus. Hier wordt echter nogal eens over gediscussieerd aangezien een tropische nacht langs de Middellandse Zee geheel anders kan zijn dan in het midden van Spanje vanwege het verschil van de gevoelstemperatuur en luchtvochtigheidsgraad die aan de kust hoger zijn.
In Spanje komen overal tropische nachten voor waardoor het erg lastig slapen is en het beter vertoeven is op straat dan binnenshuis. De meeste tropische nachten van Spanje vinden echter plaats op de Canarische Eilanden waar men gemiddeld 92 tropische nachten per jaar heeft. Het eiland El Hierro steekt daar echter bovenuit met gemiddeld 128 tropische nachten per jaar.
Op het Spaanse vasteland zijn het de provincies Cádiz, Melilla en Almería waar de meeste tropische nachten voorkomen met respectievelijk 89, 88 en 83 nachten waarbij de nachttemperatuur minstens 20 graden is. Op de Balearen eilanden vinden ook veel tropische nachten plaats met als uitschieter het eiland Ibiza met 79 tropennachten per jaar.
In de rest van de provincies langs de Middellandse Zee zoals in de Comunidad Valenciana, Murcia en de rest van Andalusië (inclusief het binnenland) spreekt men over gemiddeld zo’n 50 tropische nachten per jaar terwijl dat in de deelstaat Catalonië iets minder is met tussen de 40 en 50 tropennachten op jaarbasis.
In de rest van Spanje zoals in Madrid, Zaragoza, Cáceres, Toledo en Ciudad Real om maar enkele provincies te noemen heeft men jaarlijks gemiddeld zo’n 20 tot 30 tropische nachten, veel minder dus dan langs de Middellandse Zee.
Experts zeggen dat de ideale temperatuur om normaal te kunnen slapen in de zomer tussen de 18 en 21 graden ligt. Het wordt erg moeilijk slapen als het kwik tot de 25 graden stijgt of daarboven waarna men last kan hebben van een “insomnio ambiental” ofwel slapeloosheid door hitte.
Op 2 mei, de dag na de nationale feestdag Día del trabajador op 1 mei, vieren de inwoners van de Comunidad de Madrid een autonome feestdag, de Día de la Comunidad de Madrid. Op deze dag wordt in de hele autonome regio Madrid stilgestaan bij 2 mei 1808 toen het volk in Madrid de wapens pakte om te rebelleren tegen de Franse bezetting en erin slaagde het Franse leger te verdrijven uit de stad en regio.
Op 2 mei viert men in de autonome regio Madrid de ‘Día de la Comunidad de Madrid’ waarbij men stilstaat bij de ‘levantamiento del 2 de mayo de 1808’ ofwel de opstand van 2 mei in 1808. Vanaf die dag zorgde het volk vanuit Madrid ervoor dat het Franse leger verdreven werd uit Madrid en uiteindelijk heel Spanje.
Opstand Dos de Mayo
Madrid werd op 23 maart 1808 ingenomen door de Franse troepen. Koning Karel IV van Spanje trad af ten gunste van zijn zoon Ferdinand VII. Ten tijde van de opstand verbleven de nieuwe en de voormalige koning van Spanje in de Franse stad Bayonne.
Een poging van de Franse generaal Joachim Murat om de jongste dochter en de jongste zoon van Karel IV te verplaatsen naar Bayonne, zorgde in de stad voor de ontketening van een opstand. De golf van woede werd nog eens versterkt doordat Napoleon zijn broer Jozef Bonaparte tot koning van Spanje uitriep.
Het stadsbestuur van Madrid ging in eerste instantie niet akkoord met de plannen van Murat om de kinderen van Karel IV weg te brengen uit de stad, maar na een bericht van Ferdinand ging het stadsbestuur alsnog akkoord.
Op 2 mei verzamelde zich een grote menigte op het plein voor het Koninklijk Paleis. De menigte bestormde het paleis om de reis van Francisco de Paula te voorkomen. Murat stuurde een bataljon grenadiers van de Keizerlijke Garde en een artilleriedetachement om de opstand in te perken. Toen de Franse soldaten het vuur openden op de verzamelde menigte, begon al snel de opstand zich te verspreiden over de rest van de stad.
Al snel volgden verschillende straatgevechten verspreid door de stad toen de slecht bewapende inwoners van Madrid de Franse troepen te lijf gingen. Joachim Murat had al vrij snel veel van zijn troepen de stad in kunnen brengen en de hevigste gevechten werden uitgevochten op de Puerta del Sol en de Puerta del Toledo. Langzamerhand wist Murat de overhand te krijgen in de straatgevechten.
Sommige van de Spaanse troepen die in de stad gelegerd waren namen al snel deel aan de opstand. De twee leiders van de Spaanse soldaten Pedro Velarde y Santillán en Luís Daoíz y Torres stierven tijdens de gevechten rond de barakken waar Franse troepen gelegerd waren. De twee legerleiders worden nog steeds als helden vereerd.
De dag 2 mei is tegenwoordig een regionale feestdag in de regio Madrid. De plaats waar de barakken van Montoleón lagen is hernoemd naar Plaza 2 de Mayo. Er bevinden zich in de stad verschillende monumenten die herinneren aan de volksopstand.
De opstand en de gevolgen daarvan zijn ook te zien op een van Goya’s beroemdste werken ‘El tres de mayo 1808’ waarop een massa-executie te zien is.
De Spaanse verkeersdienst Dirección General de Tráfico (DGT) is de verantwoordelijke voor alles wat betreft rijbewijzen en verkeersregels. In Spanje bestaan net zoals in andere landen verschillende typen of categorieën rijbewijzen zoals voor scooters, auto’s, vrachtwagens en speciale rijbewijzen.
In Spanje is de minimumleeftijd voor het halen van een rijbewijs (permiso de conducir) 18 jaar behalve bij het rijbewijs AM (15 jaar) en A1 (16 jaar). Daarnaast zijn er rijbewijzen die alleen mogelijk zi8jn vanaf 21 jaar en 24 jaar. De verschillende typen en meer informatie (in het Spaans) is terug te vinden op de websitevan de DGT.
AM
Bromfietsen met twee of drie wielen (brommer, scooter) en lichte vierwielers (brommobiel). In Nederland geldt dit rijbewijs ook voor de snorfiets (zonder helm) maar dit type bestaat in Spanje niet. De minimumleeftijd is vijftien jaar oud.
A1
Motorfietsen met een maximale cilinderinhoud van 125 cc en een maximumvermogen van 11 kW (lichte motor). De minimumleeftijd is zestien jaar oud.
A2
Motorfietsen met een maximumvermogen van 35 kW (middelzware motor). De minimumleeftijd is achttien jaar oud.
A
Motorfietsen en driewielers met onbeperkt vermogen (zware motor). De minimumleeftijd is twintig jaar oud.
B
Auto’s met een maximaal toegestane massa van maximaal 3.500 kilo die zijn ontworpen voor het vervoer van niet meer dan acht passagiers + de bestuurder. (vanaf 1 juli 2019 verandert het gewicht dus).
Samenstellingen bestaande uit een trekkend voertuig uit klasse B (maximaal 3.500 kilo) en een aanhanger of caravan van maximaal 750 kilo (lege gewicht + laadvermogen) met een maximale totale massa van 4.250 kilo.
Driewielers (triciclos) en vierwielers (cuatriciclos).
De minimumleeftijd is achttien jaar oud.
B+E
Samenstellingen bestaande uit een trekkend voertuig klasse B (maximaal 3.500 kilo) en een aanhanger van minder dan 3.500 kilo (lege gewicht + laadvermogen). De minimumleeftijd is achttien jaar oud.
C1
Voertuigen (vrachtwagens en campers) die niet zijn toegestaan bij de typen D1 of D waarvan de maximaal toegestane massa meer is dan 3.500 kilo tot maximaal 7.500 kilo. De minimumleeftijd is achttien jaar oud.
C1+E
Samenstellingen bestaande uit een trekkend voertuig uit type C1 en een aanhangwagen of oplegger met de maximaal toegestane massa van meer dan 750 kilo met een totale maximale massa van 12.000 kilo.
Samenstellingen bestaande uit een trekkend voertuig uit type B en een aanhangwagen of oplegger met de maximaal toegestane massa van meer dan 3.500 kilo met een totale maximale massa van 12.000 kilo.
De minimumleeftijd is achttien jaar oud.
C
Voertuigen die niet zijn toegestaan bij de typen D1 of D waarvan de maximaal toegestane massa meer is dan 3.500 kilo. De minimumleeftijd is eenentwintig jaar oud.
C+E
Samenstellingen bestaande uit een trekkend voertuig uit type C en een aanhangwagen of oplegger met de maximaal toegestane massa van meer dan 750 kilo. De minimumleeftijd is eenentwintig jaar oud.
D1
Voertuigen ontworpen en gebouwd voor het vervoer van maximaal zestien passagiers + bestuurder met een maximale lengte van maximaal acht meter. De minimumleeftijd is eenentwintig jaar oud.
D1+E
Samenstellingen bestaande uit een trekkend voertuig uit type D1 en een aanhangwagen of oplegger met de maximaal toegestane massa van meer dan 750 kilo. De minimumleeftijd is eenentwintig jaar oud.
D
Voertuigen ontworpen en gebouwd voor het vervoer van meer dan acht passagiers + de bestuurder. De minimumleeftijd is vierentwintig jaar oud.
D+E
Samenstellingen bestaande uit een trekkend voertuig uit type D en een aanhangwagen of oplegger met de maximaal toegestane massa van meer dan 750 kilo. De minimumleeftijd is vierentwintig jaar oud.
LVA (Licencia para Vehículos Agrícolas)
Speciaal rijbewijs (licentie) voor het rijden met agrarische voertuigen die niet harder kunnen rijden dan 45 km/uur en niet breder zijn dan normale voertuigen. In het Nederlands heet dit type ‘trekkerrijbewijs T’ voor land- en bosbouwtrekkers (LBT). De minimumleeftijd is zestien jaar oud.
Agrarische voertuigen die harder dan 45 km/uur rijden en breder zijn dan normale voertuigen kunnen alleen gereden worden door houders van een rijbewijs B. De minimumleeftijd is achttien jaar oud.
Als je in Spanje woont en/of de taal spreekt en vaak in het land komt is het je misschien wel eens opgevallen, het gebruik van het woord “leche” oftewel melk. Uiteraard is dat het woord voor de vloeistof afkomstig van de koe of ander dier maar ook een woord dat veel gebruikt wordt in populaire Spaanse uitdrukkingen. Voor niet-Spanjaarden is het gebruik van “leche” vaak erg verwarrend en begrijpt men niet zo goed wat de Spanjaard daarmee bedoelt. Daarom een korte uitleg en omschrijvingen van de meest gebruikte “leche” uitdrukkingen.
De Spaanse Real Academia Española (RAE) of in het Nederlands de Koninklijke Spaanse Academie is verantwoordelijk voor het reguleren van de Spaanse taal en geeft aan het woord “leche” negen betekenissen maar daarnaast ook meer dan 40 vertakkingen of uitdrukkingen met het woord “leche” als onderdeel. “Leche” is dus veel meer dan melk alleen en dat zorgt soms bij buitenlanders voor verwarring. “Leche” kan namelijk ook een cosmetisch product zijn, een vulgaire manier om te verwijzen naar sperma, een klap in het gezicht en zelfs veel geluk betekenen.
Deze voorliefde voor uitdrukkingen die “leche” gebruiken roept de vraag op: waarom zijn de Spanjaarden taalkundig geobsedeerd met melk? Zelfs de experts weten dat niet helemaal zeker maar wat wel opvalt is dat bijna alle uitdrukkingen met het woord “leche” erin op een vulgaire manier gebruikt worden en hoofdzakelijk gebruikt worden in de spreektaal, dus niet in de schrijftaal. Volgens één expert heeft de verwijzing van het woord melk zelfs te maken met de moedermelk en de band die iedereen daarmee heeft, maar dat is wellicht iets te ver gezocht al kan hij gelijk hebben.
Enkele voorbeelden
Hieronder staan slechts enkele van de meer dan 40 mogelijkheden om “leche” in een uitdrukking te gebruiken. In bijna alle gevallen kan het woord “leche” overigens ook vervangen worden voor het woord “hostia”, de hostie die binnen de Rooms-katholieke Kerk gebruikt wordt. Waarom dat woord vaak gebruikt wordt is een raadsel.
Mala leche (slechte melk)
Als je “mala leche” hebt ben je of in een slechte bui of ben je iemand met een opvliegend karakter. Deze uitdrukking verwijst naar de oude dagen waarbij men dacht dat het karakter van jonge kinderen beïnvloed werd door de moedermelk.
Ser la leche (de melk zijn)
De betekenis van “Ser la leche” kan zowel positief als negatief zijn want het betekent niet meer of minder dan dat je geweldig bent, maar dat kan geweldig goed zijn maar ook geweldig slecht. Voorbeeld: “Este tio es la leche” dat kan zowel positief alsook negatief geroepen worden, het ligt er maar aan hoe je het zegt. Daarom is het niet aan te raden om deze uitdrukking te gebruiken in een tekst- of WhatsApp bericht (tenzij je allemaal emojis plaatst).
A toda leche (op hele melk)
In het geval van “a toda leche” weet men niet zo zeker waar deze uitdrukking vandaan komt. In dit geval kan het woord “leche” twee betekenissen hebben: snelheid en volume. Zo kun je zeggen “conducir a toda leche” oftewel op volle snelheid rijden maar ook “tenía la música a toda leche” hij had het volumen van de muziek vol open staan. Als deze twee gecombineerd worden zoals in een auto die op volle snelheid rijdt met het radio volume vol open dan kan als het fout gaat een andere uitdrukking gebruikt worden: “Darse la leche” wat zoveel betekent als een ongeluk hebben.
La leche (de melk)
In dit geval kan deze uitdrukking betekenen moedermelk of de melk van de koe (of ander dier). Het gaat in beide gevallen om de witte vloeistof. Het kan echter ook iets anders betekenen zoals in “saber la leche” wat betekent dat je veel weet over iets of “la leche de listo” wat weer betekent dat je erg slim bent.
A mala leche (met slechte melk)
De uitdrukking “a mala leche” lijkt veel op het hierboven geplaatste “mala leche” maar er is een klein verschil. Als iemand iets “a mala leche” doet dan doet hij iets slechts met opzet en dus niet alleen omdat hij in een slechte bui is. Deze uitdrukking con zowel met “a” of met “con” gebruikt worden en het is beter om bij dit soort mensen uit de buurt te blijven.
Cagarse en la leche (in de melk schijten)
Spanjaarden schijten op alles, in de zee, op je moeder en dus ook in de melk, maar dan wel figuurlijk. De oorspronkelijke uitdrukking is eigenlijk “cagarse en la leche que te han dado” wat zoveel betekent als schijten in de melk die je als kind gegeven werd maar dat is dus ingekort naar “cagarse en la leche”. Je kunt denk ik wel raden wat deze uitdrukking betekent in de dagelijkse Spaanse gesprekken.
De la leche (van de melk)
Deze uitdrukking wordt het beste gebruikt in samenhang met andere woorden en betekent eigenlijk ongelooflijke of enorm. Zo kun je een “cabreo de la leche” hebben of ongelooflijk kwaad zijn maar ook “una suerte de la leche” ongelooflijk veel geluk hebben zoals in de loterij.
Darse una leche (jezelf een melk geven)
Deze uitdrukking wordt gebruikt als je jezelf ergens pijn mee doet zoals ergens tegenaan lopen of stoten en kan gecombineerd worden met onder andere “meterse una leche” of “pegarse una leche”, zoek zelf maar uit wat dat betekent.
Café con leche (koffie met melk)
Dit heeft niets met een uitdrukking met “leche” erin te maken maar is wel iets wat je veel hoort in Spanje. Een “café con leche” is koffie met warme melk. Deze koffiesoort wordt veel gedronken in de morgen na het opstaan waarbij men graag koekjes doopt in de koffie met warme melk.
Ben je romantisch aangelegd en vind je het leuk om Spaans te praten dan volgt hieronder een lijst met leuke, lieve en schattige woorden en enkele zinnen om in het Spaans jouw liefde of “amor” te verklaren.
Woorden
Onderstaande romantische en lieve woorden kunnen los of als onderdeel van een lieve zin gebruikt worden.
Cariño
Cariño (uitgesproken als carinjo) wordt in de volksmond ook wel eens afgekort naar Cari maar beiden betekenen niets minder dan “lieverd” of “schat”. Dit kun je dus elke dag gebruiken, het hele jaar door.
Guapa en Guapo
Guapo (mannelijk) en Guapa (vrouwelijk) (uitgesproken als gwapo en gwapa) betekent letterlijk “knap” maar kan ook gebruikt worden als “knapperd” of “lekker ding”. Dit woord kun je elke dag gebruiken tegen wildvreemden of bij bekenden, wat jij wilt.
Cielo of mi cielo
Cielo (uitgesproken als sjielo) is een erg zoetsappig woord en betekent letterlijk “hemel” en waarmee je eigenlijk wilt aangeven dat iemand hemels is … een engeltje of Ángel in het Spaans.
Corazón
Corazón (uitgesproken als corason) betekent letterlijk “hart” maar is steevast te horen in elk Spaanstalig lied. Je kunt Corazón net zo gebruiken als Amor of Cielo of elk willekeurig ander lief woordje.
Te quiero of Te amo
Te quiero (uitgesproken als te kiero) betekent letterlijk “ik wil je” maar wordt standaard gebruikt voor “ik hou van je”. Het is een vervoeging van het werkwoord Querer. Als je een stapje verder bent in een relatie kun je ook Te amo zeggen wat dieper gaat dan alleen maar Te quiero, iets wat je ook tegen je vader, moeder of buurman kunt zeggen.
Mi vida
Mi vida (uitgesproken als mi bida) betekent letterlijk “mijn leven” maar kan ook gebruikt worden om aan te geven dat je ontzettend veel van iemand houdt en dat die persoon je leven is, erg slijmerig dus.
Enamorado
Enamorada kan gebruikt worden om aan te geven dat je “verliefd” bent zoals bijvoorbeeld in de zin “estoy enamorado de ti” ofwel ik ben verliefd op je. Als je verliefd bent zeg je “estoy enamorado”.
Enkele zinnen
Om een gesprek wat makkelijker te maken of om een goede openingszin te hebben melden we hier enkele korte zinnen die met liefde te maken hebben. Waarschijnlijk ken je deze wel en maak je er dagelijks gebruik van en misschien ook niet en leer je nog wat 🙂
Eres el amor de mi vida.
Jij bent de liefde van mijn leven.
Te amo mucho.
Ik hou heel veel van jou.
Te extraño.
Ik mis je.
Tienes los ojos más bonitos del mundo.
Je hebt de mooiste ogen van de hele wereld.
Te querré para siempre.
Ik zal altijd van je houden.
Voy a soñar contigo.
Ik zal van je dromen.
Te quiero.
Ik hou van je.
Te amo, tu me complementas.
Ik hou van je, jij maakt me compleet.
Tu eres el hombre/mujer de mi vida.
Jij bent de man/vrouw van mijn leven.
Pienso en ti todo el tiempo.
Ik denk altijd aan je.
Eres la persona mas maravillosa del mundo.
Jij bent de mooiste van de hele wereld.
No puedo vivir sin ti.
Zonder jou kan ik niet leven.
Es amor a primera vista.
Het is liefde op het eerste gezicht.
(Yo) te echo mucho de menos.
Ik mis je heel erg.
Tienes una sonrisa muy bonita.
Je lacht zo lief / Je hebt een mooie glimlach.
Te quiero con todo mi corazón.
Ik hou van je met heel mijn hart.
De vermut is fashion en wordt de laatste jaren weer veel gedronken, of eigenlijk is dit drankje nooit echt weggeweest. De vermut wordt traditiegetrouw gedronken voordat men met de lunch begint en is eigenlijk bedoeld om de eetlust op te wekken. Tegenwoordig kan men echter een vermut drinken wanneer men dat maar wilt.
De vermut (in het Nederlands vermout) is een versterkte wijn die op smaak wordt gemaakt met aromatische planten en kruiden. De drank ontstond volgens sommigen in Frankrijk al zegt men in Catalonië dat deze regio de oorspronkelijke Vermut heeft bedacht.
Vermut wordt als een aperitief voor de lunch of als digestief na het eten genuttigd. Het alcoholpercentage ligt doorgaans rond de 15% maar bij de goedkopere varianten is dat lager.
In Spanje wordt de vermut voornamelijk gedronken in de autonome regio’s Catalonië en Madrid waarbij de ‘la hora del vermut’ zeer populair is bij de inwoners. Dat wil echter niet zeggen dat er in andere regio’s in Spanje geen vermut wordt gedronken.
In Spanje drinkt men vooral de witte (fruitig, licht en verfrissend) en gemengd met bruiswater is deze helemaal hip. De rode vermut wordt vaak als aperitief genuttigd vanwege de bitterzoete kruidensmaak.
Drie soorten vermut / Wikimedia
Top 5 vermuts
Er zijn veel merken vermuts te vinden in Spanje maar volgens het net verschenen boek ‘Guía del vermut’ staan deze vermuts hoog in de top 5 lijst.
Miró Rojo // dit is de authentieke vermut uit de Catalaanse stad Reus. 5 á 6 euro per fles.
Yzaguirre Rosado Premium // een vermut uit de gemeente El Morell in de provincie Tarragona. 7 euro per fles.
Vermut Siset // een vermut die tevens uit Catalonië komt en gemaakt wordt in de bodega Mascaró in Villafranca del Penedes. 9 euro per fles.
St. Petroni Branco // een vermut uit de Rias Baixas in Galicië. zo’n 14 euro per fles.
Dos Déus Reserva // een vermut afkomstig uit de Catalaanse wijnregio Priorat in de provincie Tarragona. Dit is een van de duurdere vermuts met een kostprijs van zo’n 25 euro per fles.
Een telefoonalfabet wordt ook wel spelalfabet genoemd en dient om met behulp van spraak foutloos een boodschap of naam te kunnen spellen zoals bijvoorbeeld over de telefoon als je een achternaam moet uitleggen. In plaats van een letter wordt de letter + een naam genoemd die met die letter begint.
Er is voor elk land een officiële lijst met namen zoals in het Nederlands, Vlaams en Spaans maar in de praktijk wordt ook wel eens een andere naam gebruikt. Er is ook een internationaal telefoonalfabet wat een spelalfabet is voor gebruik tussen sprekers met verschillende talen. Het maakt voornamelijk gebruik van internationaal bekende steden, met meestal de Franstalige naam voor die steden.
Om dus een bv. een achternaam over de telefoon te spellen dien je dus de letter te noemen en daarbij het omschrijvende woord. Voorbeeld in het Spaans is het ‘A de Alicante’ of ‘B de Barcelona’ en ‘Q de Queso’.
Stel dat je Jansen als achternaam hebt dan wordt dat dus: J de Jaén; A de Alicante; N de Navarra; S de Sevilla; E de España; N de Navarra.
In de onderstaande tabel twee mogelijkheden (officieel en alledaags) voor het Spaans en daarnaast Nederlands, Vlaams en Internationaal.
Op 1 mei is het de Dag van de Arbeid en dat wordt gevierd door iedereen een vrije dag te geven. Het is in Spanje echter niet voor iedereen feest omdat er nog steeds meer dan 3,3 miljoen werkzoekenden zijn die geen baan kunnen vinden en er veel zijn die niet eens een uitkering ontvangen. De grootste vakbonden CCOO en UGT roepen dan ook op om de straten op te gaan om meer werk, betere contracten, eerlijkere salaris en betere werkomstandigheden te eisen van de nieuwe Spaanse regering.
1 mei is een feestdag in bijna alle Europese landen waaronder ook Spanje en België (Feest van de Arbeid) maar niet in Nederland vreemd genoeg. Zoals altijd kan er een link gemaakt worden met een katholiek feest zoals in dit geval de dag van Sint Jozef als arbeider. Aan de 1 meiviering als viering van de arbeidersbeweging ligt echter ook de invoering van de achturige werkdag ten grondslag, iets dat eind 19e eeuw veelvuldig werd ingevoerd in Europa, eerst in Groot Brittannië en daarna andere landen.
Spanje
In Spanje is de Día Internacional de los Trabajadores of Primero de Mayo een nationale feestdag en dus een vrije dag in het hele land. Het is echter ook een dag waarbij de Spaanse vakbonden oproepen om te demonstreren tegen de overheid en om betere werkomstandigheden te eisen. Ook dit jaar hebben de CCOO en UGT weer tientallen manifestaties gepland in het hele land waarbij duizenden mensen de straten zullen opgaan.
De demonstraties dit jaar volgen slechts enkele dagen na de verkiezingen van 28 april waarbij er tijdens de verkiezingscampagne veel gesproken werd over werk, contracten, minimumloon en de werkloosheid waarbij er zoals altijd veel beloftes werden gedaan door de politieke partijen.
Veel Spanjaarden trekken zich echter niet zoveel aan van demonstraties etc. en vieren gewoon een gezellige vrije dag met de familie. In 2019 valt 1 mei op een woensdag wat veel Spanjaarden niet zal tegenhouden om ook de donderdag en vrijdag vrij te nemen waardoor men een lang weekend heeft en ergens aan de Spaanse kust of in de bergen bij familie op bezoek gaat, dit heet in Spanje de ‘puente de mayo’.
Nederland en België
In Nederland is de Dag van de Arbeid alleen op de BES-eilanden (Bonaire, Sint Eustatius en Saba) een officiële feestdag. Wel werden er vanouds bijeenkomsten georganiseerd door de SDAP (later PvdA) en de CPN. Tot in de jaren tachtig hield de CPN op 1 mei een jaarlijkse betoging in Amsterdam. Voor de werknemers van de gemeente Amsterdam is 1 mei sinds vele decennia een vrije dag.
In veel landen (onder andere België, Frankrijk en Spanje) is 1 mei een doorbetaalde vrije dag. In Nederland geldt dit in het algemeen niet voor arbeiders, maar wel voor een kleine groep ambtenaren, banken en beurshandelaren. Ook werknemers van vakbonden zijn op deze dag vrij. De grondtoon van de Dag van de Arbeid is heden ten dage het gevoel van internationale verbondenheid.
Net zoals andere EU-landen heeft Spanje ook milieustickers voor voertuigen die op dit moment nog niet verplicht zijn. Diverse Spaanse steden hebben milieuzones (zonas de bajas emisiones) ingevoerd die alleen toegankelijk zijn voor voertuigen die een geldige milieusticker (etiquetas medioambientales of distintivo ambiental) hebben.
Milieustickers
Spanje heeft vier milieustickers (distintivos ambientales) met verschillende kleuren en letters. Het wordt aangeraden (maar is niet verplicht) om de milieustickers rechtsonder op de voorruit van een voertuig te plaatsen of in het geval van scooters en motoren op een duidelijk leesbare plaats.
Blauw – 0: voertuig zonder uitstoot zoals elektrische en op gas rijdende voertuigen.
Blauw-groen – ECO: hybride en op gas rijdende voertuigen die aan de criteria voldoen van de groene sticker.
Groen – C: benzineauto’s geregistreerd in 2006 of later; dieselauto’s geregistreerd in 2014 of later; voertuigen met meer dan 8 zitplaatsen en zware voertuigen, zowel benzine als diesel, geregistreerd in 2014 of later.
Geel – B: benzineauto’s geregistreerd in 2000-2013; dieselauto’s geregistreerd in 2006-2013; voertuigen met meer dan 8 zitplaatsen en zware voertuigen, zowel benzine als diesel, geregistreerd in 2005-2013.
Voor overige voertuigen (benzineauto’s en busjes voor 2000 en dieselauto’s en bussen voor 2006) is er geen milieusticker.
DGT
Welke milieusticker
Mocht men in Spanje wonen en een voertuig met Spaans kenteken hebben dan kan men op deze pagina het kenteken invullen waarna de Spaanse verkeersdienst DGT laat zien welke sticker geplakt moet worden.
De informatie omtrent de voertuigen komt van de fabrikant en heeft dus niets te maken met de staat waarin een voertuig zich bevindt of hoe oud deze is.
Buitenlands kenteken
Op dit moment zijn er in Spanje geen regels voor voertuigen met een buitenlands kenteken. Deze kunnen in Spanje geen Spaanse milieustickers krijgen omdat ze in dat land niet staan geregistreerd. Madrid en Barcelona zijn op dit moment de twee Spaanse steden die regels hebben wat betreft milieustickers op voertuigen. Deze gelden voor voertuigen met een Spaans kenteken en niet voor voertuigen met buitenlandse kentekens.
De DGT raadt eigenaren van voertuigen met buitenlandse kentekens aan om de zones met restricties (zonas SER) uit voorzorg en om eventuele problemen en boetes te voorkomen niet te betreden door de auto buiten dat gebied te parkeren en verder te reizen met het openbaar vervoer.
Waar te krijgen
De milieustickers hebben een prijs van 5 euro en zijn te koop bij de Spaanse postkantoren (oficinas de correo). Daarnaast zijn ze ook te koop bij bepaalde garages die aangesloten zijn bij het Confederación Española de talleres (CETRAA) netwerk en bij bepaalde administratiekantoren (gestores administrativos).
De milieusticker kan ook online gekocht worden bij de DGT waarbij deze naar huis wordt gestuurd voor 6,50 euro. Klik hier voor de link. Daarvoor moet men wel de juiste documenten scannen en online naar de DGT sturen.
Om de juiste sticker te kunnen kopen heeft men het kentekenbewijs van het voertuig nodig en dient men een geldig rijbewijs te tonen. In Spanje hebben veel voertuigen waarschijnlijk al een sticker omdat deze als promotie tussen 2015 en 2017 naar meer dan 4 miljoen eigenaren van voertuigen werd gestuurd die deze dus gratis hebben ontvangen.
Verplicht?
Het plaatsen van een milieusticker op een voertuig is in heel Spanje (nog) niet verplicht. Het hebben van een milieusticker kan belastingtechnisch wel een voordeel hebben. Er zijn echter steden waar het wel verplicht is om een milieusticker te hebben.
In Madrid werd op 12 december 2018 Madrid Central geopend waar men vanaf 24 april 2019 alleen nog mag komen met bepaalde voertuigen die net zoals op de ringweg M-30 een milieusticker moeten hebben. Men kan beboet worden vanaf 15 euro als men geen milieusticker heeft geplaatst.
Dat geldt niet voor die voertuigen die geen milieusticker hoeven te plaatsen zoals hierboven omschreven al mogen deze milieubelastende voertuigen niet meer overal komen in Madrid waar een permanente milieuzone is.
LET OP: Ook bezoekers van de stad die met eigen vervoer naar Madrid gaan moeten een milieusticker hebben geplaatst.
Sinds 1 januari 2020 mogen de zogenaamde vervuilende voertuigen niet meer rijden in de ‘Zona de Bajas Emisiones’ (ZBE) in de stad Barcelona tussen 7 uur ‘s morgens en 20 uur ‘s avonds.
Het is op 23 april heel gebruikelijk om in Catalonië op straat vrouwen te zien lopen met een roos in de hand terwijl ernaast een man loopt met een boek onder zijn arm. 23 april is in Catalonië een regionale feestdag (maar geen vrije dag) waar de vrouwen traditiegetrouw rode rozen ontvangen van degene die van hen houden en als tegenprestatie ontvangen de mannen dan een boek van de vrouwen.
Op Sant Jordi was het oorspronkelijk de bedoeling dat alleen geliefden meededen met het geven en in ontvangst nemen van rozen en boeken maar de laatste jaren is deze feestdag uitgegroeid tot een fenomeen waarbij familieleden, ondernemers en zelfs klasgenoten elkaar de traditionele cadeaus overhandigen.
In de grote steden zoals Barcelona, Gerona, Tarragona en Lerida worden op de Ramblas en pleinen boekenmarkten gehouden waar de geliefden boeken kunnen kopen en uiteraard ontbreekt het dan ook niet aan de bloemenverkopers waar men de traditionele rode, gele roos of andere kleurencombinaties kan kopen.
Oorsprong
Maar waar komt dit feest nu vandaan? Het verhaal van het boek is gemakkelijk te verklaren aangezien op 23 april herdacht wordt dat twee van de grootste schrijvers ooit, Miguel de Cervantes en William Shakespeare, rond deze datum gestorven zijn (de exacte datum is nogal wat onenigheid over). Door UNESCO werd 23 april dan ook uitgekozen als ‘dag van het boek’.
Het verhaal van de roos is wat gecompliceerder en is zelfs terug te voeren tot aan de middeleeuwen en is doordrenkt van een romantische legende.
Het verhaal
“Er was eens een monster dat leefde in een meer nabij een ommuurde stad. Om ervoor te zorgen dat het monster niet het dorp zou aanvallen moesten de bewoners elke dag 2 schapen opofferen aan het monster. Op een dag waren er geen schapen meer over en dreigde het monster het dorp aan te vallen en te vernietigen. Zodoende beval de koning dat alle kinderen opgeofferd moesten worden aan het monster, dit in een bepaalde volgorde waardoor ook op een bepaalde dag de dochter van de koning aan de beurt was. De koning wilde zijn dochter niet opofferen en dat pikte de bewoners niet die zelfs dreigden het Paleis van de koning in brand te steken.
Toen kon de Koning niet anders dan ook zijn dochter op te offeren. Halverwege de weg naar het meer waar het monster zat ontmoette de prinses een ridder op een groot wit paard die uiteraard vroeg wat er aan de hand was. Toen de prinses het verhaal uitlegde aan de ridder dacht de ridder geen seconde langer na en pakte zijn lans en viel het monster aan. De ridder genaamd Sant Jordi sleepte vervolgens de gewonde draak door de stad om de bevolking te laten zien dat het monster overwonnen was waarna de ridder de draak doodde door zijn lans verder door te steken. Uit het bloed wat op de grond viel ontstonden verschillende rozen waarvan de ridder de mooiste aan de prinses gaf”.
Commercie
Al met al is het tegenwoordig meer een commerciële dag geworden maar toch blijft het interessant om veel bloemen te zien en volgens traditie worden op 23 april de meeste boeken verkocht van het hele jaar.
Wat opvalt is dat slechts 4% (zo’n 300.000) van de rozen uit Catalonië zelf komt en er veel rozen (10%) vanuit andere plaatsen in Spanje zoals Soria naar Catalonië komen. Ongeveer 15% van de rozen komt uit Nederland maar het merendeel wat 70% is komt uit Ecuador en Colombia. Enkele bekende rozen zijn de ‘Freedom’, de ‘Samurai’, de ‘Lucky Red’ en de ‘Red France’.
Je bent dus gewaarschuwd, ben je op 23 april ergens in Catalonië vergeet dan niet een roos te kopen voor je vrouw/vriendin en/of een boek voor je man/vriend. Zie het maar als de Catalaanse Valentijnsdag waarop men elkaar de liefde opnieuw kan verklaren.
Als je regelmatig in Spanje komt of er woont dan heb je wellicht het woord ‘guiri’ wel eens gehoord. Men gebruikt dit woord dat uitgesproken wordt als ‘giri’ vaak om buitenlandse toeristen of inwoners uit met name welvarende landen in Noord-Europa of de Angelsaksische landen zoals Groot Brittannië te omschrijven. Maar wist je dat het woord al heel oud is en een heel andere betekenis heeft gehad?
De ‘guiris’ zijn sterk geassocieerd met het strand toerisme en algemeen gestereotypeerd als blonde persoon met een bleke huid. Uiteraard is dat iets te algemeen tegenwoordig en in principe wordt ‘guiri’ dus gebruikt voor de vakantiegangers maar als je in Spanje woont en werkt willen ze je ook nog wel eens ‘guiri’ noemen. Het woord wordt echter niet voor alle migranten gebruikt in Spanje, zo zal men iemand uit Rusland, China of Argentinië niet zo snel een ‘guiri’ noemen.
Maar naast het omschrijven van een ‘buitenlander’ uit het noorden van Europa heeft het woord ‘guiri’ nog meer betekenissen gehad in de geschiedenis van Spanje.
Oorlog
Volgens de geschiedenisboeken werd het woord ‘guiri’ reeds gebruikt ten tijde van de zogenaamde Carlistenoorlogen in de negentiende eeuw. Dit waren een reeks van burgeroorlogen tussen 1833 en 1876 tussen aanhangers van de Infante Carlos (zoon van Koning Ferdinand VII) en de Cristinos, aanhangers van Koningin María Cristina de Borbón. Het carlisme is een traditionalistische beweging in Spanje die wordt geleid door een pretendent naar de Spaanse troon. Lees hier meer over het Carlisme en de oorlogen.
De Baskische Carlisten noemden hun tegenstanders, de Liberalen, ‘guiris’. De meest aangenomen theorie is dat ‘guiri’ afstamt van het Baskische woord ‘gristino’ dat Cristina betekent, met andere woorden een aanhanger van Koningin María Cristina. Later werd ‘guiri’ gebruikt om een soldaat te benoemen die dus aan de kant van María Cristina vocht.
De eerste keer dat er in een boek melding gedaan wordt van het woord ‘guiri’ was in 1881 in het boek ‘Un viaje de novios’ (huwelijksreis) van Emilia Pardo Bazán. Zij omschreef liberalen in haar boek als ‘guiris’. Later in een ander boek uitgebracht in 1898 werd ook het woord ‘guiri’ gebruikt.
Andere betekenissen
Sommigen zeggen echter dat het woord afstamt van het Turkse woord ‘gâvur’ wat ongelovige of buitenlander betekent.
Er is ook een theorie dat het woord ‘guiri’ uit de caló-taal komt en afgeleid is van het Marokkaanse en Algerijnse Arabische ‘gaouri’. Het heeft dezelfde betekenis, zijnde buitenlanders uit Europa in dit geval (dus ook Spanjaarden).
In de twintigste eeuw werd ‘guiri’ ook gebruikt om een agent van de Guardia Civil en politie tijdens de Franco dictatuur aan te geven.
Halverwege de twintigste eeuw werd ‘guiri’ echter exclusief gebruikt om buitenlanders een naam te geven, en dan dus met name die toeristen of buitenlanders afkomstig uit Noord Europa.
Het woord ‘guiri’ wordt zowel voor mannen alsook vrouwen gebruikt. Het maakt daarbij voor een Spanjaard niet uit hoelang je al in Spanje op vakantie komt of hoe lang je er al woont, je zult in veel gevallen altijd een ‘guiri’ blijven, ook al beheers je de taal goed en ben je volledig geïntegreerd in de Spaanse maatschappij. Uiteraard geldt dit niet altijd en voor iedereen maar over het algemeen wel.
De Spaanse verkeersdienst DGT heeft in onderstaande korte video uitgelegd hoe men in groepsverband moet fietsen op de openbare weg. Daarbij wordt aangegeven dat het naast elkaar fietsen van twee personen is toegestaan. Ook al lijkt het erop dat dit gevaarlijke situaties kan veroorzaken, het vergroot ook het zicht op de fietsers waardoor automobilisten die fietsers beter zien, aldus de Dirección General de Tráfico.
De Spaanse verkeerswet geeft aan dat als je met een groep fietsers over de grote weg rijdt je dat in parallel vorm dient te doen met een maximum van twee personen naast elkaar tenzij er veel verkeer is en het zicht belemmerd is, dan moet men achter elkaar fietsen.
Het is dus toegestaan om op de openbare weg twee aan twee te rijden als men in groepsverband rijdt. Houdt dus wel rekening met eventueel veel verkeer waardoor het gevaarlijk kan zijn en op die plaatsen waar het zicht belemmerd is, zoals in bochtige wegen.
De automobilist dient volgens de wet altijd 1,5 meter afstand te houden van de fietsers, iets wat moeilijker is wanneer fietsers naast elkaar fietsen (maximaal 2 personen). Dit zorgt ervoor dat automobilisten soms veel geduld moeten hebben als het druk is met fietsers en tegenliggend verkeer. Dat kan wel eens gevaarlijke situaties opleveren waarbij het soms verstandiger is om in groepsverband achter elkaar en dus niet 2 aan 2 naast elkaar te fietsen.
En fietsers opgepast, buiten de bebouwde kom als men op de openbare weg rijdt moet men altijd een fietshelm dragen en goede verlichting hebben. Daarnaast is reflecterende kleding ook geen overbodige luxe. Binnen de bebouwde kom is een fietshelm voor volwassenen niet verplicht, wel voor fietsers jonger dan 16 jaar.
Degene die een computer gekocht heeft in Spanje weet waar dit artikel over gaat, de verschillen in toetsenborden in Nederland/België en Spanje. Aangezien het Spaans een alfabet heeft van 27 letters in plaats van 26 en er veel gebruik gemaakt wordt van de accenten en speciale leestekens, is ook de layout van het toetsenbord anders en zijn er geen 104 maar 105 toetsen te vinden.
In Nederland worden meestal toetsenborden (teclados) met de Amerikaanse indeling verkocht (American International ANSI) welke gebaseerd is op de QWERTY-indeling terwijl men in België meestal de AZERTY-indeling gebruikt welke makkelijker is om zowel Vlaams alsook Waals/Frans te typen.
QWERTY is een systeem van indeling van toetsen (teclas) op computertoetsenborden waarvan de eerste rij letters (gerekend van linksboven) begint met de Q, W, E, R, T en Y. In geval van het Belgische AZERTY systeem komt de naam van de eerste rij letters die begint met A, Z, E, R, T en Y.
Spaans toetsenbord
Het QWERTY systeem wordt ook gebruikt bij de Spaanse toetsenborden maar er wordt een letter toegevoegd, te weten de Ñ die veel gebruikt wordt in de Spaanse taal. Daarnaast is er speciale aandacht op het toetsenbord voor de accenttekens aigu (agudo), grave (grave), trema (diérisis) en circonflexe (circunflejo). Ook is er op het Spaanse toetsenbord plaats gemaakt voor de cedille (cedilla) omdat deze gebruikt wordt in het Catalaans.
Omdat er o.a een extra letter is bijgekomen en het makkelijk is gemaakt om de accenttekens te gebruiken is de hele indeling op een Spaans toetsenbord anders en zijn er niet 104 maar 105 toetsen te vinden op een teclado español.
Links (op smartphone/tablet boven) het Amerikaanse (Nedeland) toetsenbord en rechts (op smartphone/tablet onder) het Spaanse toetsenbord. Klik op de foto’s om deze in het groot te bekijken.
Ñ
Het Spaanse alfabet heeft één letter meer dan het Nederlandse alfabet waardoor deze uit 27 in plaats van 26 letters bestaat. Het gaat om de eñe (uitspraak: enje) die veel gebruikt wordt in de Spaanse taal. Deze toets is op het Spaanse toetsenbord op de twee rij letters helemaal rechts te vinden, naast de L.
De Ñ is in feite een N met een ~ (tilde) erboven en wordt uitgesproken als NJ zoals in het woord españa wat uitgesproken wordt als espanja. In het Catalaans wordt de Ñ niet gebruikt maar wordt deze vervangen door NY (espanya).
@
Het apenstaartje of ad (arroba) dat gebruikt wordt voor e-mailadressen bevindt zich op een andere plaats; in plaats van boven het cijfer 2 is dat rechtsonder op de toets 2 (te gebruiken via Alt Gr + 2)
#
De bekende hashtag (almohadilla) gebruikt voor o.a instagram, Facebook, Twitter etc. bevindt zich niet boven het cijfer 3 maar rechtsonder op de toets 3 (te gebruiken via Alt Gr + 3).
€
Het euroteken (símbolo del euro) bevindt zich op een Spaans toetsenbord niet op de toets 5 rechtsonder maar rechtsonder op de toets E (te gebruiken via Alt Gr + E)
?
Bij een vraag worden in de Spaanse taal twee vraagtekens (signos de interrogación) gebruikt, een omgekeerd vraagteken (signo de apertura) vooraan de vraag en een normaal vraagteken (signo de cierre) achter de vraag. Deze tekens zijn beiden terug te vinden op een Spaans toetsenbord, op de rij met cijfers rechts bovenaan naast de 0 op twee aparte toetsen.
!
Hetzelfde als bij de vraagtekens geldt ook voor de uitroeptekens (signos de exclamación) waarbij er voor het woord of zin waar de nadruk op ligt een omgekeerd uitroepteken (signo de apertura) staat en achter het woord/zin een normaal uitroepteken (signo de cierre). Het normale uitroepteken is te vinden boven de toets 1 terwijl het omgekeerde uitroepteken onder de toets met het omgekeerde vraagteken, welke de laatste toets is van de rij met cijfers.
Ç
In het Spaans wordt de cedille (cedilla) niet gebruikt als letter maar wel in het Catalaans wat een officiële taal is in Spanje. Daarom is deze letter ook te vinden op het Spaanse toetsenbord, op de tweede rij letters als laatste rechts. De Ç kan gebruikt worden door de toets samen met de Shift toets in te drukken.
In het Catalaans (en Frans en Portugees) komt de cedille alleen voor onder een C die gevolgd wordt door een A, O of U en geeft dan aan dat deze C niet als een K maar als een S moet worden uitgesproken.
Leestekens
Diverse leestekens staan op een Spaans toetsenbord op een andere plaats dan het Nederlandse/Belgische toetsenbord. Dat geldt voor de punt (.), komma (,), dubbelepunt (:), puntkomma (;), aanhalingstekens(”), haakjes (), apostrof (‘), schuine streep (/), koppelteken (-), afbreekstreepje (_), plusteken (+), is-teken (=) etc. Om de plaats van deze leestekens te zien verwijzen we naar de tekening in dit artikel van het Spaanse toetsenbord.
Caps lock
De naam Caps lock waarmee men hoofdletters kan typen heeft op een Spaans toetsenbord een andere naam, te weten ‘Bloq Mayús’ wat staat voor ‘Bloquear Mayúscula’ wat hoofdletter betekent.
Andere benamingen
Uiteraard zijn er naast Caps lock ook andere Spaanse benamingen voor Delete (Supr.), End (Fin), Enter (Entrar), Shift (Mayús), Home (Inicio) etc.
Misschien heb je er nog nooit van gehoord en ben je er niet mee bekend maar Padel is in Spanje zeer populair. Je komt overal kleine tennisbanen tegen die geplaatst zijn in een soort glazen kooi. Hierin wordt Padel beoefend. In Spanje is het op voetbal na de populairste sport en dus inmiddels ook populairder dan tennis en het meer relaxte golf.
Padel is een sport en is een soort combinatie van tennis en squash. Er wordt gespeeld met kleine dikke rackets. Het spel kan net als tennis in enkel- of dubbelspel worden gespeeld. Maar het veld is kleiner, de puntentelling eenvoudiger, er bestaat geen uit en de service is onderhands.
Net als bij tennis is er midden in het veld een net. Dit net is bij Padel gespannen over de hele breedte van het speelveld en het is 88 centimeter hoog. Het speelveld is rondom helemaal afgesloten door 3 meter hoge wanden, meestal zijn deze transparant. Kenners zeggen dat Padel toegankelijker is voor het grote publiek dan tennis. Reden is dat er minder techniek voor nodig is.
Ontstaan
De sport werd naar Spanje gehaald door Prins Alfonso von Hohenlohe die in 1974 ermee in aanraking kwam toen hij in Mexico verbleef. Hier was het petekind van koning Alfonso XIII en koningin Eugenia op bezoek bij zijn vriend Enrique Corcuera. Deze Enrique speelde een soort minitennis op een ommuurd veld.
Dit kleine tennisveld had hij zelf aangelegd omdat zijn tuin te klein was voor een echte tennisbaan. Van Hohenlohe wist de “sport” die Enrique beoefende erg te waarderen en hij legde twee banen aan in de tuinen van zijn Marbella Club Hotel. Hier en daar paste hij de regels wat aan. Vervolgens wist hij een hoop van zijn vrienden én bezoekers te enthousiasmeren om het spel te spelen.
Manolo Santana’s invloed
Toen aan het eind van de jaren zeventig de Spaanse tennislegende Manolo Santana ook bevlogen werd door de sport won Padel nog meer aan populariteit. Santana organiseerde Padeltoernooien en de sport werd populair langs de hele Costa del Sol. Steeds meer clubs plaatsten hun eigen tennisbanen.
Padel verspreidde zich vanuit het zuiden van Spanje verder door de rest van het land waarbij er inmiddels veel aan Padel wordt gedaan in heel Andalusië, Murcia, Comunidad Valenciana en Catalonië waar de sport ook zeer populair is geworden de laatste jaren.
Wereld veroveren
De Argentijnse miljonair Menditengui zag bij zijn vriend Von Hohenlohe in Marbella hoe populair Padel was. Hij bracht de sport naar zijn thuisland waar Padel ook een succes werd. De sport wordt vandaag de dag in Zuid-Amerika en op andere continenten veel gespeeld. Wereldwijd beoefenen momenteel ongeveer 6,5 miljoen mensen de sport. Meer dan vier miljoen van de sporters komen uit Spanje.
De Semana Santa ofwel de Goede Week is de week voor Pasen en gaat gepaard met veel traditie, klederdracht, emoties, processies en typische gastronomie en andere tradities. Maar er zijn enkele tradities die wellicht niet bekend zijn bij de meeste lezers en/of die zo uitzonderlijk zijn dat enige tekst en uitleg makkelijk is.
Een van Spanje’s bekendste en meest gewaardeerde feesten is de Semana Santa die in 2019 plaatsvindt tussen 14 en 20 april, de week voor Pasen (zondag 21 en maandag 22 april) dus, in het Spaans Pascua genoemd. Semana Santa betekent letterlijk Heilige Week maar wordt ook wel Goede Week genoemd en bestaat uit diverse dagen waarbij er bijna in heel Spanje processies zijn met veel wierook, melancholische muziek, trommels en bellen en veel emoties waarbij huilende mensen tussen het publiek geen uitzondering zijn.
Hieronder staan enkele tradities die te maken hebben met de Semana Santa in Spanje maar die wellicht niet zo bekend zijn of waar men de betekenis niet van kent.
Wikimedia
Torrijas (Spanje)
Net zoals bij andere Spaanse feesten hoort ook bij de Semana Santa een typisch gerecht dat in heel Spanje gegeten wordt, de torrijas. Torrijas zijn te vergelijken met de wentelteefjes in Nederland (en België?). Dikke stukken – van het liefst enkele dagen oud – brood worden geweekt in een mengsel van melk en ei, vervolgens gebakken in olijfolie en geserveerd met honing en/of suiker en kaneel.
Antena3
Mona de Pascua (Catalonië en Valencia)
Vooral populair in de deelstaten Catalonië en Valencia, Deze taart wordt traditiegetrouw door de peetvaders als een geschenk gegeven aan kinderen. Taarten zijn bedekt met ofwel gekookte eieren of chocolade figuren en kleurrijke decoraties van bekendheden of prinsesjes, Spongebop, Messi, etc.
Op Palmzondag vindt de eerste processie plaats die op veel plaatsen de naam ‘El Paso de la Borriquita’ heeft gekregen waarbij Jezus op een ezel Jeruzalem binnenreed. De processies zijn versierd met mooie gebleekte palmbladen (van de dadelpalm) in allerlei vormen. De meest bekende processie vindt plaats in Elche waar immers meer dan 300.000 palmbomen te vinden zijn.
OK Diario
Dronken Joden (Cuenca)
In Cuenca vindt een processie getiteld ‘Procesión de los Borrachos’ ofwel de processie van de dronkaards plaats. De dronkelappen tijdens deze processie vertegenwoordigen de Joden die gedurende 12 uur proberen te voorkomen dat Jezus bij zijn bestemming komt waarbij men veel van het typische drankje ‘resolí’ drinkt.
WikiMedia
Joden doden (León)
Waar in Cuenca dronken Joden over straat lopen doet men in de provincie León in Castilla y León haar best om Joden te doden. Uiteraard niet letterlijk maar figuurlijk door middel van een speciaal drankje dat omschreven kan worden als een limonade van wijn (limonada de vino). Men weet niet zo goed waar de term vandaan komt maar het heeft allemaal te maken met de strijd tussen de Christenen en Joden in de Middeleeuwen.
OK Diario
Grootste processie (Orihuela)
Niet in Madrid, Málaga of Sevilla maar in Orihuela provincie Alicante. Dat is de plaats waar de ‘Procesión General del Viernes Santo’ op Goede Vrijdag plaatsvindt. Dit is een van de grootste Semana Santa processies van Spanje met meer dan 8.000 ‘nazarenos’ (de personen met puntmutsen), 1.200 musici en honderden Romeinen.
123rf
Puntmutsen (Spanje)
Tijdens de Semana Santa processies vallen de zware beelden op de ‘tronos’ op die men draagt maar vaak nog meer de kledij waarbij de puntmutsen maar al te vaak met de Amerikaanse klu-Klux-Klan geassocieerd worden. De ‘capirotes’ hebben vaak verschillende kleuren die te maken hebben met de broederschappen die de processies organiseren.
Het is een traditie die ruim vijfhonderd jaar oud is waarbij de puntmutsen of kappen de identiteit van de boetedoeners (penitentes) verhullen. De ‘capuces of capuchones’ stammen uit de periode van de inquisitie in de middeleeuwen.
El Confidencial
Gratie (Spanje)
Tijdens de Semana Santa wordt er op diverse plaatsen gratie verleend aan gevangenen uit de lokale gevangenis. Ondanks dat het enige overheidsorgaan die gratie kan en mag verlenen volgens de Grondwet de Ministerraad is en de Koning, is het vanwege een eeuwenoude traditie toch mogelijk gratie te verlenen aan gevangenen tijdens de Heilige of Goede Week. In 2019 worden er zes graties verleend die aangevraagd werden door broederschappen in Zaragoza, Oviedo, Granada, Málaga en Sevilla. De Spaanse regering heeft dit op vrijdag via zes koninklijke decreten bekend gemaakt.
Volgens de legende stamt het verlenen van gratie uit 1759 toen Málaga te maken had met de pest. Gevangen vroegen om vrijlating zodat ze het beeld ‘Jesus El Rico’ door de straten zouden kunnen dragen om een einde van de pest te vragen. De gevangenen werden niet vrijgelaten maar ontsnapten, stalen het beeld, liepen door de straten van Málaga, brachten het beeld terug en keerden terug naar hun cel. Daarna verdween de pest volledig uit de stad. Carlos III besloot daarna gratie te verlenen aan een gevangene, een traditie die daarna in bijna heel Spanje werd ingevoerd.
WikiMedia
Dodendans (Gerona)
In het dorp Verges in de provincie Gerona (Catalonië) vindt elk jaar op Witte Donderdag ofwel Jueves Santo de ‘dansa de la mort’ ofwel in het Spaans ‘danza de la muerte’. Deze dans wordt uitgevoerd door personen die een skelet-kostuum dragen en als bezetene dansen op het ritme van muziek. Deze dans was ooit in heel West-Europa een traditie maar tegenwoordig vindt deze alleen nog plaats in Verges.
Archiefffoto
Bruidegom van de dood (Málaga)
De Semana Santa in Málaga is wellicht een van de bekendste en meest bezochte van heel Spanje en op Witte Donderdag ofwel Jueves Santo lopen de straten van Málaga vol met publiek dat de leden van het Legión Española ofwel het Spaanse vreemdelingenlegioen die het beeld ‘Cristo de la Buena Muerte’ dragen en het lied ‘El novio de la Muerte’ zingen wil zien.
Elk jaar op Witte Donderdag legt ‘s morgens een schip van het Spaanse La Legión Española aan in de haven van Málaga waarna de tientallen soldaten van het Vreemdelingenlegioen onder het toeziend oog van de collega’s in de avonduren het beeld van de patroonheilige ‘Cristo de la Buena Muerte y Ánimas’ vanuit de kerk Iglesia Santo Domingo over het plein plaza de Fray Alonso de Santo Tomás in een ganzenpas door de straten van Málaga marcheren.
De soldaten zingen op het moment dat de fanfare band van het Legioen de muziek inzet tegelijkertijd het lijflied van het Spaanse Legioen ‘El novio de la Muerte’ wat voor veel bijstanders het hoogtepunt is en waar veel mensen kippenvel van krijgen en een traantje moeten wegvegen.
Heraldo
Trommelaars (Teruel)
In de provincie Teruel (Aragón) zijn diverse dorpen die samen de ‘Ruta del tambor y el bombo’ vormen, de route van de trommels. Op Goede Vrijdag (viernes santo) om 12.00 uur zijn er 20.000 trommelaars op straat om de stilte van de Semana Santa processie te onderbreken om de dood van Christus aan te kondigen. Volgens de evangeliën was er op dat moment een aardbeving die Jeruzalem op zijn grondvesten deed schudden.
Calanda vormt deel van de ‘Ruta del tambor y el bombo’ waar ook Albalate del Arzobispo, Alcañiz, Alcorisa, Andorra, Híjar, La Puebla de Híjar, Samper de Calanda en Urrea de Gaén in de provincie Teruel toe behoren. Negen dorpen die elk om 12.00 uur op Goede Vrijdag de straten laten beven onder het geluid van de trommels tijdens de ‘Romper la hora’.
Met het daverende geluid van de duizenden trommels, die traditiegetrouw door mannen maar sinds 1980 ook door vrouwen, worden bespeeld, herleven de inwoners het tijdstip waarop Christus overleed.
Spaanse moeders zullen op zondag 5 mei (2019) in de watten worden gelegd op Moederdag ofwel Día de la Madre. In Spanje wordt Moederdag altijd gevierd op de eerste zondag in de maand mei, iets dat afwijkt van bijvoorbeeld Nederland en België waar Moederdag op de tweede zondag in mei plaatsvindt, behalve in Antwerpen waar dat op 15 augustus gevierd wordt.
Moederdag wordt gevierd ter ere van het moederschap net zoals Vaderdag (in Spanje op 19 maart) ter ere van het vaderschap. In gezinnen die Moederdag vieren staat de dag in het teken van het verwennen van de moeder. Ze krijgt veelal ontbijt op bed en cadeaus en van huishoudelijke taken wordt ze vrijgesteld (beetje ouderwets maar toch).
Traditie
Het vereren van moeders is een veel oudere traditie dan de moderne Moederdag en gaat terug op de moedercultus in het klassieke Griekenland. De formele moedercultus met ceremonies voor Cybele of Rhea, de Grote Moeder der goden, werd overal in Klein-Azië beoefend op de ides (15e dag) van maart. De katholieke Kerk kent een lange traditie van verering van Maria, de moeder van Jezus.
Amerikaans feestje
De feestdag heeft zich in zijn huidige vorm vanuit de Verenigde Staten over de rest van de westerse wereld verspreid. In Nederland en België begon de traditie rond 1925 en in Spanje in 1965, al is deze dag in Spanje nooit officieel verklaard door de autoriteiten en is het alleen een populaire en commerciële dag.
Wereldwijd
Over de hele wereld wordt moederdag gevierd en op dezelfde dag als Spanje doen ook de inwoners van Hongarije, Litouwen, Portugal en Roemenië dat. De eerste moederdag van het jaar vindt plaats op de tweede zondag in februari in Noorwegen gevolgd door de Moederdag tussen 30 januari en 1 maart in Israël. Verder zijn er nog Moederdagen op 3 maart, 8 maart, vierde zondag in de vastentijd, 21 maart, 25 maart, 7 april, eerste zondag in mei, 8 mei en 10 mei.
Samen met Nederland en België (behalve Antwerpen) vieren de volgende landen ook op de tweede zondag in mei hun Moederdag: Anguilla, Aruba, Australië, Bahama’s, Bangladesh, Barbados, Belize, Bermuda, Bonaire, Brazilië, Brunei, Canada, Chili, Colombia, Cuba, Curaçao, Cyprus, Denemarken, Duitsland, Ecuador, Estland, Filipijnen, Finland, Ghana, Grenada, Griekenland, Honduras, Hongkong, IJsland, India, Italië, Jamaica, Japan, Kroatië, Letland, Maleisië, Malta, Nieuw-Zeeland, Oostenrijk, Pakistan, Peru, Puerto Rico, Singapore, Slowakije, Saint Lucia, Suriname, Taiwan, Trinidad en Tobago, Tsjechië, Turkije, Uruguay, Venezuela, Verenigde Staten, Zimbabwe, Zuid-Afrika en Zwitserland. (Bekijk alle data en landen hier)
Antwerpen anders
De Amerikaanse Moederdag was nog niet bekend toen de Antwerpse, liberaal denkende kunstenaar en schepen Frans Van Kuyck in 1913 een Moederdag introduceerde op 15 augustus, de feestdag van Maria (Onze Lieve Vrouwe Hemelvaart), sinds 1124 de patrones van de stad. Het was de dag van de grote Mariaprocessie. Volgens de Antwerpse schepen was de sociale orde in het begin van de eeuw grondig verstoord door de ingrijpende modernisering. Zijn remedie: het herstellen en cultiveren van de waardigheid van de familie.
Hiervoor moest volgens Van Kuyck alles ingezet worden op het in beeld brengen van de rol van de moeder in het gezin en de maatschappij. Een speciale dag leek hem een ideale techniek. Van Kuyck mobiliseerde de plaatselijke pers en de scholen, publiceerde een scenario en zette een propagandacomité aan het werk. De kinderen en vader moesten moeder verrassen met versieringen, gelegenheidsversjes, bloemen, speciale broodjes en zelfs juwelen.
Net zoals de Moederdag in Spanje is ook de Vaderdag ofwel Dia del Padre anders. Vaderdag heeft reeds op 19 maart (2019) plaatsgevonden, een dag die samenvalt met Día de San José. Deze datum is echter anders dan in Nederland waar Vaderdag op 16 juni (2019) plaatsvindt en in België op 9 juni (2019). Alleen de regio Antwerpen viert samen met Spanje op 19 maart Vaderdag. Ook het begrip vaderdag is afkomstig uit de Verenigde Staten waar deze reeds in 1909 werd geïntroduceerd.
De bedwants (Cimex lectularius) stond vroeger beter bekend als wandluis en is een parasitair insect dat behoort tot de onderorde wantsen (Heteroptera). De bijnaam wandluis is misleidend want het dier is geen luis. Het insect moet niet verward worden met de kleerluis, die een enigszins vergelijkbare parasitaire leefwijze heeft. De huidaandoening die deze wants veroorzaakt wordt in medische termen cimicosis genoemd.
De bedwants (chinche de las camas) is een klein insect en wordt 5 tot 6 mm lang. De kleur is roodbruin tot bruin; net vervelde exemplaren zijn lichter, maar kleuren bij. Het lichaam is breed en sterk afgeplat. Net als vlooien, waar bedwantsen overigens niet aan verwant zijn, stammen zij af van soorten met vleugels, die ze in de loop der tijd weer grotendeels verloren hebben.
De bedwants leeft van bloed van onder andere de mens en dankt de naam aan de plek in huis waar zich doorgaans de meeste bedwantsen bevinden, namelijk in en rond het bed.
De bedwants prikt door de huid met zijn steeksnuit; deze bestaat uit een buisje dat bloed zuigt en een tweede dat verdovende en antistollende stoffen injecteert. Hierdoor voelt men de beet niet en stolt het bloed minder snel, wat de stroom op gang houdt tot de wants genoeg heeft.
De bedwants is een goede overlever die maanden zonder voedsel kan. Door het afgeplatte lichaam kunnen de smalste spleten worden betreden, zoals de vele plooien in het beddengoed. Uitgeademde CO2 en lichaamswarmte trekken deze dieren aan.
De ‘chinche’ kan in principe overal prikken maar de benen lijken favoriet. De steekwondjes hebben veel weg van muggenbulten en zien eruit als kleine, rode bultjes. Soms zijn rijen bultjes aanwezig; deze zijn veroorzaakt door een bedwants die gestoord werd tijdens het voeden en meerdere malen kort na elkaar geprikt heeft.
De wondjes genezen over het algemeen snel; soms komen huidinfecties voor of worden de bultjes opengekrabd waardoor littekens ontstaan. De rode vlekjes zijn pas na enkele weken volledig verdwenen. In tegenstelling tot andere bloedzuigende insecten zoals sommige muggen en vlooien, kan de bedwants geen ziektes overbrengen.
Spanje is een land met een van de laagste verhoudingen van wapenbezit met slechts 7,5 wapens per 100 inwoners. Dat is ver weg van de 120 wapens per 100 inwoners in de Verenigde Staten maar ook de 19 wapens per 100 inwoners in Frankrijk en Duitsland. Daarnaast is er onder de Spaanse bevolking blijkbaar ook geen behoefte om wapens thuis te hebben.
Spanje is een land waar weinig wapens zijn en waarbij de wapens die er wel zijn hoofdzakelijk gebruikt worden voor specifieke doeleinden zoals de jacht of sport. De maatschappij heeft geen behoefte aan wapens in Spanje en die wapens die er wel zijn, zijn goed gecontroleerd aldus de woordvoerder van de Real Federación Española de Caza (nationale bond van jagers).
Volgens de gegevens van de Guardia Civil staan er in Spanje 2.964.770 wapens geregistreerd bij particulieren. Deze zijn verdeeld over 1.569.602 licenties dus met andere woorden er zijn licentiehouders die meerdere wapens hebben. Het merendeel van deze wapens is in bezit van jagers (1,4 miljoen licenties type D en E) en sportschutters (35.000 type F).
De nationale bond van jagers zegt dat het niet eenvoudig is om een wapenlicentie te krijgen in Spanje en zo hoort dat ook te zijn. Het dragen en gebruik van een wapen brengt veel risico’s met zich mee. Jagers zijn zich erg bewust van dit gevaar en men weet dat een geladen wapen te snel per ongeluk af kan gaan met dramatische gevolgen.
Gecontroleerd
Jagers vinden echter dat de Guardia Civil teveel controleert en veel te streng is. Men baseert zich op een verordening uit 1993 die in 2011 gewijzigd werd maar er zijn volgens de jagers te veel verplichtingen.
Zo vindt men dat er een einde moet komen aan de beperking van vijf jachtgeweren per licentie. Daarnaast is de Guardia Civil erg streng want met een discussie in het verkeer, een vechtpartij in een bar of een aanklacht vanwege huiselijk geweld wordt een wapenlicentie al afgenomen.
Zelfverdediging
De meest controversiële wapens zijn die binnen type B vallen en bedoeld zijn voor o.a. de zelfverdediging. In 2018 waren er van dit type 8.459 particuliere licenties in heel Spanje maar slechts 8.000 wapens die binnen dit type (pistolen en revolvers) vallen. Dit type wapen is de enige die men op straat mee mag nemen indien men over de juiste licentie beschikt, iets dat veel gebeurd bij beroepen die een risico met zich meebrengen.
Volgens de nationale bond van jagers is de controle en het verharden van de regels goed maar een verbod op wapens is niet goed. Een wapen kan gezien worden als een krachtmeting want op deze manier kan een vrouw of ouder iemand zich verdedigen tegen iemand van 100 kilo.
Een wapen kan voor een goede zelfverdediging zorgen maar het probleem op dit moment zijn de wetten want het mag niet zo zijn dat als iemand jou aanvalt in je eigen woning, je een wapen gebruikt om jezelf en jouw familie te beschermen en dan wellicht voor 20 jaar de gevangenis in kan gaan voor moord aldus de Asociación Nacional del Arma (ANARMA).
Het Spaanse Wetboek van Strafrecht erkent zelfverdediging als ‘vrijstelling van strafrechtelijke aansprakelijkheid’ afhankelijk van de omstandigheden. De verdediging dient echter proportioneel te zijn en iemand die zonder wapen een huis binnenkomt mag niet zomaar neer worden geschoten.
Type wapens
Op de website van de Guardia Civil staat meer tekst en uitleg over vuurwapens in Spanje waarbij deze onderverdeeld worden in verschillende types en categorieën:
Type A is voor o.a. het leger en politie
Type B is voor pistolen en revolvers en voor o.a. particulieren
Type C is voor o.a. veiligheidspersoneel
Type D is voor de grote jacht
Type E voor de kleine jacht
Type F voor de sport
Type B wapens
Binnen de Type B bevinden zich de vuurwapens in categorie 1 wat korte vuurwapens zijn inclusief pistolen en revolvers. Het zijn met name deze wapens die gebruikt worden voor de zelfverdediging.
De licentie voor deze vuurwapens mag alleen uit worden gegeven aan Spanjaarden en buitenlanders met een residentie in Spanje die ouder zijn dan 18 jaar. Bij de aanvraag dient de aanvrager aan te geven waarom men een wapen wil hebben en dienen alle nodige documenten te worden ingeleverd. Alleen aangeven dat het voor zelfverdediging is, is voor de Guardia Civil geen reden genoeg om een licentie af te geven voor vuurwapens Type B.
Licenties voor Type B vuurwapens hebben een geldigheid van 3 jaar en worden niet automatisch verlengd. Wanneer een licentie bijna verloopt kan men een nieuwe licentie aanvragen.
In april 2019 heeft de Spaanse regering nieuwe regels en wetten opgesteld wat betreft het gebruik van zonnepanelen voor eigen stroomvoorziening. In oktober 2018 kwam er al een einde aan de beruchte (maar nooit toegepaste) zonbelasting (impuesto al sol) en werd de administratieve rompslomp voor het aanvragen van de plaatsing van zonnepanelen vergemakkelijkt.
Via een koninklijk besluit heeft de Spaanse regering de zelfregulering waarin o.a. de administratieve en technische voorwaarden voor aansluiting op het netwerk en de compensatieregeling tussen tekorten en overschotten aan energie omschreven en geregeld worden voor installaties tot 100 kW vastgesteld.
Vanaf nu hoeft men als er zonnepanelen op het dak of in de tuin staan niet meer twee meters (contadores) te hebben. Tot nu toe was het verplicht om een meter voor de zonnepanelen en een meter voor de reguliere stroom te hebben. Dat is nu verleden tijd waarbij één meter alles registreert.
Compensatie
Vanaf nu krijgt men ook een vergoeding (lees korting) voor het overschot dat geproduceerd wordt. Consumenten die meer elektriciteit opwekken dan dat ze gebruiken leveren dat terug aan het stroomnet en de respectievelijke stroomleverancier waarna men kortingen krijgt op de elektriciteitsrekeningen. In geen geval krijgen particuliere zonnepaneel eigenaren een vergoeding in geld.
Er zijn in feite vanaf nu twee soorten zonnepaneel gebruikers: die zonder overschot (excedentes) en die met overschot waarbij dat terug wordt geleverd aan het elektriciteitsnet. In beide gevallen mag het totale vermogen niet hoger zijn dan 100 kW. Alles daarboven wordt als stroomproducent gezien.
Zonder overschot
Als men met de zonnepanelen genoeg stroom afneemt en niets wilt of kunt terugleveren aan het elektriciteitsnet dan maakt men gebruik van de zonnepanelen zonder overschot ofwel ‘sin excedentes’. Als men deze vorm wilt gebruiken geeft men de mogelijkheid om aan het netwerk stroom af te staan op en dient men een certificaat (certificado antivertido) te ondertekenen met een procedure die zo eenvoudig mogelijk is gehouden.
Als men een installatie heeft tot 15 kW dan hoeft men geen aansluiting (punto de conexión) met het vaste elektriciteitsnet te hebben. Als men een installatie heeft tussen de 15 en 100 kW dan dient men wel aangesloten te zijn op het elektriciteitsnetwerk.
Met overschot
Als men met de zonnepanelen meer elektriciteit opwekt dan wat men nodig heeft kan men ervoor kiezen om dit aan het elektriciteitsnet te leveren waarbij de stroom dus de andere kant op gaat (in plaats van het eenrichtingsverkeer naar een woning toe). Deze vorm heet ‘con excedentes’ waarbij de gebruiker een vergoeding ontvangt voor de teruggeleverde stroom in de vorm van kortingen op de elektriciteitsrekening.
In het geval van consumenten die een overschot produceren zijn er twee subgroepen:
Subgroep A waarin consumenten zitten die een overschot hebben welke gecompenseerd wordt. Om bij deze subgroep te horen moet de primaire energiebron van hernieuwbare oorsprong zijn (zonnepanelen dus) en mag het totale vermogen niet hoger zijn dan 100 kW.
Subgroep B is voor alle andere gevallen waar energie overschotten zijn en die niet in groep A passen.
Terugleveringsvergoeding
Er is een vereenvoudigd compensatiemechanisme voor de consumenten die vallen in de eerder genoemde groep A. De compensatie die de consument zal ontvangen zal maandelijks zijn waarbij de energieleveranciers tegen een overeengekomen uurprijs betalen voor de energie die teruggeleverd wordt aan het elektriciteitsnet. Het volgende wordt in het koninklijk besluit omschreven.
Als een consument gelijktijdig stroom opwekt en verbruikt wordt dit in huis gebruikt maar niet geregistreerd door de elektriciteitsmeter. De opgewekte elektriciteit die direct verbruikt wordt ziet men dan ook niet terug op de afrekening van de energieleverancier.
Levert een consument jaarlijks minder dan er netto wordt afgenomen dan wordt dat op de jaarrekening verrekend. Levert een consument jaarlijks meer terug dan netto wordt afgenomen dan ontvangt men voor de teveel teruggeleverde elektriciteit een terugleververgoeding in de vorm van kortingen.
Op de toekomstige elektriciteitsrekening wordt dan het volgende vermeld: het vaste bedrag afhankelijk van de gecontracteerde potentie (coste fijo); het energieverbruik of variabele bedrag (variable) en het negatieve saldo opgespaarde (ahorrado) en dus teruggeleverde elektriciteit (electricidad vertida).
Het maximum is 100% teruggeleverde energie waarbij men dus in feite niets betaald aan de stroomleverancier. Als men meer zal produceren dient men zich te registreren als producent (en echt geld verdienen) of de opgewekte stroom als verloren zien.
De consumenten in groep A die dus stroom terugleveren mogen in geen enkel geval daarvoor een soort van boete of belasting betalen zoals dat wel het geval was bij de zonbelasting (theoretisch gezien).
Type consument
In het nieuwe koninklijk besluit wordt ook onderscheid gemaakt tussen de type gebruikers of consumenten, te weten de individuele gebruiker en de collectieve gebruiker. Het onderscheid is of er gebruik wordt gemaakt van de opgewekte energie door een of door meerdere consumenten.
Iemand die op een eigen woning een installatie plaatst is een individuele gebruiker maar meerdere bewoners in een appartementencomplex of een wooncomplex zijn collectieve gebruikers (autoconsumo compartido). Bij die laatste groep, die voor dit koninklijk besluit in feite niet bestond, is het belangrijk dat er sprake is van een naburige installatie van zonnepanelen zoals op het dak van een appartementencomplex of in de tuinen maar met een maximale afstand van 500 meter.
Volgens de Spaanse minister van Milieu en Energie (transición ecologica) is met name het collectief gebruik erg interessant omdat de prijs per kW veel lager is dan bij individuele gebruikers en het percentage van eigen gebruik is bijna 100% waardoor er extra veel bespaard wordt.
In de nieuwe regels staat dat bij collectief gebruik de elektriciteit volgens vaste maatstaven (forma fija) verdeeld moet worden. Het probleem daarbij is bijvoorbeeld dat mochten de buren geen gebruik maken van de opgewekte elektriciteit dit verloren gaat want andere buren mogen dit niet gebruiken.
Technisch gezien is het wel mogelijk om de opgewekte stroom te verdelen maar voorlopig is daar nog niet naar gekeken. Denk daarbij bijvoorbeeld aan complexen die voor de vakantie gebruikt worden waar gedurende lange periodes niemand of slechts weinig inwoners aanwezig zijn.
Euthanasie of geassisteerde zelfdoding is op dit moment niet toegestaan in Spanje en kan omschreven worden als strafbaar met celstraffen tot maximaal twee jaar. Er zijn politieke bewegingen om een euthanasiewet te maken maar voordat die er is in Spanje zullen er nog wel wat jaren voorbij gaan.
Medisch geassisteerde zelfdoding (suicidio asistido) en vrijwillige levensbeëindiging of euthanasie (eutanasia) worden op dit moment geclassificeerd als misdrijven in het Spaanse strafwetboek (Código Penal). Het debat over de regelgeving en het recht op een waardig overlijden is in Spanje tot nu toe in het Spaanse Parlement steeds uitgesteld maar daar is verandering in gekomen.
Bij de Spaanse bevolking is een grote steun gemerkt voor de twee huidige ongeoorloofde praktijken tot het gecontroleerd medisch beëindigen van een leven en ook diverse politieke partijen menen dat de tijd rijp is om een euthanasiewet te hebben in Spanje waarbij het land zich kan voegen in het korte rijtje van landen waar euthanasie is toegestaan zoals Nederland, België en Canada.
Bij euthanasie dient een arts dodelijke medicijnen toe aan een patiënt om een eind te maken aan ondraaglijk en uitzichtloos lijden. Ook hulp bij zelfdoding door een arts valt voor de wet onder euthanasie. De patiënt neemt dan zelf dodelijke medicijnen in.
Euthanasie kan in eerder genoemden landen (behalve dus Spanje op dit moment) alleen plaatsvinden op verzoek van de patiënt. Een patiënt kan dit vastleggen in een wilsverklaring. In zo’n verklaring kan de patiënt vastleggen onder welke omstandigheden hij/zij zou willen dat de arts euthanasie uitvoert. Euthanasie kan niet plaatsvinden op verzoek van familieleden of vrienden. Wel kunnen familieleden de wilsverklaring van de patiënt onder de aandacht brengen van de arts.
Tijdens de Semana Santa of Paasweek wordt er traditiegetrouw groots gefeest, niet alleen met emotionele processies maar ook met lekkere recepten en lekkernijen. De ‘torrijas’ zijn een van die typische Semana Santa lekkernijen die verplicht zijn om te eten met Pasen.
Deze heerlijke traktatie, met recepten die dateren uit de jaren 1600, is zeer traditioneel voor Pasen. De Torrijas zijn een beetje te vergelijken met de in Nederland ons bekende wentelteefjes maar dan met honing. Dikke stukken – van het liefst enkele dagen oud – brood worden geweekt in een mengsel van melk en ei, vervolgens gebakken in olijfolie en geserveerd met honing en/of suiker en kaneel.
Een wentelteefje, ook verloren brood of gewonnen brood genoemd, is te vergelijken met de Spaanse torrijas. Het is populair als ontbijt in grote delen van Europa en Noord-Amerika waar het ook bekend staat als French Toast.
Sneden brood worden kort geweekt in een mengsel van melk en eieren en vervolgens in boter gebakken. Ten slotte wordt het baksel bestrooid met suiker en desgewenst kaneel.
Het verschil tussen de torrijas en de wentelteefjes zit hem wellicht in het type brood dat men gebruikt waarbij dit in Spanje iets dikker (oud stokbrood of pan de pais) is dan in Nederland. Daarnaast gebruikt men in Spanje in plaats van suiker liever honing maar komt ook beide voor. Een ander verschil is het bakken in olijfolie in Spanje terwijl men dat in Nederland in boter doet.
Het rijden met LPG als brandstof voor een personenwagen is iets dat niet erg populair is in Spanje en wat in andere EU-landen ook steeds verder daalt. Toch rijden er in heel Europa nog zo’n 15 miljoen auto’s rond die op LPG rijden terwijl dat aantal in Nederland niet meer is dan 130.000 voertuigen, in België minder dan 25.000 en in Spanje iets meer dan 50.000 personenwagens.
LPG staat voor Liquefied Petroleum Gas. In België en Nederland wordt hiermee in het algemeen autogas bedoeld. In Spanje is de afkorting voor LPG echter anders, te weten GLP wat staat voor Gas Licuado del Petróleo.
Het Spaanse GLP is autogas dat gebruikt wordt als brandstof voor voertuigen en is wereldwijd de meest gebruikte alternatieve brandstof met wereldwijd meer dan 25 miljoen voertuigen die op autogas rijden.
Autogas-voertuigen hebben de kenmerkende ECO van de Spaanse verkeersdienst DGT gekregen vanwege de bijna nulemissie van stikstofoxiden en deeltjes en verminderd CO2 wat bijdraagt aan de vermindering van stedelijke vervuiling, het broeikaseffect en geluidsniveaus in steden.
Als je met de eigen auto vanuit Nederland of België naar Spanje rijdt moet je rekening houden dat er weinig plaatsen zijn waar men de gastank kan bijvullen.
Op deze website is een kaart te zien waar tankstations zijn waar men autogas kan tanken. In totaal zijn er in heel Spanje 622 plaatsen waar men voor LPG/GLP terecht kan.
In de meest toeristische gebieden zijn de aantallen als volgt: Catalonië 112; Comunidad Valenciana 50; Murcia 20; Andalusië 94; Balearen 18; Comunidad de Madrid 50 en op de Canarische Eilanden 20. Klik op deze kaart om te kijken waar men terecht kan in de autonome regio’s.
Handig is ook de smartphone app van Autogas: Download de iOS HIER en de Android versie HIER. In deze app kan je als je al rijdt in Spanje zien waar je terecht kunt om te tanken.
Klik HIERvoor de actuele LPG/GLP prijzen in Spanje.
Stel je bent of gaat op vakantie en wilt toch zo af en toe naar je favoriete serie op Netflix kijken of die ene film waaraan je was begonnen afzien, dan kan dat ook in Spanje. Datzelfde geldt ook voor Spaanse Netflix gebruikers die naar Nederland of België gaan. Maar er zijn enkele zaken waar men rekening mee moet houden.
Netflix is (bijna) overal ter wereld te gebruiken maar wij concentreren ons op Spanje, Nederland en België waar de Amerikaanse online streamingdienst erg populair is. In Nederland heeft Netflix bijna 3 miljoen gebruikers, in België wordt gesproken over ruim 700.000 gebruikers terwijl dit aantal oploopt naar meer dan 8 miljoen gebruikers.
In de landen waar Netflix actief is kunnen alle gebruikers, waar ze ook wonen, gebruik maken van de series, films en ander materiaal dat Netflix aanbiedt. Maar er zijn enkele zaken waar men rekening mee moet houden.
Aanbod
Het aanbod van series, films en documentaires is over het algemeen in de meeste landen hetzelfde maar er zijn ook vaak verschillen. Zo is het mogelijk dat die ene Nederlandse serie of film niet in Spanje te zien is en die Spaanse serie of film niet in Nederland.
Het feit dat een bepaalde serie of film niet in een ander land te bekijken is heeft te maken met geo-blokkades. Netflix sluit per land overeenkomsten af over de uitzendrechten en soms komen deze niet overeen.
Sinds 1 april 2018 is de geo-blokkade binnen de EU-landen echter opgeheven maar dat houdt niet automatisch in dat alle Nederlandse Netflix series en films in Spanje te zien zijn en/of alle Spaanse films en series in Nederland of België. De nieuwe regels verplichten de aanbieder namelijk niet om het lokale aanbod van de verblijfslocatie aan te bieden aan reizigers uit andere lidstaten.
Ondertiteling
De films en series die je in eigen land bekijkt zijn in de meeste (niet alle) gevallen wel gewoon te bekijken in Spanje (of andersom) maar dat is vaak niet het geval voor de ondertiteling.
Het komt maar al te vaak voor dat de Nederlandse ondertiteling bij het kijken van een serie of film in Spanje niet aanwezig is en dat kan knap vervelend zijn voor veel mensen. Net zoals voor de uitzendrechten dient Netflix ook de rechten voor de ondertiteling aan te schaffen en dat doet men niet voor alle landen.
Een manier om toch de Nederlandse ondertiteling te hebben tijdens een vakantie of verblijf in het buitenland is om de serie of film te downloaden via de ingebouwde download optie die sinds 2016 beschikbaar is. Op die manier kun je films en series meenemen naar het buitenland en zullen de Nederlandse ondertitelingen ook te zien zijn. BELANGRIJK: zet bij het kijken van je gedownloade series en films wel het internet uit anders herkent de app van Netflix dat je in een ander land bent en kan de ondertiteling wegvallen.
Volgens diverse websites is het zo dat de Netflix Originals, dat zijn de eigen producties van Netflix, over het algemeen wel altijd alle ondertitelingsopties hebben omdat de uitzendrechten van Netflix zelf zijn.
Wil je controleren welke series en films beschikbaar zijn met Nederlandse ondertiteling dan kun je op DEZE LINK klikken. Daarvoor moet je echter wel al in het buitenland zijn.
Internet
Om Netflix te kijken in het buitenland heb je een stabiele internetverbinding nodig, behalve als men series en films heeft gedownload om deze ‘offline’ te kunnen bekijken. Gelukkig is er op de meeste plaatsen tegenwoordig gratis wifi aanwezig dus zal de internetverbinding niet zo’n probleem zijn.
Volgens de website van Netflix is een verbinding van 3mb al voldoende om series en films op lage kwaliteit (SD) te bekijken en dient men minstens 5mb te hebben voor hoge kwaliteite (HD) en 25mb voor extra hoge kwaliteit (Ultra HD)
Houdt er rekening mee dat er weliswaar geen restrictie meer is op het gebruik van mobiele internet binnen de EU maar men dient altijd rekening te houden met het aantal MB’s of GB’s dat men gecontracteerd heeft bij de mobiele telefoon provider in eigen land. Ga je over dat limiet heen dan kunnen de roamingkosten hoog oplopen.
Extra handelingen
Het gebruik van Netflix in het buitenland gaat vanzelf en de gebruiker hoeft geen extra handelingen te verrichten. Zo hoef je dus niets aan te passen of in te stellen voor vertrek naar een ander land en kunnen gebruikers met dezelfde inloggegevens zonder problemen de smartphone apps of website van Netflix gebruiken.
Dit is een bericht voor alle kinderen die in Spanje wonen, Spaans, Nederlands of Belgisch: Op dinsdag 19 maart (2019) is het Vaderdag in Spanje ofwel Día del Padre en worden alle vaders (als het goed is) in de watten gelegd. De Spaanse Vaderdag valt niet samen met die in België die op zondag 9 juni (2019) gevierd wordt of die in Nederland die op zondag 16 juni (2019) gevierd wordt. Slechts de regio Antwerpen in België viert op dezelfde dag Vaderdag als in Spanje.
Dinsdag 19 maart worden alle papa’s in Spanje in de watten gelegd aangezien het die dag Día del Padre is, een dag die samenvalt met de Día de San José. Vaderdag wordt weliswaar niet door iedereen actief gevierd maar is toch een leuk moment voor de kinderen om hun vader in de watten te leggen en cadeautjes te geven.
In Spanje viert men Vaderdag op een andere dag dan in Nederland en België wat voor veel in Spanje wonende Nederlanders en Belgen nogal eens voor verwarring kan zorgen. Het kan natuurlijk ook zo zijn dat de vaders geluk hebben en twee keer in de watten worden gelegd door hun kinderen (zijn er papa’s die dat geluk hebben?).
19 maart is voor de Spanjaarden Vaderdag, een dag die op deze datum ook gevierd wordt in o.a. Marokko, Andorra, Bolivia, Kroatië, Honduras, Italië, Liechtenstein, Mozambique, Portugal en China. Ook de regio Antwerpen schijnt Vaderdag te vieren op dezelfde dag als in Spanje terwijl de rest van België Vaderdag viert op zondag 9 juni (tweede zondag in juni) in 2019 en Nederland op zondag 16 juni (derde zondag in juni) in 2019.
Moederdag
Overigens is ook Moederdag of Dia de la Madre in Spanje anders dan in Nederland en België. In Spanje wordt de Moederdag op de eerste zondag van mei gevierd, in 2019 is dat dan zondag 5 mei, terwijl de Moederdag in Nederland en België gevierd wordt op de tweede zondag van mei, in 2019 op zondag 12 mei. Ook hier is de regio Antwerpen een uitzondering waar de moederdag gevierd wordt op donderdag 15 augustus in 2019.
Geschiedenis van Vaderdag
Naar verluidt is Vaderdag in 1909 geïntroduceerd door mevrouw Sonora Smart Dodd, uit de staat Washington (VS), waarbij zij haar vader, William Jackson Smart, wilde eren. Hij was een veteraan uit de Amerikaanse Burgeroorlog, die weduwnaar was geworden, nadat zijn vrouw in het kraambed bij de geboorte van hun zesde kind gestorven was. Toen zijn dochter volwassen geworden was, wilde ze de kracht en het doorzettingsvermogen van haar vader onder de aandacht brengen. Zij was hiervoor geïnspireerd door Anna Jarvis, die een jaar eerder een Moederdag had gelanceerd.
De eerste Vaderdag vond toen plaats op 19 juni 1910 in Spokane in de staat Washington. President Calvin Coolidge steunde in 1924 het idee om een Vaderdag te vieren, maar het geheel uit mannen bestaande Amerikaanse congres wilde niet iets doorvoeren dat zo de mannen in het zonnetje zette. Het effect hiervan was dat de dag pas officieel in de VS erkend werd tijdens het presidentschap van Richard Nixon in 1972.
In Nederland werd vanaf 1937 in oktober Vaderdag gevierd. Op initiatief van de toenmalige Nederlandse Bond van Herenmodedetaillisten werd in 1948 afgesproken dat Vaderdag verplaatst zou worden naar de derde zondag van juni.
Voor diegene die niet weet wat de titel inhoudt alvast het volgende. Zowel tapa, pincho (of pintxo), aperitivo alsook het moderne tentempié kunnen gebruikt worden als woord voor een voorafje of tussendoortje. De meest bekende van het rijtje is uiteraard de tapa, bekend van de tapasbars in Spanje. Maar uiteindelijk hebben ze allemaal dezelfde betekenis.
Spanje heeft een ding als kenmerk waar veel buitenlanders die in Spanje komen wonen van houden en waarschijnlijk het snelste aanleren, de tapas ofwel “tapeo” of “ir de tapas” waarbij men enkele voorafjes gaat eten onder het genot van een wijntje of biertje en geniet van de culinaire hoogstandjes en vrienden.
In veel bars in Spanje is het gebruikelijk bij je drankje een “tapa” of “pincho” te krijgen waarvoor men niet hoeft te betalen en meestal de specialiteit van het huis is. Dat is echter niet overal zo en het ligt eraan in welk deel van Spanje men “ir de tapas” gaat. In alle gevallen gaat het om eetlustopwekkende hapjes en Spaanse aperitiefhapjes die meestal voor de middag- of avondmaaltijd genuttigd worden.
Tegenwoordig is het echter ook heel normaal om een “pica pica” te doen waarbij er verschillende tapas of pintxos (pìnchos) op tafel gezet worden en de aanwezige personen samen daarvan eten. Tapas worden ook steeds meer gegeten als hoofdmaaltijd in plaats van alleen een voorafje.
Terwijl de woorden “tapa” en “pintxo” of “pincho” het meest gebruikt worden, kan er ook gesproken worden van een “aperitvo” of zelfs een “tentempíe” wat afstamt van tente en pié (al staande iets eten aan de bar).
Als je in Spanje woont ben je het ongetwijfeld al vaak tegengekomen, mensen die hun auto dubbel en zelfs soms driedubbel parkeren op de openbare weg. Ondanks dat veel mensen denken dat het is toegestaan om dubbel te parkeren is niets minder waar. De politie mag en kan boetes uitschrijven als men dubbel staat geparkeerd in Spanje.
Er worden veel excuses gebruikt voor het dubbel parkeren zoals ‘ik stond minder dan twee minuten’, ‘ik ga er al vandoor’ en ‘maar hier val ik toch niemand lastig’. Oom agent of tio agente moet het allemaal aanhoren als ze toevallig op het juiste moment op de juiste plaats zijn en iemand spotten die dubbel staat geparkeerd. Vaak wordt zoiets door de vingers gezien maar in sommige gevallen zal men boetes uitschrijven.
Stilstaan
Om te achterhalen of het dubbel parkeren is toegestaan moeten we eerst naar de omschrijving van ‘stilstaan’ kijken. In Spanje heet dat ‘parada’ en dat wordt in de Ley de Seguridad Vial (LSV) als volgt omschreven:
‘inmovilización de un vehículo durante un tiempo inferior a dos minutos, sin que el conductor pueda abandonarlo’ ofwel ‘immobilisatie van een voertuig gedurende minder dan twee minuten zonder dat de bestuurder het kan verlaten’.
2 minuten
Vanwege deze regel gaan veel mensen er dus automatisch vanuit dat als men dubbel staat geparkeerd en dat minder dan twee minuten duurt men als bestuurder niet beboet kan worden. Daarbij zien veel automobilisten alleen over het hoofd dat er in de regel staat dat men in de auto moet zitten.
Helaas staat er in hetzelfde LSV ook dat het niet is toegestaan stil te staan op de weg omdat dit de normale stroom van andere voertuigen, fietsen, wandelaars en dieren kan belemmeren en voor gevaarlijke situaties kan zorgen.
Alarmlichten
Veel personen die hun auto dubbel parkeren zetten de alarmlichten of gevarenlichten (cuatro intermitentes) aan maar dat mag eigenlijk niet. Alarmlichten zijn bedoeld voor wat de naam al aangeeft, een alarm of noodgeval en niet om de auto beter zichtbaar te maken als men dubbel parkeert, wat al niet mag. Op het moment dat je dubbel parkeert én de alarmlichten (warnings) aan zet bega je dus eigenlijk twee verkeersovertredingen in Spanje.
Op deze website staat dat het gebruik van alarmlichten op een snelweg of weg om aan te geven dat er een file of stilstaand verkeer staat mag eigenlijk ook niet. Achterliggende automobilisten dient men te waarschuwen met de remlichten of om je arm uit het raam te steken en deze op en neer te bewegen.
In de Spaanse verkeerswet staat echter dat binnen de bebouwde kom de alarmlichten niet gebruikt mogen worden maar op de snelwegen en autowegen wel als er sprake is van een gevaarlijke situatie: Lees hier https://www.boe.es/buscar/act.php?id=BOE-A-2003-23514 blok 169 artikel 109 in de Spaanse verkeerswet.
In Spanje wordt veel en vaak koffie gedronken in verschillende varianten zoals de café solo, de cortado, café con leche of de carajillo. Maar wellicht is het je al eens opgevallen dat de koffie soms een andere bittere nasmaak heeft. Dat komt dan vaak door de torrefacto, aanwezig in de in Spanje populaire ‘mezcla’ koffie.
Mezcla
‘Mezcla’ wil niets anders zeggen dan ‘een mix’ van koffiebonen. In de meeste gevallen gaat het dan om een variant van 50% ‘natural’ bonen en 50% ‘torrefacto’ bonen. In andere gevallen gaat het om een ‘100% café arabica’ wat te maken heeft met koffie van oorsprong uit Midden-Afrika en Azië.
Arabica koffie is de meest gedronken koffie ter wereld en bevat zo’n 70% van de huidige koffiemarkt. De rest is voornamelijk robusta met als doel om te gebruiken voor het melangeren.
Torrefacto
Maar wat is dan eigenlijk torrefacto en waarom is dat zo populair in Spanje. Simpel gezegd is torrefacto het eindresultaat van het proces dat ‘torrefacción’ heet waarbij de koffiebonen na het verwarmen in het laatste proces suiker toegevoegd krijgen om een dun laagje te vormen op de koffiebonen om deze een zwart glanzend effect te geven.
De oorspronkelijke reden voor het ‘torrefacción’ proces was om de kwaliteit van de koffiebonen (groene koffie) te verlengen. Maar het proces zorgt er ook voor dat de koffie er beter en mooier uitziet, een langdurige smaak in de mond heeft, een bittere nasmaak en daarnaast tweemaal zoveel cafeïne bevat als de 100% arabica-koffie.
Freepik
Oorsprong
De oorsprong van de torrefacto koffie ligt in Latijns Amerika maar het is de Spanjaard José Gómez Tejedor die begin 19e eeuw het proces naar Spanje en later ook naar Portugal bracht onder de nog steeds bestaande naam Cafés La Estrella.
Gedurende jaren was de café torrefacto de standaard in Spanje en zeker na de Burgeroorlog toen koffie schaars en duur was. Daarom werden de koffiebonen gemengd met torrefacto wat dus de huidige mezcla op heeft geleverd.
Pas in 2012 werd via een Koninklijk decreet (Real Decreto 1676/2012) vastgelegd wat café torrefacto is: ‘café tostado en grano, con adición de sacarosa o jarabe de glucosa, antes de finalizar el proceso de tueste, en una proporción máxima de 15 kilogramos de dichos azúcares (expresados en sustancia seca) por cada 100 kilogramos de café verde’.
Anno 2019
Spanje en Portugal zijn praktisch de enige landen binnen Europa waar nog de torrefacto koffie wordt gedronken. Ondanks de sterk opkomst van andere koffiesoorten die meer ‘natural’ zijn en ‘100% arabica’ zoals bij de Nespresso en Starbucks ketens (die geen torrefacto hebben) wordt er in de horeca nog steeds gebruikt gemaakt van de torrefacto koffie.
Terwijl in de winkels en supermarkten de mezcla koffie uit 50% ‘natural’ bonen en 50% ‘torrefacto’ bonen bestaat zijn die verhoudingen in de Spaanse bars vaak 70/30% , 65/35% of 80/20% waarbij het laagste cijfer de torrefacto bonen is.
Volgens de horeca vinden de Spanjaarden de torrefacto koffie lekker en is dat een van de belangrijkste redenen om deze koffiesoort nog aan te bieden. Aan de andere kant is de torrefacto of mezcla koffie 8% tot 10% goedkoper dus dat zal ook zeker meespelen.
Daarbij moet men als men in Spanje koffie koopt opletten met de mezcla koffie aangezien er vaak voor 50% gebruik gemaakt wordt van de robusta koffiebonen en niet de arabica koffiebonen. Wil je in de Spaanse winkel dus ‘echte’ koffie kopen dan moet je zoeken naar de term ‘100% natural’ of ‘100% arabica’ om er zeker van te zijn dat je niet een mix-koffie koopt.
De Zara kent iedereen wel in Spanje, Nederland en België maar wist je dat de Zara bij de Inditex groep hoort, dat deze uit Galicië in noordwest Spanje komt en dat dit het grootste kledingconcern ter wereld is? Ken jij de andere kledingmerken van Inditex die naast de Zara de wereld hebben veroverd of aan het veroveren zijn?
Zara is wellicht werelds meest bekende kledingmerk met meer dan 2.000 winkels wereldwijd. Maar naast de Zara heeft het moederconcern van de Spanjaard Amancio Ortega zeven andere zeer bekende kledingmerken (en winkels) die de wereld hebben veroverd en ook steeds meer in Nederland en Spanje te zien zijn. In totaal heeft de Inditex groep wereldwijd ongeveer 7.440 winkels en rond de 171.000 personeelsleden.
Zara (en de andere merken) onderscheiden zich van de concurrentie zoals de Catalaanse keten Mango en het Zweedse H&M door middel van zich te inspireren op de mensen op straat. Inditex presenteert de nieuwe kleding niet tijdens kleine of grote modeshows, iets dat de andere ketens wel doen, maar begint de verkoop snel in de eigen winkels onder de noemer ‘fast fashion’ met grote hoeveelheden kleding tegen gereduceerde kosten.
In het geval van de winkels van de Inditex groep worden de collecties twee keer per week aangepast en veranderd tot wel 25.000 collecties op jaarbasis verdeeld over alle kledingmerken van de Inditex groep. In 2017 wist de groep van Amancio Ortega een netto verkoop te halen van 1,48 miljard euro wat 10,7% meer was dan in 2016.
Facebook Zara
Zara
De eerste Zara winkel werd in 1975 geopend in de stad A Coruña (Galicië) door Amancio Ortega. Maar Zara was niet de eerste naam, dat was Goa, een kledingzaak die snel groeide en werk verschafte aan 500 mensen. Pas in 1983 werd de winkel omgetoverd naar Zara waarna de wereldverovering begon. De Zara heeft inmiddels meer dan 2.000 winkels in 96 landen en is het boegbeeld van de Inditex groep.
Facebook Bershka
Bershka
Na het belangrijkste kledingmerk Zara komt het tevens wereldbekende Bershka. Dit kledingmerk werd in 1993 door Inditex gecreëerd en is meer gericht op jong publiek. Anno 2019 zijn er wereldwijd in 70 landen meer dan 1.000 Bershka winkels te vinden.
Facebook Massimo Dutti
Massimo Dutti
Ondanks de Italiaanse naam is Massimo Dutti van oorsprong Spaans en is dit het derde grootste kledingmerk binnen de Inditex groep. Massimo Dutti werd in 1985 in Barcelona geboren als een kledingmerk voor mannen. In 1991 nam Inditex 65% van het bedrijf over en in 1995 de hele 100%. Inmiddels heeft Massimo Dutti ook kleding voor vrouwen en kinderen. Op dit moment zijn er wereldwijd 780 Massimo Dutti winkels te vinden.
Facebook Oysho
Oysho
Dit kledingmerk werd in 2001 opgericht en is gespecialiseerd in kleding voor vrouwen waaronder lingerie, pyjama’s, badkleding en sportkleding. In Spanje werd onlangs een speciale Oysho online winkel geopend die alleen gericht is op sportkledij om zo de concurrentie aan te gaan met giganten Nike en Adidas. Inditex is van plan om Oysho Sport ook als fysieke winkel te introduceren in Spanje en daarna andere landen. Oysho heeft op dit moment 666 winkels in 65 landen.
Facebook Pull&Bear
Pull&Bear
Pull&Bear werd opgericht in 1991 en was voor de eigenaar van Inditex de eerste keten na de oorspronkelijke Zara. Pull&Bear biedt hoofdzakelijk Urban Life fashion voor tieners en jeugd aan, in principe alleen voor jongens/mannen maar tegenwoordig ook voor meisjes/vrouwen. Er zijn wereldwijd in 76 landen inmiddels 970 Pull&Bear winkels te vinden.
Facebook Stradivarius
Stradivarius
Het kledingmerk Stradivarius werd in 1994 in Barcelona opgericht en werd in 1999 voor 100% overgenomen door de Inditex groep. Stradivarius biedt alleen kleding aan voor vrouwen en is hoofdzakelijk gericht op de ‘millennials’, ofwel de jonge werkende en hippe ‘streetstyle’ vrouwen. In 2017 experimenteerde Stradivarius met kleding voor mannen maar daar is men eind 2018 mee gestopt. Wereldwijd zijn er meer dan 1.017 winkels te vinden.
facebook Uterqüe
Uterqüe
Uterqüe is het kleinste kledingmerk van de Inditex groep met slechts 91 winkels in 42 landen. Dit merk wordt gebracht als iets exclusiefs en unieks en het is niet de bedoeling om zo groot te worden als de overige kledingmerken van de Inditex groep. Uterqüe biedt alleen kleding voor vrouwen die iets ouder zijn en iets betere kwaliteit kleding willen hebben dan de Zara producten. Het merk Uterqüe werd pas 10 jaar geleden in 2008 opgericht maar is een van de snelst groeiende merken binnen Inditex. recent tekende men een contract met de online gigant Alibaba die via Tsmall de kleding gaat verkopen in o.a. Aziatische landen.
facebook Zara Home
Zara Home
Inditex heeft als bekendste merk Zara en heeft daar handig gebruik van gemaakt om in de stijl van o.a. Armani ook textiel en decoratie voor woningen aan te bieden via de Zara Home winkels. Deze keten werd in 2003 opgericht en is inmiddels uitgeroeid tot 599 winkels in 75 landen.
facebook Lefties
Lefties
Lefties bestaat (nog) niet in Nederland en België. Het gaat om de low cost van de Inditex groep die in 1999 in het leven werd geroepen om off-season kleding van de Zara (en daarna ook andere merken) goedkoper aan te bieden. In eerste instantie ging het alleen om kleding voor vrouwen maar inmiddels wordt ook kleding voor mannen en kinderen aangeboden. Op dit moment zijn er ‘slechts’ 150 winkels te vinden in 6 landen. Detail is dat bij de jaarcijfers de Inditex groep deze low cost keten niet opneemt in de resultaten.
Elk bedrijf, winkel of onderneming die een service aanbiedt tegen betaling moet in Spanje voldoen aan de Spaanse wetten waaronder ook de klachtenformulieren vallen. Deze hebben de naam ‘hoja de reclamación’ in Spanje en als men daar om vraagt moet men deze verplicht gratis geven. Deze klachtenformulieren gelden voor iedereen, dus ook als buitenlanders niet tevreden zijn in Spanje met een geboden dienst of product.
De klachtenformulieren zijn officiële documenten die zijn uitgegeven door de autonome regio’s en die zijn gestandaardiseerd in heel Spanje. Deze moeten altijd beschikbaar zijn voor consumenten en klanten zodat zij de incidenten of conflicten die zich bij de verwerving van een product of dienst hebben voorgedaan kunnen registreren.
Verplicht
De klachtenformulieren moeten altijd, zonder excuses, aan de klant/consument overhandigd worden als deze daarom vraagt, inclusief als deze niet gebruik heeft gemaakt van een dienst of product. In de winkel, supermarkt, bank, kledingzaak, hotel, autoverhuurbedrijf, online webwinkel etc. moet duidelijk staan aangegeven met het officiële papier dat er klachtenformulieren beschikbaar zijn voor de klant.
Als je in Spanje op bezoek bent zoals tijdens een vakantie of als je er woont mag ook jij een klachtenformulier vragen met de volgende zin: “¡Quiero la hoja de reclamaciones!”. De formulieren zelf zijn afhankelijk van de autonome regio’s en zien er in elke regio anders uit. Zo staat in Catalonië alle tekst in drie talen (Catalaans, Spaans, Engels), in de Comunidad Valenciana in drie talen (Valenciaans, Spaans, Engels) en in Andalusië of Madrid in twee talen (Spaans, Engels).
De Spaanse consumentenbond OCU geeft op deze website een omschrijving van wat men moet doen in het geval van een klacht.
1- Probeer eerst op een vriendelijke wijze ter plaatse tot een oplossing te komen. Mocht dit niet mogelijk zijn dan kun je een klachtenformulier (hoja de reclamación) vragen. Dit MOET afgegeven worden, zonder excuses (zie beneden). Mocht men dit niet willen doen dan moet je de politie bellen of laten bellen.
2- Vul het klachtenformulier (wat ook in het Engels moet bestaan) in door alle vragen te beantwoorden. Het formulier zelf bestaat uit drie bladen: een is voor het bedrijf en twee zijn voor de klant waarvan een voor de autoriteiten en een voor de klant. Vergeet niet een handtekening te zetten en de kopie voor het bedrijf af te geven.
3- Een van de andere twee kopieën die je mag nemen dient afgegeven of opgestuurd te worden naar de autoriteiten. Dat is in de meeste gevallen een ‘Oficina Municipal de Información del Consumidor’ welke vaak (maar niet altijd) in het gemeentehuis te vinden is in Spanje. Maak fotokopieën en bewaar een van de drie formulieren voor jezelf. Het is mogelijk dat men in dit kantoor om meer info vraagt zoals bonnetjes, facturen, e-mails etc.
4- Nadat de autoriteiten het klachtenformulier hebben ontvangen zullen zij dit gaan onderzoeken. Dat wordt door de autonome regio’s erg serieus genomen, zowel voor klachten van Spanjaarden zelf alsook van buitenlanders die klagen over een geboden product of dienst. De klant/consument zal door de instantie op de hoogte worden gehouden van de ontwikkelingen.
Voorbeeld aankondigingsposter (Madrid)
Smoesjes
Een klachtenformulier is in Spanje een serieus iets maar niet iedereen neemt de klachten van klanten serieus en probeert via smoesjes en excuses het afgeven van het verplichte document te omzeilen.
Zeker in het geval van buitenlanders zal men vaak proberen om een klacht te voorkomen maar een ontevreden klant/consument dient de poot stijf te houden, al is het maar om de onderneming onder druk te zetten en te laten weten dat je een klacht erg serieus neemt.
Veel gehoorde excuses:
A- “No está el encargado, yo no estoy autorizado a darle una hoja de reclamaciones” ofwel ‘De baas/manager/eigenaar is er niet, ik ben niet geautoriseerd om een klachtenformulier af te geven”. Dit is het klassieke excuus maar compleet onterecht. Het klachtenformulier MOET altijd worden afgegeven als iemand daarom vraagt, ongeacht door wie. Dat staat aangegeven op een officiële poster en het is een recht van de klant/consument in Spanje.
B- “No tenemos hojas, no estamos obligados” ofwel “we hebben geen klachtenformulieren, wij zijn niet verplicht om deze te hebben”. Over het algemeen MOET elke winkel, supermarkt, kledingzaak, souvenirwinkel, hotel, restaurant, bar, autoverhuurbedrijf etc. een klachtenformulier hebben. Elke autonome regio heeft echter eigen regels waarbij bv. advocaten, economisten en medische staf zijn uitgesloten.
C- “Se nos han agotado, lo sentimos, no puede reclamar” ofwel “ze zijn op, sorry, je kunt niet klagen”. Dit is ook een klassieker maar absoluut niet legaal. Een bedrijf moet altijd zorg dragen dat ze genoeg klachtenformulier aanwezig hebben. Mocht het toch zo zijn dat er geen documenten beschikbaar zijn dan kan de klant/consument altijd nog op andere manieren een klacht indienen, inclusief over het feit dat er geen klachtenformulieren zijn (dat wordt als ernstig gezien).
D- “Como no ha adquirido nada ni consumido nada no se la podemos dar, no es cliente” ofwel “omdat je niets hebt gekocht of niets hebt geconsumeerd mogen we geen klachtenformulier afgeven, je bent geen klant”. Dit is niet correct. Om een klachtenformulier te vragen en ontvangen hoeft men geen klant te zijn.
Waarom klagen?
Veel klanten/consumenten zullen zich afvragen waarom ze moeten klagen want zeker weten wordt er met de klacht niets gedaan door de autoriteiten. Dat is echter niet helemaal waar. De autonome regio’s zijn verplicht om klachten serieus te nemen en mochten er bijvoorbeeld veel klachten komen over een hotel, restaurant of bar kan deze gesloten worden.
Toch zullen er veel mensen zijn die zich bij een klacht neerleggen en simpelweg beslissen niet meer terug te keren of ergens gebruik van te maken. Maar daar help je niemand mee en een bedrijf zal een slechte service, dienst of product blijven leveren aan andere klanten.
Een ding dat belangrijk is, is dat er altijd betaald moet worden voor een dienst, service of product. Als de klant/consument dat namelijk NIET doet, heeft men ook geen recht om te klagen. Met een officiële klacht kun je eventueel het betaalde bedrag terug krijgen.
Op deze pagina kun je verschillende klachtenformulieren vinden, downloaden en invullen of in ieder geval bestuderen. Onder het hoofdstuk ‘Reclamación consumidores’ vind je algemene klachtenformulieren maar ook de documenten per autonome regio zoals Catalonië, Balearen, Comunidad Valenciana, Madrid, Andalusië, Canarische Eilanden etc.
Als fiscaal resident in Spanje is men als buitenlander verplicht om aan te geven dat men een vermogen heeft buiten Spanje. Dat doet men in Spanje via het ‘modelo 720’ ofwel belastingformulier 720. Dit formulier moet voor 31 maart worden ingeleverd en dient in principe als informatie voor de Spaanse belastingdienst.
Weliswaar is het modelo 720 louter als informatief bedoeld, doet men dit echter niet dan kan het flink bestraft worden met minimumboetes van 10.000 euro tot 150% van de niet-aangegeven waarde van de buitenlandse activa. Geeft men de aangifte te laat op (dus na 31 maart) of foutief en niet compleet ingevuld dan kan ook dat beboet worden met 1.500 euro of meer. Het is dus als buitenlandse resident met vermogen in een ander land belangrijk dat men het modelo 720 niet vergeet.
‘Modelo 720’ kan omschreven worden als belastingformulier 720 en in het Spaans ‘Declaración Informativa sobre bienes y derechos situados en el extranjero’. Deze verklaring is een aanpassing van de belastingwet als deel van de regelgeving die frauduleuze activiteiten in Spanje vervolgt. Sinds 1 januari 2013 is het verplicht te informeren over de goederen en rechten die iemand heeft in het buitenland.
Het gaat hierbij om een informatieplicht die bestaat uit drie categorieën:
Bankrekening bij een bank in het buitenland
Inkomen, rechten, verzekeringen en waardepapieren in het buitenland
Goederen en onroerende zaken in het buitenland
Wie moet dit formulier invullen?
Alle (natuurlijke) personen die resident zijn in Spanje en langer dan 183 dagen in Spanje verblijven maar ook buitenlandse vennootschappen en commerciële vestigingen moeten het formulier invullen. De voorwaarde daarbij is wel dat het om elke categorie gaat om bedragen die boven de 50.000 euro liggen.
Indien het vermelde bedrag van 50.000 euro niet wordt overschreden per categorie, wordt men vrijgesteld van de informatieplicht over zaken en rechten in het buitenland. Na de eerste aangifte hoeft men de jaren daarop alleen nog het modelo 720 in te leveren als de balans van elke categorie is gestegen met een waarde van 20.000 euro ten opzichte van het jaar daarvoor.
Wanneer?
Het modelo 720 formulier moet tussen 1 januari en 31 maart worden ingeleverd. Het is daarbij belangrijk dat het formulier correct en op tijd wordt ingevuld want onvolledig en te laat kan beboet worden met boetes die dus erg hoog kunnen zijn.
Hoe?
Het modelo 720 kan op telematische wijze (online) via deze website (ook in het Engels) ingevuld worden maar dan moet men wel beschikken over:
Met: Certificado electrónico de identificación o DNI electrónico
Met: Cl@ve PIN
Met: número de referencia
Zonder: identificación
Men kan er ook voor kiezen om een professional in te schakelen die wellicht in eigen taal zoals het Nederlands en Vlaams de buitenlandse ingezetene kan helpen.
Als je definitief gaat wonen in Spanje dan ben je uitgeschreven in Nederland of België en kun je dus in je geboorteland geen verzekering meer afsluiten bij een Nederlandse of Belgische zorgverzekeraar. Je komt in Spanje dan als nieuwe inwoner terecht bij de Seguridad Social ofwel de Spaanse sociale zekerheid.
In Spanje bestaat nog een collectief verzekeringssysteem waardoor alle inwoners van Spanje in principe verzekerd zijn. De Seguridad Social afdeling in Spanje omvat echter niet alleen de ziektekosten maar ook de arbeidsongeschiktheid en pensioenen in Spanje.
In tegenstelling tot wat veel mensen denken is de ziekenzorg niet gratis in Spanje. Alle werkers, werkgevers en zelfstandige ondernemers betalen mee om het gezondheidssysteem in Spanje te bekostigen. Dat doet men door premies die worden ingehouden op het loon of in het geval van zelfstandig werken door een maandelijkse bijdrage.
In Spanje is het verplicht om een sociale verzekeringspremie te betalen als je werkzaam (zowel tijdelijk alsook vast) bent of als je als zelfstandige ondernemer (autónomo) gaat werken in het land. Veel mensen sluiten als aanvulling op de sociale verzekering ook een particuliere verzekering af.
Inschrijven
Men dient zich in te schrijven bij de Spaanse sociale zekerheid genaamd “Tesorería de la Seguridad Social” (TGSS). Deze instantie heeft in alle grote steden dependances die je HIER kunt zoeken.
Om jezelf in te schrijven heb je het ingevulde formulier nodig (modelo TA) wat HIER te downloaden is. Samen met het ingevulde formulier en een paspoort, NIE of in het geval van een Spanjaard DNI kun je naar een TGSS kantoor gaan. Naast het eerdergenoemde heb je ook een arbeidscontract nodig om te laten zien dat je werkt of het bewijs dat je zelfstandige ondernemer bent in Spanje.
Belangrijk is dat alle documenten origineel zijn en dat je tenminste één kopie van alles meeneemt (om zeker te zijn kun je beter twee kopieën van alles meenemen).
Nadat deze stap is voltooid ontvang je binnen 45 dagen je socialezekerheidsnummer (número de afiliación a la seguridad social).
Gemeente
Mocht je nog niet ingeschreven staan (empadronado) in je gemeente in Spanje dan dien je dat te doen door naar het gemeentehuis te gaan en jezelf in te schrijven wanneer je een “justificante de empadronamiento” ontvangt. Door jezelf in te schrijven bij de gemeente kun je gebruikmaken van de “sanidad pública” ofwel de gezondheidszorg.
Als je het socialezekerheidsnummer hebt en je bewijs dat je staat ingeschreven bij de gemeente, kun je naar de lokale huisartsenpost ofwel “centro de salud” gaan om jezelf daar in te schrijven. Je ontvangt dan een pasje ofwel “tarjeta sanitaria” die verbonden is aan de autonome regio waar je woont en werkt. Dit pasje geeft echter wel landelijke dekking.
De centro de salud kan omschreven worden als een plaats waar huisartsen (médicos de cabecera) werken, de eerste hulp post (urgencias) is en in sommige gevallen gesproken kan worden van een klein ziekenhuis (hospital). Dit is over het algemeen de eerste plaats waar je naartoe gaat in het geval van gezondheidsklachten. Er zijn in de steden ook grotere ziekenhuizen te vinden.
Zoals eerder vermeld menen nog steeds veel mensen dat de gezondheidszorg gratis is in Spanje maar dat is niet waar. Elke werknemer en ook werkgevers en zelfstandige ondernemers betalen premie aan de sociale zekerheid. Deze premie geeft recht op gezondheidszorg (behalve privé instellingen en ziekenhuizen), pensioen en arbeidsongeschiktheid uitkering. De hoogte van de premie is afhankelijk van het salaris en familieomstandigheden.
Ook zelfstandige ondernemers betalen een x-bedrag (cuotas de autónomos) om gebruik te kunnen maken van de sociale zekerheid. Dit is geen vrije keuze maar een verplichting. Sinds 1 januari 2019 is dat bedrag minimaal maandelijks 283,30 euro en maximaal maandelijks 1.220 euro (afhankelijk van de hoogte van het zogenaamde fictieve loon ofwel base de cotización).
Hoe meer men als zelfstandige ondernemer maandelijks betaalt, hoe hoger het bedrag is dat men krijgt uitbetaald bij ziekte of wanneer men met pensioen gaat.
Eigenlijk hebben de Spanjaarden geluk. Waar men in Nederland en Vlaanderen vaak alleen een verjaardag of geboortedag van iemand viert hebben de Spanjaarden twee dagen waarop ze iets te vieren hebben: de verjaardag (cumpleaños) en de naamdag (santo of santoral).
Als je in Spanje woont moet je er aan wennen dat er op de verjaardagskalender twee dagen genoteerd moeten worden van vrienden en familieleden, die van de verjaardag en die van de naamdag. Dat geldt niet automatisch voor iedereen maar iemand die in Spanje vernoemd is naar een heilige (en dat zijn er veel) zal ook een naamdag hebben.
De meeste Spanjaarden hebben in hun voornaam een naam van een heilige of een verbastering daarvan. Mocht dat echter niet het geval zijn dan is er altijd nog 1 november, Allerheiligen, een nationale feestdag (en vrije werkdag) in Spanje.
Bij een naamdag in Spanje maakt het niet uit of deze is vernoemd naar een mannelijke of vrouwelijke heilige. Daarnaast is de naamdag een breed begrip want stel dat je vernoemd bent naar de heilige San José (19 maart) dan vier je deze dag als je de naam José hebt maar ook als je Pepe, Pepelu, Chema, José Manual, José María en Joseba heet.
In wijze ziet men de naamdag als een verjaardag en wordt dit bij sommige families in Spanje ook op dezelfde wijze gevierd met taart, bloemen, cadeaus en festiviteiten.
Op deze websitekun je een kalender vinden met alle naamdagen in Spanje.
Wat is een naamdag
De naamdag (panigyria) van een persoon is de gedenkdag van de heilige naar wie deze katholieke persoon genoemd is (meestal tijdens de doop, de zogenaamde doopnaam). Gedenkdagen van heiligen vallen in het algemeen op hun sterfdag. In Nederland en Vlaanderen wordt iemands naamdag niet vaak gevierd, met uitzondering van enkele plaatsen in Limburg.
In veel landen krijgt men in vele gevallen een orthodoxe of katholieke naam bij de doop en iedereen heeft dus zijn/haar eigen naamdag. In andere landen is er een kalender gemaakt met de meest voorkomende voornamen. In Nederland en vlaanderen kan echter vaak met een beetje puzzelen ook een naamdag gevonden worden bij een voornaam.
Soms zijn er bij een bepaalde naam twee naamdagen. In dat geval wordt de dag gekozen die het dichtst bij de verjaardag ligt of het is de eerstvolgende naamdag na de verjaardag. Als iemand geen naamdag heeft, wordt deze gevierd op Allerheiligen.
Op deze websitekun je checken of ook jij in Nederland of Vlaanderen een naamdag hebt.
Iedere dag feest in Spanje
Je hoort wel eens de term “In Spanje is het iedere dag feest”. In de praktijk is dat niet altijd zo maar in de theorie wel want elke dag is een naamdag in Spanje. Maar naast de persoonlijke naamdagen hebben dorpen en steden ook eigen patroonheiligen. Dit is een heilige of engel die wordt vereerd als de beschermer van een stad of dorp en wat vaak gepaard gaat met festiviteiten, in feite dus een naamdag voor een hele stad of dorp.
Enkele bekende Spaanse steden met (een van) hun patroonheiligen (santos patrones) zijn:
In Nederland zegt men Chocomel en in België Cécémel maar als je dat in Spanje wilt bestellen dan heb je meerdere keuzes die allemaal min of meer anders zijn. Zo kun je kiezen voor het merk Cola Cao of Nesquik voor het ontbijt of merienda of Cacaolat als het warm is of chocolate caliente als het koud is in Spanje. Wat is wat in de wereld van de Spaanse chocolademelk.
Terwijl in Nederland in 1932 het merk Chocomel als chocolademelk van Nutricia en later van FrieslandCampina werd geïntroduceerd, gebeurde hetzelfde in Spanje met Cacaolat dat in Barcelona werd bedacht. Chocolademelk bestaat uit gedeeltelijk afgeroomde en/of magere melk, suiker, cacao en diverse andere smaakmakers.
Cacaolat
Een jaar voordat Nutricia in Nederland met Chocomel op de proppen kwam werd in 1931 in Barcelona het drankje Cacaolat bedacht. Deze lijkt weliswaar op de chocolademelk die men kent in Nederland maar is niet helemaal hetzelfde. Cacaolat werd bedacht door Joan Viader Roger en zijn zoon Marc die in 1925 reeds Letona (melk) hadden opgezet.
Het drankje werd gemaakt door magere melk, die op dat moment niet als nuttig werd beschouwd, te mengen met cacao en suiker. Gedurende vele jaren werd Cacaolat alleen gedronken in Catalonië en de Comunidad Valenciana maar enkele jaren later ging heel Spanje aan de Cacaolat.
Toch is Cacaolat meer een drankje in het noordoosten en zuidoosten van het land terwijl men in Andalusië beter bekend is met het daar gemaakte Puleva (batido de cacao). Een van de verschillen is dat Puleva minder cacao bevat dan Cacaolat en iets zachter is omdat Puleva meer melk heeft.
Cacaolat is bedacht om koud te drinken maar het is ook mogelijk om dit drankje warm te drinken waarbij je deze dan ‘Cacaolat caliente’ noemt. Daarbij wordt de chocolademelk vaak via een stoomapparaat (zoals om melk te verwarmen in een bar) warm gemaakt.
Wist je trouwens dat het in de wijk Raval in Barcelona nog steeds mogelijk is om bij de familie van de bedenkers van deze Catalaanse chocolademelk een drankje te nuttigen in de Granja M. Viader bar.
Cacaolat Vs Puleva
Chocolate caliente
Een van de fouten die buitenlanders vaak maken als ze warme chocolademelk willen hebben is vragen naar ‘chocolate caliente’. Als men dat besteld krijgt men echter meestal een dikke chocolade dip die beter met een lepel gegeten kan worden dan gedronken.
De chocolate caliente is meer gebruikelijk te vragen als men bv. churros of porras wil eten ofwel ‘churros con chocolate’. De churros stop je dan in de warme chocolade drap om ze daarna vingerlikkend naar binnen te werken. Deze chocolade noemt men ook wel eens ‘chocolate a la taza’.
Als je in Spanje warme chocolademelk wilt hebben dan zegt men doorgaans het eerder genoemde ‘Cacaolat caliente’ of nog beter ‘Cola Cao’ of het internationaal bekende ‘Nesquik’.
Het verschil is dat Cacaolat reeds een drankje is dat warm gemaakt wordt om zo in een glas te serveren. In het geval van Cola Cao of Nesquik wordt de drank geserveerd door middel van warme melk in een glas met daarbij de poeder in een zakje die men zelf in de warme melk dient te doen en te mengen.
Nesquik Vs Cola Cao
Cola Cao Vs Nesquik
Terwijl er nog veel meer merken met chocolade-poeder bestaan in Spanje zijn de twee bekendste toch wel het 100% Spaanse Cola Cao en het Zwitserse Nesquik. Beiden bestaan dus uit chocolade in poedervorm welke melk omtovert in een chocoladedrank die koud of warm gedronken kan worden.
Deze chocolade-poeder dranken zijn vooral populair bij de ouders die deze aan kinderen geven bij het ontbijt en ‘s-middags (na 17 uur) bij de merienda (la hora de chocolate). Deze worden dan vaak thuis maar ook soms in een bar/café gedronken. Er bestaan echter ook Chocolaterías die gespecialiseerd zijn op de warme chocolademelk.
Dus
Dus let op als je de volgende keer chocolademelk of een warme chocolademelk besteld in Spanje, er zijn dus meerdere manieren om dat te doen:
‘Un chocolate caliente por favor’ zal dus meestal een dikke met de lepel te eten chocolade dip opleveren.
‘Un Cola Cao por favor’ zal dus net zoals Nesquik een glas opgewarmde melk opleveren met daarbij de chocolade poeder om te mengen.
‘Un Cacaolat por favor’ zal dus een glas chocolademelk opleveren terwijl als men zegt ‘Un Cacaolat caliente por favor’ dit een warme chocolademelk in een glas zal opleveren.
Wat is jouw favoriet in Spanje? Warm of koud en in poedervorm of niet?
Als het emigreren naar Spanje al soms een ingewikkelde kwestie is dan is het naar informatie zoeken over het pensioen in Spanje ook niet makkelijk. Dankzij de inzet van JC Costa Blanca hebben we het onderstaande overzicht kunnen samenstellen. Aangezien het pensioen een ingewikkeld iets is, is het altijd raadzaam om een specialist in te schakelen.
Een van de belangrijkste vragen waar een emigrant mee zit is het volgende. Je hebt voorafgaand aan je emigratie naar Spanje in Nederland of België gewoond en/of gewerkt. Vervolgens ben je gaan werken in Spanje. Hoe en wanneer bouw je pensioen op in Spanje? En hoe werkt dat dan?
Veel Nederlanders hebben voorafgaand aan de emigratie naar Spanje in Nederland gewoond en/of gewerkt.
Daarmee is er recht op Nederlands ouderdomspensioen (AOW).
Dit deel is opgebouwd tot en met het moment van uitschrijving uit Nederland.
Het wordt uitbetaald op het moment dat de pensioengerechtigde leeftijd in Nederland wordt bereikt.
Veel Belgen hebben voorafgaand aan de emigratie naar Spanje in België gewerkt.
Over de gewerkte jaren in België is staatspensioen opgebouwd.
Het opgebouwde pensioen wordt uitbetaald op het moment dat de pensioengerechtigde leeftijd in België wordt bereikt
1- Hoe bouw je een staatspensioen/AOW op?
In Nederland bouw je ouderdomspensioen (AOW) op als je in Nederland woont en/of werkt. De AOW-opbouw begint 50 jaar voorafgaand aan je pensioengerechtigde leeftijd.
In België bouw je staatspensioen op als je in België werkt en premies afdraagt.
In Spanje bouw je staatspensioen op als je in Spanje werkt en premies afdraagt
NEDERLAND
2- Bouw ik AOW op als ik in Spanje ga wonen of werken?
Wanneer je in Spanje gaat wonen, bouw je vaak geen AOW op. Je bent dan namelijk niet meer verplicht verzekerd voor de Algemene Ouderdomswet (AOW). Woon je in Spanje en werk je in Nederland? Dan ben je meestal wel verzekerd voor de AOW.
3- AOW lager als je in Spanje werkt?
Wanneer je in Spanje werkt, doordat je emigreert, ben je niet meer verzekerd voor de AOW. Voor ieder jaar dat je niet verzekerd bent, wordt je AOW met 2% gekort. Dit kan je voorkomen door je vrijwillig te verzekeren voor de AOW.
BELGIË
4- Bouw ik (staats)pensioen op als ik in Spanje ga wonen of werken?
Wanneer je in Spanje gaat wonen en werken, doordat je emigreert, bouw je geen staatspensioen in België meer op.
Heb je naast je staatspensioen een particuliere pensioenverzekering afgesloten? Informeer naar de voorwaarden en mogelijkheden om deze voort te zetten.
SPANJE
5- Kan ik in Spanje staatspensioen opbouwen?
Vanaf één volledig jaar werken, bouw je het recht op pensioen op als:
Je werkt in loondienst en op je salaris wordt premie voor pensioen ingehouden of
Je werkt als zelfstandige (autónomo) in Spanje en je draagt premie voor pensioen af aan Instituto Nacional de la de Seguridad Social (INSS)
6- Wat is de pensioengerechtigde leeftijd in Spanje?
Wettelijke pensioengerechtigde leeftijd is 67 jaar
Je kunt nog op 65-jarige leeftijd met pensioen als je 36 jaar en 9 maanden of meer in Spanje gewerkt hebt (jaar 2019). De eis m.b.t. aantal gewerkte jaren gaat de komende jaren omhoog.
Vanaf 2027 kun je in Spanje op 65-jarige leeftijd met pensioen als je 38 jaar en 6 maanden gewerkt hebt
123rf
7- Op hoeveel staatspensioen heb je recht in Spanje?
In Spanje moet je minimaal 15 jaar gewerkt hebben om recht te hebben op Spaanse ouderdomspensioen. De hoogte van het staatspensioen wordt gebaseerd op de premie die jij hebt afgedragen. Het staatspensioen kent wel een maximum.
Je hebt recht op 50% staatspensioen als je 15 jaar gewerkt hebt en premies afgedragen aan INSS. Voorwaarde is wel dat van die 15 jaar, twee jaar moet liggen binnen de 15 jaar direct voorafgaand aan de pensioengerechtigde leeftijd. Voor elk jaar dat je meer werkt dan 15 jaar, stijgt jouw opbouw procentueel met een kleine 2% per jaar.
Je hebt recht op 100% staatspensioen in Spanje als je aan de eis m.b.t. het aantal gewerkte jaren voldoet (zie punt 2 hierboven)
Je hebt ook recht op staatspensioen in Spanje naar evenredigheid, als:
Je minimaal één volledig jaar gewerkt hebt in Spanje en premies hebt afgedragen EN
Je totaal in Europa opgebouwde staatspensioen/AOW jaren op dit moment (2017) minimaal 15 jaar is.
Want volgens Europese richtlijnen tellen de jaren, die je in andere EU-landen gewerkt hebt, mee voor je pensioenrechten in Spanje.
Dus de jaren die je in Nederland gewoond hebt en AOW hebt opgebouwd, tellen mee voor je pensioenrechten in Spanje.
Dus de jaren die je in België gewerkt hebt, tellen mee voor je pensioenrechten in Spanje.
8a- Emigreren vanuit Nederland naar Spanje – Voorbeeld –
Je bent nu 48 jaar Jouw pensioengerechtigde leeftijd in Nederland is 68 jaar Bij vertrek uit Nederland heb je 30 jaar AOW opgebouwd [1]. (vanaf 18 jaar tot 48 jaar) In Spanje ga je 10 jaar werken
Wanneer en waarop heb je recht in Spanje?
In Spanje moet je 15 jaar gewerkt hebben om recht te hebben op ouderdomspensioen
Normaal gesproken zou je in deze situatie niet in aanmerking komen voor pensioen in Spanje
Maar de Spaanse pensioeninstantie moet ook rekening houden met de jaren die je in Nederland hebt gewerkt
In totaal kom je uit op 40 jaar (30 jaar Nederland en 10 jaar Spanje)
Voor Spanje betekent dit dat je recht op volledige pensioen (100%) want je hebt meer dan 38 jaar en 6 maanden gewerkt
Je voldoet aan de eis m.b.t. aantal gewerkte jaren (zie punt 6) en daarmee is jouw pensioenleeftijd in Spanje 65 jaar
Hoe gaat het vervolgens in zijn werk?
Stap 1: Op 65 jarige leeftijd vraag je pensioen aan bij INSS in Spanje Stap 2: INSS vraagt jouw gegevens op in Nederland Stap 3: Nederland en Spanje gaan het bedrag waar jij recht op hebt uitrekenen (zie hieronder punt 9) Stap 4: 10/40 deel wordt door Spanje uitbetaald vanaf je 65e Stap 5: Het Nederlandse deel ontvang je op jouw pensioengerechtigde leeftijd van 68 jaar
8b- Emigreren vanuit België naar Spanje – Voorbeeld –
Je bent nu 48 jaar Jouw pensioengerechtigde leeftijd in België is 65 jaar vertrek uit België heb je 25 jaar in België gewerkt In Spanje ga je 10 jaar werken
Wanneer en waarop heb je recht in Spanje?
In Spanje moet je 15 jaar gewerkt hebben om recht te hebben op ouderdomspensioen
Normaal gesproken zou je in deze situatie niet in aanmerking komen voor pensioen in Spanje
Maar de Spaanse pensioeninstantie moet ook rekening houden met de jaren die je in België hebt gewerkt
In totaal kom je uit op 35 jaar (25 jaar België en 10 jaar Spanje)
Voor Spanje betekent dit dat je geen recht op volledige pensioen want je hebt nog geen 38 jaar en 6 maanden gewerkt
Je voldoet niet aan de eis m.b.t. aantal gewerkte jaren en daarmee is jouw pensioenleeftijd in Spanje 67 jaar
Hoe gaat het vervolgens in zijn werk?
Stap 1: Op 65 jarige leeftijd vraag je pensioen aan bij INSS in Spanje Stap 2: INSS vraagt jouw gegevens op in België Stap 3: België en Spanje gaan het bedrag waar jij recht op hebt uitrekenen (zie hieronder punt 9) Stap 4: 25/35 deel wordt door België uitbetaald vanaf je 65e Stap 5: Het Spaanse deel ontvang je op jouw pensioengerechtigde leeftijd van 67 jaar!
123rf
9- Berekening van het pensioen bij werken/wonen in Spanje, België en Nederland
De pensioeninstanties van ieder land rekenen afzonderlijk jouw pensioen uit en maken daarvoor twee berekeningen: pensioen pro rato en het onafhankelijk pensioen. Ieder land maakt dus deze twee berekeningen. Daarna kijkt men per land welk pensioen het hoogste is.
Stap 1: De berekeningen
Berekening 1
Wat zou jij ontvangen als je alle jaren in één land hebt gewerkt/gewoond (het theoretisch bedrag).
Daarna wordt het theoretische bedrag aangepast op grond van het daadwerkelijke aantal gewoonde/gewerkte jaren in dat land (het pensioen pro rato).
Berekening 2
Wat zou je ontvangen op basis van de nationale pensioenregeling/AOW van het land (het onafhankelijk pensioen). Voorwaarde voor deze berekening is dat je moet voldoen aan de pensioeneisen per land.
Stap 2: Het bepalen van het bedrag
De pensioeninstantie per land kijkt vervolgens welk pensioen hoger is: het pensioen pro rato of het onafhankelijke pensioen. Jij ontvangt altijd het hoogste bedrag per land.
Van de pensioeninstanties ontvang je een speciaal document, het P1-formulier, met de beslissing en een toelichting.
10- Hoe vraag je als Spaanse resident je pensioen aan?
Je moet je pensioen aanvragen in het land waar je woont dus Spanje
In Spanje ga je naar het INSS
Spanje zal:
Als je in Spanje gewerkt hebt jouw gewerkte jaren in Spanje invullen en jouw gegevens vanuit België of Nederland opvragen.
Als je nooit gewerkt hebt in Spanje wordt de aanvraag automatisch doorgestuurd naar België of Nederland.
TIP: Vraag je pensioen tenminste 6 maanden voorafgaand aan je pensioenleeftijd aan, de procedure kan lang duren.
11- Pensioen in relatie tot zorg
Wil je als gepensioneerde of uitkeringsgerechtigde van Nederland of België gebruikmaken van zorg in Spanje, dan moet je als verdragsgerechtigde geregistreerd worden. Je hebt het E 121/ S1 Verdragsformulier hiervoor nodig.
Als Nederlander wordt door het CAK maandelijks een ¨buitenlandbijdrage¨ ingehouden op je AOW/pensioen voor zorg in Spanje. Als verdragsgerechtigde behoud je recht op zorg in Nederland (men noemt dit pensioenlandzorg).
Als Belg betaal je jaarlijks een bedrag aan jouw ziekenfonds en je blijft volledig verzekerd voor zorg in België.
A- Heb je gewerkt in Spanje en je hebt recht op een Spaans pensioen?
Vanaf het moment dat het Spaanse pensioen aan jou wordt uitbetaald, heb je automatisch recht op gratis zorg in Spanje via de Seguridad Social. Je hebt het E 121/S1 Verdragsformulier NIET nodig!
Via de Seguridad Social kun je een Tarjeta Sanitaria Europea (Europese Verzekeringskaart / EHIC pasje) aanvragen en daarmee heb je recht op dringende en spoedeisende zorg binnen Europa.
B- Je hebt gewerkt in Spanje, maar nog nooit je Spaanse pensioen aangevraagd?
Stap 1: Vraag Spaans pensioen alsnog aan bij INSS in Spanje (Bij de aanvraag NIET vermelden, dat je al een pensioenuitkering vanuit Nederland of België ontvangt) Stap 2: INSS vult het Spaanse deel in en vraagt jouw gegevens in Nederland of België op Stap 3: Nadat het Spaanse pensioen is toegekend – kun je als Nederlander vervolgens het CAK informeren dat je geen verdragsgerechtigde meer bent en geen buitenland bijdrage meer gaat betalen. – kun je als Belg je ziekenfonds mededelen de jaarlijkse bijdrage niet meer te betalen.
NB: Bewust praten we over kun je want het is aan jou of je de keuze wilt maken om de directe toegang tot zorg in Nederland of België te gaan beëindigen. Het stopzetten van bovengenoemde inhouding/ bijdrage wordt niet automatisch gedaan.
[1] AOW opbouw begint 50 jaar voorafgaand aan je pensioengerechtigde leeftijd. In dit voorbeeld is de pensioengerechtigde leeftijd 68 jaar. AOW opbouw begint met 18 jaar (=68-50). AOW opbouw eindigt bij uitschrijving uit Nederland op leeftijd van 48 jaar. AOW opbouw is van 18 tot en met 48 is 30 jaar
In Spanje schijnt de zon erg vaak, althans op veel plaatsen maar zoals we afgelopen week gemerkt hebben kan het ook behoorlijk tekeer gaan met de regen en storm wat vaak in korte tijd voor veel problemen kan zorgen. Een ander weerfenomeen waar Spanje veel mee te maken heeft is de wind die soms erg hard waait. Spanje kent zeven verschillende windcondities of fenomenen zoals de tramontana, levante, terral, cierzo en alisios. Bij deze een uitleg van de wind in Spanje.
De wind kan soms erg vervelend zijn, zeker met autorijden of op zee maar de wind kan ook een groot voordeel hebben, het opwekken van energie door de vele windmolens die Spanje rijk is. Op veel plaatsen zorgen deze windmolens soms voor meer energie dan andere alternatieve manieren van het opwekken van elektriciteit. Spanje is echter een groot land met vele verschillende geografische kenmerken welke ervoor zorgen dat de wind niet overal hetzelfde is. Er zijn zeven windcondities of fenomenen die we kunnen onderscheiden.
Ábrego
De ábrego is een warme luchtmassa met een relatieve vochtigheid waardoor de wind vaak vergezeld gaat door regen. De wind waait vaak ten zuidwesten aangezien deze gevormd wordt boven de Atlantische Oceaan door luchtstromen nabij de Canarische Eilanden en de Azoren. Deze windconditie is hoofdzakelijk in de lente en/of de herfst te merken. In de deelstaat Cantabrië staat deze wind bekend als de “viento castellano” terwijl deze de naam “aire de las castañas” in de deelstaat Asturië heeft gekregen omdat als de ábrego wind van zich laat horen de kastanjes van de bomen vallen.
Cierzo
De cierzo is een droge wind met lage temperaturen die hoofdzakelijk voorkomt in de Ebro vallei (valle del Ebro) en afkomstig is uit het noordwesten van het land. Deze windconditie ontstaat door het drukverschil in het gebied door de combinatie van storm boven de Middellandse Zee en de anticycloon in de Golf van Biskaje. De cierzo wind kan enorme snelheden aannemen tot wel 160 kilometer per uur, iets wat geregistreerd werd in 1954. Alhoewel de cierzo wind als kenmerk heeft dat deze een gebrek aan vocht heeft en het leven in de Ebro vallei daardoor sterk beïnvloed, zorgt de wind er ook voor dat bepaalde ziekten en plagen moeilijk kunnen overleven in de zone.
Galerna
De galerna wind is een van de bekendste van de Cantabrische Zee en de Golf van Biskaje omdat deze plotseling en zeer krachtig kan opkomen en dus zeer gevaarlijk kan zijn voor de vissers op zee. Deze windconditie komt het meeste voor in de lente en/of herfst en meestal op rustige en zonnige dagen. De galerna wind ontstaat door het verschijnen van een koude luchtfront die abrupt door de wind van richting veranderd wordt. Een van de kenmerken is de plotselinge daling van de temperatuur tot wel -10 graden. Bovendien stijgt de luchtvochtigheid tot bijna 100% waarbij tevens windstoten bereikt worden tegen de 100 kilometer per uur.
Levante
De levante wind is samen met de tramontana en terral wellicht wel de bekendste windconditie in Spanje aangezien deze vaak te merken is aan de Middellandse Zee. De naam levante wordt dan ook veel herhaald in de Spaanse weerberichten waardoor de Spanjaarden en buitenlanders meer bekend zijn met deze windconditie. De levante wind is afkomstig uit het oosten waarbij deze meestal gevormd wordt nabij de Balearen eilanden en van invloed is op het centrale deel van de Middellandse Zeekust zoals in de deelstaten Comunidad Valenciana, Murcia en Andalusië. De hoogste windsnelheden worden bereikt in de Straat van Gibraltar waar de wind het tevens laat regenen in de bergen van de provincie Cádiz, het meest regenachtige gebied van Spanje. De levante wind kenmerkt zich daarnaast door hoge temperaturen en een hoge luchtvochtigheidsgraad.
Poniente
De poniente wind is afkomstig van de Atlantische Oceaan en beweegt zich van west naar oost. Naarmate de luchtstroom vordert verliest deze geleidelijk aan vocht en stijgen de temperaturen als gevolg van het föhneffect waardoor de oostkust van Spanje te maken krijgt met een zeer droge en warme wind. Hoewel de aanwezigheid van de poniente wind gedurende de wintermaanden de temperaturen verzachten worden deze tegelijkertijd verhoogt. De poniente wind kan zeer gevaarlijk zijn voor het ontstaan van bosbranden.
Terral
De terral wind is zeer bekend bij menig buitenlander die in de provincie Málaga woont omdat deze windconditie daar het meeste voorkomt en soms zeer onaangenaam kan zijn. De terral wind komt met name voor in de zomermaanden en zorgt voor een of meerdere zeer ondraaglijke en onaangename warme dagen waarbij een airconditioning geen overbodig luxe is. Vaak wordt verondersteld dat de “El Terral” wind afkomstig is uit Afrika maar, op uitzonderingen na, is dat niet het geval.
Deze windconditie wordt in de provincie Málaga namelijk gevormd wanneer de zonnestraling verdwijnt en de zee de warme temperatuur overdag langer vasthoudt dan het vasteland welke sneller afkoelt dan de zee. Op dat moment ontstaat een drukgradiënt waarbij de warme zeelucht stijgt en de plaats wordt ingenomen door de koude vasteland lucht waardoor de zogenaamde aflandige wind (brisa terrestre) of “El Terral” te voelen is. De “El Terral” wind is dus niet afkomstig uit het zuiden/zuidoosten zoals de warme en droge Afrikaanse wind maar uit het binnenland, het noorden/noordwesten, vandaar ook de naam Terral van Tierra. De terral wind is vooral te merken tijdens de zomermaanden maar de windconditie kan ook in de winter voorkomen waarbij het dan een droge en koude windsoort is.
Tramontana
Naast de levante, poniente en terral windcondities die het meest bekend zijn is de bekendste wellicht wel de tramontana windsoort. Deze windconditie kenmerkt zich door een droge, koude en sterke wind die vanuit het noordwesten waait in de Franse regio Languedoc-Roussillon, de Catalaanse regio Alt Empordà provincie Girona en op de Balearen eilanden. De tramontana versnelt door het zogenaamde Venturi-effect tijdens zijn doorgang tussen de Pyreneeën en het zuiden van het Centraal Massief. De tramontana komt meestal op na een periode van minder goed weer, waarna mooi weer volgt. Windvlagen van 150 km/uur komen regelmatig voor.
Als je in Spanje woont en daar officieel staat ingeschreven in de gemeente en ook een NIE-nummer hebt, dan moet je er rekening mee houden dat als je met een Nederlands of Belgisch rijbewijs rondrijdt je ook “virtuele” punten hebt en deze dus ook kan verliezen bij een verkeersovertreding. Dat heeft te maken met het Spaanse puntenrijbewijs (carnet con puntos).
Veel Nederlanders (44.458) en Belgen (30.068) staan officieel ingeschreven als inwoner van Spanje (empadronado) en hebben een buitenlands registratienummer ofwel NIE-nummer maar soms wordt vergeten dat men nog een buitenlands rijbewijs heeft.
Puntenrijbewijs
Maar waarom een Nederlands of Belgisch rijbewijs aanhouden als je officieel woont in Spanje? Een van de redenen waarom Nederlanders en Belgen (en andere buitenlanders) liever geen Spaans rijbewijs willen hebben is het puntensysteem.
Woon en leef je in Spanje dan dien je ook rekening te houden met de Spaanse verkeersregels. Dat houdt in dat, ook al heb je een buitenlands rijbewijs, je als NIE-nummer houder bij het begaan van verkeersovertredingen toch punten kunt kwijtraken van een rijbewijs.
Virtuele punten
Elke buitenlander die een NIE-nummer heeft en een buitenlands rijbewijs, heeft zogenaamde “virtuele” punten die je net zoals een Spanjaard ook kan verliezen, al is dat vaak niet bekend bij de buitenlanders. Het is dus niet zo dat je aan de strafpunten kunt ontkomen want die worden geregistreerd op het NIE-nummer (waar in Spanje zo’n beetje alles op wordt geregistreerd).
Wanneer merk je dit? Op het moment dat je een Spaans rijbewijs wilt aanvragen of omwisselen worden de op het NIE-nummer geregistreerde punten van het saldo afgehaald. Mocht je teveel strafpunten hebben (meer dan de oorspronkelijke 12) dan zul je wel een Spaans rijbewijs kunnen aanvragen maar dat zul je dan niet krijgen voordat je een opfrissingscursus of zelfs een nieuw (in het Spaans of Engels) theorie examen aflegt.
Dit wordt normaal gesproken bekend gemaakt door de DGT via de reguliere post waarbij het dus belangrijk is dat het postadres in Spanje correct is.
Conclusie
Met een Nederlands of Belgisch EU-rijbewijs is het toegestaan om in Spanje te rijden zolang het rijbewijs geldig is. Sta je in Spanje ingeschreven als woonachtig met een NIE-nummer maar met een Nederlands of Belgisch rijbewijs, dan krijg je virtuele punten en krijg je bij verkeersovertredingen naast een boete ook strafpunten.
Op het moment dat je een Nederlands of Belgisch rijbewijs wilt of moet omruilen voor een Spaans rijbewijs houdt men rekening met eventuele strafpunten die geregistreerd staan op het NIE-nummer die dan ook van het totaal afgaan.
Zijn dat teveel strafpunten (meer dan 12) dan dien je een theorie examen af te leggen, net zoals een Spanjaard die alle punten van het rijbewijs is kwijtgeraakt. Als dat succesvol is gedaan zul je pas het Spaanse rijbewijs krijgen.
De meest kwetsbare groep wat betreft het coronavirus en COVID-19 zijn de ouderen. De meeste inwoners van Spanje die aan het virus overlijden zijn ouderen met een zwakke gezondheid maar door alle quarantaine maatregelen hebben ze ook sneller een sociaal isolement. Maar hoeveel Nederlanders en Belgen ouder dan 65 jaar wonen in Spanje?
Het Spaanse Bureau voor de Statistieken (INE) plaatst twee keer per jaar gespecialiseerde lijsten met daarop het aantal inwoners in Spanje. De definitieve cijfers over 2020 zijn nog niet bekend maar als we kijken naar de cijfers die op 1 juli 2019 zijn gepubliceerd wonen er 47.100.396 mensen in Spanje waarvan 9.180.398 ouder zijn dan 65 jaar.
Van het totaal aantal inwoners hebben er 42.077.117 de Spaanse nationaliteit en 5.023.279 een buitenlandse nationaliteit. Van het totaal aantal inwoners zijn er 9.180.398 die 65 jaar of ouder zijn. Hieronder een overzicht van de Spaanse, Nederlandse en Belgische 65-plussers.
—-
Spanjaarden
Nederlanders
Belgen
65-69
2.194.568
4.144
3.902
70-74
2.041.049
4.646
3.364
75-79
1.585.773
2.704
1.934
80-84
1.383.955
1.169
1.176
85-89
955.800
557
622
90+
531.661
290
338
TOTAAL
8.587.955
11.968
9.010
Spanjaarden
Volgens het INE wonen er nu 42.077.117 Spanjaarden waarvan 8.587.955 een leeftijd van 65 jaar of meer hebben. Om precies te zijn wonen er 2.194.568 Spanjaarden met een leeftijd tussen de 65 en 69 jaar, 2.041.049 Spanjaarden met een leeftijd tussen de 70 en 74 jaar, 1.585.773 Spanjaarden met een leeftijd tussen de 75 en 79 jaar, 1.383.955 Spanjaarden die tussen de 80 en 84 jaar oud zijn, 955.800 Spanjaarden die een leeftijd hebben tussen de 85 en 89 jaar en 531.661 Spanjaarden die 90 jaar en ouder zijn.
Er zijn 3.708.465 Spaanse mannen die 65 jaar of ouder zijn en in Spanje wonen terwijl dit aantal oploopt naar 4.858.188 Spaanse vrouwen die 65 jaar of ouder zijn.
Nederlanders
Volgens het INE wonen er 44.458 Nederlanders in Spanje waarvan 11.968 een leeftijd van 65 jaar of meer hebben. Om precies te zijn wonen er 4.144 Nederlanders met een leeftijd tussen de 65 en 69 jaar, 4.646 Nederlanders met een leeftijd tussen de 70 en 74 jaar, 2.704 Nederlanders met een leeftijd tussen de 75 en 79 jaar, 1.169 Nederlanders die tussen de 80 en 84 jaar oud zijn, 557 Nederlanders die een leeftijd hebben tussen de 85 en 89 jaar en 290 Nederlanders die 90 jaar en ouder zijn.
Er zijn 7.091 Nederlandse mannen die 65 jaar of ouder zijn en in Spanje wonen terwijl dit aantal oploopt naar 6.418 Nederlandse vrouwen die 65 jaar of ouder zijn.
Belgen
Volgens het INE wonen er 31.068 Belgen in Spanje waarvan 9.010 een leeftijd van 65 jaar of meer hebben. Om precies te zijn wonen er 3.902 Belgen met een leeftijd tussen de 65 en 69 jaar, 3.364 Belgen met een leeftijd tussen de 70 en 74 jaar, 1.934 Belgen met een leeftijd tussen de 75 en 79 jaar, 1.176 Belgen die tussen de 80 en 84 jaar oud zijn, 622 Belgen die een leeftijd hebben tussen de 85 en 89 jaar en 338 Belgen die 90 jaar en ouder zijn.
Er zijn 5.797 Belgische mannen die 65 jaar of ouder zijn en in Spanje wonen terwijl dit aantal oploopt naar 5.541 Belgische vrouwen die 65 jaar of ouder zijn.
Het gaat in het geval van de Nederlanders en Belgen die 65 jaar of ouder zijn overigens wel over die Nederlanders en Belgen die zich hebben ingeschreven in het bevolkingsregister in Spanje (empadronamiento). Belgen en Nederlanders die niet staan ingeschreven worden niet meegeteld waardoor het realistische aantal hoger kan zijn.
Gegevens zijn van het INE met als datum 1 juli 2019.
In spanje zeggen autoriteiten, specialisten en instellingen dat vijf keer eten per dag het gezondst is. Veel Spanjaarden houden zich dan ook daaraan al is dat niet altijd voor iedereen mogelijk. Eenieder die vaak in Spanje komt of daar woont weet natuurlijk dat men in het zuiden een ander levensritme heeft en dat uit zich ook in de maaltijdmomenten en dagindeling.
Wat betreft het eten hebben de meeste Spanjaarden een strak schema waarbij men zich probeert te houden aan het gezonde idee van vijf keer eten per dag. We hebben het dan over het ontbijt (desayuno), de ochtendsnack (almuerzo), de middagmaaltijd/lunch (comida), de middagsnack (merienda) en dan als laatste de avondmaaltijd/diner (cena).
De snelheid van het dagelijkse leven is erg veranderd in Spanje maar het middagmaal is nog altijd een zeer belangrijke gebeurtenis. Zelfs in de steden met hun fastfood restaurants gaan de mensen tussen de middag terug naar huis voor een goed middagmaal en tegelijkertijd kunnen zij genieten van hun siësta na het middageten om nadien terug te keren naar hun werk.
Ontbijt (desayuno)
De dag start met de “desayuno” wat het ontbijt is. Op het eerste gezicht geeft dit niet voldoende energie om te overleven tot aan het middagmaal. Het ontbijt bestaat uit “café con leche”, koffie met zeer veel melk en brood, toast of “churros”, gefrituurde stokjes met suiker erop. Al worden de churros niet meer overal als ontbijt gegeten.
Het ontbijt voor de kinderen ziet er ook vaak erg magertjes uit bestaande uit een warme drank zoals chocolademelk of warme melk en koekjes die daarin gedompeld worden. Veel mensen slaan het ontbijt echter over en ontbijten pas later rond 10 uur als ze in principe al aan het werk zijn, iets wat heel gewoon is in Spanje.
Ochtendsnack (almuerzo)
Omdat het normale ontbijt niet genoeg is tot aan het middagmaal neemt praktisch iedereen tussen 10.00 en 11.00 uur een tweede ontbijt, wat voor sommigen dus een eerste ontbijt is. Dit kan omschreven worden als een ochtendsnack ofwel “almuerzo”.
Dit ontbijt is meestal een koffie met een zoet broodje of “pan con tomate” en dat is brood met tomaat. Er is ook nog de mogelijkheid om een “bocadillo” te nemen en dat is een broodje met beleg. Daarnaast eet men ook veel zoete broodjes zoals croissants, magdalenas en broodjes met spijs-, chocolade- of cremevulling.
Lunch (comida)
De “comida” is het middagmaal en bestaat uit minstens 3 delen: een voorgerecht (primer plato), een hoofdgerecht (segundo plato) en een nagerecht (postre). Het voorgerecht is meestal een soep, een gerecht met eieren of een salade. Daarna komt het hoofdgerecht met vis of vlees en met aardappelen en daarna is er nog een nagerecht dat dikwijls een stuk fruit of een pudding is.
Veel werkende Spanjaarde eten vaak een “menu del día” in een nabijgelegen restaurant. Dit zijn vaak complete meergangen maaltijden met alles inclusief en meestal met zeer gereduceerde prijzen.
Middagsnack (merienda)
In de grote steden kan het voorkomen dat het avondmaal of “cena” pas tussen 22 en 23 uur geserveerd wordt dus heeft men iets nodig tussen het middagmaal en het avondmaal. In de late namiddag, zoiets van tussen 17 en 19 uur, is er de “merienda”, een licht maal of een snack. Daarom lopen de tapabars opnieuw vol tot ongeveer 20 uur.
Diner (cena)
Behalve als men buitenshuis eet is de avondmaaltijd lichter dan het middagmaal. Over het algemeen eet men echter tussen 21 en 22 uur. Aangezien voor de meeste Spanjaarden de lunch (comida) belangrijker is en daar meer aandacht aan wordt besteed is het diner (cena) vaak lichter en bestaat dit uit brood, soep, salades etc.
Uiteraard is dit een ruime en algemene omschrijving van een dagindeling aan de hand van de vijf maaltijdmomenten maar over het algemeen vindt dit wel zo plaats. Uiteraard zijn er verschillen en uitzonderingen op te noemen, is dat afhankelijk van de regio waar men woont of verblijft en spelen ook de persoonlijke omstandigheden een rol.
De huidige situatie van marihuana in Spanje is een gevoelig onderwerp. We hebben te maken met een juridische limbo waarin het gebruik van cannabis in Spanje wettelijk verboden en strafbaar is, maar in sommige gevallen door de autoriteiten wordt “toegestaan”.
Het is niet vreemd om mensen in Spanje marihuana te zien roken zonder een boete te krijgen of mensen te ontmoeten die marihuana in hun huis hebben gepland zonder te zijn bestraft.
Daarom vragen we ons af: is marihuana legaal in Spanje? Nee, dat is het niet, en ondanks dat het een onderwerp is dat in de politieke sfeer wordt besproken, is Spanje nog ver verwijderd van de legalisatie van cannabis. Simpel gezegd komt het op het volgende neer: consumptie, teelt, bezit en aankoop zijn illegaal in Spanje, tenzij deze handelingen privé en non-profit zijn.
Marihuana-wet Spanje
Het eerste dat in aanmerking moet worden genomen zijn de wetten die uitleg bieden over de legaliteit van bezit, aanplant, consumptie en aankoop van cannabis. Momenteel heeft Spanje een in 2015 aangenomen “Ley Mordaza” waarin men schrijft over de consumptie en het bezit van deze drug. Hieruit kunnen we de volgende conclusies trekken:
Consumptie is legaal in privéruimtes of cannabisclubs, maar als we consumeren op de openbare weg, kunnen we een boete van 601 euro ontvangen (als dit de eerste keer is dat je met marihuana betrapt wordt).
Het kweken van marihuana is legaal maar alleen als het niet vanaf de openbare weg kan worden gezien. Bovendien moet het voor eigen gebruik zijn want als er een vermoeden bestaat dat het voor een lucratief gebruik is kan de politie een rechterlijk bevel indienen om een inval te doen in een woning.
Het bezit is legaal als de substantie zich in een privéruimte bevindt, dat wil zeggen, in ons huis of in de cannabisclubs, maar met een beperkt gewicht waarmee wordt vastgesteld dat het voor eigen consumptie is en niet voor het handelen (wat strafbaar is met 3 tot 4 jaar cel, afhankelijk van hoeveel je bezit). Aan de andere kant kan het bezit op straat een boete van tussen de 601 en 10.400 euro opleveren als men geen antecedenten heeft en het als een niet “ernstige omstandigheid” wordt beschouwd.
De aankoop van marihuana is over het algemeen illegaal maar we kunnen deel uitmaken van een cannabis associatie waar tegen een maandelijkse vergoeding wiet wordt geleverd.
Kortom, consumptie, teelt, bezit en aankoop zijn illegaal in Spanje, tenzij deze handelingen privé en non-profit zijn.
Zijn marihuana planten illegaal?
Technisch gezien is de daad van het planten van wiet in Spanje niet legaal, maar er zijn enkele juridische tegenstrijdigheden om rekening mee te houden waarbij in sommige gevallen de illegale aanplant van deze stof wel legaal kan zijn.
Als er gekeken wordt naar de artikelen 18 en 22 van de Spaanse grondwet, dan wordt er gesproken over het recht op privacy en het recht op de samenkomst. Deze rechten zijn het die toelaten dat de plantage in privé-ruimten (zoals in huis of in clubs en verenigingen) legaal is.
Als Spanjaarden (en inwoners van Spanje) heeft men het recht om in huis of in een privéruimte te doen wat men wil zonder door de autoriteiten te worden lastig gevallen (uiteraard binnen bepaalde grenzen); en heeft men het recht om deel uit te maken van een non-profitorganisatie die de gevestigde normen volgt.
De Ley Mordaza (artikel 36.16) wet specificeert dat het planten van marihuana als het niet zichtbaar is vanaf straat geen reden is dat de autoriteiten de oogst in beslag kunnen nemen. Het probleem is dat er geen specifiek aantal of gewicht is omschreven waarvoor dit gewas als persoonlijk of winstgevend wordt beschouwd. Dus als er een inval in een woning is op “verdenking” van drugshandel, heeft men geen wettelijke maatregel om aan te tonen dat de planten voor persoonlijk gebruik zijn.
De FAC (Federatie van Cannabis) beschouwt bijvoorbeeld in het geval van cannabis clubs maandelijkse een consumptie van 60 gram per lid. Maar deze hoeveelheid is niet vastgelegd in de wet dus kan men niet aantonen dat het voor eigen gebruik is.
Therapeutische marihuana in Spanje
In Spanje vinden we geen wettelijk onderscheid tussen marihuana voor recreatief gebruik en voor medicinaal gebruik. Als deze differentiatie ontbreekt, moeten patiënten die medische marihuana in Spanje willen aanschaffen, zich associëren met een cannabisclub of hun toevlucht nemen tot de zwarte markt.
De therapeutische marihuana in Spanje is net zo strafbaar als die gebruikt voor recreatieve doeleinden. In 2018 haalde de discussie over therapeutische marihuana het Spaanse Congres maar werd er nog niets concreets afgesproken over het gebruik daarvan in Spanje. Naar schatting zijn er in Spanje tussen de 50.000 en 100.000 marihuana-gebruikers die dit therapeutisch gebruiken.
Als je al een tijdje in Spanje woont en goed geïntegreerd bent kijk je hoogstwaarschijnlijk wel eens naar de Spaanse televisie of ga je naar de Spaanse bioscopen (erg goed voor je Spaans). En wellicht is het je dan al eens opgevallen dat de films vaak een compleet andere titel hebben, soms zijn dat dan titels die nergens op slaan en niet eens op de oorspronkelijke titels lijken. Maar waarom gebeurt dat eigenlijk?
Zoals inmiddels wel bekend worden buitenlandse films en series op de televisie en films in de Spaanse bioscopen altijd (op uitzonderingen na) nagesynchroniseerd in het Spaans en in sommige deelstaten zelfs in hun regionale taal (denk aan Catalonië). Daarnaast komt het ook vaak, maar niet altijd, voor dat de titels van de films compleet anders zijn in het Spaans dan de oorspronkelijke buitenlandse (vaak Engelse) titels.
Voorbeelden van titels
Om maar wat voorbeelden te noemen: “Jaws” wat in het Spaans eigenlijk “Mandíbulas” zou moeten zijn, wordt vertaalt naar “Tiburón”. De film “A very bad trip” wat eigenlijk letterlijk vertaalt “Un viaje muy malo” zou moeten zijn wordt in Spanje “Resacón en Las Vegas” genoemd en “Bas boys” wordt vertaalt naar “2 policías rebeldes”. Zo zijn er nog tientallen andere voorbeelden te noemen waardoor een gesprek met Spanjaarden over een bepaalde films soms erg lastig kan zijn, de titels komen immers niet altijd overeen.
Marketing
Een van de belangrijkste redenen voor de “vrije vertalingen” van het Engels naar het Spaans hebben met de marketing te maken. Soms klinkt een letterlijke vertaling van een Engelse titel naar het Spaans reclame technisch absoluut niet interessant, net zo als dat men die films naar het Nederlands zou omzetten.
Een titel dient om de aandacht van het publiek te trekken en soms moet dat anders dan een letterlijke vertaling en gaat men creatief met titels om. Aangezien niet alle Spanjaarrden het Engels goed begrijpen vertaalt men dus vaak de Engelse titels naar het Spaans.
Technieken
Een van de technieken die men gebruikt om een Spaanse titel te bedenken is versterking wat wil zeggen dat een Engelse titel in het Spaans naar een hoger niveau wordt vertaald en waarbij een deel van de oorspronkelijke titel vaak wordt omgedraaid. Als voorbeeld kan men de films “Inglorious bastards” aangeven wat in het Spaans niet “Vergonzosos bastardos” is geworden maar “Malditos bastardos” of de film “True lies” wat in het Spaans “Mentiras verdaderas” is geworden en niet “Verdaderas mentiras” wat een letterlijke vertaling zou zijn in de juiste volgorde. Deze techniek wordt in andere landen zoals Frankrijk en Duitsland ook toegepast.
Conclusie
Er zijn nog diverse andere technieken mogelijk maar het komt erop neer dat in de meeste gevallen een titel voor een film wordt gekozen die beter bij het Spaanse publiek past en die reclame technisch beter is voor de marketing van een film. In een steeds groeiend aantal gevallen echter wordt wel de Engelse originele titel aangehouden zoals in sommige titels van de James Bond films zoals “Skyfall” en “Spectre” of “Bridget Jones Baby”.
Spanje heeft net zoals andere bergzame landen ook vulkanen. Sinds 1971 heeft men in Spanje niet meer te maken gehad met een vulkaanuitbarsting maar de mogelijkheid dat dit weer zal gaan gebeuren is altijd aanwezig. Dit zijn zes vulkanen die in Spanje te vinden zijn en wellicht ooit tot uitbarsting kunnen komen (al is de kans klein).
De laatste keer dat Spanje te maken had met een vulkanische uitbarsting aan land was tussen 26 oktober en 28 november 1971 toen de Teneguía vulkaan op het Canarische Eiland La Palma tot uitbarsting kwam.
In september 2011 leek het er even op dat er op het Canarische Eiland el Hierro een nieuwe uitbarsting zou gaan plaatsvinden maar uiteindelijk gebeurde dit niet. Wel had men bij El Hierro slechts 2 km voor de kust van El Hierro te maken met een uitbarsting in zee.
Pixabay
Teide
De bekendste vulkaan van Spanje is ook meteen de hoogste berg van Spanje en een toeristische trekpleister op het Canarische eiland Tenerife. Met 3.715 meter is de Teide niet alleen de hoogste berg van Spanje maar het is ook de hoogste vulkaan ter wereld.
Elk jaar komen er 3 miljoen mensen naar de Teide om te genieten van de natuur en het vreemde landschap dat gevormd werd na de laatste uitbarsting in het jaar 1798. Velen van hen weten wellicht niet eens dat ze op een vulkaan lopen.
Wikimedia
Teneguía
Zoals we hierboven al melden vond de laatste vulkanische uitbarsting in Spanje plaats in 1971 op het eiland La Palma waar op 28 november de Teneguía vulkaan tot uitbarsting kwam.
Ondanks dat La Palma bergachtig is heeft de Teneguía vulkaan slechts een hoogte van 1.000 meter en valt deze vulkaan niet zo op.
Wikimedia
Santa Margarida
De vulkaan Santa Margarida is gelegen in de gemeente Olot in de Catalaanse provincie Gerona. Als men deze vulkaan ziet lijkt deze in de verste verte niet op de Teide op Tenerife of de Teneguísa op La Palma. Deze vulkaan is gelegen in de gemeente Santa Pau (La Garrocha) en is slechts 682 meter hoog met een diameter van 2.000 meter
Als men de Santa Margarida vulkaan niet van bovenaf zou bekijken lijkt deze berg niet op een vulkaan. Men is er in ieder geval van overtuigd dat deze vulkaan nooit meer tot uitbarsting zal komen want men heeft in het midden van de krater een klein kerkje (Iglesia de Santa Margarita) gebouwd. De laatste keer dat deze vulkaan tot uitbarsting kwam was 11.000 jaar geleden.
RTVE
Tagoro
In oktober 2011 kwam deze vulkaan tot uitbarsting voor de kust van het Canarische Eiland El Hierro. Toen de uitbarsting onder het zeeoppervlak begon had de vulkaan de naam 1803-02 maar in mei 2016 kreeg de vulkaan de naam Tagoro.
Officieel wordt deze uitbarsting echter niet als een vulkanische uitbarsting gezien omdat deze onder zee plaatsvond (en niet aan land) en het niet zeker of er magma naar buiten is gekomen.
Wikimedia
Cerro Gordo
De Cerro Gordo vulkaan is gelegen tussen de gemeenten Granátula en Valenzuela de Calatrava in de provincie Ciudad Real in Castilië-La Mancha. Deze vulkaan is gelegen in een gebied dat bekend staat als de “Provincia Volcanica de Calatrava” bestaande uit meerdere kleine vulkanen.
De Cerro Gordo is op dit moment een soort van openlucht museum waarbij het mogelijk is door de krater te lopen. Het is niet bekend wanneer deze vulkaan voor het laatst tot uitbarsting kwam. Naast de Cerro Gordo is er nog een kleine vulkaan genaamd La Yezosa.
Wikimedia
Groscat
De Groscat vulkaan is gelegen in de La Garrocha streek in de Catalaanse provincie Gerona. In totaal zijn er meer dan 40 kleine vulkanen te vinden waaronder de eerder behandelde Santa Margarida.
De laatste keer dat de Groscat tot uitbarsting is gekomen is alweer 11.500 jaar geleden. De Groscat wordt wel gezien als de jongste vulkaan die in deze vulkanische regio te vinden is.
Moet ik een licentie hebben om met een drone te vliegen in Spanje? Mag ik overal met mijn drone vliegen? Als ik over mijn woonplaats vlieg met mijn drone mag dat dan? Drones, je ziet ze ook in Spanje steeds meer maar de regelgeving omtrent het gebruik van een drone is voor veel gebruikers vaag of zelfs onbekend.
Eind 2014 plaatste de regering in het staatsbulletin (BOE) een artikel met daarin enkele regels over het gebruik van een drone in Spanje. Deze zijn eind 2017 aangepast. In artikel 50 wordt er verwezen naar “aeronaves civiles pilotadas por control remoto” oftewel vliegende objecten die bestuurd worden door een bediening. Dat slaat dus ook op drones van minder dan 25 kilo.
Is jouw drone zwaarder dan moet men een licentie hebben om met de drone te vliegen aangezien men er vanuit gaat dat deze drone dan voor professionele doeleinden gebruikt wordt.
Bij het gebruik van drones zijn enkele regels waar men zich volgens de AESA (Agencia Estatal de Seguridad Aérea) aan moet houden:
1- Er mag niet gevlogen worden met drones boven steden of bij plaatsen waar veel mensen in de openlucht bij elkaar komen. Dat kunnen dus parken, stranden, voetbalvelden, manifestaties, feesten, concerten etc. zijn. Op dit moment mogen drones niet gebruikt worden om opnames te maken behalve als men een licentie heeft en beschikt over de juiste papieren.
2- Drones mogen gedurende de avonduren niet gebruikt worden. De reden daarvoor is dat er minder zicht is en dat gevaarlijk is.
3- Binnen een cirkel van 8 kilometer rondom een vliegveld mag niet met een drone gevlogen worden. Logischerwijze heeft dat met de veiligheid te maken. Het gebruik van drones mag ook niet bij plaatsen waar helikopters stijgen en landen, waar parapente plaatsvindt of waar met zweefvliegtuigen gevlogen wordt.
4- Er is een hoogtelimiet van 120 meter verbonden aan het vliegen met drones. De reden daarvoor is omdat er vanaf 150 meter hoogte gevlogen kan worden met vliegtuigen en er een bepaalde veiligheidszone gerespecteerd moet worden.
5- Een drone mag niet verder dan 500 meter van degene die het apparaat bestuurd verwijderd zijn. De bestuurder moet altijd visueel contact hebben met zijn drone om ongelukken te voorkomen.
6- Drones hoeven vooralsnog geen identiteit bewijzen of nummers te hebben waarmee men de eigenaar van een drone kan achterhalen. Mocht een drone echter professioneel gebruikt worden dan dient men dat wel te hebben en daarnaast te beschikken over een speciaal vliegbrevet.
De bovenstaande regels zijn de basisregels die na te lezen zijn in het staatsbulletin. Een drone voor privé gebruik als hobby is geen enkel probleem zolang men zich maar houdt aan de regels en de veiligheid nooit in gevaar kan komen. Maak je echter niet goed gebruik van een drone en houdt je je niet aan de regels, dan kan de bestuurder boetes krijgen tot wel 225.000 euro.
Nu er blijkbaar steeds meer drones bij komen aangezien ze goedkoper en beter worden, is de kans echter groot dat deze regels aangepast zullen worden in de toekomst. Dit kan ook inhouden dat men speciale vliegbrevetten moet gaan halen om drones te besturen.
In Spanje zijn er strikte eisen voor het houden van potentieel gevaarlijke honden (tenzij het een geleidehond betreft of een hond om gehandicapten te begeleiden). Deze eisen zijn vastgelegd in de nationale Spaanse wet. De Spaanse wet classificeert de volgende honden als potentieel gevaarlijk.
Hoog Risicohonden worden in Spanje “Perros Potencialmente Peligrosos” (PPP) ofwel potentieel gevaarlijke honden genoemd. Eigenaren van de PPP-honden moeten voldoen aan de onderstaande eisen om problemen met de Spaanse justitie te voorkomen.
A. De honden die (toe)behoren tot een van de volgende rassen en kruisingen:
Pitbull Terrier
Staffordshire Bull Terrier
American Staffordshire Terrier
Rottweiler
Dogo Argentino
Fila Brasileiro
Tosa Inu
Akita Inu
B. De honden die alle of het merendeel van de volgende kenmerken vertonen:
Kort haar. Omtrek thorax tussen de 60 en 80 cm, hoogte van het kruis tussen de 50 en 70 cm en met een gewicht van meer dan 20 kg.
Grote kop, robuust, met een grote en brede schedel en gespierde, bolvormige wangen.
Grote en krachtige kaken, de robuuste bek is breed en diep. Brede en korte gespierde nek.
Gevulde borst, breed, groot en diep, gebogen ribben, korte en gespierde ribbenkast.
Parallelle voorpoten, recht en krachtig, achterpoten zeer gespierd, met relatief lange poten, licht gehoekt.
C. De dieren die agressieve neigingen in het verleden hebben vertoond of die eerder andere dieren of personen hebben aangevallen.
Vereisten
A. Identificatie en registratie van hond door middel van microchip.
B. Inschrijven van het dier in het Gemeentelijk Register (Registro Municipal) van Potentieel Gevaarlijke Dieren (Registro de Animales Potencialmente Peligrosos) in Spanje om de daarbij behorende vergunning te verkrijgen.
C. Aanvragen van vergunning bij de desbetreffende gemeente in Spanje, die gedurende vijf jaar geldig is. Om deze vergunning te verkrijgen, moet er door de aanvrager aan de volgende eisen worden voldaan:
Meerderjarig zijn (18+ jaar).
Geen strafblad bezitten voor de volgende delicten: doodslag, marteling, toebrenging van letsel, delicten tegen de seksuele vrijheid of delicten gerelateerd aan drugshandel of associatie met gewapende bendes. Tevens dient er geen juridisch besluit tegen de aanvrager te bestaan waarin hem het recht is ontzegd op het houden van potentieel gevaarlijke dieren. Dit dient te worden aangetoond middels de presentatie van een politiecertificaat met jurisdictie, betrekking hebbende op de districten waar de eigenaar van het dier gedurende de laatste twee jaar heeft gewoond. (Verklaring Omtrent Gedrag (VOG NP) kan worden aangevraagd bij uw gemeente.
Beschikken over de fysieke capaciteit en de psychologische geschiktheid tot het houden van gevaarlijke dieren. Dit punt dient te worden aangetoond door middel van overlegging van certificaten (certificaat van lichamelijk vermogen, certificaat van psychologische geschiktheid) uitgegeven door geautoriseerde centra in Spanje. Bij de gemeente van uw bestemming kunt u een lijst met geautoriseerde centra opvragen.
Polisbewijs van aansprakelijkheidsverzekering (seguro de responsabilidad civil “burgerlijke verantwoordelijkheidsverzekering”) voor schade aan derden, met een dekking van minstens 120.000 euro.
Iedere afwijking in de gegevens die op de vergunning staan, dient ment door te geven aan het gemeentelijke register binnen een termijn van 15 dagen vanaf de datum waarop de verandering in werking is getreden.
Veiligheidsmaatregelen
De veiligheidsmaatregelen volgens de Spaanse wetgeving zijn de volgende:
Indien een potentieel gevaarlijk dier zich in een publieke ruimte bevindt, dient de eigenaar of de verantwoordelijke persoon de vergunning van de eigenaar bij zich te hebben, alsmede het Spaanse certificaat van inschrijving van het dier in het gemeentelijk register.
Daarnaast dient het dier de juiste muilkorf te dragen en te allen tijde aangelijnd te zijn door middel van een riem of ketting van maximaal 2 meter. Een persoon mag niet meer dan één hond bij zich hebben in een openbare ruimte.
Potentieel gevaarlijke dieren die zich bevinden in een afgescheiden open ruimte (terras, eigen terrein, patio, tuin, etc.) dienen aangelijnd te zijn, tenzij ze zich bevinden in een goed afgesloten hok of verblijfruimte.
De eigenaar is verplicht de ontvreemding of het kwijtraken van een potentieel gevaarlijk dier binnen 48 uur door te geven aan het gemeentelijk register.
Bij verhuizing
Mocht men vanuit Nederland of België naar Spanje verhuizen (of vice versa) en een PPP-hond mee willen nemen dan moet men kort samengevat met de volgende punten rekening houden.
Voor vertrek uit Nederland:
Verwerving van hondenpaspoort afgegeven door de dierenarts.
Identificatie en registratie van hond door middel van microchip.
Verwerving van een antecedenten certificaat (eventueel strafblad) (Verklaring Omtrent Gedrag).
Afsluiten van een aansprakelijkheidsverzekering.
Bij aankomst in Spanje:
Verwerving van certificaat van fysieke capaciteit.
Verwerving van certificaat van psychologische gesteldheid.
Inschrijven van het dier in het Gemeentelijk Register van Potentieel Gevaarlijke Dieren (Registro Municipal de Animales Potencialmente Peligrosos) om de daarbij behorende vergunning te verkrijgen.
Te allen tijde de veiligheidsmaatregelen respecteren.
Het is weer de tijd van het jaar dat het Kerstmis is en het einde van het jaar en het begin van een nieuw jaar gevierd worden. Uiteraard wordt dat ook in Spanje gedaan, zelfs twee keer in het geval van oud op nieuw als je de Canarische Eilanden die één uur achterlopen meetelt. Maar wat als je de Kerst en jaarwisseling in Spanje bent, met Spaanse vrienden of familie. Dan is het wel zo makkelijk als je enkele Spaanse woorden kent die met de feestdagen te maken hebben.
Om jouw verblijf in Spanje tijdens de feestdagen wat makkelijker te maken hebben we een lijst samengesteld met veel voorkomende Spaanse woorden zodat je de weg niet kwijt raakt en iets zult begrijpen van de gesprekken en teksten rond deze tijd van het jaar.
Kerst groeten
Felices Fiestas – Prettige feestdagen
Feliz Navidad – Gelukkig Kerstfeest
Próspero Año Nuevo – Gelukkig nieuwjaar (letterlijk welvarend nieuwjaar)
Buitenlanders mogen in Spanje niet meestemmen bij de nationale en autonome (regionale) verkiezingen maar wel bij de gemeenteraadsverkiezingen en Europese verkiezingen. Hieronder een korte beschrijving over hoe men als Nederlander of Belg kan stemmen in de Spaanse woonplaats.
Als je als Nederlander of Belg in Spanje woont en daar ook als inwoner staat ingeschreven mag je op 26 mei 2019 meedoen met twee verkiezingen, te weten de Europese verkiezingen (elecciones Parlamento Europeo) en de gemeenteraadsverkiezingen (elecciones municipales). Bij deze laatste worden 67.515 volksvertegenwoordigers in 8093 gemeenten gekozen.
Overigens vinden er op 26 mei 2019 ook autonome verkiezingen plaats in 13 autonome deelstaten waarbij er geen regionale verkiezingen zijn in Andalusië (2 december 2018), Catalonië (21 december 2017), Baskenland (25 september 2016) en Galicië (25 september 2016). Er zijn wel verkiezingen in Aragón, Cantabrië, Castilla y León, Castilla-La Mancha, Ceuta, Comunidad de Madrid, Comunidad Valenciana, Extremadura, Balearen, Canarische Eilanden, La Rioja, Melilla, Navarra, Asturië en Murcia. Hier mogen buitenlanders niet aan mee doen.
Stemmen in Spanje
Als je als buitenlander staat ingeschreven bij de gemeente van jouw woonplaats in Spanje (empadronado) dan mag je als je ouder dan 18 jaar bent meestemmen bij de Europese verkiezingen en gemeenteraadsverkiezingen.
Wil jij als buitenlander stemmen in Spanje dan dien je dat voor 30 januari 2019 bij jouw Spaanse gemeente kenbaar te maken. Meer informatie is te achterhalen bij de gemeente van jouw woonplaats waar je officieel staat ingeschreven (empadronado). Je hebt om te stemmen ook een Número de Identificación de Extranjero (NIE) nodig.
Inschrijven
Inwoners van EU-lidstaten die wonen in Spanje en staan ingeschreven bij de gemeente als officiële inwoner en die willen stemmen in Spanje dienen zich daarvoor op te geven, iets wat je kunt doen bij de gemeente waar je staat ingeschreven. Je komt dan in het “Censo Electoral de los extranjeros residentes en España” te staan waarna je in de toekomst altijd kunt stemmen bij de Europese en gemeenteraadsverkiezingen.
Dit geldt overigens niet als je al eens eerder hebt aangegeven (intención de votar) dat je wilt stemmen (votar) in Spanje, dan sta je hoogstwaarschijnlijk nog in het “censo electoral”. Het is echter altijd beter om dat te controleren.
Mocht je ingeschreven staan (voor personen die dat na 1 september 2013 hebben gedaan) dan heb je waarschijnlijk eind oktober of begin november een brief ontvangen met daarin jouw gegevens en verdere uitleg over hoe je moet aangeven om te stemmen.
Je moet voordat je kunt stemmen aangeven dat je dat wilt gaan doen (manifestación de voluntad de voto). Dat kan via internet, via de post of bij de gemeente. Lees HIER meer informatie (in het Engels en Spaans).
Nederlanders en Belgen in Spanje
Volgens het Spaanse Bureau voor de Statistieken (INE) staan er op de lijst voor de gemeenteraadsverkiezingen 13.793 Nederlanders en 9.762 Belgen ingeschreven. Voor de Europese verkiezingen is dat aantal 11.624 Nederlanders en 8.317 Belgen.
Eind oktober en begin november begint elk jaar in de regio Castilla-La Mancha de saffraan-oogst. Saffraan (azafrán) wordt ook wel het rode goud genoemd omdat de gemiddelde prijs per kilo kan oplopen tot 1.500 euro en zelfs tot 3.000 euro.
De saffraan oogst levert niet alleen veel geld op, het plukken ervan is arbeidsintensief werk en er worden duizenden banen gecreëerd. Daarnaast is saffraan wereldbekend dus het toerisme zorgt ook voor inkomsten in de regio.
Castilla-La Mancha is de enige regio in Spanje waar de saffraan een eigen classificatie heeft, te weten “Denominación de Origen DO Azafrán de la Mancha”. Volgens experts gaat het in dit geval om de beste saffraan ter wereld die geoogst wordt in de provincies Albacete, Toledo, Cuenca en Ciudad Real.
Buiten deze regio’s wordt er ook saffraan geteeld en geoogst in delen van Aragón, Valencia en Catalonië maar de kwaliteit is vaak anders. Iran is de grootste producent ter wereld maar de Spaanse saffraan schijnt beter van kwaliteit te zijn.
Wat is saffraan
Saffraan is wereldbekend vanwege het ingrediënt dat de gele kleur aan de rijst geeft in de Spaanse paella. Voor de kostbare saffraan worden delen van de stampers van de saffraankrokus bloemen handmatig geoogst: de stijlen en de stempels, die zowel smaak- als kleurstof zijn. De meeldraden van de saffraankrokus hebben geen culinaire waarde.
Na het oogsten worden de stijlen en stempels gedroogd. Dit drogen gebeurt in droogkasten met een warme luchtstroom of in de zon. De hoogste kwaliteit saffraan komt van de bloedrode stempels, het bovenste deel van de gedroogde stijlen.
Teelt en oogst
De saffraankrokus (een kleine paarsachtige bloem) heeft een continentaal klimaat nodig en doet het goed in zowel warm alsook koud weer. De bloemen hebben niet zoveel water nodig al zijn er twee periodes, in de lente en herfst, dat de bloembollen wel water nodig hebben om te groeien en de bloeien.
De bloembollen worden gedurende de maanden juni tot september geplaatst terwijl de oogst plaatsvindt eind oktober of begin november. Aangezien de bloem in de vroege ochtend groeit moeten de bloemen erg vroeg in de ochtend geplukt worden om langdurig contact met het zonlicht te vermijden.
Direct na de oogst worden de bloemen naar een magazijn of woning gebracht waar het scheidingsproces begint en de stempels van de rest van de bloemen gescheiden worden. Deze taak wordt met de hand gedaan en “Monda” of “esbrinar” genoemd, iets wat nog steeds vaak in particuliere woningen gebeurt.
Het wordt beschouwd als het meest kwetsbare deel van het proces en wordt daarom door hoofdzakelijk vrouwen gedaan omdat zij wat beter zijn met de handen (blijkbaar). Een kilo bloemen levert slechts 200 gram saffraan op die meteen klaar is voor consumptie. Om een kilo saffraan te verkrijgen zijn er maar liefst 250.000 bloemen nodig.
Gebruik
Saffraan wordt in Spanje veel gebruikt in o.a. de paella terwijl de Italianen de saffraan verwerken in de risotto en de Belgen in de rijstpap. Verwar de saffraan niet met de “nep” saffraan of saffraan vervangers die in de supermarkten te vinden zijn, de zogenaamde saffloer. Deze geven wellicht wel dezelfde kleur maar zijn niet hetzelfde (ook de prijs niet).
Ook is er een veel goedkopere versie te vinden, afkomstig uit de Indische keuken, kurkuma. Deze is vergelijkbaar met de saffraan omdat deze tevens de gelige kleur geeft aan een gerecht maar de smaak is compleet anders. Een echte paella-maker zal dus alleen de echte en dure saffraan gebruiken.
Saffraan heeft een bittere smaak en een aangenaam aroma dat doet denken aan honing. Slechts één draad saffraan volstaat om een liter kokend water in een uur diepgeel te kleuren. Saffraan is ook fijngemalen verkrijgbaar.
De arbeidsintensieve teelt maakt saffraan tot een kostbare specerij, het wordt daarom ook wel het rode goud genoemd. Saffraan wordt normaal gesproken per grammen verkocht, of vers of in voorverpakte doosjes en zakjes.
Eenieder die in Spanje is gaan wonen zal zich moeten aanpassen aan de taal en dus ook de namen van steden, provincies en regio’s in de taal van het land uitspreken. Dat gebeurt echter niet altijd en net zoals de Nederlands- en Vlaamssprekenden in sommige gevallen een eigen naam geven aan een Spaanse stad/regio in Spanje doen de Spanjaarden dat ook met Nederlandse en Belgische steden/provincies.
Als je het in Spanje over de País Vasco hebt dan zeggen de Nederlandstaligen Baskenland. Heb je het over Asturias, Cantabria of Galicia dan zeggen wij Asturië, Cantabrië en Galicië. Andalucía is Andalusië en Cataluña is Catalonië om maar enkele regio’s op te noemen.
Personen die een andere taal spreken hebben nu eenmaal de neiging om steden en regio’s in andere landen een meer vertrouwde naam te geven indien mogelijk. Dat doen Nederlanders en Belgen in Spanje en dat doen de Spanjaarden met de Nederlandse en Belgische steden en provincies.
Nederland (Países Bajos)
Laten we eens kijken naar de Nederlandse provincies en hoe deze in het Spaans genoemd worden:
Groningen = Groninga
Friesland = Frisia
Drenthe = Drente
Flevoland = Flevolanda
Overijssel = Overijssel
Noord Holland = Holanda Septentrional
Zuid Holland = Holanda Meridional
Utrecht = Utrecht
Gelderland = Güeldres
Noord Brabant = Brabante Septentrional
Zeeland = Zelanda
Limburg = Limburgo
Sommige steden hebben in het Spaans ook een andere naam zoals:
Groningen = Groninga
Nijmegen = Nimega
Den Haag = La Haya
Middelburg = Midelburgo
Tilburg = Tilburgo
Den Bosch = Bolduque
Maastricht = Mastrique
België (Bélgica)
België is onderverdeeld in het Vlaams Gewest (Flandes) met 5 provincies en het Waals Gewest (Région Valona) met 5 provincies die in het Spaans de volgende namen hebben:
Vlaams Gewest (Flandes)
Antwerpen = Amberes
Limburg = Limburgo
Oost-Vlaanderen = Flandes Oriental
Vlaams-Brabant = Brabante Flamenco
West-Vlaanderen = Flandes Occidental
Waals Gewest (Région Valona)
Waals Brabant = Brabante Valon
Henegouwen =Henao
Luik =Lieja
Luxemburg = Luxemburgo
Namen = Namur
Sommige steden hebben in het Spaans ook een andere naam zoals: