De hop of ‘abudilla’ vogel in Spanje

123rf
Beeld: 123rf

Het is een van die vogels die je in Nederland en België niet of bijna niet meer ziet terwijl wanneer je in de natuur wandelt in Spanje je regelmatig een exemplaar tegen zult komen. We hebben het over de hop of upupa epops die in het Spaans de naam ‘abubilla’ heeft gekregen. Deze vogel komt met name voor langs de Middellandse Zeekust van Spanje maar kan ook in andere delen van het Iberische Schiereiland gespot worden.

De bruin gekleurde vogel met de lange snavel en met als meest opvallende onderdeel de hanenkam is een graag geziene gast in Spanje. De hop is dan ook gemakkelijk te herkennen aan het roodbruine verenkleed met een lange zwart gepunte kuif, die kan worden opgezet als de vogel opgewonden is. De staart en de vleugels zijn zwart en getekend met brede witte strepen. De snavel is lang en dun. 

Maar wat veel wandelaars en vogelspotters misschien niet weten is de opvallende eigenschap van de uitgesproken stank die het dier verspreid omdat enerzijds het nest nooit wordt schoongemaakt (voedselafval en mest blijven achter) en anderzijds omdat het vrouwtje een klier heeft aan de basis van haar staart, die tijdens de broedtijd een zware stank verspreidt. Een bijnaam voor de hop is dan ook drekhaan

De roep van de hop klinkt als hoep, hoep, en hoewel het geluid niet luid is, is het toch op grote afstand hoorbaar. De lichaamslengte bedraagt 26 tot 28 cm en het gewicht 75 gram. Het voedsel van de insectenetende weidevogel bestaat voornamelijk uit grote insecten, regenwormen, (naakt)slakken en spinnen, maar ook hagedissen staan op het menu.

Spaanse namen

Over het algemeen heeft de hop in Spanje de naam ‘abubilla’ gekregen maar verschillende autonome regio’s hebben een eigen benaming of benamingen. Zo heet de hop in Andalusië ‘gallito de marzo’ of ‘bubilla’; in Aragón ‘gurgute, papute, cucute en cuscute’; in de Valencia regio, de Balearen en Catalonië ‘puput, palput en porput’; op de Canarische Eilanden ‘apupu en tabobo’; in Murcia ‘parputa’; in Extremadura ‘poipa’ en in Galicië ‘bubela’. In het Nederlands/Vlaams heet de vogel gewoon hop 😉

Spanje

Het Iberisch Schiereiland, waar Spanje, Andorra en Portugal onderdeel van uitmaken, is verreweg het belangrijkste broedgebied. Hoppen worden vooral aangetroffen in stenige gebieden, op muurtjes en rond ruïnes. Ze overwinteren in Zuid-Europa en Afrika. 

Het nest van de hop wordt gebouwd in een boomholte, waarin het wijfje ongeveer 5 eieren legt. Het wijfje en de jongen verdedigen zich tegen vijanden door deze te besproeien met een stinkende vloeistof.

Nederland en Vlaanderen

Voor 1925 was de hop nog een regelmatig voorkomende broedvogel in Oost- en Zuid-Nederland. Tussen 1925 en 1940 verdween de vogel geleidelijk uit Nederland. Er waren oplevingen in de periode 1941-45 en 1966-70, met jaren waarin er 10 paar hoppen broedden. Sinds 1970 gaat het hoogstens om 1 of 2 paar

Tussen 1989 en 1998 waren er in Nederland 264 waarnemingen van doortrekkers, met een maximum van meer dan 50 waarnemingen in de laatste 10 dagen van april. Het aantal waargenomen hoppen nam af tussen 1997 en 2007. 

Omdat de hop praktisch als broedvogel niet meer voorkomt, staat hij als verdwenen op de Nederlandse rode lijst en Vlaamse rode lijst. In Vlaanderen broedde in 2017 voor het eerst in 36 jaar nog eens een koppel met succes. Internationaal is het geen bedreigde soort, en staat als niet bedreigd op de internationale IUCN-lijst.

Beeld: Wikimedia
Scroll naar boven