Maand: februari 2020

  • 28 februari: Día de Andalucía in Andalusië

    28 februari: Día de Andalucía in Andalusië

    De grootste autonome regio van Spanje wat betreft inwoners Andalusië viert feest op 28 februari en er worden overal in de regio veel activiteiten georganiseerd. Het is deze dag dat de meer dan 8 miljoen inwoners van de regio hun balkons versieren met de groen witte vlag van Andalusië om aan te geven dat men trots is op de streek.

    Waarom viert Andalusië dan feest? Día de Andalucía is de dag waarop in 1980 via een referendum de onafhankelijkheid van de autonome regio werd afgeroepen en dat is reden voor feest of meer een herinnering aan dit heugelijke feit.

    Veel dorpen en steden organiseren deze dag activiteiten voor jong en oud zoals fietstochten, wandelingen, muziek, theater etc. Musea zijn vaak gratis te bezoeken, ook het Picasso museum in Málaga en er wordt veel gedanst, voornamelijk natuurlijk de Flamenco.

    In stadsparken zal muziek zijn en kunnen mensen gratis iets te eten of drinken halen, uiteraard met typische Andalusische producten. Daarnaast wordt er op veel plaatsen traditiegetrouw brood met olijfolie en suiker gegeten, iets wat erg lekker schijnt te zijn.

    Semana Blanca

    Voor scholieren in met name de provincie/stad Málaga vindt ook de ‘Semana Blanca’ oftewel de Witte week plaats. Dit is een extra week met vrije dagen om de vakantiedagen in andere autonome regio’s te compenseren. Deze week valt altijd samen met de Día de Andalucía.

    De reden dat de vakantiedagen van schoolkinderen in de provincie/stad Málaga gecompenseerd moeten worden is omdat het belangrijkste feest van de stad, La Feria, plaatsvindt in de vakantiemaand augustus.

  • De Catalaanse ‘calçots’ traditie

    De Catalaanse ‘calçots’ traditie

    Januari en februari zijn traditiegetrouw de maanden van het jaar dat in de autonome regio Catalonië de ‘calçots’ gegeten worden. Het is een gastronomisch ritueel waar men in de regio trots op is en waar jaarlijks duizenden mensen vanuit heel Spanje maar ook andere landen op af komen. Met name de stad Valls en de provincie Tarragona staan bekend om de ‘calçotadas’.

    Maar wat is een ‘calçot’? In feite is het een zachte en zoete uit die te vergelijken is met de lente-ui (cebolla) en er een beetje uitziet als een prei (puerro). Het witte deel van de ‘calçot’ is doorgaans zo’n 25 cm lang en is rijk aan calorieën, koolhydraten, eiwitten, vezels, fosfor en vitamine B en C.

    Oorsprong

    Het verhaal gaat dat de ‘calçots’ geboren zijn in de stad Valls in de provincie Tarragona waar de boer Xat de Benaiges eind negentiende eeuw voor het eerst de bijzondere ui heeft gecultiveerde door deze met grond te bedekken zodat een langer wit deel van de uit geschikt is om te eten. Die vorm van cultiveren staat bekend als ‘calçar’ in het Catalaans. Dezelfde boer verbrande per ongeluk enkele uien en at deze daarna op om de uien niet weg te gooien waarna hij ontdekte dat de ‘calçots’ erg smaakvol waren.

    Weliswaar worden de maanden januari en februari gezien als de traditionele maanden om de ‘calçots’ te eten maar eigenlijk worden ze tegenwoordig al vanaf november tot en met april gegeten.

    Bereiding

    ‘Calçots’ worden geroosterd in het vuur tot ze verkoold zijn waarna ze in krantenpapier gewikkeld wooden om te stomen. Vervolgens worden de ‘calçots’ gegeten (vaak gepresenteerd op een omgedraaide dakpan of iets soortgelijks) door de verkoolde schil eraf te pellen en het witte gedeelte in salvitxada of romesco-saus te dopen. De groene toppen worden weggegooid. 

    Eten

    Het eten op zich is een heel ritueel want dat gebeurt zonder bestek en een beetje op de wijze zoals men een haring eet, met een hand de ‘calçot’ met lekkende saus in de lucht en dan met je hoofd naar achteren naar binnen werken … zonder te knoeien, iets dat onmogelijk lijkt. Daarom krijgen ‘calçot’ eters een slabbertje om zodat de kleding niet vies wordt.

    De calçots worden meestal begeleid met rode wijn of cava mousserende wijn. Stukken vlees en sneetjes brood worden in de houtskool geroosterd na het koken van de ‘calçots’.